6 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- BelastingrechtConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Belastingrecht
Parket bij de Hoge Raad|6 oktober 1999|ECLI:NL:PHR:1999:AA2912
volzin van art. 16, lid 1 AWR beoogt dat te verduidelijken. 3.2. Art. 16, lid 2 AWR laat die beperking voor een aantal concreet aangegeven situaties vervallen. Het lid vangt daartoe … rechtszekerheid van de belastingplichtigen stellig niet in betreurenswaardige mate aangetast. (...)" 4.3. Art. 16, lid 2 AWR, luidde oorspronkelijk: "Navordering kan mede plaats vinden in alle gevallen waarin te weinig belasting is geheven
- BelastingrechtConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Belastingrecht
Parket bij de Hoge Raad|15 december 1999|ECLI:NL:PHR:1999:AA4066
zijn geheel vernietigen. 3.5. Derhalve faalt dit middel. 4. Heffingsrente 4.1.Volgens art. 30a, lid 2 AWR, tekst 1995, kan met betrekking tot de omzetbelasting in drie gevallen heffingsrente worden berekend: -1. indien … belastingplichtige een bedrag aan heffingsrente wordt vergoed. 4.2. De regeling van art. 30a, lid 2 AWR is limitatief geformuleerd: Heffingsrente kan slechts in rekening worden gebracht of vergoed als zich
- BelastingrechtConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Belastingrecht
Parket bij de Hoge Raad|17 maart 1999|ECLI:NL:PHR:1999:AA2706
inspecteur niet van zijn verplich ting om uitspraak te doen." 5.5. Terwijl art. 25, lid 2, AWR uitdrukkelijk slechts een afwijking inhoudt van de eerste volzin … geen verschil tussen art. 25, lid 2 AWR en art. 108, lid 5 AWD; het verschil in redactie is kennelijk een omissie.<(15) In andere zin: de Staatssecretaris in zijn
- Civiel recht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad|12 november 1999|ECLI:NL:PHR:1999:AA3370
Eiseres] valt niet onder dit begrip en ook niet onder het in art. 23, lid 2, AWR omschreven begrip derde-belanghebbende omdat [eiseres]' inkomens- of vermogensbestanddelen niet het voorwerp van belastingen zijn
- BelastingrechtConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Belastingrecht
Parket bij de Hoge Raad|24 augustus 1999|ECLI:NL:PHR:1999:AA2840
Nr. 33.627 Mr Van Soest Derde Kamer A Conclusie inzake: Heffingsrente inz. Vpb. 1990 A q. q. Parket, 29 januari 1999 tegen de staatssecretaris van Financiën Edelhoogachtbaar College, 1. Beschrijving van de zaak. 1.1. Het beroep in cassatie is gericht tegen de schriftelijke uitspraak van het gerechtshof te Amsterdam…
- BelastingrechtConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Belastingrecht
Parket bij de Hoge Raad|22 december 1999|ECLI:NL:PHR:1999:AA3940
Nr. 34.232 Mr. Ilsink Derde Kamer B Conclusie inzake: Loonheffing 1 januari 1994 tot en met 31 december 1995 X tegen Parket, 28 juli 1999 de Staatssecretaris van Financiën Edelhoogachtbaar College, 1. Inleiding 1.1. X1 (hierna: belanghebbende) exploiteert een confectie-atelier. Aan belanghebbende is een…
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.