33 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigBopz, procesrecht. Machtiging voortzetting inbewaringstelling. Doorbreking rechtsmiddelverbod van art. 29 lid…
Parket bij de Hoge Raad|16 maart 2018|ECLI:NL:PHR:2018:300
waaraan een vonnis van de burgerlijke rechter wettelijk moet voldoen, zijn te kennen uit art. 230 Rv. Art. 287 lid 1 Rv bepaalt dat de voorschriften die art. 230, eerste en derde … burgerlijk procesrecht in 2002 zijn dagvaardings- en verzoekschriftprocedures gedeeltelijk geharmoniseerd . Het nieuwe art. 230 Rv regelde de inhoud van vonnissen. Het nieuwe art. 232 Rv (in ontwerp: art. 2.11.4), dat het voormalige
- Civiel recht overigProcesrecht. Betekenis van art. 30p Rv; exclusieve regeling van de mondelinge uitspraak? Diverse regels voor…
Parket bij de Hoge Raad|16 maart 2018|ECLI:NL:PHR:2018:301
waaraan een vonnis van de burgerlijke rechter wettelijk moet voldoen, zijn te kennen uit art. 230 Rv. Art. 287 lid 1 Rv bepaalt dat de voorschriften die art. 230, eerste en derde … burgerlijk procesrecht in 2002 zijn dagvaardings- en verzoekschriftprocedures gedeeltelijk geharmoniseerd . Het nieuwe art. 230 Rv regelde de inhoud van vonnissen. Het nieuwe art. 232 Rv (in ontwerp: art. 2.11.4), dat het voormalige
- Civiel recht overigWSNP. Procesrecht. Procesbevoegdheid tijdens beschermingsbewind. Is de schuldenaar wiens goederen onder…
Parket bij de Hoge Raad|28 november 2019|ECLI:NL:PHR:2019:1238Aangehaald in 7 uitspraken
WSNP. Procesrecht. Procesbevoegdheid tijdens beschermingsbewind. Is de schuldenaar wiens goederen onder bewind zijn gesteld zelfstandig bevoegd om te procederen over de omvang van het vrij te laten bedrag? Verschoonbare termijnoverschrijding in hoger beroep? Mag de rechter-commissaris in hoger beroep zijn zienswijze…
- Civiel recht overigOndernemingsrecht. Enquêteprocedure Meavita-concern. Beschikking niet uitgesproken door het in de wet…
Parket bij de Hoge Raad|2 september 2016|ECLI:NL:PHR:2016:857
Ondernemingsrecht. Enquêteprocedure Meavita-concern. Beschikking niet uitgesproken door het in de wet bepaalde aantal rechters (art. 5 RO). Verhaal van onderzoekskosten op bestuurders (art. 2:354 BW): ook door vakbond? Verwijtbaarheid bestuurder vereist? Samenhang met zaak 16/00551.
- Civiel recht overigErfrecht. Geschil tussen gezamenlijke erfgenamen over een verzocht bevel tot boedelbeschrijving van de…
Parket bij de Hoge Raad|30 juni 2006|ECLI:NL:PHR:2006:AW2106
fundamenteel" aan te merken verzuim - aanwezig is. In het licht van de art. 287 jo. 230 Rv. vereist dat misschien nog nadere toelichting: de praktijk is nu eenmaal vertrouwd met legio beschikkingen … zijn (veel) meer zgn. "stempelbeschikkingen" die niet aan de vereisten van art. 287 jo. 230 Rv. hoeven te voldoen, dan bij het opstellen van de wettekst uitdrukkelijk onder ogen is gezien
- Civiel recht overigBOPZ. Machtiging voortgezet verblijf. Voldoet de geneeskundige verklaring aan de in art. 16 lid 1 Wet Bopz…
Parket bij de Hoge Raad|27 oktober 2017|ECLI:NL:PHR:2017:1314
Onderdeel V klaagt over een schending van de motiveringsverplichting ingevolge de artikelen 30 en 230 Rv, 121 Grondwet, art. 6 lid 1 in verbinding met art. 5 lid 1 EVRM
- Civiel recht overigOndernemingsrecht. Enquêteprocedure Meavita-concern. Beschikking niet uitgesproken door het in de wet…
Parket bij de Hoge Raad|2 september 2016|ECLI:NL:PHR:2016:856
Ondernemingsrecht. Enquêteprocedure Meavita-concern. Beschikking niet uitgesproken door het in de wet bepaalde aantal rechters (art. 5 RO). Verhaal van onderzoekskosten op commissarissen (art. 2:354 BW): ook door vakbond? Verwijtbaarheid commissaris vereist? Samenhang met zaak 16/00545.
- Civiel recht overigOnteigeningswet; art. 3, 43 Ow. Cassatieberoep tegen door de rechtbank vastgestelde schadeloosstelling…
Parket bij de Hoge Raad|29 maart 2013|ECLI:NL:PHR:2013:BZ6532
bijzonder in strijd met de art. 21, 23-25, 30, 198 lid 1 en 230 Rv., de art. 40, 40a, 40b, 43 Ow. en art. 1, Eerste Protocol bij het EVRM … oordeel in strijd acht met de art. 21, 23-25, 30, 198 lid 1 en 230 Rv, en de art. 40, 40a, en 40b Ow. Hetzelfde geldt voor de schriftelijke toelichting
- Civiel recht overigArt. 81 lid 1 RO. Landinrichtingswet. Ruilverkaveling. Bezwaren tegen lijst der geldelijke regelingen.
Parket bij de Hoge Raad|17 mei 2013|ECLI:NL:PHR:2013:CA0723
eiser], (deels) gevoegd zijn behandeld. Het vonnis zou daarom in strijd zijn met art. 230 Rv. Verder wordt geklaagd dat, anders dan is vermeld in rov. 1.1, van deze zitting geen proces … gevoegd') zijn behandeld met de gelijkluidende bezwaren van vier andere reclamanten, faalt reeds omdat art. 230 Rv noch enig andere rechtsregel de rechtbank tot zodanige vermelding verplicht. Bovendien blijkt deze wijze
- Personen- en familierechtVerzoek verwijzing naar ander gerechtshof op grond van art. 62b Wet RO; verzoek vaststelling…
Parket bij de Hoge Raad|10 december 2021|ECLI:NL:PHR:2021:1255
Verzoek verwijzing naar ander gerechtshof op grond van art. 62b Wet RO; verzoek vaststelling partneralimentatie op grond van art. 1:401 lid 1 (wijziging van omstandigheden) en lid 4 BW (onjuiste of onvolledige gegevens).
- Civiel recht overigArt. 81 RO. Vaststelling Nederlanderschap; art. 17 Rijkswet op het Nederlanderschap.
Parket bij de Hoge Raad|1 juni 2012|ECLI:NL:PHR:2012:BW1257
GRdG; HR 19 december 2003, LJN: AL8544, NJ 2009/338. 2 Groene Serie, Burgerlijke Rechtsvordering, artikel 230 Rv, aant. 8 (E.J. Numann); zie ook onder meer: HR 4 juni 1993, LJN: ZC0986
- InsolventierechtArt. 80a lid 1 RO. WSNP. Procesrecht. Ontvankelijkheid hoger beroep. Termijnoverschrijding
Parket bij de Hoge Raad|11 juli 2014|ECLI:NL:PHR:2014:1710
februari 2014 (productie 1 bij het verzoekschrift in hoger beroep) overgelegd. Zie art. 230 Rv. Een dergelijke verplichting valt ook niet af te leiden uit het Procesreglement verzoekschriftprocedures insolventiezaken rechtbanken
- Civiel recht overigWvggz. Machtiging voor verplichte zorg als bedoeld in art. 3:2 lid 2 sub a Wvggz niet nader beperkt tot de…
Parket bij de Hoge Raad|7 januari 2022|ECLI:NL:PHR:2022:20
heeft de rechtbank niet aan haar motiveringsverplichting voldaan, die voortvloeit uit de artikelen 30 en 230 Rv, artikel 121 Grondwet, artikel 6 lid 1 in verbinding met artikel 5 lid 1 EVRM
- Civiel recht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad|27 september 2002|ECLI:NL:PHR:2002:AE8133
houden van een voorlopig deskundigenbericht is gegrond op art. 228 (oud) Rv. Ingevolge art. 230 Rv. oud zijn de bepalingen omtrent deskundigen van overeenkomstige toepassing. Art. 223 lid 2 Rv. oud bepaalt
- Civiel recht overigProcesrecht. Cassatieberoep tegen kantonrechtersvonnis; motiveringsplicht als bedoeld in art. 230 lid 1…
Parket bij de Hoge Raad|10 juli 2009|ECLI:NL:PHR:2009:BH9156
cassatiedagvaarding (halverwege), waar wordt geklaagd over "het schenden van een vormvoorschrift als bedoeld in (...) art. 230 Rv. (...)." 10 Zie het door [eiseres] opgestelde (handgeschreven) verweer van december
- InsolventierechtFaillissementsrecht. Verzoek tot wijziging vrij te laten bedrag als bedoeld in art. 21, aanhef en onder 2…
Parket bij de Hoge Raad|20 mei 2022|ECLI:NL:PHR:2022:480
Faillissementsrecht. Verzoek tot wijziging vrij te laten bedrag als bedoeld in art. 21, aanhef en onder 2, Fw. Art. 69 Fw deugdelijke grondslag? Beschikking in brief. Recofa-richtlijnen recht in zin van art. 79 RO? Vrijheid r-c.
- Civiel recht overigArt. 81 lid 1 RO. In appel afgewezen verzoek tot heroverweging van rolbeschikking waarbij akte niet-dienen…
Parket bij de Hoge Raad|14 februari 2014|ECLI:NL:PHR:2014:79
beslissing niet te gaan om een uitspraak als bedoeld in onder meer art. 28 en 230 Rv.” en is de Stichting volgens de Staat niet-ontvankelijk in haar cassatieberoep tegen deze beslissing
- VerbintenissenrechtCaribische zaak. Verbintenissenrecht. Geldlening. Reikwijdte van het leerstuk rechtsverwerking…
Parket bij de Hoge Raad|17 december 2021|ECLI:NL:PHR:2021:1194Aangehaald in 5 uitspraken
Caribische zaak. Verbintenissenrecht. Geldlening. Reikwijdte van het leerstuk rechtsverwerking. Begrijpelijkheid van het oordeel over de vraag of de bedongen samengestelde rente in strijd is met de goede zeden. Zorgplicht van de kredietverstrekker. Matiging van de openstaande schuld op grond van art. 6:248 lid 2 BW…
- Strafrecht overig1. Wraking. 2. Vorderingen b.p. Ad 1. Het hof heeft de overgelegde brief van verdachte kennelijk en niet…
Parket bij de Hoge Raad|2 november 2010|ECLI:NL:PHR:2010:BN2366
1. Wraking. 2. Vorderingen b.p. Ad 1. Het hof heeft de overgelegde brief van verdachte kennelijk en niet onbegrijpelijk niet opgevat als een wrakingsverzoek. Totdat een einduitspraak is gedaan, kan een verzoek tot wraking van de zittingsrechters worden gedaan (vgl. HR LJN BJ9926). ’s Hofs oordeel om het mondelinge…
- Civiel recht overigCassatie. procesrecht; verweer in cassatie dat bij het beroep geen belang bestaat, is een ver-weer ten…
Parket bij de Hoge Raad|9 juli 2010|ECLI:NL:PHR:2010:BM2337
schriftelijke neerslag en uitwerking van de beslissing die aan de eisen van art. 230 Rv voldoet, met dien verstande dat het pas een vonnis is als het daadwerkelijk is uitgesproken. Zonder schriftelijk
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.