11 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigGeschil tussen een inlener van tijdelijke arbeidskrachten en het bedrijf dat deze arbeidskrachten ter…
Parket bij de Hoge Raad|14 april 2006|ECLI:NL:PHR:2006:AV0652
feiten en omstandigheden waarvan in cassatie mag worden uitgegaan, in het licht van art. 3:67 BW, moeten concluderen dat Redaco tegenover Multiwal heeft te gelden als de derde met wie Multiwal … feiten en omstandigheden waarvan in cassatie mag worden uitgegaan, in het licht van art. 3:67 BW, niet medebrengen dat Redaco tegenover Multiwal heeft te gelden als de partij
- Civiel recht overigArt. 81 lid 1 RO. Koopovereenkomst gesloten ‘voor zich of nader te noemen meester’. Maatstaf art. 3:67 BW, HR…
Parket bij de Hoge Raad|27 juni 2014|ECLI:NL:PHR:2014:686
Koopovereenkomst gesloten ‘voor zich of nader te noemen meester’. Maatstaf art. 3:67 BW, HR 26 mei 2000, ECLI:NL:HR:2000:AA5953, NJ 2000/442. Aanwijzing volmachtgever voldoende duidelijk en zonder voorbehoud … juni 2013 heeft het hof - voor zover in cassatie van belang - geoordeeld dat art. 3:67 BW, bij gebreke van een door de wet, overeenkomst of gebruik bepaalde termijn, het noemen
- Civiel recht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad|26 mei 2000|ECLI:NL:PHR:2000:AA5953
moeten worden gesteld aan het noemen van zijn meester in de zin van art. 3:67 BW. Daarnaast komt aan de orde de persoonlijke aansprakelijkheid op grond van art. 6:162 BW … verplichtingen uit de koopovereenkomst na te komen, is [verweerder] zelf op grond van art. 3:67 BW bij die overeenkomst partij geworden. Hiervan uitgaande is [verweerder] in conventie onder meer veroordeeld
- Civiel recht overig2 april 2004 Eerste Kamer Nr. C02/326HR JMH/AT Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Eiser]…
Parket bij de Hoge Raad|2 april 2004|ECLI:NL:PHR:2004:AO6643
deels) in rov. 4.3.5 het door [eiser] gedane beroep op art. 3:67 BW afgewezen. Op grond van art. 3:67 lid 1 BW moet de gevolmachtigde die een overeenkomst in naam … worden geplaatst in het kader van het door [eiser] gedane beroep op art. 3:67 BW, doch in het kader van de vraag of [verweerster] al of niet als gevolmachtigde is opgetreden
- Civiel recht overigKoop. Wie is als koper partij geworden bij de koopovereenkomst? Haviltex. (81 RO)
Parket bij de Hoge Raad|21 januari 2011|ECLI:NL:PHR:2011:BO7117
niet [verweerder] in persoon. Of hierbij sprake is geweest van een door art. 3:67 BW beheerste situatie (waarbij [verweerder] op 16 juli 2003 de naam van de "meester" heeft genoemd … midden welke grondslag zich in casu voordeed voor deze vertegenwoordiging, de in artikel 3:67 BW bedoelde situatie van een nader te noemen meester dan wel een sui generis afspraak waarbij
- BelastingrechtGemeenschappelijke bijlage bij de conclusies van 30 mei 2025 in de zaken met: 24/04262 ECLI:NL:PHR:2025:623…
Parket bij de Hoge Raad|30 mei 2025|ECLI:NL:PHR:2025:652Aangehaald in 21 uitspraken
externe verhouding merkt Van der Wal op dat van titel 3.3 BW alleen art. 3:67 BW en art. 3:68 BW geen overeenkomstige toepassing kunnen vinden in het belastingrecht: “Allereerst … geldt voor de art. 3:69 BW tot en met 3:77 BW. Art. 3:67 BW, dat handelt over vertegenwoordiging van een nader te noemen meester, kan, gelet op het hoogst
- Civiel recht overigVermogensrecht. Geschil over de aansprakelijkheid van een pseudo-gevolmachtigde als bedoeld in art. 3:70 BW…
Parket bij de Hoge Raad|29 september 2006|ECLI:NL:PHR:2006:AX9397
eiser] optrad moet worden beoordeeld naar het moment waarop de koopovereenkomst werd gesloten. Art. 3:67 BW laat toe dat een overeenkomst door een gevolmachtigde wordt aangegaan voor een nader te noemen … wordt [A] B.V. niet genoemd, wel de persoon [betrokkene 1]. 6 Zie over art. 3:67 BW laatstelijk: HR 14 april 2006, LJN AV0652. 7 Parl. Gesch. Boek 3, blz. 283 (voetnoten
- Civiel recht overigVolmacht bij koopovereenkomst met betrekking tot onroerend goed. Is (pseudo-)gevolmachtigde aansprakelijk…
Parket bij de Hoge Raad|21 juni 2013|ECLI:NL:PHR:2013:39
heeft het hof ’s-Gravenhage bij tussenarrest van 22 juni 2010 de op art. 3:67 BW gebaseerde aansprakelijkheid van [verweerder] afgewezen (rov. 4.1-4.2) en voor het overige [verweerder] toegelaten
- VerbintenissenrechtVerbintenissenrecht. Onverschuldigde betaling. Duiding van betaling die plaatsvindt aan een ander dan de…
Parket bij de Hoge Raad|11 november 2022|ECLI:NL:PHR:2022:1037
Verbintenissenrecht. Onverschuldigde betaling. Duiding van betaling die plaatsvindt aan een ander dan de schuldeiser. Rechtsgrond? Van belang dat betaling is gaan deeluitmaken van vermogen ontvanger? Stelplicht en bewijslast. Wie is ontvanger in de zin van art. 6:203 lid 1 BW?
- BelastingrechtConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Belastingrecht
Parket bij de Hoge Raad|14 juni 2000|ECLI:NL:PHR:2000:AA6201
garantieovereenkomst kunnen aangaan in naam van een nader te noemen volmachtgever (art. 3:67 BW), die, hoewel op dat moment nog niet bekend (er is nog geen koper), op de voet
- OndernemingsrechtOndernemingsrecht. Externe bestuurdersaansprakelijkheid o.v.v. art. 6:162 BW.
Parket bij de Hoge Raad|28 januari 2022|ECLI:NL:PHR:2022:72
Ondernemingsrecht. Externe bestuurdersaansprakelijkheid o.v.v. art. 6:162 BW. PROCUREUR-GENERAAL BIJ DE
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.