2 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overig30 januari 2004 Eerste Kamer Nr. C02/245HR JMH/MD Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: 1. [eiser…
Parket bij de Hoge Raad|30 januari 2004|ECLI:NL:PHR:2004:AN7529
klachten over schending van de artikelen 29 en 54 RVV 1990 en 150 en 154 Rv) niet in behandeling kunnen worden genomen. Voor wat betreft de motiveringsklachten, die in beginsel onder … oordeel dat hier geen sprake is van een erkenning in de zin van art 154 Rv, wordt in het middel hierover - terecht - niet geklaagd. Voor zover dit oordeel is gebaseerd
- Civiel recht overig2 april 2004 Eerste Kamer Nr. C02/334HR JMH/AT Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: BMA NEDERLAND…
Parket bij de Hoge Raad|2 april 2004|ECLI:NL:PHR:2004:AO2781
toepassing blijft. Overigens stemmen de algemene bepalingen van bewijsrecht in de huidige art. 149 t/m 154 Rv. inhoudelijk overeen met de art. 176 t/m 181 oud Rv. (zie de MvT, Parl. Gesch
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.