134 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigKort gedingKort geding - beroep op recht van eerste koop. Vordering tot het overleggen van stukken toegewezen.
Rechtbank Rotterdam|14 september 2021|ECLI:NL:RBROT:2021:9366
nader ingegaan. 4. De beoordeling Ten aanzien van de spoedeisendheid van de zaak 4.1. Artikel 254 Rv bepaalt dat de voorzieningenrechter in spoedeisende zaken waarin, gelet op de belangen van partijen
- Civiel recht overigKort gedingKort geding. Geschil tussen ex-partners. Vordering tot ontruiming. Aannemelijk dat sprake is van een…
Rechtbank Rotterdam|31 januari 2019|ECLI:NL:RBROT:2019:803
eventuele bodemprocedure, en na een afweging van de wederzijdse belangen, op de voet van artikel 254 Rv de gevraagde voorziening worden getroffen. 5.6. De voorzieningenrechter begrijpt uit het betoog van [eiseres
- Personen- en familierechtBeschikkingVordering nakoming afspraak over verhuizing in ouderschapsplan afgewezen; uitleg ouderschapsplan over daarin…
Rechtbank Rotterdam|11 april 2025|ECLI:NL:RBROT:2025:4918
hierna, voor zover van belang, nader ingegaan. 5 De beoordeling in conventie Ontvankelijkheid 5.1. Artikel 254 Rv bepaalt dat in alle spoedeisende zaken waarin, gelet op de belangen van partijen, een onmiddellijke
- Civiel recht overigKort gedingKort geding, vordering in conventie tot gebruik voormalig echtelijke voorlopig woning toegewezen, vordering…
Rechtbank Rotterdam|2 juli 2021|ECLI:NL:RBROT:2021:7897
wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan. 5. De beoordeling in conventie 5.1. Artikel 254 Rv bepaalt dat de voorzieningenrechter in spoedeisende zaken waarin, gelet op de belangen van partijen
- Civiel recht overigKort gedingKort geding – Rectificatie uitlatingen op internet
Rechtbank Rotterdam|9 december 2021|ECLI:NL:RBROT:2021:13408
belang, nader ingegaan. 4. De beoordeling 4.1. De voorzieningenrechter is op grond van artikel 254 Rv in alle spoedeisende zaken waarin, gelet op de belangen van partijen, een onmiddellijke voorziening bij voorraad
- Civiel recht overigKort gedingKort geding - vordering art. 843a Rv afgewezen. Eiser heeft voldoende om een verzoek tot tussentijdse…
Rechtbank Rotterdam|21 april 2023|ECLI:NL:RBROT:2023:4142
partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan. 4 De beoordeling 4.1. Artikel 254 Rv bepaalt dat de voorzieningenrechter in spoedeisende zaken waarin, gelet op de belangen van partijen, een onmiddellijke
- Civiel recht overigKort gedingKort geding - vordering tot rectificatie afgewezen. Onvoldoende aannemelijk dat gedaagde met haar uitlatingen…
Rechtbank Rotterdam|6 april 2022|ECLI:NL:RBROT:2022:3868
belang, nader ingegaan. 4. De beoordeling 4.1. De voorzieningenrechter is op grond van artikel 254 Rv in alle spoedeisende zaken waarin, gelet op de belangen van partijen, een onmiddellijke voorziening bij voorraad
- Civiel recht overigKort gedingKort geding. Executiegeschil over een bodemvonnis m.b.t. een buitengerechtelijk vernietigde koopovereenkomst…
Rechtbank Rotterdam|21 februari 2020|ECLI:NL:RBROT:2020:2887
partijen wordt hierna ingegaan. 4. De beoordeling De spoedeisendheid van de zaak 4.1. Artikel 254 Rv bepaalt dat de voorzieningenrechter in spoedeisende zaken waarin, gelet op de belangen van partijen, een onmiddellijke
- VerbintenissenrechtKort gedingGedaagde moet medewerking verlenen voor exclusief gebruik van complex door eiseres
Rechtbank Rotterdam|5 april 2023|ECLI:NL:RBROT:2023:3307
voorzieningenrechter van de rechtbank om een onmiddellijke voorziening bij voorraad als bedoeld in artikel 254 Rv te verkrijgen (artikel 1022a Rv). De voorzieningenrechter verklaart zich evenwel uitsluitend bevoegd als de gevraagde beslissing
- Civiel recht overigKort gedingBewijsbeslag. Bedrijfsgeheimen. artikel 39 lid 2 TRIPs. Artikel 843a Rv. Opheffen beslag.
Rechtbank Rotterdam|12 oktober 2015|ECLI:NL:RBROT:2015:7636
Bewijsbeslag. Bedrijfsgeheimen. artikel 39 lid 2 TRIPs. Artikel 843a Rv. Opheffen beslag
- Personen- en familierechtKort gedingNiet ontvankelijkheid eiser in conventie wegens niet naleven verplichte procesvertegenwoordiging. In…
Rechtbank Rotterdam|2 juli 2024|ECLI:NL:RBROT:2024:6411
Verplichte procesvertegenwoordiging Verplichte procesvertegenwoordiging in kort geding 5.1. Een kort geding voor de voorzieningenrechter (artikel 254 Rv) is een dagvaardingszaak. Volgens de hoofdregel van artikel 79, tweede lid, Rv, geldt bij dagvaardingszaken
- Civiel recht overigKort gedingKort geding. Toewijzing van vordering die strekt tot verwijdering van gegevens uit het Incidentenregister van…
Rechtbank Rotterdam|6 januari 2020|ECLI:NL:RBROT:2020:211
partijen wordt hierna ingegaan. 4 De beoordeling De spoedeisendheid van de zaak 4.1. Artikel 254 Rv bepaalt dat de voorzieningenrechter in spoedeisende zaken waarin, gelet op de belangen van partijen, een onmiddellijke
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigHerkrijgen controle schip. Terugvaren naar thuishaven, afgifte. Opheffen beslag.
Rechtbank Rotterdam|3 december 2013|ECLI:NL:RBROT:2013:9864
genoemde wetsbepaling niet vereist. In zoverre is zij een lex specialis ten opzichte van artikel 254 Rv. Bovendien heeft [gedaagden] het spoedeisend belang niet betwist. 4.2. De inzet van dit kort geding
- Civiel recht overigKort gedingKort geding – vordering tot ontruiming van vakantiepark toegewezen. Partijen hebben na overlast een…
Rechtbank Rotterdam|7 juni 2022|ECLI:NL:RBROT:2022:7094
partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan. 4. De beoordeling 4.1. Artikel 254 Rv bepaalt dat de voorzieningenrechter in spoedeisende zaken waarin, gelet op de belangen van partijen, een onmiddellijke
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigKort geding. Vordering tot nakoming van een overeenkomst over het (laten) vervoeren van postpakketten…
Rechtbank Rotterdam|12 maart 2019|ECLI:NL:RBROT:2019:2593
hierna ingegaan. 4 De beoordeling Ten aanzien van de spoedeisendheid van de zaak 4.1. Artikel 254 Rv bepaalt dat de voorzieningenrechter in spoedeisende zaken waarin, gelet op de belangen van partijen
- ArbeidsrechtKort gedingVonnis in kort geding. Vordering tot schorsing concurrentiebeding grotendeels afgewezen.
Rechtbank Rotterdam|1 februari 2022|ECLI:NL:RBROT:2022:1162
samengevat - voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad, als voorziening(en) in de zin van artikel 254 Rv: a. a) Primair: dat art. 14 van de arbeidsovereenkomst, het concurrentiebeding wordt geschorst, b) Subsidiair
- Civiel recht overigKort gedingKort geding – Koopovereenkomst naar voorlopig oordeel niet rechtsgeldig ontbonden door beroep op…
Rechtbank Rotterdam|14 augustus 2020|ECLI:NL:RBROT:2020:13080
belang, nader ingegaan. 4. De beoordeling Ten aanzien van het spoedeisend belang 4.1. Artikel 254 Rv bepaalt dat de voorzieningenrechter in spoedeisende zaken waarin, gelet op de belangen van partijen, een onmiddellijke
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigBeroepsfout advocaat. Cliënten geïnformeerd over ontbreken uitvoerbaar-bij-voorraad-verklaring in…
Rechtbank Rotterdam|1 september 2021|ECLI:NL:RBROT:2021:8685
aard van een kortgedingprocedure ligt immers besloten dat de getroffen voorziening spoedeisend is (artikel 254 Rv). Waar een dergelijke “onmiddellijke voorziening bij voorraad” vereist is, ligt niet voor de hand
- ArbeidsrechtKort gedingKort geding. Vordering vrijstelling van werk met behoud van loon toegewezen. Werkgever stopt activiteiten en…
Rechtbank Rotterdam|26 februari 2020|ECLI:NL:RBROT:2020:1674
nemen. Ten aanzien van het spoedeisend belang 4.2. De voorzieningenrechter is op grond van artikel 254 Rv in alle spoedeisende zaken waarin, gelet op de belangen van partijen, een onmiddellijke voorziening
- Civiel recht overigKort gedingKort geding – rectificatie kredietrapportages en geldvordering. Vorderingen worden afgewezen niet aannemelijk…
Rechtbank Rotterdam|22 juni 2021|ECLI:NL:RBROT:2021:7866
beoordeling Ten aanzien van het spoedeisend belang 4.1. De voorzieningenrechter is op grond van artikel 254 Rv in alle spoedeisende zaken waarin, gelet op de belangen van partijen, een onmiddellijke voorziening
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.