64 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigErfdienstbaarheid. Verjaring. Verkrijgende verjaring. Geen misbruik van bevoegdheid. Uitvoerbaar bij voorraad…
Rechtbank Den Haag|4 februari 2015|ECLI:NL:RBDHA:2015:1178
voorraad verklaard, verweer daartegen slaagt niet. Artikelen 5:48 BW, 5:50 BW, 3:306 BW, 3:307 BW, 3:314 BW, 3:13 BW, 3:99 BW, 3:105 BW … deur omstreeks 2002/2003 is aangebracht. De verjaringstermijn is op grond van artikel 3:306 BW twintig jaar. Die zijn nog niet verstreken sinds 2002/2003. Er is dus geen sprake van verjaring
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigConventie: vordering VvE. Ontvankelijkheidsverweer op basis van nietigheid van het besluit om gedaagde te…
Rechtbank Den Haag|26 maart 2014|ECLI:NL:RBDHA:2014:3727
verkrijging van de eigendom zijdens [Q] door verjaring ex artikel 3:105 jo 3:306 BW; II. [Q] zal veroordelen om binnen 14 dagen na betekening van het ten deze te wijzen … gemeenschappelijke ruimte op grond van verjaring ex artikel 3:105 BW jo 3:306 BW, niet houdbaar is. Voor verjaring is openbaar en ondubbelzinnig bezit van bedoeld deel van de gemeenschappelijke ruimte
- Civiel recht overigBodemzaakEigendom strook grond. Beroep op bevrijdende verjaring slaagt niet. Art. 3:105 BW, art. 3:314 lid 2 BW, art…
Rechtbank Den Haag|21 oktober 2020|ECLI:NL:RBDHA:2020:13596
verjaring slaagt niet. Art. 3:105 BW, art. 3:314 lid 2 BW, art. 3:306 BW, art. 3:107 BW, 3:108 BW. Verlenen van toegang art. 5:56 BW. vonnis … rechthebbende bezitter is geworden. De verjaringstermijn voor zo’n vordering is volgens artikel 3:306 BW twintig jaar. De vraag of op het moment van voltooiing van de verjaring sprake
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigTussenvonnis over vaststelling billijke vergoeding artikel 7 WNR (Wet Naburige Rechten) voor kabeldoorgifte…
Rechtbank Den Haag|24 juli 2013|ECLI:NL:RBDHA:2013:19629
vergoeding als bedoeld in artikel 7 lid 3 WNR is de verjaringstermijn van artikel 3:306 BW (20 jaar) van toepassing. (procedure is na tussenvonnis geschikt). vonnis RECHTBANK DEN HAAG Team handel
- Intellectueel-eigendomsrechtEerste aanleg - enkelvoudigTussenvonnis over vaststelling billijke vergoeding artikel 7 WNR (Wet Naburige Rechten) voor kabeldoorgifte…
Rechtbank Den Haag|24 juli 2014|ECLI:NL:RBDHA:2014:10162
vergoeding als bedoeld in artikel 7 lid 3 WNR is de verjaringstermijn van artikel 3:306 BW (20 jaar) van toepassing. (procedure is na tussenvonnis geschikt). vonnis RECHTBANK DEN HAAG Team handel
- GoederenrechtBodemzaakVerkrijging door extinctieve verjaring - pretentie van eigendom - ontruimingsvordering afgewezen
Rechtbank Den Haag|25 mei 2016|ECLI:NL:RBDHA:2016:5769
sprake is van extinctieve verjaring in de zin van artikel 3:105 BW jo. 3:306 BW. Subsidiair voert hij aan dat sprake is van verkrijgende verjaring in de zin van artikel … BW). Voor die vordering geldt een verjaringstermijn van 20 jaar (artikel 3:306 BW), welke begint met de aanvang van de dag, volgende op die waarop een niet-rechthebbende bezitter is geworden
- VerbintenissenrechtBodemzaakBurengeschil over onder meer de erfgrens van de achtertuinen. Beroep op extinctieve verjaring gedaan…
Rechtbank Den Haag|4 mei 2022|ECLI:NL:RBDHA:2022:3962
erfafscheiding. [gedaagde] is (daarnaast) ex artikel 3:105 jo. 3:314 lid 2 jo. 3:306 BW eigenaar geworden van de strook grond tot aan de werkelijke erfafscheiding. [gedaagde] betwist … recht dat hij ex artikel 3:105 BW jo. 3:314 lid 2 jo. 3:306 BW (extinctieve verjaring) eigenaar is geworden van de strook grond tot aan de werkelijke erfafscheiding, alsmede
- GoederenrechtEerste aanleg - enkelvoudigDrie vonnissen (in de zaken C/09/671764 / HA ZA 24-737, C/09/663662 / HA ZA 24-285 en C/09/669287 / HA ZA…
Rechtbank Den Haag|26 maart 2025|ECLI:NL:RBDHA:2025:5068
Burgerlijk Wetboek (BW) respectievelijk artikel 3:105 lid 1 BW jo. 3:306 BW. [naam 1] is daardoor erfpachter van de strook grond geworden. Subsidiair stelt [naam 1] dat HHSK ex artikel … 3:314 lid 1 BW jo. 3:306 BW geen opheffing meer kan vorderen van een onrechtmatige toestand. 4.3. HHSK voert verweer. HHSK concludeert tot niet-ontvankelijkheid van [naam 1] in haar
- Civiel recht overigBodemzaakVerkrijging van een perceel water door bevrijdende verjaring. Bewijsopdracht.
Rechtbank Den Haag|21 november 2018|ECLI:NL:RBDHA:2018:14171
gestelde onrechtmatige toestand op grond van artikel 3:314 BW in verbinding met artikel 3:306 BW is verjaard en ook om die reden de vorderingen van [eiser c.s.] dienen te worden … Arenborg op verjaring op grond van artikel 3:314 BW in verbinding met artikel 3:306 BW aan de orde. 4.2. Op grond van artikel 3:105 lid 1 BW verkrijgt
- GoederenrechtBodemzaakVerkrijging recht van erfpacht door bevrijdende (extinctieve) verjaring op gronden van een energiecentrale.
Rechtbank Den Haag|10 januari 2024|ECLI:NL:RBDHA:2024:221
grond van de artikelen 3:105 jo. 3:314 lid 2 jo. 3:306 BW als bezitter van het recht van erfpacht ter zake van de Gronden met daarop de Energiecentrale door … grond van artikel 3:105 jo. artikel 3:314 lid 2 jo. artikel 3:306 BW. In deze artikelen is bepaald dat ook bezit niet te goeder trouw tot verkrijging door verjaring
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigGeschil over een erfgrens en het snoeien van een boom. Uiteenzetting van de regeling van verkrijgende…
Rechtbank Den Haag|13 maart 2013|ECLI:NL:RBDHA:2013:BZ6435
opheffing van die toestand gevorderd kan worden. De verjaringstermijn is op grond van artikel 3:306 BW twintig jaar. Voor de voltooiing van de verjaring is benodigd dat de toestand … huidig recht (waarbij dus voor de verjaringstermijn van 20 jaar zoals opgenomen in artikel 3:306 BW meetelt onafgebroken bezit niet te goeder trouw vanaf 1 januari 1973). Verkrijgende verjaring naar
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigBurenrecht. Erfgrensgeschil. Eiser vordert revindicatie van de strook grond die gedaagde in bezit heeft…
Rechtbank Den Haag|19 november 2025|ECLI:NL:RBDHA:2025:22017
artikel 3:99 BW) dan wel bevrijdende verjaring (artikel 3:105 BW jo artikel 3:306 BW) rechthebbende is geworden op de Strook. Bij verkrijgende verjaring geldt dat de bezitter na tien … beroepen op bevrijdende verjaring als bedoeld in artikel 3:105 BW en artikel 3:306 BW. [gedaagde] is daarmee in juli 2021 rechthebbende op de Strook geworden. Aangezien [eiseres] het eigendom
- Civiel recht overigOp tegenspraakOvereenkomst ingebruikneming gemeentegrond achter woning. Revindicatie naar aanleiding van…
Rechtbank Den Haag|21 oktober 2020|ECLI:NL:RBDHA:2020:10551
opheffing van een onrechtmatige toestand onder verwijzing naar artikel 3:314 lid 2 jo. 3:306 BW verjaard en is [gedaagde c.s.] eigenaar geworden van de strook grond. [gedaagde c.s.] concludeert … verkrijging door verjaring leiden. In dat geval geldt ingevolge artikel 3:105 jo. artikel 3:306 BW een verjaringstermijn van 20 jaar. De verjaringstermijn begint te lopen met de aanvang
- Civiel recht overigBodemzaakBevrijdende en verkrijgende verjaring (artikel 3:105 BW en 3:99 BW), inbezitneming door dempen stuk sloot…
Rechtbank Den Haag|19 september 2018|ECLI:NL:RBDHA:2018:16500
3:99 lid 1 BW althans artikel 3:105 lid 1 jo. 3:306 BW, aangezien [gedaagde sub 1 c.s.] de grond niet op ondubbelzinnige wijze gedurende een aaneengesloten periode van tien … wordt voltooid. De in artikel 3:105 BW bedoelde verjaringstermijn bedraagt twintig jaar (artikel 3:306 BW). 4.6. Voor verkrijging van de stukken grond door verjaring is dus in de eerste plaats
- GoederenrechtBodemzaakBeroep op bevrijdende verjaring (art. 3:105 BW) van een strook gemeentegrond. In deze zaak speelt onder meer…
Rechtbank Den Haag|31 maart 2021|ECLI:NL:RBDHA:2021:3160
centraal of de wettelijke verjaringstermijn van artikel 3:105 BW in samenhang met artikel 3:306 BW van 20 jaar is voltooid. Om die vraag te beantwoorden, moet worden beoordeeld of [eiser … bevrijdende verjaring in de zin van artikel 3:105 BW in samenhang met artikel 3:306 BW is vereist dat sprake is van (i) 20 jaar lang (ii) bezit, (iii) zonder
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigBurenrecht. Geschil over een steiger die deels doorloopt op het naastgelegen kadastrale perceel. Gedaagde…
Rechtbank Den Haag|6 augustus 2025|ECLI:NL:RBDHA:2025:14813
Burenrecht. Geschil over een steiger die deels doorloopt op het naastgelegen kadastrale perceel. Gedaagde stelt door verjaring eigenaar te zijn geworden van het perceelsgedeelte onder en bij de steiger, dan wel dat het door verjaring is bezwaard met een opstalrecht, dan wel met een erfdienstbaarheid. Bewijsopdracht.
- Civiel recht overigKort gedingKort geding. Eigendom van strook grond. Verjaring, inbezitname.
Rechtbank Den Haag|21 december 2021|ECLI:NL:RBDHA:2021:15219
onafgebroken periode van twintig jaren (artikel 3:105 BW in combinatie met 3:306 BW). 3.3. Niet in geschil is dat de situatie zoals die nu is (zie ook de foto
- GoederenrechtEerste aanleg - enkelvoudigDrie vonnissen (in de zaken C/09/671764 / HA ZA 24-737, C/09/663662 / HA ZA 24-285 en C/09/669287 / HA ZA…
Rechtbank Den Haag|26 maart 2025|ECLI:NL:RBDHA:2025:5036
verkrijgt dat goed door bevrijdende verjaring (artikel 3:105 lid 1 BW jo artikel 3:306 BW). De verjaringstermijn begint te lopen op de dag na de dag waarop de inbezitneming heeft
- GoederenrechtEerste aanleg - enkelvoudigBurenrecht. Erfgrensgeschil. Verkrijgende verjaring. Tussenvonnis waarin gedaagde in de gelegenheid wordt…
Rechtbank Den Haag|29 oktober 2025|ECLI:NL:RBDHA:2025:20645
twintig jaar op grond van bevrijdende verjaring rechthebbende (artikel 3:105 BW jo artikel 3:306 BW). De vraag of sprake is van bezit moet worden beoordeeld naar de verkeersopvattingen op grond
- Civiel recht overigBodemzaakerfrecht; geen verjaring ten aanzien van een vordering op een gemeenschap.
Rechtbank Den Haag|23 december 2015|ECLI:NL:RBDHA:2015:15609
nalatenschap. De zonen stellen echter dat die vordering is verjaard op grond van artikel 3:306 BW. 4.7. De rechtbank overweegt in dit verband dat de verhouding van partijen binnen een gemeenschap
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.