20 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Strafrecht overigHet Nederlands voorbehoud bij art. 2 Verdrag inzake het witwassen, de opsporing, de inbeslagneming en de…
Parket bij de Hoge Raad|8 februari 2005|ECLI:NL:PHR:2005:AR7621
Justitie bij de brief van 24 april 2001 een machtiging overeenkomstig art. 552m lid 3 Sv gegeven, waarin weer wordt verwezen naar een aangehecht schrijven van het hoofd van de Fiscale Inlichtingen … belang dat deze bepaling anders dan art. 552m lid 3 Sv niet spreekt van "daarmede verband houdende feiten". De vraag is of art. 18 EWV niet toch in die zin moet worden
- Strafrecht overigHerziening na arrest EHRM waarin is vastgesteld dat art. 8 EVRM is geschonden in de procedure die tot de…
Parket bij de Hoge Raad|27 september 2005|ECLI:NL:PHR:2005:AS8858
Sv dient de aanvraag betreffende het geval vermeld in artikel 457, eerste lid, onder 3° Sv, te worden ingediend binnen drie maanden nadat zich een omstandigheid heeft voorgedaan waaruit voortvloeit … omdat dit de suggestie zou wekken dat de in art. 457 lid 1 onder 3° Sv vervatte grond tot herziening beperkt zou zijn tot zuiver procedurele schendingen van de in het EVRM
- Strafrecht overigBeklagzaak betreffende onder derde gelegd conservatoir beslag ex art 94a Sv; toepassing art. 94a.3 Sv. 1…
Parket bij de Hoge Raad|20 september 2005|ECLI:NL:PHR:2005:AT8049
wist, althans redelijkerwijs kon vermoeden dat de auto van misdrijf afkomstig was (art. 94a lid 3 Sv). 4. Het eerste middel klaagt dat degene ten laste van wie het conservatoir beslag … misdrijf afkomstig zijn. Gezien het onderling verband tussen de in art. 94a lid 3 Sv geformuleerde voorwaarden ligt dat mijns inziens wel in de rede
- Strafrecht overig1. Bewijs rijden onder invloed drugs. 2. Redelijke termijn verstekmededeling bij verdachte zonder bekende…
Parket bij de Hoge Raad|29 november 2005|ECLI:NL:PHR:2005:AU4843
uitspraak rechtsgeldig is betekend door de in art. 588, eerste lid onder b sub 3°, Sv voorziene uitreiking aan de griffier om reden dat de verdachte niet als ingezetene is ingeschreven … Rechtbank op de wijze als bedoeld in art. 588, eerste lid onder b sub 3, Sv omdat van verdachte geen woon- of verblijfplaats hier te lande bekend was; - de Politierechter heeft
- Strafrecht overigBraak ex art. 311.1.5° Sr. ’s Hofs oordeel dat het verwijderen door verdachte van een in rubbers gevatte…
Parket bij de Hoge Raad|29 november 2005|ECLI:NL:PHR:2005:AU4839
uitspraak rechtsgeldig is betekend door de in art. 588, eerste lid onder b sub 3°, Sv voorziene uitreiking aan de griffier om reden dat de verdachte niet als ingezetene is ingeschreven … doen betekenen op de wijze als bedoeld in art. 588, eerste lid onder b sub 3, Sv omdat van verdachte geen woon- of verblijfplaats in Nederland bekend was; - op 17 maart
- Strafrecht overigDeventer moordzaak. 1. Nadere specificering van de bewezenverklaring na verwijzing door HR in…
Parket bij de Hoge Raad|22 februari 2005|ECLI:NL:PHR:2005:AR5714
wettige, redengevende feiten en omstandigheden bevattende(7) bewijsmiddelen is onderbouwd (art. 359 lid 1 - 3 Sv) en niet dat de rechter ook uitlegt waarom hij bijvoorbeeld het ene bewijsmiddel wel deugdelijk acht … bewezenverklaring dient met daartoe redengevende bewijsmiddelen te zijn onderbouwd (art. 359, leden 1 - 3 Sv). In cassatie kan alleen worden getoetst of de motivering de bewezenverklaring kan dragen.(18) Maatstaf
- Strafrecht overig1. Verlof ex art. 552p Sv zonder openbare behandeling en uitspraak. 2. Art. 6 EVRM in beginsel niet van…
Parket bij de Hoge Raad|11 oktober 2005|ECLI:NL:PHR:2005:AU4086
betrokkenen omtrent het bevel de behandeling achter gesloten deuren te doen plaatsvinden (art. 22 lid 3 Sv) en het uitspreken van de beschikking in het openbaar (art. 24 lid 1 Sv
- Strafrecht overigAanwezigheidsrecht in appèl. Uit het niet verschijnen van verdachte ter terechtzitting in appèl kan niet…
Parket bij de Hoge Raad|22 november 2005|ECLI:NL:PHR:2005:AU3945
appeldagvaarding merk ik op dat zij overeenkomstig art. 588 lid 1 sub b onder 3 Sv op 15 april 2003 is uitgereikt aan de griffier omdat verdachte niet
- Strafrecht overigOntvankelijkheid vordering benadeelde partij in appèl. Het hof heeft vastgesteld dat de benadeelde partij…
Parket bij de Hoge Raad|10 mei 2005|ECLI:NL:PHR:2005:AT1812
vordering in eerste aanleg onmiskenbaar niet is toegewezen, zich op grond van art. 421 lid 3 Sv in hoger beroep opnieuw kon voegen. Het oordeel van het Hof dat de benadeelde partij
- Strafrecht overigHet verschoningsrecht ex art. 217.3 Sv strekt tot bescherming van het tussen de in dat voorschrift bedoelde…
Parket bij de Hoge Raad|31 mei 2005|ECLI:NL:PHR:2005:AS2748
daterende(1) - bedoeling van de wetgever. Deze beoogde immers met het in art. 223 lid 3 Sv voorziene beroep in cassatie het belang van de rechtsvorming te dienen.(2) 6. Met name
- Strafrecht overigDe door het hof gegeven beslissingen zijn niet vastgelegd in een verkort arrest, doch in een “uittreksel”…
Parket bij de Hoge Raad|24 mei 2005|ECLI:NL:PHR:2005:AT2980
arrest dat door de raadsman op 30 sept. 1983 ingevolge art. 365 lid 3 Sv was ingezien met betrekking tot de straf en de motivering daarvan anders luidde
- Strafrecht overigOverschrijding redelijke termijn bij verstekmededeling; OM niet-ontvankelijk. Van overschrijding van de…
Parket bij de Hoge Raad|15 november 2005|ECLI:NL:PHR:2005:AU3475
uitspraak rechtsgeldig is betekend door de in art. 588, eerste lid onder b sub 3, Sv voorziene uitreiking aan de griffier om reden dat de verdachte niet als ingezetene is ingeschreven
- Strafrecht overigToetsing in cassatie. Na een behandeling bij verstek in appèl doet het middel een beroep op de…
Parket bij de Hoge Raad|15 november 2005|ECLI:NL:PHR:2005:AU3469
terechtzitting een uitdrukkelijk beroep op een dergelijke exceptie is gedaan (art. 358 lid 3 Sv). Wel toont de Hoge Raad zich een enkele keer bereid het impliciete oordeel van de rechter
- Strafrecht overigRechtshulpverzoek Oekraïne tot inbeslagneming: vereiste van dubbele strafbaarheid. Art. 552o.2 Sv, zoals deze…
Parket bij de Hoge Raad|30 augustus 2005|ECLI:NL:PHR:2005:AT7564
Oekraïense justitiële autoriteiten ter beschikking te stellen onder het in art. 552p lid 3 Sv bedoelde voorbehoud. 2. Namens betrokkene heeft mr P.T.C. van Kampen, advocate te Rotterdam, een schriftuur houdende drie
- Strafrecht overig1. Redelijke termijn en betekening verstekmededeling. 2. Verjaring: ambtshalve geconstateerd. Ad 1. Van…
Parket bij de Hoge Raad|5 juli 2005|ECLI:NL:PHR:2005:AT5840
uitspraak rechtsgeldig is betekend door de in art. 588, eerste lid onder b sub 3, Sv voorziene uitreiking aan de griffier om reden dat de verdachte niet als ingezetene is ingeschreven
- Strafrecht overigBeslissing op (voor de terechtzitting ontvangen) aanhoudingsverzoek ex art. 278.3 Sv van verdachte of…
Parket bij de Hoge Raad|11 oktober 2005|ECLI:NL:PHR:2005:AT5663
benadeelde partij alsnog zich in hoger beroep op de voet van artikel 421 lid 3 Sv zal kunnen voegen als de zaak weer opnieuw in hoger beroep wordt aangebracht. 6. Het eerste
- Strafrecht overigGetuigenverhoor buiten aanwezigheid verdachte: ondervragingsrecht en aanwezigheidsrecht. 1. De beslissing om…
Parket bij de Hoge Raad|16 augustus 2005|ECLI:NL:PHR:2005:AT6918
worden gehoord, heeft de voorzitter gebruik gemaakt van de daartoe in art. 297 lid 3 Sv voorziene bevoegdheid. In het geven van deze bevoegdheid aan de voorzitter ligt besloten dat de wetgever
- Strafrecht overigAntilliaanse zaak. Het hof heeft geoordeeld dat de aan art. 183 SrNA ontleende term 'in strijd met zijn…
Parket bij de Hoge Raad|27 september 2005|ECLI:NL:PHR:2005:AT8330
Antilliaanse zaak. Het hof heeft geoordeeld dat de aan art. 183 SrNA ontleende term 'in strijd met zijn plicht' mede feitelijke betekenis heeft. Dat oordeel, waarin besloten ligt dat de dagvaarding wat betreft de opgave van het feit voldoet aan art. 285 SvNA, geeft geen blijk van een onjuiste rechtsopvatting.
- Strafrecht overigNe bis in idem in zedenzaak. Het hof verwierp het beroep op schending van het ne bis in idem-beginsel op de…
Parket bij de Hoge Raad|29 maart 2005|ECLI:NL:PHR:2005:AR8401
slachtoffer zijn geworden. 4.7 Vooropgesteld moet worden dat de in art. 342 lid 3 Sv neergelegde bewijsminimumregel volgens vaste jurisprudentie slechts geldt ten aanzien van de gehele tenlastelegging.(12) Naast een verklaring
- Civiel recht overig18 maart 2005 Eerste Kamer Nr. C03/239HR RM/JMH Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: DE STAAT DER…
Parket bij de Hoge Raad|18 maart 2005|ECLI:NL:PHR:2005:AR3144
18 maart 2005 Eerste Kamer Nr. C03/239HR RM/JMH Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: DE STAAT DER NEDERLANDEN, Ministerie van Justitie, zetelende te 's-Gravenhage, EISER tot cassatie, advocaat: mr. G. Snijders, t e g e n 1. [Verweerder 1], wonende te [woonplaats], 2. [Verweerder 2], wonende te…
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.