11 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigVerpanding melkquotum. Tenietgaan pandrecht door tenietgaan gesecureerde vordering (art. 3:7 BW); schending…
Parket bij de Hoge Raad|26 januari 2018|ECLI:NL:PHR:2018:55
verweerder] verschuldigd zijn of zullen worden. [verweerder] merkt daarbij op dat het ingevolge art. 3:231 BW mogelijk is een pandrecht op toekomstige vorderingen te vestigen. [verweerder] gaat
- InsolventierechtFaillissementsrecht. Factorovereenkomst, na faillissement op rekening schuldeiser ontvangen betalingen…
Parket bij de Hoge Raad|14 juni 2013|ECLI:NL:PHR:2013:BZ5663
haar bestaande en toekomstige vorderingen, haar vordering terzake winstderving op grond van art. 3:231 BW mede door de zekerheden is gesecureerd. Van een doorbreking van de paritas creditorum of een handelen
- Civiel recht overigPrejudiciële vraag (art. 392 Rv). Faillissementsrecht. Overwaarde-arrangement. HR 9 juli 2004…
Parket bij de Hoge Raad|10 juli 2015|ECLI:NL:PHR:2015:1691
koerswijziging behelst; (iii) dat uit het wettelijk systeem, meer in het bijzonder de artikelen 3:231 BW, 132 lid 2 Fw., 483e jo. 490b Rv. en 57 lid 4 Fw., voortvloeit
- InsolventierechtConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Insolventierecht
Parket bij de Hoge Raad|20 september 2002|ECLI:NL:PHR:2002:AE3381
eniger tijd verschuldigd mocht worden(14). 2.11. Het eerste lid van art. 3:231 BW maakt duidelijk dat een recht van pand kan worden verleend tot zekerheid voor toekomstige vorderingen. De enkele
- InsolventierechtConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Insolventierecht
Parket bij de Hoge Raad|16 juni 2000|ECLI:NL:PHR:2000:AA6232
Parl. gesch. Boek 3, blz. 737; Losbl. Vermogensrecht (Stein), art. 3:231 BW aant. 5. 12 Parl. gesch. Boek 3 (Inv. 3, 5 en 6), blz. 1350. 13 Losbl. Vermogensrecht (Stein
- BelastingrechtBelanghebbende was bestuurder van [B] B.V. Op 9 december 2008 is het faillissement van [B] uitgesproken…
Parket bij de Hoge Raad|31 maart 2016|ECLI:NL:PHR:2016:204
Belanghebbende was bestuurder van [B] B.V. Op 9 december 2008 is het faillissement van [B] uitgesproken. Belanghebbende is door de Ontvanger bij beschikking als bestuurder aansprakelijk gesteld voor aan [B] opgelegde en onbetaald gebleven naheffingsaanslagen loon- en omzetbelasting over de periode september tot en met…
- Strafrecht overigConclusie AG. Medeplegen doen van valse opgave in authentieke akte (art. 227 Sr) en medeplegen witwassen…
Parket bij de Hoge Raad|17 maart 2026|ECLI:NL:PHR:2026:262
Conclusie AG. Medeplegen doen van valse opgave in authentieke akte (art. 227 Sr) en medeplegen witwassen (art. 420bis Sr). Verdachte heeft een bedrag van € 700.000 met een criminele herkomst overgemaakt naar de notaris t.b.v. de aankoop van een woning door medeverdachte, terwijl in werkelijkheid geen sprake was van…
- InsolventierechtConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Insolventierecht
Parket bij de Hoge Raad|7 september 2001|ECLI:NL:PHR:2001:ZC3642
vordering. De vordering waarvoor pand wordt gegeven moet wel voldoende bepaalbaar zijn (zie art. 3:231 BW). De passage in rov. 4.3, welke wordt ingeleid met de woorden "Ook overigens ...", is door
- Civiel recht overig9 juli 2004 Eerste Kamer Nr. C03/078HR JMH Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: Mr. Marcus…
Parket bij de Hoge Raad|9 juli 2004|ECLI:NL:PHR:2004:AO7575
9 juli 2004 Eerste Kamer Nr. C03/078HR JMH Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: Mr. Marcus Antonius Maria BANNENBERG, in zijn hoedanigheid van curator in het faillissement van I.C.T. INTERNATIONAL B.V., tevens handelende onder de naam Incotec, kantoorhoudende te Rosmalen, gemeente 's-Hertogenbosch, EISER…
- Civiel recht overigGoederenrecht. Pandrecht. Is rangwijziging bij pandrecht mogelijk? Analoge toepassing van art. 3:262 lid 1 BW…
Parket bij de Hoge Raad|2 oktober 2020|ECLI:NL:PHR:2020:884
Goederenrecht. Pandrecht. Is rangwijziging bij pandrecht mogelijk? Analoge toepassing van art. 3
- Civiel recht overig11 maart 2005 Eerste Kamer Nr. C03/313HR RM/AT Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: COÖPERATIEVE…
Parket bij de Hoge Raad|11 maart 2005|ECLI:NL:PHR:2005:AS2619
11 maart 2005 Eerste Kamer Nr. C03/313HR RM/AT Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: COÖPERATIEVE CENTRALE RAIFFEISEN BOERENLEENBANK B.A., gevestigd te Amsterdam, EISERES tot cassatie, advocaat: mr. J. de Bie Leuveling Tjeenk, t e g e n 1. STORMPOLDER VASTGOED B.V., gevestigd te Rotterdam, VERWEERSTER in…
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.