22 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Strafrecht overigConclusie plv. AG. Vordering tot cassatie in het belang der wet over de opheffing van de schorsing van de…
Parket bij de Hoge Raad|11 maart 2025|ECLI:NL:PHR:2025:267Aangehaald in 6 uitspraken
Conclusie plv. AG. Vordering tot cassatie in het belang der wet over de opheffing van de schorsing van de voorlopige hechtenis bij eindvonnis. In de vordering wordt nader ingegaan op het wettelijk kader, de noodzakelijke belangenafweging, hoorplicht en motiveringsplicht voor deze beslissing. Het enkele opleggen van…
- Strafrecht overigOM-cassatie. Beschikking afwijzing vordering gevangenhouding. Conclusie AG houdt o.m. in dat gelet op de aard…
Parket bij de Hoge Raad|4 november 2008|ECLI:NL:PHR:2008:BF0282
gemotiveerd. Aangevoerd wordt dat het Hof in de wettelijke context van de art. 67 en 67a Sv uiteenlopende kwesties op het oog gehad kan hebben, zoals het ontbreken van vluchtgevaar … stel voorop dat de rechter indien aan de voorwaarden van de art. 67 en 67a Sv is voldaan, wel bevoegd maar niet verplicht is een bevel tot voorlopige hechtenis te geven
- Strafrecht overigCassatie in het belang der wet. Tekst noch strekking van art. 69.1 Sv beperken het recht van de verdachte…
Parket bij de Hoge Raad|4 november 2014|ECLI:NL:PHR:2014:1958
vordering zich niet richt op de vraag of de uitleg die de raadsman aan art. 67a Sv gaf, juist is. Dat is een vraag waarover de Rechtbank zich niet heeft uitgelaten … daarop gebaseerde rechtspraak van het EHRM. De rechtbank toetst onder meer aan art. 67a Sv. Indien één van de daar opgesomde voorwaarden niet of niet langer bestaat, moet de voorlopige hechtenis onverwijld
- Strafrecht overigVordering tot cassatie in het belang der wet. Is een machtiging als bedoeld in art. 2:3 Wet forensische zorg…
Parket bij de Hoge Raad|29 maart 2022|ECLI:NL:PHR:2022:302
plaatsvindt.” 14. Bij toepassing van het strafrechtelijk begrip maatregel op het derde lid van art. 67a Sv kunnen de machtigingen bedoeld in art. 2:3 Wfz niet als maatregel worden aangemerkt, alleen … daaronder tevens de (zorg)machtiging te begrijpen. Anticipatiegebod 16. Het derde lid van art. 67a Sv luidt : “Een bevel tot voorlopige hechtenis blijft achterwege, wanneer ernstig rekening moet worden gehouden
- Strafrecht overigArt. 126m Sv. Het oordeel van het Hof dat het misdrijf het uitgeven van valse bankbiljetten (strafbaar…
Parket bij de Hoge Raad|8 november 2011|ECLI:NL:PHR:2011:BT2099Aangehaald in 15 uitspraken
126g-126gg, (suppl. 121, april 2001) vermoedt dat de rechtspraak, gezien de rechtspraak op art. 67a Sv ("de rechtsorde ernstig door dat feit is geschokt"), tamelijk coulant met het onderhavige vereiste
- Civiel recht overigStrafrecht. Vordering in kort geding tot staking (verdere) tenuitvoerlegging gevangenisstraf. (On)bevoegdheid…
Parket bij de Hoge Raad|12 december 2014|ECLI:NL:PHR:2014:2354
genoemde gronden; zie art. 67a lid 1 Sv. Het derde lid van art. 67a Sv bevat de volgende, tot de rechter die over de voorlopige hechtenis beslist gerichte vermaning: “Een bevel
- Strafrecht overigOM-cassatie tegen oordeel rb die hoger beroep van OvJ tegen afwijzing vordering bewaring bolletjesslikker…
Parket bij de Hoge Raad|16 november 2004|ECLI:NL:PHR:2004:AR3264
illegale voorwerpen ex artikel 126 ff Sv. Het oordeel van de rechtbank dat art. 67a Sv een limitatieve opsomming geeft van de gronden voor voorlopige hechtenis is juist. Inbeslagneming van illegale voorwerpen
- Strafrecht overigOM-cassatie. 1. Vorderingen verlenging gevangenhouding lenen zich doorgaans voor enkelvoudige behandeling…
Parket bij de Hoge Raad|19 april 2005|ECLI:NL:PHR:2005:AS7552
eerder gerezen verdenking blijft bestaan, maar de later achterhaalde feiten de in art. 67a Sv geregelde gronden voor de voorlopige hechtenis versterken of wijzigen. 14. Daarom kan ik de steller
- Strafrecht overigNiet beslist op beroep op strafvermindering vanwege onrechtmatige inverzekeringstelling, art. 359a.1.a Sv…
Parket bij de Hoge Raad|3 oktober 2017|ECLI:NL:PHR:2017:1202
inverzekeringstelling over te gaan. Evenmin wordt voldaan aan andere vereisten van 67 Sv en 67a Sv. Uit de stukken blijkt ook niet dat cliënt bij de inverzekeringstelling is gewezen op zijn recht
- Strafrecht overigBeklag. OM-cassatie. Art. 31 Vluchtelingenverdrag en art. 67a.3 Sv. Door de beantwoording van de vraag of de…
Parket bij de Hoge Raad|11 oktober 2011|ECLI:NL:PHR:2011:BR0573
Vluchtelingenverdrag geen onvoorwaardelijke vrijheidsstraf zal worden opgelegd, biedt het derde lid van art. 67a Sv de mogelijkheid om het bevel tot bewaring in de onderhavige zaak achterwege te laten. Dat "niet geheel
- Strafrecht overigBeroep op bewijsuitsluiting. Vordering OvJ tot het verstrekken van gegevens, art. 126nd Sv. De HR herhaalt…
Parket bij de Hoge Raad|27 november 2012|ECLI:NL:PHR:2012:BY0215
bewaring heeft immers, als eerste vorm van voorlopige hechtenis, haar eigen in art. 67a Sv verankerde gronden. 20. Het middel faalt. 21. Beide middelen falen. Naar mijn inzicht kan het tweede middel
- Strafrecht overigGebruik voor het bewijs van resultaten van een DNA-onderzoek. Het hof heeft vastgesteld dat de rb in haar…
Parket bij de Hoge Raad|21 juni 2005|ECLI:NL:PHR:2005:AT2899
onverkort aanwezig waren. Dit betreft een onderzoek naar aanleiding van de in art. 67 en 67a Sv neergelegde eisen. Aan de overwegingen van de rechtbank ter motivering van de afwijzing
- Strafrecht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig
Parket bij de Hoge Raad|15 oktober 2002|ECLI:NL:PHR:2002:AE6876
Veiligstellen van het bedoelde recht van een derde behoort immers niet tot de in art. 67a Sv opgesomde gronden waarop een bevel tot voorlopige hechtenis kan worden gegeven.(4) Met zijn overweging
- Strafrecht overigConclusie AG. Afwijzing aanhoudingsverzoek van verdachte die in Colombia is gedetineerd in afwachting van…
Parket bij de Hoge Raad|12 februari 2019|ECLI:NL:PHR:2019:131
Conclusie AG. Afwijzing aanhoudingsverzoek van verdachte die in Colombia is gedetineerd in afwachting van vervolgingsuitlevering aan de VS. Aanwezigheidsrecht ex art. 6 EVRM in het licht van EHRM Hokkeling v. Nederland. Samenhang met 16/05038, 16/05216 en 17/00331.
- Strafrecht overigConclusie A-G over onder meer de door de officier van justitie opgelegde gedragsaanwijzing (art. 509hh Sv)…
Parket bij de Hoge Raad|19 februari 2019|ECLI:NL:PHR:2019:136
dwangmiddelen is en wordt gewezen op de gronden voor voorlopige hechtenis als bedoeld in art. 67a Sv. In art. 509hh, vierde lid, Sv is de maximumduur van de gedragsaanwijzing geregeld. Daarin komt
- Strafrecht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig
Parket bij de Hoge Raad|12 maart 2002|ECLI:NL:PHR:2002:AD8903
Nr. 00585/01 Mr Jörg Zitting: 22 januari 2002 Conclusie inzake: [verzoeker=verdachte] 1. Verzoeker is bij arrest van 12 december 2000 door het gerechtshof te Arnhem wegens 'diefstal, voorafgegaan en vergezeld van geweld en bedreiging met geweld tegen personen, gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden…
- Strafrecht overigOM-cassatie tegen verwerping appèl ingesteld tegen afwijzing vordering gevangenhouding. Het hof heeft…
Parket bij de Hoge Raad|21 maart 2006|ECLI:NL:PHR:2006:AU8131
voorlopige hechtenis alleen nog toelaatbaar als één van de andere gronden van art. 67a Sv aanwezig is." 12. Nadien heeft het EHRM in het kader van een beroep
- Strafrecht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig
Parket bij de Hoge Raad|31 oktober 2000|ECLI:NL:PHR:2000:AA7957
over toepassing van de voorlopige hechtenis moet oordelen een of meer van de in art. 67a Sv omschreven gronden aanwezig zal achten. 6. In de aangehaalde overwegingen heeft het Hof niet miskend
- Strafrecht overigBelastingfraude. Handel in aandelen van ‘winstvennootschappen’. O.m. deelneming aan een criminele organisatie…
Parket bij de Hoge Raad|3 februari 2009|ECLI:NL:PHR:2009:BH2142
Belastingfraude. Handel in aandelen van ‘winstvennootschappen’. O.m. deelneming aan een criminele organisatie dat tot oogmerk had het doen van onjuiste aangiften vennootschapsbelasting en het omkopen van andere personen dan ambtenaren. HR: 81 RO
- Strafrecht overigAanzegging getuige om op de nadere t.z. weer aanwezig te zijn. Het verzoek van de rm is een verzoek a.b.i…
Parket bij de Hoge Raad|16 november 2010|ECLI:NL:PHR:2010:BN0008
Aanzegging getuige om op de nadere t.z. weer aanwezig te zijn. Het verzoek van de rm is een verzoek a.b.i. art. 319.3 jo. 331.2 jo. 415 Sv. Het Hof had dienen te bepalen dat de aanwezigheid van de getuige bij de nadere behandeling wordt vereist, tenzij het van oordeel is dat door niet inwilliging van het verzoek…
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.