16 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigGeschil tussen een universiteit en een ambtenarenvakbond en beurspromovendi over de vraag of tussen de…
Parket bij de Hoge Raad|14 april 2006|ECLI:NL:PHR:2006:AU9722
7:610 BW heeft bestaan of bestaat; gezagsverhouding, rechtsvermoeden als bedoeld in art. 7:610a BW, weerlegging; collectieve actie devolutieve werking van het hoger beroep; miskenning van een niet prijsgegeven ontvankelijkheidsverweer … tussen beurspromovendi en de universiteit een gezagsverhouding bestaat. Per 1 januari 1999 is artikel 7:610a BW in werking getreden. Deze bepaling heeft onmiddellijke werking en daarom zal de rechtbank haar
- Civiel recht overigOvereenkomstenrecht. Vraag of een overeenkomst die strekt tot het verrichten van werk tegen betaling als een…
Parket bij de Hoge Raad|11 februari 2011|ECLI:NL:PHR:2011:BO9573
NIHS heeft onder meer aangevoerd dat weliswaar van een rechtsvermoeden als bedoeld in art. 7:610a BW sprake is, maar dat dit rechtsvermoeden door de door haar aangevoerde feiten en omstandigheden wordt … verenigen. Dit brengt mee dat het hof uitgaat van het op grond van art. 7:610a BW geldende vermoeden dat [verweerder] de arbeid die hij van 1 mei 1999 tot 1 september
- Civiel recht overigGeschil over de ANWB en een instructrice op zijn slipschool over de vraag of er sprake is van een…
Parket bij de Hoge Raad|15 september 2006|ECLI:NL:PHR:2006:AX9396
vraag of er sprake is van een arbeidsovereenkomst; wettelijk rechtsvermoeden als bedoeld in art. 7:610a BW (81 RO). Rolnr. C05/172HR Mr. D.W.F. Verkade Zitting 2 juni 2006 Conclusie inzake: [Eiseres] tegen … doet een beroep op het wettelijk rechtsvermoeden van het bestaan van een arbeidsovereenkomst (art. 7:610a BW). Kantonrechter en hof oordelen na het horen van verschillende getuigen dat ANWB dat rechtsvermoeden heeft
- Civiel recht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad|15 november 2002|ECLI:NL:PHR:2002:AE8463
kantonrechter nam geen arbeidsovereenkomst aan. De rechtbank ging uit van het vermoeden van art. 7:610a BW en achtte dit vermoeden onvoldoende weerlegd. 1.2. De tweede kwestie - waarmee ik straks zal beginnen
- ArbeidsrechtArbeidsrecht. Verrichten van werkzaamheden door uitkeringsgerechtigde op participatieplaats…
Parket bij de Hoge Raad|17 juli 2020|ECLI:NL:PHR:2020:698Aangehaald in 10 uitspraken
partijbedoeling bij de kwalificatie • Definitie arbeidsovereenkomst (5.1-5.7) • Het bewijsvermoeden van art. 7:610a BW (5.8-5.9) • Groen/Schoevers (5.10-5.14) • Groen/Schoevers en de maatschappelijke positie (5.15-5.17) • Verhouding partijbedoeling en feitelijke uitvoering
- Civiel recht overigPensioenrecht. Verzet van stichting thuiszorg tegen dwangbevel van (bedrijfstak)pensioenfonds overeenkomstig…
Parket bij de Hoge Raad|13 juli 2007|ECLI:NL:PHR:2007:BA6231
derden geen beroep kunnen doen op het rechtsvermoeden van een arbeidsovereenkomst in art. 7:610a BW. Om deze reden is ten behoeve van de fiscus en de uitvoeringsinstellingen van de sociale zekerheidswetgeving … tussenarrest, dat PGGM geen beroep toekomt op het rechtsvermoeden in art. 7:610a BW. 2.2 Ik maak voordat ik overga tot behandeling van de cassatiemiddelen enige opmerkingen over de in dit rechtsgeding
- Civiel recht overigArbeidsrecht. Uitleenconstructie. Tussen werknemer en inlener sprake van elkaar opvolgende…
Parket bij de Hoge Raad|24 december 2010|ECLI:NL:PHR:2010:BO5801
Arbeidsrecht. Uitleenconstructie. Tussen werknemer en inlener sprake van elkaar opvolgende arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd waardoor arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd is ontstaan? (art. 81 RO).
- Civiel recht overigArbeidsgeschil over de vraag of na een reeks van overeenkomsten voor bepaalde tijd op grond van art. 7:668a…
Parket bij de Hoge Raad|29 juni 2007|ECLI:NL:PHR:2007:BA2504
oordeel dat in een concreet geval sprake is van een arbeidsovereenkomst; zie ook art. 7:610a BW. In beginsel kan loon ook worden uitgekeerd in een andere vorm dan geld(32). Loon
- ArbeidsrechtArbeidsrecht. Oproepovereenkomst. Rechtsvermoeden arbeidsomvang art. 7:610b BW; vastklikregeling art. 7:628a…
Parket bij de Hoge Raad|11 april 2025|ECLI:NL:PHR:2025:434
flexibiliteit en zekerheid (Wfz). 5.3 Op grond van die wet is in art. 7:610a BW ook een rechtsvermoeden ten aanzien van het bestaan van een arbeidsovereenkomst ingevoerd. Dat rechtsvermoeden geldt indien … bewoordingen ‘bewijs van het tegendeel’ en – ten aanzien van het vermoeden in art. 7:610a BW – ook ‘omkering van de bewijslast’ gebruikt. Maar uit de bewoordingen elders in de parlementaire geschiedenis
- ArbeidsrechtArbeidsrecht. Kwalificeert rechtsverhouding tussen UMCG en beurspromovendi uit een bepaalde periode als…
Parket bij de Hoge Raad|23 augustus 2024|ECLI:NL:PHR:2024:837
Arbeidsrecht. Kwalificeert rechtsverhouding tussen UMCG en beurspromovendi uit een bepaalde periode als arbeidsovereenkomst in de zin van art. 7:610 BW? Besluit experiment promotieonderwijs (Stb. 2016, 3). Reikwijdte art. 7:615 BW (oud) en art. 134 Ambtenarenwet (oud) en (voorgangers) van art. 4.5 WHW. Gevolgen Wnra.
- Burgerlijk procesrechtArbeidsrecht. Procesrecht. Zijn de maaltijdbezorgers van Deliveroo werkzaam op basis van een…
Parket bij de Hoge Raad|17 juni 2022|ECLI:NL:PHR:2022:578Aangehaald in 7 uitspraken
dienst van 17. Bespreking onderdeel 6: Gedurende zekere tijd en het rechtsvermoeden van artikel 7:610a BW 18. Bespreking onderdeel 7: Overige omstandigheden 19. Bespreking onderdeel 8: Conclusie 20. Conclusie 1 Inleiding
- Civiel recht overigArbeidsrecht. Uitzending. Verzoek tot ontbinding arbeidsovereenkomst wegens gewichtige redenen. Bevoegdheid…
Parket bij de Hoge Raad|8 oktober 2010|ECLI:NL:PHR:2010:BN6192
7:610 BW en het vermoeden van art. 7:610a BW miskennen nu aan de elementen van een arbeidsovereenkomst is voldaan. Bovendien zou het hof ook miskennen dat de overeenkomst
- Civiel recht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad|20 september 2002|ECLI:NL:PHR:2002:AE3379
eiser] is ingegaan (rov. 5.5.2). De rechtbank is er in verband met art. 7:610a BW van uitgegaan dat de verhouding tussen [eiser] en Fino wordt vermoed een arbeidsovereenkomst te zijn, zodat
- Civiel recht overigArbeidsovereenkomst. Omvang bedongen arbeid; verzoek vaststelling omvang op grond van rechtsvermoeden art…
Parket bij de Hoge Raad|27 april 2012|ECLI:NL:PHR:2012:BW0017
leggen bij beantwoording van de vraag of sprake is van een arbeidsovereenkomst; zie art. 7:610a BW.(26) Daarvoor geldt m.i. hetgeen onder 3.16.1 werd beoogd gelijkelijk. 3.17 Kort en goed
- Civiel recht overigArbeidsrecht. Moet de gesloten overeenkomst worden aangemerkt als arbeidsovereenkomst of als overeenkomst van…
Parket bij de Hoge Raad|20 november 2009|ECLI:NL:PHR:2009:BJ8840
Arbeidsrecht. Moet de gesloten overeenkomst worden aangemerkt als arbeidsovereenkomst of als overeenkomst van opdracht? (81 R0).
- Civiel recht overigCuraçaose zaak. Arbeidsrecht. Eindigen arbeidsovereenkomst en daaraan “gelieerde” arbeidsovereenkomst…
Parket bij de Hoge Raad|22 maart 2013|ECLI:NL:PHR:2013:BZ5711
gezagsverhouding kon ook niet worden gesproken, zodat van een arbeidsovereenkomst geen sprake was. Artikel 7:610a BW bevat een weerlegbaar rechtsvermoeden voor het bestaan van een arbeidsovereenkomst opgenomen, wat de kwalificatie
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.