18 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigExecutie Nederlandse gevangenisstraf voormalig RAF-lid. Verjaring. Tijdelijke uitlevering van in Nederland…
Parket bij de Hoge Raad|4 juni 2010|ECLI:NL:PHR:2010:BL6287
veroordeelde aan ander land met het oog vervolging aldaar voor andere misdrijven. Art. 76a lid 3 Sr., dat ertoe strekt de termijn van executieverjaring niet te laten lopen zolang het vanwege … recht tot tenuitvoerlegging is niet verjaard, omdat de verjaringstermijn op grond van art. 76a, lid 3, Sr was geschorst gedurende de tijd waarin [eiser] in Duitsland de aldaar opgelegde vrijheidsstraf onderging
- Strafrecht overigProfijtontneming. Het Hof heeft aan de schatting van het w.v.v. een feit ten grondslag gelegd, waarvan…
Parket bij de Hoge Raad|13 juli 2010|ECLI:NL:PHR:2010:BM2562
opleggen van een betalingsverplichting ter ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel op art. 36e lid 3 Sr. Hiertoe is een strafrechtelijk financieel onderzoek (sfo) ingesteld. Op basis van dit onderzoek heeft … Geeringszaak, op art. 36e lid 2 Sr berust maar op art. 36e lid 3 Sr, zodat voor het opleggen van de betalingsverplichting geen directe relatie is vereist tussen het wederrechtelijk verkregen voordeel
- Strafrecht overigOntvankelijkheid. Conversie. Pr heeft verdachte vrijgesproken en onttrekking aan het verkeer van in beslag…
Parket bij de Hoge Raad|14 december 2010|ECLI:NL:PHR:2010:BM9420
strafbaar feit is begaan en kennelijk op grond van art. 36b lid 1 onder 3 Sr onttrekking aan het verkeer van zeven kentekenbewijzen en drie auto's opgelegd. - Op 4 december … onjuiste rechtsopvatting. Voor onttrekking aan het verkeer op grond van art. 36b lid onder 3 Sr is niet meer vereist dan dat bij de rechterlijke uitspraak waarbij de maatregel wordt opgelegd
- Strafrecht overigRechtsmacht. Ingevolge art. 2 Sr is de NL strafwet toepasselijk op ieder die zich in NL aan enig strafbaar…
Parket bij de Hoge Raad|2 februari 2010|ECLI:NL:PHR:2010:BK6328
strafbaarheid een feit van algemene bekendheid zou zijn. Voorts had art. 5 lid 1 onder 3 Sr ten tijde van het ten laste gelegde een andere inhoud dan thans. Indertijd had Nederland … zoverre het middel ervan uitgaat dat op feit 3 art. 5 lid 1 onder 3 Sr zoals weergegeven in de schriftuur onder 3.4 van toepassing was. De in de schriftuur aangehaalde tekst
- Strafrecht overigProfijtontneming. De beslissing op een vordering a.b.i. art. 36e Sr dient op straffe van nietigheid de inhoud…
Parket bij de Hoge Raad|29 juni 2010|ECLI:NL:PHR:2010:BM9426
deze methode op p. 301-303 onder het kopje "Toepassing van art. 36e lid 3 Sr in de ontnemingspraktijk" bespreekt en opmerkt: "De vermogensvergelijking en de kasopstelling hebben in bewijsrechtelijk opzicht … voordeel. Dit sluit aan bij de wetsgeschiedenis. In de constructie van art. 36e lid 3 Sr laten de omvang en de verkrijging van het voordeel zich immers niet goed scheiden
- Strafrecht overigBewijsklacht. Aangezien uit de gebezigde bm niet zonder meer kan worden afgeleid dat aan verdachte “telkens…
Parket bij de Hoge Raad|26 oktober 2010|ECLI:NL:PHR:2010:BN4151
witwassen van euro's door een Duitse bank en dat art. 4, aanhef en sub 3 Sr daarop van toepassing is. Gelet ook op het mondiale en Europese streven om het witwassen … euro's gaat, onder het universaliteitsbeginsel wil laten vallen omdat artikel 4, aanhef en onder 3, Sr zeer ruim is. Maar toepassing van het universaliteitsbeginsel berust altijd op een verdrag.(3
- Strafrecht overigAfwijzing getuigenverzoek. Het middel is terecht voorgesteld op de gronden vermeld in de conclusie van de A-G.
Parket bij de Hoge Raad|9 november 2010|ECLI:NL:PHR:2010:BN7721
verzoek [getuige 1] en [getuige 2] op te roepen geldt ex art. 410 lid 3 Sr jo art. 418 lid 2 Sv het noodzaakcriterium. Door het verzoek af te wijzen omdat
- Strafrecht overigProfijtontneming. Verjaring. De opvatting dat ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel t.z.v…
Parket bij de Hoge Raad|22 juni 2010|ECLI:NL:PHR:2010:BM3368
niet uitgelaten. Dat is anders voor het bij die wet eveneens ingevoerde art. 36e lid 3 Sr. De wetsgeschiedenis ten aanzien van die bepaling houdt onder meer het volgende in: "Met betrekking
- Strafrecht overigArt. 57 en 63 Sr. Het middel leidt niet tot cassatie gelet op het slagen van het gelijkluidende middel in de…
Parket bij de Hoge Raad|16 maart 2010|ECLI:NL:PHR:2010:BK9036
tevens (ruim) onder de limiet van één jaar en vier maanden (artikel 18 lid 3 Sr). 8 Zie de artikelen 176 en 178 WVW 1994. 9 Vgl. HR 4 oktober
- Strafrecht overigArt. 57 en 63 Sr. Het Hof had zich bij de strafoplegging i.c. ingevolge art. 63 Sr rekenschap moeten geven…
Parket bij de Hoge Raad|16 maart 2010|ECLI:NL:PHR:2010:BL7583
tevens (ruim) onder de limiet van één jaar en vier maanden (artikel 18 lid 3 Sr). 8 Zie de artikelen 176 en 178 WVW 1994. 9 Vgl. HR 4 oktober
- Strafrecht overigProfijtontneming. OM-cassatie en cassatie betrokkene. Verjaring. 1. De aan het oordeel van het Hof ten…
Parket bij de Hoge Raad|11 mei 2010|ECLI:NL:PHR:2010:BL7660
niet uitgelaten. Dat is anders voor het bij die wet eveneens ingevoerde art. 36e lid 3 Sr. De wetsgeschiedenis ten aanzien van die bepaling houdt onder meer het volgende in: "Met betrekking
- Strafrecht overigJeugdzaak. Plaatsing in een inrichting voor jeugdigen (PIJ-maatregel). Voor oplegging van de PIJ-maatregel is…
Parket bij de Hoge Raad|21 december 2010|ECLI:NL:PHR:2010:BO2971
waardering van die rapporten en adviezen is - evenals het geval is voor artikel 37a lid 3 Sr -- voorbehouden aan de rechter in feitelijke aanleg.(3) Het geval kan zich voordoen
- Strafrecht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig
Parket bij de Hoge Raad|13 juli 2010|ECLI:NL:PHR:2010:BM4214
bedoeld in art. 57 Sr, ingevolge art. 60a Sr in verbinding met art. 24c lid 3 Sr ten hoogste één jaar bedragen. Abusievelijk heeft het hof verzuimd bij het bepalen
- Strafrecht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig
Parket bij de Hoge Raad|13 juli 2010|ECLI:NL:PHR:2010:BM4445
strijd komt met de strekking en/of ratio van het bepaalde in art. 189 lid 3 Sr. In art. 189 lid 2 is het bedekken of de nasporing of vervolging beletten of bemoeilijken
- Strafrecht overigProfijtontneming. HR herhaalt dat de uitspraak op een ontnemingsvordering de inhoud dient te bevatten van de…
Parket bij de Hoge Raad|13 juli 2010|ECLI:NL:PHR:2010:BM2560
ontnemingszaak heeft de Officier van Justitie in eerste aanleg op grond van art. 36e lid 3 Sr gevorderd dat betrokkene een betalingsverplichting wordt opgelegd. Hiertoe is een strafrechtelijk financieel onderzoek (sfo) verricht
- Strafrecht overigCombinatie ISD met bijkomende straffen. De HR herhaalt relevante overwegingen uit HR LJN AV1161. De HR neemt…
Parket bij de Hoge Raad|20 april 2010|ECLI:NL:PHR:2010:BK6345
Combinatie ISD met bijkomende straffen. De HR herhaalt relevante overwegingen uit HR LJN AV1161. De HR neemt in aanmerking dat blijkens art. 9.5 Sr voor bijkomende straffen als algemeen uitgangspunt geldt dat zij gecombineerd mogen worden met andere straffen en dat niet valt in te zien waarom dat niet ook zou gelden…
- Strafrecht overigProfijtontneming. Afwijzing getuigenverzoek (m.b.t. CIE-informant). Ingevolge de overgangsbepalingen, zijn de…
Parket bij de Hoge Raad|13 juli 2010|ECLI:NL:PHR:2010:BM2434
ontnemingsprocedure heeft de Officier van Justitie in eerste aanleg op grond van art. 36e lid 3 Sr gevorderd dat betrokkene een betalingsverplichting wordt opgelegd ter ontneming van het in de jaren
- Strafrecht overigOM-cassatie. Bouwfraude-zaak. Art. 177 (oud) Sr. 1. HR ambtshalve: verjaring. 2. n.o.-verklaring OM. Ad 1. De…
Parket bij de Hoge Raad|6 juli 2010|ECLI:NL:PHR:2010:BK6346
OM-cassatie. Bouwfraude-zaak. Art. 177 (oud) Sr. 1. HR ambtshalve: verjaring
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.