9 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigKort gedingKort geding ex art. 254 Rv. Ontslag op staande voet statutair bestuurder. Werkgever heeft het bestaan van een…
Rechtbank Oost-Brabant|10 mei 2022|ECLI:NL:RBOBR:2022:1959
Kort geding ex art. 254 Rv. Ontslag op staande voet statutair bestuurder. Werkgever heeft het bestaan van een dringende reden in de zin van artikel 7:677 lid 1 BW niet, althans
- Civiel recht overigKort gedingKort geding. Vordering waarvoor toepassing van lijfsdwang wordt verzocht is reeds voldaan en onvoldoende…
Rechtbank Oost-Brabant|5 augustus 2020|ECLI:NL:RBOBR:2020:3885
deze rechtsingang is een nadere boordeling van de spoedeisendheid in de zin van artikel 254 Rv niet meer nodig. 4.2. Ingevolge artikel 585, aanhef en onder b, Rv kan de rechter
- Civiel recht overigBodemzaakKort geding; vordering verbod op wijziging leveringstarieven voor energie en gas; afwijzing, geen spoedeisend…
Rechtbank Oost-Brabant|8 december 2022|ECLI:NL:RBOBR:2022:5400
moet [eiser] een spoedeisend belang hebben bij het treffen van de gevorderde voorziening. Uit artikel 254 Rv volgt immers dat de voorzieningenrechter alleen in spoedeisende zaken waarin, gelet op de belangen
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigkwalificatie huur- of pachtovereenkomst/beoogd gebruik
Rechtbank Oost-Brabant|10 april 2014|ECLI:NL:RBOBR:2014:1544
mogelijkheid tot het verkrijgen van een voorlopige voorziening in kort geding uit hoofde van art. 254 Rv. onverlet. Dit betekent dat naast de pachtrechter ook de kantonrechter als voorzieningenrechter bevoegd
- Civiel recht overigKort gedingKort geding. Aanbesteding
Rechtbank Oost-Brabant|21 september 2018|ECLI:NL:RBOBR:2018:4647
eenmaal geen taak voor de kort geding rechter. De bevoegdheid voor een voorzieningenrechter ex artikel 254 Rv. om in spoedeisende zaken onmiddellijke voorzieningen bij voorraad te geven is in de dagelijkse praktijk
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigIs het (voorgenomen) besluit tot schorsing en ontslag van de directeur van de onderneming een besluit dat…
Rechtbank Oost-Brabant|18 november 2015|ECLI:NL:RBOBR:2015:6594
medezeggenschapsrechtelijke bevoegdheden geldend kunnen maken en dient, in het geval aan de vereisten van art. 254 Rv is voldaan, ook toegang te hebben tot de kort gedingrechter. Omdat de OR procesbevoegdheid heeft
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigIE-zaak. Partijen maken over en weer inbreuk op elkaars auteursrechten. Belangenafweging
Rechtbank Oost-Brabant|20 september 2017|ECLI:NL:RBOBR:2017:4944
teamwork' en daarmee dus co-auteurschap en derhalve gezamenlijke auteursrechten. 5.10. Ingevolge artikel 254 Rv dient de voorzieningenrechter in kort geding de belangen af te wegen. Gelet op het feit dat beide
- Civiel recht overigKort gedinggaat over reële executie van een perceel op een bedrijventerrein in Zaltbommel. De gemeente wordt veroordeeld…
Rechtbank Oost-Brabant|11 april 2023|ECLI:NL:RBOBR:2023:1645
over de vorderingen van [eiseres] te oordelen. 4.2. Het in het kader van artikel 254 Rv vereiste spoedeisend belang vloeit genoegzaam voort uit de aard van de vordering en uit hetgeen
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigGeschil over distributieovereenkomst tussen Bavaria en de (Ierse) exclusieve distributeur van…
Rechtbank Oost-Brabant|29 december 2016|ECLI:NL:RBOBR:2016:7220
Geschil over distributieovereenkomst tussen Bavaria en de (Ierse) exclusieve distributeur van Bavariaproducten in Ierland.
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.