125 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- VerbintenissenrechtPrejudiciële vragen (art. 392 Rv). Verbintenissenrecht; art. 3:40 BW; art. 7A:1825 e.v. BW…
Parket bij de Hoge Raad|28 november 2025|ECLI:NL:PHR:2025:1302Aangehaald in 12 uitspraken
Prejudiciële vragen (art. 392 Rv). Verbintenissenrecht; art. 3:40 BW; art. 7A:1825 e.v. BW; kansspelovereenkomsten; Wet op de kansspelen; verbod op zonder vergunning gelegenheid geven om deel te nemen aan kansspelen … nietige overeenkomst in de zin van artikel 3:40 BW? 4. Maakt het voor de beantwoording van vraag 3 nog uit of de kansspelaanbieder voldeed aan de prioriteringscriteria van Ksa? 5. Indien
- VerbintenissenrechtPrejudiciële vragen (art. 392 Rv). Verbintenissenrecht; art. 3:40 BW; art. 7A:1825 e.v. BW…
Parket bij de Hoge Raad|28 november 2025|ECLI:NL:PHR:2025:1297
Prejudiciële vragen (art. 392 Rv). Verbintenissenrecht; art. 3:40 BW; art. 7A:1825 e.v. BW; kansspelovereenkomsten; Wet op de kansspelen; verbod op zonder vergunning gelegenheid geven om deel te nemen aan kansspelen … nietige overeenkomst in de zin van artikel 3:40 BW? 4. Maakt het voor de beantwoording van vraag 3 nog uit of de kansspelaanbieder voldeed aan de prioriteringscriteria van Ksa? 5. Indien
- VerbintenissenrechtVerbintenissenrecht. Ambtshalve toepassing art. 3:40 BW wegens misleiding fiscus. Natuurlijke verbintenis?…
Parket bij de Hoge Raad|13 mei 2022|ECLI:NL:PHR:2022:456Aangehaald in 6 uitspraken
Verbintenissenrecht. Ambtshalve toepassing art. 3:40 BW wegens misleiding fiscus. Natuurlijke verbintenis? Verrassingsbeslissing? Begrip strekking in art. 3:40 BW. PROCUREUR-GENERAAL BIJ DE HOGE RAAD DER NEDERLANDEN Nummer 21/02966 Zitting … strijd met de goede zeden en de openbare orde in de zin van art. 3:40 BW en daarom komt aan [verweerder] volgens het hof een vordering uit onverschuldigde betaling
- Civiel recht overigVerbintenissenrecht. Belastingrecht. Bevoegdheidsverdeling tussen burgerlijke en belastingrechter. Vordering…
Parket bij de Hoge Raad|3 maart 2017|ECLI:NL:PHR:2017:461Aangehaald in 5 uitspraken
opleggen van dagtoeristenbelasting. Bevoegdheid burgerlijke rechter om te beslissen over vordering tot nietigverklaring (art. 3:40 BW). Waarborgen procedure voor de belastingrechter. Zaaknr: 16/01405 mr. E.M. Wesseling-van Gent Zitting: 03 maart … gevorderd dat de tussen partijen gesloten fiscale vaststellingsovereenkomsten nietig zijn wegens strijd met art. 3:40 BW. 1. Feiten en procesverloop 1.1 Eiseres tot cassatie (hierna: de rederij) legt zich
- Civiel recht overigTotstandkoming samenwerkingsovereenkomst met betrekking tot handel in medicijnen. Strijd met…
Parket bij de Hoge Raad|1 juni 2012|ECLI:NL:PHR:2012:BU5609
3 Wet op de geneesmiddelenvoorziening (oud). Verboden strekking; nietigheid? Art. 3:40 BW. Rolnr. 10/02735 Mr M.H. Wissink Zitting: 18 november 2011 conclusie inzake Esmilo B.V. tegen Mediq Apotheken Beheer B.V. (voorheen
- Civiel recht overigAanbestedingsrecht. Cassatie in het belang der wet. Mogelijkheden voor inschrijvers en andere belanghebbenden…
Parket bij de Hoge Raad|31 mei 2016|ECLI:NL:PHR:2016:487
Aanbestedingswet 2012. Daarnaast rol voor wilsgebreken dan wel nietigheid of vernietigbaarheid ingevolge art. 3:40 BW? Misbruik van bevoegdheid door de aanbestedende dienst. 16/02838 (CW/2015/070) mr. Keus Parket 31 mei 2016 Vordering … bedreiging of misbruik van omstandigheden); er sprake is van nietigheid of vernietigbaarheid ingevolge art. 3:40 BW. 3 Toelichting Art. 4.15 Aanbestedingswet 2012 (art. 8 Wira) 3.1 Art. 4.15 Aanbestedingswet 2012 bepaalt
- Civiel recht overigDeelgeschil. Verlies van arbeidsvermogen. ‘Zwarte inkomsten.’ Schade aan een niet-rechtmatig belang? Voldaan…
Parket bij de Hoge Raad|22 december 2023|ECLI:NL:PHR:2023:1203Aangehaald in 8 uitspraken
niet-rechtmatig belang? Voldaan aan relativiteitsvereiste (art. 6:163 BW)? Nietige rechtshandeling (art. 3:40 BW)? Schadebegrotingswijze miskend? HR 24 november 2000, ECLI:NL:HR:2000:AA8453 (‘Zwarte inkomsten’). Stelplicht en bewijslast … vergoeden, zij een rechtshandeling zou moeten verrichten die nietig is op grond van art. 3:40 BW, (iii) dat niet is voldaan aan het relativiteitsvereiste (art. 6:163 BW
- Civiel recht overigOvereenkomstenrecht. Nietigheid wegens strijd met goede zeden (art. 3:40 lid 1 BW). Overeenkomst strekt tot…
Parket bij de Hoge Raad|26 september 2014|ECLI:NL:PHR:2014:1809
verklaard geen crediteuren te hebben of te hebben gehad. Wat daarvan ook zij, artikel 3:40 BW stelt de sanctie van nietigheid op een overeenkomst die naar haar strekking in strijd … komt in twee subonderdelen op tegen het oordeel (in rov. 6.7) dat art. 3:40 BW de sanctie van nietigheid stelt op een overeenkomst die naar haar strekking in strijd
- Civiel recht overigPrejudiciële vraag (art. 392 Rv). Wet arbeid vreemdelingen. Bestuurlijke boeten opgelegd ter zake van…
Parket bij de Hoge Raad|27 oktober 2015|ECLI:NL:PHR:2015:2389
illegale tewerkstelling. Is verhaalsbeding tussen werkgevers met betrekking tot bestuurlijke boeten nietig? Art. 3:40 BW. 15/02931 Mr. F.F. Langemeijer 27 oktober 2015 Conclusie inzake: [appellante] tegen [geïntimeerde] De prejudiciële vraag heeft … boeten, nietig is wegens strijd met de openbare orde, in de zin van art. 3:40 BW. Het hof heeft partijen in de gelegenheid gesteld hierover een standpunt in te nemen
- Civiel recht overigOnverschuldigde betaling. Rechtshandeling tot toekenning onkostenvergoedingen aan gemeenteraadslid strijdig…
Parket bij de Hoge Raad|21 december 2012|ECLI:NL:PHR:2012:BX9023
Onverschuldigde betaling. Rechtshandeling tot toekenning onkostenvergoedingen aan gemeenteraadslid strijdig met art. 99 Gemeentewet? Nietigheid, art. 3:40 lid 2 BW. Bezoldiging gemeenteraadsleden, art. 95 Gemeentewet. Wetenschap ongeoorloofdheid, redelijkheid en billijkheid.
- Civiel recht overigArt. 81 RO. Koop. Beroep op nietigheid/vernietigbaarheid koopovereenkomst en leveringsakte; art. 3:40 BW.
Parket bij de Hoge Raad|27 januari 2012|ECLI:NL:PHR:2012:BU6504
Koop. Beroep op nietigheid/vernietigbaarheid koopovereenkomst en leveringsakte; art. 3:40 BW. 10/03958 Mr M.H. Wissink Zitting: 25 november 2011 conclusie inzake: 1. [Eiser 1] 2. [Eiseres 2] (hierna: [eiser] c.s.) tegen … schenking heeft voorgedaan, maar die situatie brengt geen nietigheid op grond van art. 3:40 BW met zich. De (ver)koop die partijen beoogden wordt door de omstandigheid dat over de daarmee
- Personen- en familierechtPrejudiciële vragen (art. 392 Rv). Personen- en familierecht. Kinderalimentatie. Is een niet-wijzigingsbeding…
Parket bij de Hoge Raad|1 augustus 2019|ECLI:NL:PHR:2019:797Aangehaald in 5 uitspraken
zelf bepalen. De contractsvrijheid wordt echter wel door de wet begrensd; zo bepaalt art. 3:40 BW dat rechtshandelingen niet in strijd mogen zijn met de wet, openbare orde of goede zeden … principe zelf bepalen. Er zijn echter een aantal wettelijke beperkingen, bijvoorbeeld genoemd art. 3:40 BW. Boek 3 BW bevat artikelen die, blijkens de titel, van toepassing zijn op het vermogensrecht
- Civiel recht overigPachtbeëindigingsovereenkomst. Nietigheid vanwege sideletter? Art. 7:399c en 3:40 BW. Fosfaatrechten…
Parket bij de Hoge Raad|9 juni 2023|ECLI:NL:PHR:2023:576
Pachtbeëindigingsovereenkomst. Nietigheid vanwege sideletter? Art. 7:399c en 3:40 BW. Fosfaatrechten. Rechtspraak van de pachtkamer van het gerechtshof m.b.t. aanspraak van verpachter op overdracht van productierechten. Toelaatbaarheid van in abstracto geformuleerde … deze gronden faalt het betoog. Van nietigheid op grond van art. 3:40 BW is (ook) geen sprake, voor zover [de pachter] daarop een beroep doet. (onder 3.11) e. De omstandigheid
- VerbintenissenrechtUitleg voorbehoud in overeenkomst; bemiddeling; dienen van twee heren art. 7:427 jo. 7:417 BW; passeren…
Parket bij de Hoge Raad|28 juni 2024|ECLI:NL:PHR:2024:702
twee heren levert als zodanig geen ‘strijd met de wet’ op (vgl. art. 3:40 BW). Daarbij komt dat Boermarke zijn – door CS gemotiveerd betwiste – stelling dat de koper van het pand
- Civiel recht overigEuropees recht; verbintenissenrecht; in strijd met art. 88 lid 3 EG (art. 108 lid 3 VWEU) verleende…
Parket bij de Hoge Raad|28 mei 2010|ECLI:NL:PHR:2010:BL4082
zoals ook hierna nog zal blijken, naar Nederlands recht mogelijk op grond van art. 3:40 BW. 5.3 Ook onderdeel (iii) is ongegrond. Het HvJ EG heeft beslist dat de ongedaanmaking … tasten op een wijze die leidt tot nietigheid als bedoeld in art. 3:40 BW. Art. 108 lid 3 VWEU (art. 88 lid 3 EG) is bedoeld als voorlopige maatregel die voorkomt
- Civiel recht overigVerbintenissenrecht; art. 3:40 BW. Verkoop percelen grond door gemeente ten behoeve van woningbouw. Beding…
Parket bij de Hoge Raad|17 juni 2011|ECLI:NL:PHR:2011:BQ1677
Verbintenissenrecht; art. 3:40 BW. Verkoop percelen grond door gemeente ten behoeve van woningbouw. Beding dat aannemer verplicht met kopers van door hem te bouwen woningen een koop-aannemingsovereenkomst conform GIW-model
- Civiel recht overigMededingingsrecht. Vervolg van HR 26 april 2013, ECLI:NL:HR:2013:BY6102, NJ 2013/260 en HvJEU 17 september…
Parket bij de Hoge Raad|5 februari 2016|ECLI:NL:PHR:2016:34
staatssteun (art. 107 en 108 VWEU)? Toerekening aan de overheid; maatstaf. Is nietigverklaring (art. 3:40 BW) een passende sanctie? HvJEU 8 december 2011, ECLI:EU:C:2011:814, NJ 2012/124. Aansprakelijkheid
- Civiel recht overigEnergierecht. Goederenrecht. Overeenkomsten tussen chemiebedrijf en netbeheerder m.b.t. transformatoren die…
Parket bij de Hoge Raad|20 oktober 2017|ECLI:NL:PHR:2017:1204
verbinding vormen met elektriciteitsnet. Zijn die overeenkomsten nietig wegens strijd met de wet (art. 3:40 BW)? Zijn de transformatoren bestanddeel van een net als bedoeld
- BelastingrechtBelanghebbende exploiteert een akkerbouwbedrijf. Op 28 januari 2000 heeft belanghebbende percelen…
Parket bij de Hoge Raad|31 januari 2017|ECLI:NL:PHR:2017:79
Belanghebbende exploiteert een akkerbouwbedrijf. Op 28 januari 2000 heeft belanghebbende percelen landbouwgrond verkocht tegen een direct verschuldigde koopsom en een recht op nabetaling bij bestemmingswijziging van de grond. De landbouwgronden zijn bij notariële akte van 15 december 2000 geleverd. In maart 2003 heeft…
- Strafrecht overigCAG. Beklag/beslag. OM-cassatie. Vraag of buiten redelijke twijfel staat dat de derde die een klaagschrift…
Parket bij de Hoge Raad|9 april 2019|ECLI:NL:PHR:2019:173
middel zijn de volgende bepalingen uit het Burgerlijk Wetboek van belang: Art. 3:40 BW “1 Een rechtshandeling die door inhoud of strekking in strijd is met de goede zeden … vervreemder beschikkingsonbevoegd is, volgt dit in ieder geval niet. Indien de rechtbank art. 3:40 BW voor ogen stond, behoeft het nadere motivering waarom die bepaling in deze zaak leidt tot nietigheid
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.