11 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad|14 juli 2000|ECLI:NL:PHR:2000:AA6528
toegepast tenzij uit de wet het tegendeel voortvloeit11. Een overeenkomstige toepassing van art. 429n lid 3 Rv heeft tot gevolg dat van een tussenbeschikking eerst hoger beroep openstaat tegelijk met een hoger … kantonrechter heeft geen tussentijds hoger beroep toegestaan. Een overeenkomstige toepassing van art. 429n lid 3 Rv leidt dus tot niet-ontvankelijkheid van het hoger beroep, als prematuur ingesteld13. 2.10. Art. 345 Rv
- InsolventierechtConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Insolventierecht
Parket bij de Hoge Raad|15 december 2000|ECLI:NL:PHR:2000:AA9052
dergelijke bepaling is wel - met verwijzing naar art. 57b Rv - opgenomen in art. 429k, lid 3, Rv. Volgens die bepaling - die ingevolge art. 429q, lid 5, Rv in hoger beroep van overeenkomstige … echter niet aan een proceskostenveroordeling in de weg. Bij de totstandkoming van art. 429k, lid 3, Rv heeft de wetgever de mogelijkheid om een proceskostenveroordeling te kunnen uitspreken met name redelijk geacht
- Civiel recht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad|24 november 2000|ECLI:NL:PHR:2000:AA8451
Hoge Raad een uitzondering zal toestaan op de regel van art. 407, lid 3, Rv, inhoudend dat de eiser gehouden is een advocaat bij de Hoge Raad aan te wijzen
- Civiel recht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad|22 september 2000|ECLI:NL:PHR:2000:AA7203
voor de rechtsmacht van de Nederlandse rechter (in het onderhavige geval ex art. 126 lid 3 Rv) en de beperkingen daarop door de uitzonderingen in het volkenrecht erkend. 10. Onderdeel
- Civiel recht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad|24 maart 2000|ECLI:NL:PHR:2000:AA5263
bedraagt de cassatietermijn derhalve acht weken en vangt deze, ingevolge art. 426 lid 3 Rv jo. art. 67 lid 1 ABW, aan na de dag der verzending door de griffier
- Civiel recht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad|24 november 2000|ECLI:NL:PHR:2000:AA8454
dezen toepasselijke artt. 66 (oud) ABW juncto art. 426 leden 2 en 3 Rv.) cassatieberoep ingesteld tegen de niet-ontvankelijkverklaring; de Gemeente heeft geen verweerschrift ingediend. Bij het cassatieverzoekschrift is gevoegd
- Civiel recht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad|26 mei 2000|ECLI:NL:PHR:2000:AA5960
gedaan op een beschermingsconstructie, zoals bijvoorbeeld 453a lid 2 Rv. (roerende zaken), art. 505 lid 3 Rv. (onroerende zaken) in verbinding met art. 3:24 BW en art. 3:45 BW16
- Civiel recht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad|31 maart 2000|ECLI:NL:PHR:2000:AA5319
R 99/105 HR Mr Langemeijer Parket, 21 januari 2000 Conclusie inzake: [verzoekster] tegen de Nederlandse Spoor- wegen N.V. Edelhoogachtbaar College, In dit geding wordt de vraag voorgelegd of een verklaring voor recht kan worden gegeven in een verzoekschriftprocedure ingevolge de Wet op de ondernemingsraden (WOR).…
- Civiel recht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad|24 november 2000|ECLI:NL:PHR:2000:AA8450
hand van de artt. 66 en 67 ABW (oud) jo art. 426 lid 2 en 3 Rv, bedraagt daarom acht weken na de dag waarop de beschikking van de rechtbank per aangetekend
- Civiel recht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad|1 december 2000|ECLI:NL:PHR:2000:AA8719
gedagvaard voor de Rechtbank te Rotterdam, die zich op de voet van art. 126 lid 3 Rv. bevoegd verklaarde kennis te nemen van Sigillo's vordering inhoudende veroordeling van TTS tot betaling
- Civiel recht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad|17 maart 2000|ECLI:NL:PHR:2000:AA5168
nietigheid, althans gebrek, in de dagvaarding niet geheeld. 2.2 Art. 5 lid 1 onder 3 Rv bepaalt onder meer dat het exploit van dagvaarding de middelen en het onderwerp
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.