106 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigRechtbank Amsterdam · Eerste aanleg - meervoudig · Strafrecht overig
Rechtbank Amsterdam|18 september 2021|ECLI:NL:RBAMS:2021:7664
Toepasselijke wettelijke voorschriften De op te leggen maatregel is gegrond op artikel 36e Sr. 8 Beslissing De rechtbank komt op grond van het voorgaande tot de volgende beslissing. Stelt vast als wederrechtelijk
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigMedeplegen verduistering in dienstbetrekking, ontnemingszaak (216.949,26 euro)
Rechtbank Amsterdam|30 maart 2018|ECLI:NL:RBAMS:2018:2485
vaststellen van het bedrag waarop het wederrechtelijk verkregen voordeel als bedoeld in artikel 36e Sr wordt geschat en het aan [veroordeelde] opleggen van de verplichting tot betaling aan de Staat
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigMedeplegen verduistering in dienstbetrekking, ontnemingszaak (97.053,24 euro)
Rechtbank Amsterdam|30 maart 2018|ECLI:NL:RBAMS:2018:2486
vaststellen van het bedrag waarop het wederrechtelijk verkregen voordeel als bedoeld in artikel 36e Sr wordt geschat en het aan [veroordeelde] opleggen van de verplichting tot betaling aan de Staat
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigontneming na dealen drugs
Rechtbank Amsterdam|17 februari 2021|ECLI:NL:RBAMS:2021:571
bedrag zou veroordeelde aan de Staat moeten betalen. De ontnemingsvordering is gebaseerd op artikel 36e Sr en beoogt het wederrechtelijk verkregen voordeel te ontnemen uit het feit waarvoor veroordeelde in de onderliggende
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigToewijzing vordering ontneming.
Rechtbank Amsterdam|10 juli 2020|ECLI:NL:RBAMS:2020:3400
vaststellen van het bedrag waarop het wederrechtelijk verkregen voordeel als bedoeld in artikel 36e Sr wordt geschat en het aan [verdachte] opleggen van de verplichting tot betaling aan de Staat
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigToewijzing vordering ontneming
Rechtbank Amsterdam|10 juli 2020|ECLI:NL:RBAMS:2020:3398
vaststellen van het bedrag waarop het wederrechtelijk verkregen voordeel als bedoeld in artikel 36e Sr wordt geschat en het aan [verdachte] opleggen van de verplichting tot betaling aan de Staat
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigToewijzing vordering ontneming
Rechtbank Amsterdam|10 juli 2020|ECLI:NL:RBAMS:2020:3403
vaststellen van het bedrag waarop het wederrechtelijk verkregen voordeel als bedoeld in artikel 36e Sr wordt geschat en het aan [verdachte] opleggen van de verplichting tot betaling aan de Staat
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigToewijzing vordering ontneming
Rechtbank Amsterdam|10 juli 2020|ECLI:NL:RBAMS:2020:3404
vaststellen van het bedrag waarop het wederrechtelijk verkregen voordeel als bedoeld in artikel 36e Sr wordt geschat en het aan [verdachte] opleggen van de verplichting tot betaling aan de Staat
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigToewijzing vordering ontneming
Rechtbank Amsterdam|10 juli 2020|ECLI:NL:RBAMS:2020:3401
vaststellen van het bedrag waarop het wederrechtelijk verkregen voordeel als bedoeld in artikel 36e Sr wordt geschat en het aan [verdachte] opleggen van de verplichting tot betaling aan de Staat
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigToewijzing vordering ontneming
Rechtbank Amsterdam|10 juli 2020|ECLI:NL:RBAMS:2020:3399
vaststellen van het bedrag waarop het wederrechtelijk verkregen voordeel als bedoeld in artikel 36e Sr wordt geschat en het aan [verdachte] opleggen van de verplichting tot betaling aan de Staat
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigToewijzing vordering ontneming
Rechtbank Amsterdam|10 juli 2020|ECLI:NL:RBAMS:2020:3405
vaststellen van het bedrag waarop het wederrechtelijk verkregen voordeel als bedoeld in artikel 36e Sr wordt geschat en het aan [verdachte] opleggen van de verplichting tot betaling aan de Staat
- Materieel strafrechtEerste aanleg - meervoudigAfpakken: Ontneming van € 996.926,36 aan wederrechtelijk verkregen voordeel na veroordeling wegens handelen…
Rechtbank Amsterdam|26 januari 2023|ECLI:NL:RBAMS:2023:851
Afpakken: Ontneming van € 996.926,36 aan wederrechtelijk verkregen voordeel na veroordeling wegens handelen in strijd met de Wet wapens en munitie en (het medeplegen van) witwassen van contant geld en luxegoederen.
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigToewijzing vordering ontneming
Rechtbank Amsterdam|10 juli 2020|ECLI:NL:RBAMS:2020:3402
vaststellen van het bedrag waarop het wederrechtelijk verkregen voordeel als bedoeld in artikel 36e Sr wordt geschat en het aan [verdachte] opleggen van de verplichting tot betaling aan de Staat
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigDe rechtbank acht bewezen dat er sprake is van medeplegen van moord, meermalen gepleegd, en medeplegen van…
Rechtbank Amsterdam|29 januari 2013|ECLI:NL:RBAMS:2013:CA4041
De rechtbank acht bewezen dat er sprake is van medeplegen van moord, meermalen gepleegd, en medeplegen van poging tot moord. De rechtbank acht verdachte hiervoor strafbaar en veroordeelt verdachte tot een levenslange gevangenisstraf. (Zie ook ECLI:NL:RBAMS:2013:BY9841, BZ0392, BZ3412, 1289, 1290,1291,1292, 1294, 1295,…
- StrafprocesrechtRekestprocedureKlaagschrift ex art. 552a Sv. Klassiek (94 Sv) en conservatoir beslag (94a Sv) op o.m. merkkleding. Klaagster…
Rechtbank Amsterdam|31 oktober 2025|ECLI:NL:RBAMS:2025:9008
waarheidsvinding, ook wat betreft het aantonen van wederrechtelijk verkregen voordeel als bedoeld in artikel 36e Sr, en het verwijderen uit het maatschappelijk verkeer van voorwerpen waarvan de verbeurdverklaring of onttrekking
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigDe rechtbank acht bewezen dat verdachte strafbaar is voor het medeplegen van moord. De rechtbank veroordeelt…
Rechtbank Amsterdam|29 januari 2013|ECLI:NL:RBAMS:2013:BZ3412
De rechtbank acht bewezen dat verdachte strafbaar is voor het medeplegen van moord. De rechtbank veroordeelt verdachte tot een levenslange gevangenisstraf. (Zie ook ECLI:NL:RBAMS:2013:BY9841, CA4041, BZ0392, 1289, 1290,1291,1292, 1294, 1295, 1296)
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigBedrieglijke bankbreuk bij een rechtspersoon. 1) Als bestuurder in de zin van artikel 343 Wetboek van…
Rechtbank Amsterdam|8 juni 2010|ECLI:NL:RBAMS:2010:BM7567
Bedrieglijke bankbreuk bij een rechtspersoon. 1) Als bestuurder in de zin van artikel 343 Wetboek van Strafrecht kan ook degene worden aangemerkt die zich feitelijk als bestuurder van de vennootschap heeft gedragen (zie bijvoorbeeld HR 3 december 1974, NJ 1975, 229). 2) Niet voldoen aan de wettelijke verplichting de…
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigVerdachte heeft samen met zijn mededaders feitelijk leiding gegeven aan de beleggingsfraude in de zaak Golden…
Rechtbank Amsterdam|11 januari 2010|ECLI:NL:RBAMS:2010:BL0547
Verdachte heeft samen met zijn mededaders feitelijk leiding gegeven aan de beleggingsfraude in de zaak Golden Sun. De beleggers werd een toentertijd stevig, maar niet ongeloofwaardig rendement in het vooruitzicht gesteld. Ook werden op het oog vertrouwenwekkende, maar in werkelijkheid niet bestaande zekerheden…
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigVerdachte heeft samen met zijn mededaders feitelijk leiding gegeven aan de beleggingsfraude in de zaken…
Rechtbank Amsterdam|11 januari 2010|ECLI:NL:RBAMS:2010:BL3880
Verdachte heeft samen met zijn mededaders feitelijk leiding gegeven aan de beleggingsfraude in de zaken Golden Sun en Royal Dubai. De beleggers werd een toentertijd stevig, maar niet ongeloofwaardig rendement in het vooruitzicht gesteld. Ook werden op het oog vertrouwenwekkende, maar in werkelijkheid niet bestaande…
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigDe rechtbank acht bewezen dat er sprake is van het een gewoonte maken van het plegen van witwassen. De…
Rechtbank Amsterdam|29 januari 2013|ECLI:NL:RBAMS:2013:1289
De rechtbank acht bewezen dat er sprake is van het een gewoonte maken van het plegen van witwassen. De rechtbank acht verdachte hiervoor strafbaar en veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf van één jaar en zes maanden. (Zie ook ECLI:NL:RBAMS:2013:BY9841, CA4041, BZ0392, BZ3412, 1290, 1291,1292, 1294, 1295, 1296)
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.