58 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigSchadevergoeding uit onrechtmatige daad. Bank heeft er recht op en belang bij om ter verkrijging van een…
Rechtbank Rotterdam|24 april 2013|ECLI:NL:RBROT:2013:CA2737
haar schade op gedaagde te kiezen voor de procedure bij de burgerlijke rechter (art . 3:296 BW). Noch uit artikel 36e Sr noch uit artikel 557, tweede lid Sv volgt dat gedaagde … aard van de verplichting of uit een rechtshandeling iets anders volgt (3:296 BW). Nu vaststaat dat [gedaagde] (in beginsel) verplicht is schadevergoeding aan de Bank te betalen, heeft de Bank
- GoederenrechtEerste aanleg - enkelvoudigVVE zaak. Nakoming splitsings- en huishoudelijk reglement. Verbod op short stay verhuur met boetebepaling…
Rechtbank Rotterdam|10 april 2024|ECLI:NL:RBROT:2024:3278
boetes is voldaan. Wel grond voor een veroordeling op grond van artikel 3:296 BW, ertoe strekkende dat gedaagde zijn appartementen niet (langer) voor short stay mag verhuren, op straffe
- VerbintenissenrechtKort gedingKort geding. Inzagevordering wordt op de primaire en subsidiaire grondslag afgewezen. Bij de gevorderde…
Rechtbank Rotterdam|8 mei 2025|ECLI:NL:RBROT:2025:5688
heeft als grondslag primair de verplichting tot nakoming ex artikel 3:296 BW, welke verplichting voortvloeit uit artikel 40 lid 6 van het Splitsingsreglement, en subsidiair ex artikel 194 Rv. Het bestuur … haar vordering tot inzage in dit kort geding primair grondt op nakoming ex artikel 3:296 BW van de verplichting voortvloeiend uit artikel 40 lid 6 van het Splitsingsreglement en subsidiair
- Civiel recht overigEerste aanleg - meervoudigIE-geschil wodkamerken - wie is rechthebbende? Overgang tijdens uiteenvallen Sovjet-Unie - ruimte na appel en…
Rechtbank Rotterdam|25 maart 2015|ECLI:NL:RBROT:2015:2044Aangehaald in 7 uitspraken
IE-geschil wodkamerken - wie is rechthebbende? Overgang tijdens uiteenvallen Sovjet-Unie - ruimte na appel en cassatie tussenvonnis.
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudig‘Erfgrensgeschil, verwijdering overbouw, verwijzing naar handelskamer’.
Rechtbank Rotterdam|3 juni 2022|ECLI:NL:RBROT:2022:4514
maken daarmee een inbreuk op het eigendomsrecht van [eisers] vorderen op grond van artikel 3:296 BW opheffing van de onrechtmatige toestand, althans op grond van artikel 5:2 BW revindicatie. Daarnaast … volgens de erfgrensreconstructies op het perceel van [gedaagden] is gelegen, op grond van artikel 3:296 BW, althans op grond van artikel 5:2 BW te verwijderen. 2.5. [gedaagden] hebben zich voor
- ArbeidsrechtBeschikkingSpoorwisselbeschikking. Loonvordering.
Rechtbank Rotterdam|14 juni 2024|ECLI:NL:RBROT:2024:5547
namelijk dat Oostwings wordt veroordeeld om verplichtingen uit de arbeidsovereenkomst na te komen (artikel 3:296 BW). Zo’n procedure moet worden gestart door een dagvaarding, omdat niet uit de wet blijkt
- Burgerlijk procesrechtBeschikkingSpoorwisselbeschikking. Werknemer beroept zich feitelijk op nakoming van de arbeidsovereenkomst. Dat moet in…
Rechtbank Rotterdam|9 januari 2026|ECLI:NL:RBROT:2026:128
verzoekster] komen er op neer dat zij eist dat Meditime de arbeidsovereenkomst nakomt (artikel 3:296 BW). Uit de wet blijkt niet dat [verzoekster] dit met een verzoekschrift kan vragen. Daarom moet
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigBevoegdheidsincident in verband met forumkeuze. Artikel 108 lid 1 Rv. In de forumkeuze is niet specifiek voor…
Rechtbank Rotterdam|16 juni 2021|ECLI:NL:RBROT:2021:5163
BW. BT Trains vordert nakoming van de overeenkomst op grond van artikel 3:296 BW. 3. Het geschil en de beoordeling in het incident 3.1. Captrain vordert dat de rechtbank zich
- VerbintenissenrechtEerste aanleg - enkelvoudigTussenvonnis. Mondelinge behandeling, om te bespreken wie verantwoordelijk is voor het monteren van de radiator.
Rechtbank Rotterdam|23 januari 2026|ECLI:NL:RBROT:2026:919
BW). Hij moet dan de koopprijs gewoon betalen (artikel 6:54 onder a en 3:296 BW). Is Molenhuys verantwoordelijk voor het monteren van de radiator? 2.6. Volgens [gedaagde] is Molenhuys verantwoordelijk
- VerbintenissenrechtEerste aanleg - enkelvoudigDagvaarding is geldig, ondanks gebrek. Artikel 120 en 122 Rv. Tekortkoming in nakoming staat niet vast. Eis…
Rechtbank Rotterdam|13 september 2024|ECLI:NL:RBROT:2024:8903
factuur van € 1.629,87 (3 x € 449 + 21% btw) in principe betalen (artikel 3:296 BW). 2.6. Iemms vindt dat TPM de overeenkomst niet goed is nagekomen. TPM heeft dit betwist
- VerbintenissenrechtKort gedingKG. Vordering tot nakoming echtscheidingsconvenant door het verlaten van de gezamenlijke huurwoning, het…
Rechtbank Rotterdam|6 oktober 2023|ECLI:NL:RBROT:2023:9283
vrouw legt aan haar vorderingen ten grondslag dat de man op grond van artikel 3:296 BW het Convenant dient na te komen. 3.3. De man concludeert tot afwijzing van de vorderingen
- VerbintenissenrechtEerste aanleg - enkelvoudigHuur opslagruimte. Huurachterstand en rente toegewezen. Overeenkomst is al opgezegd, daarom geen ontbinding…
Rechtbank Rotterdam|20 september 2024|ECLI:NL:RBROT:2024:9301
moet dat bedrag in principe betalen op basis van de overeenkomst (artikel 3:296 BW). 2.4. [persoon B] heeft aangevoerd dat zij de sleutel kwijt is geraakt en dat zij daardoor
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigKort geding. Afgifte van medisch dossier. Niet-ontvankelijkverklaring. Procedure is ingeleid met een…
Rechtbank Rotterdam|23 maart 2026|ECLI:NL:RBROT:2026:3605
niet aan de verplichting tot inzage en afschrift voldoet, kan de hulpverlener ingevolge artikel 3:296 BW worden veroordeeld tot nakoming daarvan. Een dergelijke veroordeling kan echter niet worden uitgesproken
- VerbintenissenrechtEerste aanleg - enkelvoudigTandarts eist betaling van techniek- en materiaalkosten Invisalign. Bewijsopdracht. Hebben partijen…
Rechtbank Rotterdam|23 juni 2023|ECLI:NL:RBROT:2023:5500
akkoord gegaan met de aangepaste begroting. Dental Network vordert op grond van artikel 3:296 BW nakoming van de overeenkomst in de vorm van betaling van de openstaande factuur van 2 februari
- Personen- en familierechtKort gedingkort geding: nakoming ouderschapsplan mbt schoolkeuze en verhuizing minderjarige
Rechtbank Rotterdam|29 april 2024|ECLI:NL:RBROT:2024:4325
laten, wordt hij daartoe op vordering veroordeeld door de rechter (artikel 3:296 BW). Het is aan de gedaagde om verweren aan te voeren om van deze hoofdregel af te wijken. Geldigheid
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigvordering betaling facturen, overeenkomst van opdracht, juridische werkzaamheden, zorgplicht niet geschonden
Rechtbank Rotterdam|18 november 2022|ECLI:NL:RBROT:2022:11982
overeenkomst van opdracht is gestuurd. Daarom dient [gedaagde01] op grond van art. 3:296 BW te worden veroordeeld tot betaling van de factuur. [eiseres01] maakt ook aanspraak op rente en de kosten
- Civiel recht overigKort gedingKort geding. Nakoming vaststellingsovereenkomst. Toewijzing. Geen sprake van schuldeisersverzuim.
Rechtbank Rotterdam|8 juli 2026|ECLI:NL:RBROT:2026:8980
belang overigens ook niet betwist. Het toetsingskader 5.2. [eiser] vordert op grond van artikel 3:296 BW nakoming van een overeenkomst. Bij een vordering tot nakoming moet de voorzieningenrechter zich richten naar
- Personen- en familierechtBeschikkingAutomatisch ontstaan terugbetalingsverplichting van te veel betaalde voorlopige partnerbijdrage wanneer de…
Rechtbank Rotterdam|15 april 2026|ECLI:NL:RBROT:2026:6928
geldbedrag door de man aan de vrouw. De grondslag hiervoor is gelegen in artikel 3:296 BW. Dit artikel spreekt over ‘op vordering’ en dat zou betekenen dat de vrouw de zaak
- Civiel recht overigBeschikkingOvereenkomst met betrekking tot einde arbeidsovereenkomst tot stand gekomen? Essentialia…
Rechtbank Rotterdam|5 april 2022|ECLI:NL:RBROT:2022:3654
aanbod van [persoon A] te aanvaarden. [bedrijf B] moet op grond van artikel 3:296 BW de overeenkomst nakomen. 3.2.2. Het ontslag op staande voet is niet gebaseerd op een dringende reden
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigDe voorliggende vraag is of (de rechtsvoorganger van) Sparta het bezit van het schilderij heeft prijsgegeven…
Rechtbank Rotterdam|22 februari 2011|ECLI:NL:RBROT:2011:BP5372
haar hoedanigheid van eigenares van het schilderij, mede gelet op artikel 3:296 BW, recht heeft op revindicatie daarvan. Daarnaast handelt [gedaagde] volgens Sparta onrechtmatig jegens Sparta door informatie over het schilderij
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.