Zoekresultaten

Voor “"1 Sv"”

Naar resultaten Uitgebreid zoeken

13 uitspraken gevonden

Sorteer op: Relevantie
  • Strafrecht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig

    Parket bij de Hoge Raad24 oktober 2000ECLI:NL:PHR:2000:AA7792

    Mr Wortel Nr. 00082/00 Zitting 27 juni 2000 Conclusie inzake: [Verzoeker=verdachte] Edelhoogachtbaar College, 1. Verzoeker is door het Gerechtshof te ’s-Gravenhage wegens valsheid in geschrift, meermalen gepleegd, veroordeeld tot een gevangenisstraf van vijftien maanden, waarvan vijf maanden voorwaardelijk met een…

  • Strafrecht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig

    Parket bij de Hoge Raad4 juli 2000ECLI:NL:PHR:2000:AA6375

    behandeling van mr Bordewijk overgenomen. Op 24 augustus 1999 blijkt de aanzegging van art.435 lid 1 Sv aan verdachte te zijn betekend. Aan de raadsman is een afschrift gezonden. De raadsman reageerde … geconfronteerd in het vonnis met hem onbekende, in zijn nadeel werkende gegevens.10 Ingevolge art.417 lid 1 Sv mogen stukken waarvan de inhoud in eerste aanleg is voorgelezen of verkort medegedeeld ook voor

  • Strafrecht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig

    Parket bij de Hoge Raad31 oktober 2000ECLI:NL:PHR:2000:AA7957

    verdachte uitgereikt. Uiteraard zal de verdachte 'afstand' moeten doen van de in art. 370 lid 1 Sv gestelde termijn voor dagvaarding. Daarnaast stelt het openbaar ministerie de voorwaarde dat de verdachte bereid

  • Strafrecht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig

    Parket bij de Hoge Raad30 mei 2000ECLI:NL:PHR:2000:AA6002

    wetgever heeft niet uitdrukkelijk de sanctie van nietigheid gesteld op schending van art.495b lid 1 Sv. Dat betekent dat art.495b lid 1 Sv volgens de wetgever geen voorschrift is waarvan zich geen

  • Strafrecht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig

    Parket bij de Hoge Raad23 mei 2000ECLI:NL:PHR:2000:AA5880

    administratie van de Hoge Raad zijn ontvangen. De aanzegging aan verdachte conform art.435 lid 1 Sv heeft plaatsgevonden op 1 december 1999, zodat verdachte twee maanden de tijd had om een schriftuur

  • Strafrecht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig

    Parket bij de Hoge Raad14 maart 2000ECLI:NL:PHR:2000:AA5119

    officier van justitie ter terechtzitting aanhangig gemaakt, zulks overeenkomstig het bepaalde in artikel 258 lid 1 Sv. Vervolgens heeft de officier van justitie de dagvaarding ter terechtzitting in eerste aanleg voor zijn

  • Strafrecht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig

    Parket bij de Hoge Raad11 januari 2000ECLI:NL:PHR:2000:ZD1682

    incidenteel appèl aangetekend, maar dit appèl is op 20 augustus 19999 ingetrokken (art. 453 lid 1 Sv). 3. De cassatieschriftuur van de van de procureur-generaal bevat één middel en is blijkens

  • Strafrecht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig

    Parket bij de Hoge Raad14 november 2000ECLI:NL:PHR:2000:AA8295Aangehaald in 8 uitspraken

    Nr. 00210/00 Mr Wortel Zitting: 12 september 2000 Conclusie inzake: [Verzoeker=verdachte] Edelhoogachtbaar College, 1. Het Gerechtshof te Amsterdam heeft [verdachte], hierna te noemen: verzoeker, wegens; feit 1 medeplegen van: om een feit, bedoeld in het derde of vierde lid van artikel 10 van de Opiumwet, voor te…

  • Strafrecht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig

    Parket bij de Hoge Raad27 juni 2000ECLI:NL:PHR:2000:AA6307

    arrest) te worden verstaan: een vonnis waarin noch de bewijsmiddelen bedoeld in art. 359 lid 1 Sv, noch de (voor de bewezenverklaring) redengevende feiten en omstandigheden, bedoeld

  • Strafrecht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig

    Parket bij de Hoge Raad26 september 2000ECLI:NL:PHR:2000:AA7231

    laatste dag van de in de art. 437 lid 2 en 435 lid 1 Sv bedoelde termijn als faxbericht te zijner griffie is ontvangen - met het oog op de wijziging die voornoemde

  • Strafrecht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig

    Parket bij de Hoge Raad18 januari 2000ECLI:NL:PHR:2000:AA4310

    termijn van een maand die op grond van een redelijke toepassing van art. 433 lid 1 Sv (oud) aanving op 5 november 1998. 6. In zijn verweerschrift stelt verdachtes raadsman

  • Strafrecht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig

    Parket bij de Hoge Raad18 april 2000ECLI:NL:PHR:2000:AA5531

    bevatten, en dat, indien gebruik wordt gemaakt van de mogelijkheid die art. 365a lid 1 Sv biedt, de verkorte uitspraak, behoudens die bewijsmiddelen en daarop betrekking hebbende nadere overwegingen, moet voldoen

  • Strafrecht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig

    Parket bij de Hoge Raad14 november 2000ECLI:NL:PHR:2000:AA8300

    maart 1999 en de betekening van de aanzegging bedoeld in art. 435 lid 1 Sv op 8 maart 2000 één jaar is verstreken. Dit zou moeten voeren tot strafvermindering. 4. Reeds meermalen

Zoektips

Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.