11 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Strafrecht overigOntnemingszaak. 1. De opvatting dat onder “andere feiten” ex art. 36e.3 Sr niet ook feiten kunnen worden…
Parket bij de Hoge Raad|4 april 2006|ECLI:NL:PHR:2006:AV0397
verzoeker zodoende "soortgelijke feiten" begaan. "Soortgelijke feiten" zijn genoemd in het tweede lid van art. 36e Sr, en mogen niet worden vereenzelvigd met "andere feiten" in de zin van het derde … 36e Sr. Ten aanzien van zulke "soortgelijke feiten" is in het tweede lid van art. 36e Sr bepaald dat zij bij de berekening van het wederrechtelijk verkregen voordeel mogen meetellen, doch alleen
- Strafrecht overigOntnemingszaak; bewijs. Ex art. 511g.2 jo. 415 en 359.1 Sv dient de uitspraak op een vordering ex art. 36e Sr…
Parket bij de Hoge Raad|14 februari 2006|ECLI:NL:PHR:2006:AU8125
511g.2 jo. 415 en 359.1 Sv dient de uitspraak op een vordering ex art. 36e Sr op straffe van nietigheid de inhoud te bevatten van de bewijsmiddelen waaraan de schatting … dient de uitspraak van de rechter op een vordering als bedoeld in art. 36e Sr op straffe van nietigheid de inhoud te bevatten van de bewijsmiddelen waaraan zijn schatting van het wederrechtelijk
- Strafrecht overigArt. 36f en hoofdelijke aansprakelijkheid. Art. 36f.2 Sr bepaalt dat de rechter de maatregel van…
Parket bij de Hoge Raad|7 november 2006|ECLI:NL:PHR:2006:AY8339
verplichting tot betaling aan de Staat ter ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel a.b.i. art. 36e Sr. In dat verband kan niet meer voordeel aan verdachte worden ontnomen dan hetgeen hij zelf daadwerkelijk … waarin de Hoge Raad oordeelde dat de opvatting, dat bij toepassing van art. 36e Sr de verplichting kan worden opgelegd tot betaling van het bedrag van het voordeel dat de betrokkene
- Strafrecht overigProfijtontneming. 1. Vooropgesteld moet worden dat o.g.v. de wetsgeschiedenis zoals weergegeven in HR NJ…
Parket bij de Hoge Raad|10 oktober 2006|ECLI:NL:PHR:2006:AY7386
aangenomen dat, ook gelet op het reparatoire karakter van de maatregel als bedoeld in art. 36e Sr, bij de bepaling van het wederrechtelijk verkregen voordeel dient te worden uitgegaan van het voordeel
- Strafrecht overigSchatting omvang voordeel. Bij de bepaling van het wederrechtelijk verkregen voordeel dient, mede gelet op…
Parket bij de Hoge Raad|14 februari 2006|ECLI:NL:PHR:2006:AU9127
wederrechtelijk verkregen voordeel dient, mede gelet op het reparotoire karakter van de maatregel ex art. 36e Sr, uitgegaan te worden van het voordeel dat betrokkene in de concrete omstandigheden van het geval
- Strafrecht overigOM-cassatie; profijtontneming. In het recht is geen steun te vinden voor de opvatting dat indien het vonnis…
Parket bij de Hoge Raad|26 september 2006|ECLI:NL:PHR:2006:AY0139Aangehaald in 6 uitspraken
voldoende aanwijzingen bestaan dat zij door veroordeelde zijn begaan." 5.2. Het eerste lid van art. 36e Sr stelt dat er sprake moet zijn van een veroordeling wegens een strafbaar feit … toelichting op het middel wordt terecht aangesneden dat in de tekst van art. 36e Sr, noch elders in de wet, noch in de totstandkomingsgeschiedenis van de Wet van 10 december
- Strafrecht overigOntnemingszaak. 1. Art. 359.1 Sv. 2. Kostenverweer. 3. Denaturering. Ad 1. Ex art. 359.1 jo. art. 511g.2 en…
Parket bij de Hoge Raad|3 oktober 2006|ECLI:NL:PHR:2006:AX7487
minder invloed heeft op de grenzen waarbinnen de rechter moet beslissen, aangezien de in art. 36e Sr bedoelde vordering weliswaar de aanleiding is voor de ontnemingsbeslissing, maar daarvoor - anders dan een tenlastelegging … oordeel dat in verband met de oplegging van een maatregel als bedoeld in art. 36e Sr niet van belang is of het leggen dan wel handhaven van een verhaalsbeslag strijdig
- Strafrecht overigOM-cassatie; omvang conservatoir derdenbeslag ex art. 94a Sv. 1. De wetgever heeft voor het conservatoir…
Parket bij de Hoge Raad|31 januari 2006|ECLI:NL:PHR:2006:AU4691
verhaal van een geldboete of een verplichting tot betaling van een geldbedrag ex art. 36e Sr, waarvan de hoogte ten tijde van het beslag nog niet vaststaat en door een ander … over het verhalen van een uit hoofde van wederrechtelijk verkregen voordeel als bedoeld in art. 36e Sr te betalen bedrag dat het in het proces-verbaal van beslaglegging
- Strafrecht overigOntnemingszaak. 1. Getuigenverzoek; maatstaf en specifieke karakter ontnemingsprocedure; bewijslastverdeling…
Parket bij de Hoge Raad|7 maart 2006|ECLI:NL:PHR:2006:AV0361
Ontnemingszaak. 1. Getuigenverzoek; maatstaf en specifieke karakter ontnemingsprocedure; bewijslastverdeling. 2. Afwijzing getuigenverzoek ontoereikend gemotiveerd. Ad 1. Maatstaf voor de beoordeling van het getuigenverzoek van de raadsman is ex art. 288 (oud) Sv of redelijkerwijs valt aan te nemen dat betrokkene in…
- Strafrecht overigVoorwerp ex art. 420bis Sr. Het middel berust op de stelling dat het hier om “waardeloos” geld gaat. Die…
Parket bij de Hoge Raad|11 april 2006|ECLI:NL:PHR:2006:AV2349
feit van het eerste lid, onderdeel a. Dit ruime begrip "voorwerpen" is ontleend aan artikel 36e Sr zoals dat sinds de herziening van de ontnemingswetgeving van 1992 luidt. Weliswaar werd
- Strafrecht overigOntnemingszaak. Redelijke termijn. HR herhaalt uitgangspunten uit NJ 2001, 307. De in dat arrest genoemde…
Parket bij de Hoge Raad|20 juni 2006|ECLI:NL:PHR:2006:AW0254
hoofdzaak reeds heeft kunnen dienen, in de positie zijn een vordering als bedoeld in art. 36e Sr te doen. Te verwachten is immers dat het houden van een s.f.o. een zeer tijdrovende
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.