23 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigPrejudiciële vragen (art. 392 Rv); vragen behandeld ondanks schikking (art. 393 lid 9 Rv)…
Parket bij de Hoge Raad|19 februari 2016|ECLI:NL:PHR:2016:75
Rv dan wel bij het verlangen om een bevelschrift ex artikel 250 lid 4 Rv alsnog griffierecht te voldoen? 8. Mogelijk heeft hetgeen Uw Raad oordeelt consequenties voor het hiervoor genoemde beleid
- Civiel recht overigArbitrage. Aansprakelijkheid voorzitter scheidsgerecht voor niet-ondertekening vonnis door mede-arbiters…
Parket bij de Hoge Raad|3 juni 2016|ECLI:NL:PHR:2016:472
Advocaat-Generaal onder 6 nader omschreven punten van overeenstemming tussen overheidsrechtspraak en de in Boek 4 Rv. geregelde arbitrage, moet ten aanzien van beide vormen van rechtspraak worden aanvaard dat slechts
- Civiel recht overigArt. 81 lid 1 RO. Bewijsrecht, IPR. Vervolg op HR 12 juni 2015, ECLI:NL:HR:2015:1585, NJ 2015/287. Valsheid…
Parket bij de Hoge Raad|12 februari 2016|ECLI:NL:PHR:2016:53
geraden acht in de zin van art. 164 lid 3 Rv en/of art. 179 lid 4 Rv. 2.19 In art. 164 lid 3 Rv is onder meer bepaald dat uit de weigering … ondertekenen de rechter de gevolgtrekking kan maken die hij geraden acht. Art. 179 lid 4 Rv bevat dezelfde regel ten aanzien van de weigering van de getuige het proces-verbaal te ondertekenen
- Civiel recht overigBeslagrecht, goederenrecht, derdenbescherming (art. 3:36 BW). Doorhaling hypotheekrecht in registers…
Parket bij de Hoge Raad|24 juni 2016|ECLI:NL:PHR:2016:553Aangehaald in 5 uitspraken
Beslagrecht, goederenrecht, derdenbescherming (art. 3:36 BW). Doorhaling hypotheekrecht in registers; rechtsgeldige afstand van hypotheekrecht? Wordt beslaglegger beschermd tegen gewekte schijn van afstand? Nadeelvereiste? Reikwijdte van de bescherming van art. 3:36 BW; aard van beslaglegging als middel tot bewaring…
- Civiel recht overigProcesrecht. Deformalisering. Onjuiste vermelding van naam requirant in appeldagvaardingsexploot. Herstel…
Parket bij de Hoge Raad|29 januari 2016|ECLI:NL:PHR:2016:25
dagvaarding zijn opgenomen, behoudens de vermelding van verweren en de bewijsaandraagplicht (art. 120 lid 4 Rv). Een gebrek in een exploot van dagvaarding dat nietigheid meebrengt, kan bij exploot uitgebracht vóór … beginsel niet kan gelden als een op de voet van art. 125 lid 4 Rv uitgebracht herstelexploot; terwijl van de door Uw Raad gemaakte uitzondering hierop in verband met aangezegde, onmogelijke, verschijndag
- Civiel recht overigInternationaal publiekrecht. Executoriaal beslag ten laste van vreemde staat. Omvang immuniteit van executie…
Parket bij de Hoge Raad|24 juni 2016|ECLI:NL:PHR:2016:556
proces-verbaal van 22 augustus 2014 heeft de deurwaarder op grond van art. 438 lid 4 Rv bij de voorzieningenrechter van de rechtbank Amsterdam een kort geding aanhangig gemaakt tussen Servaas … Staat is gelast. Hij verzoekt de voorzieningenrechter op de voet van art. 438 lid 4 Rv in verbinding met art. 3a lid 7 van de Gerechtsdeurwaarderswet een onverwijlde voorziening te treffen
- Civiel recht overigArt. 81 lid 1 RO. Procesrecht. Uitleg schikkingsovereenkomst ter comparitie. Dwingende bewijskracht…
Parket bij de Hoge Raad|11 november 2016|ECLI:NL:PHR:2016:1167
deze aantekeningen. Dat heeft het hof nagelaten. 2.3. Op grond van art. 279 lid 4 Rv wordt een proces-verbaal opgemaakt van hetgeen ter zitting is verhandeld en van de zakelijke inhoud … verklaard, overeenstemt met de werkelijkheid (art. 157 lid 2 Rv). 2.4. Art. 279 lid 4 Rv dient te worden gelezen in verband met art. 290 lid 2 Rv. De griffier verstrekt
- Civiel recht overigCassatieprocesrecht. Verplichte procesvertegenwoordiging door een advocaat bij de Hoge Raad (art. 407 lid 3…
Parket bij de Hoge Raad|17 juni 2016|ECLI:NL:PHR:2016:523
Cassatieprocesrecht. Verplichte procesvertegenwoordiging door een advocaat bij de Hoge Raad (art. 407 lid 3 Rv). Gevolgen van het verval van de aantekening ‘advocaat bij de Hoge Raad’ (art. 9j lid 1 Advocatenwet). Schorsing geding van rechtswege, art. 226 Rv. Wijze van hervatting van het geding in dagvaardings- en…
- Civiel recht overigOndernemingsrecht. Intrekking door SNS Bank en SNS Reaal van afgegeven art. 2:403 BW-verklaringen; verzet van…
Parket bij de Hoge Raad|16 december 2016|ECLI:NL:PHR:2016:1326
Ondernemingsrecht. Intrekking door SNS Bank en SNS Reaal van afgegeven art. 2:403 BW-verklaringen; verzet van schuldeisers daartegen (art. 2:404 BW). Maatstaf voor de beoordeling van het verzet; bestaan en omvang van de gestelde vorderingen. Procesrecht: ontvankelijkheid van bij één verzoekschrift ingesteld…
- Civiel recht overigBerekening goodwillvergoeding bij beëindiging samenwerkingsverband. Voldoende onderbouwing van betwisting van…
Parket bij de Hoge Raad|2 september 2016|ECLI:NL:PHR:2016:868
Berekening goodwillvergoeding bij beëindiging samenwerkingsverband. Voldoende onderbouwing van betwisting van de berekening van de wederpartij?
- Civiel recht overigArt. 81 lid 1 RO. Procesrecht. Cassatieberoep tegen tussenarrest. Zekerheidstelling voor proceskosten in…
Parket bij de Hoge Raad|8 januari 2016|ECLI:NL:PHR:2016:61
Sypesteyn zich. Sypesteyn is niet-ontvankelijk in haar cassatieverzoek. Ik verwijs naar art. 426, lid 4 Rv in verbinding met art. 401a Rv en HR 24 april 2015, ECLI
- Civiel recht overigProcesrecht. Klacht over toepassing Marokkaans recht die niet aan de eisen voldoet (art. 426a lid 2 Rv)…
Parket bij de Hoge Raad|1 april 2016|ECLI:NL:PHR:2016:194
mogelijkheid van verbetering rekening kunnen houden. Tegen een dergelijke verbetering staat, ingevolge art. 31 lid 4 Rv, geen voorziening open. Die voorziening staat echter wel open, indien de rechter de desbetreffende regels
- Civiel recht overigPrejudiciële vragen (art. 392 Rv). Internationaal publiekrecht. Conservatoir beslag op eigendommen van…
Parket bij de Hoge Raad|24 juni 2016|ECLI:NL:PHR:2016:551
proces-verbaal van 12 januari 2016 heeft de gerechtsdeurwaarder op grond van art. 438 lid 4 Rv bij de voorzieningenrechter van de rechtbank Amsterdam een kort geding aanhangig gemaakt tussen
- Civiel recht overigProcesrecht. Verstek van geïntimeerde gezuiverd door betaling van griffierecht (art. 353 lid 1 en 142 Rv)…
Parket bij de Hoge Raad|3 juni 2016|ECLI:NL:PHR:2016:474
Procesrecht. Verstek van geïntimeerde gezuiverd door betaling van griffierecht (art. 353 lid 1 en 142 Rv). Hof blijft zaak als verstekzaak behandelen en wijst arrest. Door geïntimeerde ingesteld verzet niet-ontvankelijk verklaard omdat het als arrest op tegenspraak moet worden aangemerkt (vgl. HR 15 oktober 1993,…
- Personen- en familierechtPersonen- en familierecht. Verzoek biologische vader om vervangende toestemming voor erkenning kind, art…
Parket bij de Hoge Raad|5 februari 2016|ECLI:NL:PHR:2016:33
petitum heeft opgevat als een zelfstandig verzoek in de zin van art. 282 lid 4 Rv. Kennelijk heeft het hof het petitum in dit gedingstuk slechts beschouwd als een ondersteuning door
- Civiel recht overigProcesrecht. Griffierecht in hoger beroep, na anticipatie door geïntimeerde, door appellant te laat betaald…
Parket bij de Hoge Raad|2 september 2016|ECLI:NL:PHR:2016:1191
sprake is van een grond voor doorbreking van het rechtsmiddelenverbod van art. 127 lid 4 Rv. Zij hebben zich eerst in hun schriftelijke toelichting op het standpunt gesteld dat zij ondanks
- Civiel recht overigProcesrecht. Onteigening. Vervolg op HR 11 december 2015, ECLI:NL:HR:2015:3563. Uitspraak van ABRvS door…
Parket bij de Hoge Raad|21 oktober 2016|ECLI:NL:PHR:2016:1257
kennis is gesteld, hetgeen in strijd is met een goede procesorde en art. 84 lid 4 Rv; en omdat ( d) de rechtbank geen kennis mag nemen van berichten aan de rechtbank nadat
- Civiel recht overigPrejudiciële vraag (art. 392 Rv). EU-Handhavingsrichtlijn 2004/48/EG. Exhibitie. Art. 1019a, 1019b en 843a…
Parket bij de Hoge Raad|2 september 2016|ECLI:NL:PHR:2016:866
Prejudiciële vraag (art. 392 Rv). EU-Handhavingsrichtlijn 2004/48/EG. Exhibitie. Art. 1019a, 1019b
- Civiel recht overigProcesrecht. Betekening verstekvonnis. Art. 143 lid 2 Rv en art. 46 e.v. Rv. Betekening aan de Ontvanger ‘in…
Parket bij de Hoge Raad|29 april 2016|ECLI:NL:PHR:2016:347
verstekvonnis. De verzettermijn van vier weken, bedoeld in art. 143, lid 2 en lid 4, Rv, was volgens de belastingplichtige toen al verstreken. 1.4. Bij vonnis van 21 maart 2012 heeft
- Civiel recht overigProcesrecht. Betekening verstekvonnis. Art. 143 lid 2 Rv en art. 46 e.v. Rv. Betekening aan de Ontvanger ‘in…
Parket bij de Hoge Raad|29 april 2016|ECLI:NL:PHR:2016:349
verstekvonnis. De verzettermijn van vier weken, bedoeld in art. 143, lid 2 en lid 4, Rv, was volgens de belastingplichtige toen al verstreken. 1.4. Bij vonnis van 21 maart 2012 heeft
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.