6 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigHuurrecht. Zakelijk recht van gebruik en bewoning als bedoeld in art. 3:226 BW dan wel overeenkomst van huur…
Parket bij de Hoge Raad|11 september 2009|ECLI:NL:PHR:2009:BI6321
Huurrecht. Zakelijk recht van gebruik en bewoning als bedoeld in art. 3:226 BW dan wel overeenkomst van huur en verhuur van een woonruimte? (81 RO). rolnummer: 07/13116 mr. Wuisman Rolzitting … hoofde van het zakelijke recht van gebruik en bewoning als bedoeld in artikel 3: 226 BW dan wel krachtens een overeenkomst van huur en verhuur van woonruimte. Aan dit geschil liggen
- BelastingrechtA-G IJzerman heeft conclusie genomen naar aanleiding van het beroep in cassatie van [X], tegen de uitspraak…
Parket bij de Hoge Raad|20 juni 2013|ECLI:NL:PHR:2013:618
gebruik en bewoning) in de zin van artikel 3:8 BW jo artikel 3:226 BW zijn verleend. 4.6 Bij de vaststelling van de waardedrukkende werking moet in aanmerking worden genomen
- Civiel recht overig12 augustus 2005 Eerste Kamer Nr. C04/103HR JMH/RM Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [De man]…
Parket bij de Hoge Raad|12 augustus 2005|ECLI:NL:PHR:2005:AT3486
kosten in beide gevallen voor rekening komen van de gerechtigde ex art. 3:226 BW. 4.5. Onderdeel 2b betoogt dat onbegrijpelijk is waarom het hof in rov. 3.3.4 ook nog onderscheid maakt … kostentoerekening hetzelfde effect hebben, namelijk dat de vruchtgebruiker, althans de gerechtigde ex art. 3:226 BW de daarmee gepaard gaande kosten zelf moet dragen. Onderdeel 2c vervolgt dat de man niet
- Civiel recht overig29 oktober 2004 Eerste Kamer Nr. C03/166HR JMH Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Eiser]…
Parket bij de Hoge Raad|29 oktober 2004|ECLI:NL:PHR:2004:AP4504
onoverkomelijke bezwaren stuit - zoals het geval is bij "hoogstpersoonlijke" rechten, waarvan dat van art. 3:226 BW (het recht van gebruik en bewoning) wel als voorbeeld wordt genoemd(7). Waar klemmende redenen
- BelastingrechtA-G IJzerman heeft conclusie genomen naar aanleiding van het beroep in cassatie van het college van…
Parket bij de Hoge Raad|8 december 2016|ECLI:NL:PHR:2016:1255
A-G IJzerman heeft conclusie genomen naar aanleiding van het beroep in cassatie van het college van Burgemeesters en Wethouders van de gemeente Goeree-Overflakkee tegen de uitspraak van het gerechtshof te Den Haag van 23 maart 2016, nr. 16/02411, ECLI:NL:GHDHA:2016:819. Belanghebbende is eigenaar van een bungalowpark,…
- Civiel recht overigKoop. Geschil tussen de verkoper en de koper van een perceel grond met een woning over de vraag of de koper…
Parket bij de Hoge Raad|29 september 2006|ECLI:NL:PHR:2006:AX8840
voor deze maatstaf: HR 8 januari 1999, NJ 1999, 342. 5 Vgl. art. 3:226 BW. 6 MvA, tevens MvG incid. appel, blz. 7, reactie [eiser] op grief 1 van Cobs
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.