8 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigTrefwoorden bij Lomax-JOUW: opeisbaarheid prestatie uit overeenkomst van geldlening, verbintenis onvoldoende…
Rechtbank Overijssel|24 juni 2020|ECLI:NL:RBOVE:2020:2252
JOUW: opeisbaarheid prestatie uit overeenkomst van geldlening, verbintenis onvoldoende bepaald c.q. bepaalbaar (ex art. 6:227 BW) ter zake de opeisbaarheid, geen directe opeisbaarheid (art. 7:129e BW), aanvulling (ex art. 6 … anderszins objectief beoordeeld, de bepaalbaarheid van de verbintenis in zoverre evenmin is gegeven (artikel 6:227 BW). 5.3. JOUW heeft op haar beurt ter onderbouwing van haar standpunt dat partijen zouden hebben
- Civiel recht overigKort gedingGeen overeenstemming over koopprijs aandelen en dus geen koopovereenkomst. Ook geen plicht tot dooronderhandeling.
Rechtbank Overijssel|8 juni 2021|ECLI:NL:RBOVE:2021:2387
overeenkomst noodzakelijk dat de verbintenissen die partijen op zich nemen, bepaalbaar zijn (artikel 6:227 BW). Dat betekent dat de leemten die de overeenkomst vertoont, moeten kunnen worden opgevuld met behulp … Indien dat niet het geval is, is niet voldaan aan het bepaalbaarheidsvereiste van artikel 6:227 BW en kan van een koopovereenkomst geen sprake zijn. De primair gevorderde betaling van de koopprijs
- Civiel recht overigKort gedingABC-constructie m.b.t. levering perceel grond. Geen (perfecte) koopovereenkomst tussen A en B en (dus) geen…
Rechtbank Overijssel|17 mei 2021|ECLI:NL:RBOVE:2021:1964
overeenkomst noodzakelijk dat de verbintenissen die partijen op zich nemen, bepaalbaar zijn (artikel 6:227 BW). Dat betekent dat de leemten die de overeenkomst vertoont, moeten kunnen worden opgevuld met behulp … Indien dat niet het geval is, is niet voldaan aan het bepaalbaarheidsvereiste van artikel 6:227 BW en kan van een koopovereenkomst geen sprake zijn. De gevorderde doorlevering van het perceel heeft
- Civiel recht overigKort gedingDe voorzieningenrechter oordeelt dat partijen geen koopovereenkomst hebben gesloten, maar een overeenkomst…
Rechtbank Overijssel|1 mei 2015|ECLI:NL:RBOVE:2015:2209
zonder die essentialia komt, bij gebreke van voldoende bepaalbaarheid, geen overeenkomst tot stand (artikel 6:227 BW). Uit het arrest van de Hoge Raad van 2 februari 2001 (NJ 2001, 179) volgt
- Civiel recht overigEerste aanleg - meervoudigRomulus en Daw hebben onderhandelingen gevoerd over de verkoop en levering van een boxencomplex in Almelo…
Rechtbank Overijssel|29 mei 2024|ECLI:NL:RBOVE:2024:2812
Romulus en Daw hebben onderhandelingen gevoerd over de verkoop en levering van een boxencomplex in Almelo. Tussen partijen is in geschil of deze onderhandelingen hebben geresulteerd in een (romp)overeenkomst. Naar het oordeel van de rechtbank bestaat er tussen Romulus en Daw geen overeenstemming over alle essentialia,…
- Civiel recht overigEerste aanleg - meervoudigContractenrecht. Onvoorziene omstandigheden? In de hoofdzaak: de gesloten overeenkomst is naar het oordeel…
Rechtbank Overijssel|18 november 2020|ECLI:NL:RBOVE:2020:3991
Contractenrecht. Onvoorziene omstandigheden? In de hoofdzaak: de gesloten overeenkomst is naar het oordeel van de rechtbank een zelfstandige en volwaardige overeenkomst. Vorderingen afgewezen. In incident: door eisers verzochte voorlopige voorzieningen afgewezen nu deze slechts kunnen gelden voor de duur van het…
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigPartijen hebben onderhandeld over de overname van eiseres b.v. (al dan niet in de vorm van een…
Rechtbank Overijssel|24 januari 2024|ECLI:NL:RBOVE:2024:408
Partijen hebben onderhandeld over de overname van eiseres b.v. (al dan niet in de vorm van een activatransactie). De kern van het geschil is de vraag of er een bindende overeenkomst tussen partijen tot stand is gekomen. Eiseres vordert namelijk primair nakoming van de (gestelde) overeenkomst van 12 oktober 2023.…
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigDeze zaak betreft een geschil tussen twee professionele partijen over de nakoming van een tussen hen gesloten…
Rechtbank Overijssel|21 mei 2025|ECLI:NL:RBOVE:2025:3228
Deze zaak betreft een geschil tussen twee professionele partijen over de nakoming van een tussen hen gesloten erfpachtovereenkomst (en daarmee samenhangende overeenkomsten) en de akte uitgifte erfpacht. RBT vordert in conventie nakoming daarvan in de zin dat zij betaling van (het restant van) de verschuldigde…
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.