2 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigArbeidsrecht, procesrecht. Vervolg op HR 5 oktober 2012, ECLI:NL:HR:2012:BV6698, NJ 2012/570. Onbegrijpelijke…
Parket bij de Hoge Raad|21 oktober 2016|ECLI:NL:PHR:2016:1303
niet machtig was, er toe leidt dat niet is voldaan aan de vereisten in art. 156 Rv zodat aan nader bewijslevering niet kan worden toegekomen. Arrest van de Hoge Raad … tegen het door het hof overgenomen oordeel van de rechtbank (in rov. 5.2) over art. 156 Rv. Dit oordeel betreft de bewijskracht van de aanvullende arbeidsovereenkomst waarin ten opzichte van de koopovereenkomst
- Civiel recht overigArt. 81 lid 1 RO. Procesrecht. Uitleg schikkingsovereenkomst ter comparitie. Dwingende bewijskracht…
Parket bij de Hoge Raad|11 november 2016|ECLI:NL:PHR:2016:1167
verbaal van een mondelinge behandeling geldt als een authentieke akte in de zin van art. 156 Rv, zodat het bepaalde in art. 157 Rv van toepassing is . De begrippen ‘waarneming’ en ‘verrichting … 156 Rv zijn in de parlementaire geschiedenis van die bepaling niet nader omschreven ; zij moeten naar de normale taalkundige betekenis worden opgevat. Onderscheid wordt gemaakt tussen de uitwendige bewijskracht, de formele bewijskracht
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.