Zoekresultaten

Voor “"6:193a BW"”

Naar resultaten Uitgebreid zoeken

1 uitspraak gevonden

Sorteer op: Relevantie
  • VerbintenissenrechtEerste aanleg - enkelvoudig
    Dwaling. Reflexwerking wet oneerlijke handelspraktijken? Dwingend bewijskracht schriftelijke overeenkomst.

    Rechtbank Oost-Brabant13 maart 2014ECLI:NL:RBOBR:2014:971

    beroep toe op de Wet op de Oneerlijke Handelspraktijken, zoals neergelegd in de artikelen 6:193a BW en verder. 4.2. Omtrent het beroep op – kort gezegd – de Wet oneerlijke handelspraktijken overweegt … worden gebruikt. [gedaagde] kan dus niet worden gekwalificeerd als “consument” als genoemd in artikel 6:193a BW. Ten aanzien van de bescherming van kleine ondernemingen zijn Kamervragen gesteld. Uit de Nadere Memorie

Zoektips

Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.