Zoekresultaten

Voor “"2:248 BW"”

Naar resultaten Uitgebreid zoeken

21 uitspraken gevonden

Sorteer op: Relevantie
  • Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudig
    Afwijzing vordering wettelijke rente bij veroordeling van bestuurder op de voet van art. 2:248 BW, nu het…

    Rechtbank Utrecht15 februari 2012ECLI:NL:RBUTR:2012:BW0733

    Afwijzing vordering wettelijke rente bij veroordeling van bestuurder op de voet van art. 2:248 BW, nu het berekenen van wettelijke rente over het uiteindelijke tekort zou betekenen dat na het verbindend … worden van de slotuitdelingslijst nog vermogen zou resteren en art. 2:248 BW daarvoor geen grondslag biedt (r.o. 3.2). Ook afwijzing van de vordering tot vergoeding van de proceskosten bij gebrek

  • Civiel recht overigEerste aanleg - meervoudig
    Artikel 2:248 BW. Bestuurders niet aansprakelijk.

    Rechtbank Utrecht9 november 2011ECLI:NL:RBUTR:2011:BU4413

    Artikel 2:248 BW. Bestuurders niet aansprakelijk. vonnis RECHTBANK UTRECHT Sector handel en kanton Handelskamer zaaknummer / rolnummer: 219029 / HA ZA 06-2213 Vonnis in hoofdzaak van 9 november 2011 in de zaak … bepalend is, alsook dat schending van dat strengere voorschrift onder de werking van artikel 2:248 BW valt, ook dan de vordering van de curator faalt. De rechtbank overweegt daartoe ten aanzien

  • InsolventierechtEerste aanleg - enkelvoudig
    Pailianeus handelen? Ja door rechtshandelingen vielen gelden onder pandrecht bank. Art 42 jo 43Fw art 2:248…

    Rechtbank Utrecht19 maart 2008ECLI:NL:RBUTR:2008:BC7222

    verkoop van de auto, zij hun taken in de zin van artikel 2:248 BW kennelijk onbehoorlijk hebben vervuld. Op grond van lid 7 van artikel 2:248 BW zijn zowel [gedaagde

  • Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudig
    Aansprakelijkheid commissaris 2:248 juncto 2:259 of 2:9 of 6:162 enkel omdat hij faillissement aanvraagt…

    Rechtbank Utrecht31 januari 2007ECLI:NL:RBUTR:2007:AZ7840

    tekort van de boedel dat na vereffening zal resteren, primair op grond van artikel 2:248 BW dat krachtens artikel 2:259 BW van overeenkomstige toepassing is op commissarissen. Subsidiair acht … taak als commissaris (kennelijk) onbehoorlijk heeft vervuld – uitgaande van het bepaalde in de artikelen 2:248 BW en 2:9 BW, dan wel dat hij onrechtmatig heeft gehandeld jegens de gezamenlijke crediteuren

  • Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudig
    Bestuurdersaansprakelijkheid. Curator heeft reeds gemaakt dat onbehoorlijke bestuur een oorzaak van het…

    Rechtbank Utrecht16 november 2011ECLI:NL:RBUTR:2011:BU5318

    legt de curator, kort gezegd, het bepaalde ten grondslag in primair art. 2:248 BW, subsidiair art. 2:9 BW, meer subsidiair art. 6:162 BW. 3.3. [gedaagde] voert verweer en concludeert … belang, nader ingegaan. 4. De beoordeling 4.1. [gedaagde] is op grond van art. 2:248 BW aansprakelijk voor het tekort in het faillissement van Wells Investment, indien hij zijn taak als bestuurder

  • Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudig
    Onbehoorlijk bestuur. Onrechtmatige daad. Vernietiging.

    Rechtbank Utrecht3 november 2004ECLI:NL:RBUTR:2004:AR5970

    gebaseerde vordering eveneens jegens CvB Partners als ongegrond te worden afgewezen. 4.6. Ingevolge artikel 2:248 BW is iedere bestuurder die zijn taak kennelijk onbehoorlijk heeft vervuld, jegens de boedel hoofdelijk aansprakelijk … hoofde van onbehoorlijk bestuur, nu een dergelijke vordering ingevolge lid 6 van artikel 2:248 BW alleen kan worden ingesteld op grond van onbehoorlijke taakvervulling voorafgaande aan het faillissement. De verplichting

  • Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudig
    BV-bestuurder aansprakelijk voor faillissementstekort wegens schending boekhoudplicht art. 2:10 BW; matiging…

    Rechtbank Utrecht10 augustus 2011ECLI:NL:RBUTR:2011:BR4778

    onbehoorlijke bestuur voortvloeiende aansprakelijkheid rust in dat geval, gelet op lid 1 van artikel 2:248 BW, hoofdelijk op de daarvoor verantwoordelijke bestuurders. Van weerlegging van het genoemde vermoeden is daarom geen … grond vormt om op de voet van het vierde lid, tweede volzin, van artikel 2:248 BW het bedrag waarvoor [gedaagde] c.s. aansprakelijk is, te matigen, nu hij bij zijn aantreden

  • Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudig
    Rechtbank Utrecht · Eerste aanleg - enkelvoudig · Civiel recht overig

    Rechtbank Utrecht19 september 2001ECLI:NL:RBUTR:2001:AD4597

    vordering beroept de curator zich op de leden 1 en 7 van artikel 2:248 BW. de curator voert daartoe het volgende aan: - gedaagden sub 2 en 3 hebben, met name waar … moeten gedaagden sub 2 en 3 derhalve in zoverre voor de toepassing van artikel 2:248 BW gelijkgesteld worden met een bestuurder. 4.15. In het licht van hetgeen hiervoor is overwogen

  • Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudig
    Bestuurdersaansprakelijkheid op grond van artikel 2:248 lid 2 BW. Geen tegenbewijs toegestaan.

    Rechtbank Utrecht28 oktober 2009ECLI:NL:RBUTR:2009:BK1562

    gedaagde] zich schuldig heeft gemaakt aan kennelijk onbehoorlijk bestuur in de zin van artikel 2:248 BW jo artikel 2:11 BW. Volgens de curator heeft [gedaagde] niet voldaan aan de boekhoudplicht … wettelijke rente kan niet worden toegewezen. De aansprakelijkheid van [gedaagde] uit hoofde van artikel 2:248 BW strekt zich enkel uit tot het tekort van de boedel. Door het toewijzen

  • Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudig
    Faillissement, boekhoudplicht, anbehoorlijk bestuur, voorschot betaling faillissementstekort.

    Rechtbank Utrecht27 februari 2008ECLI:NL:RBUTR:2008:BC5047

    deze vennootschap (mede) heeft bepaald, alsmede dat hij voor de toepassing van artikel 2:248 BW gelijk te stellen is met de bestuurder van deze vennootschap en voorts een verklaring voor recht … faillissement te zijn. Als bestuurder is [gedaagde sub 1] volgens de curator ingevolge artikel 2:248 BW jegens Schuco aansprakelijk voor het gehele faillissementsdeficit. 4.2. [gedaagde c.s.] voert als verweer

  • Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudig
    Bestuurdersaansprakelijkheid, vernietiging ex 2:204c Bw,, volstorting aandelen, selectieve betaling.

    Rechtbank Utrecht30 juli 2008ECLI:NL:RBUTR:2008:BD8730

    noch gezamenlijk als grondslag dienen voor toewijzing van de vordering op grond van artikel 2:248 BW. 4.5. Voor zover de vordering is gebaseerd op de inbreng van een verlieslatende onderneming overweegt … dezelfde feitelijke stellingen ten grondslag gelegd als die waarmee hij zijn beroep op artikel 2: 248 BW heeft onderbouwd. De rechtbank is dan ook - onder verwijzing naar hetgeen zij hiervoor heeft overwogen

  • Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudig
    Schending boekhoudplicht (artikel 2:10 BW). Beroep op disculpatie slaagt (artikel 2:248 lid 3 BW)

    Rechtbank Utrecht21 december 2011ECLI:NL:RBUTR:2011:BV2943

    onbehoorlijk bestuur, zo stelt [gedaagden c.s.], niet aan haar worden verweten (artikel 2:248 BW lid 3). 4.5. Voorzover [gedaagden c.s.] met deze stelling betoogt dat in dit een en ander

  • Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudig
    De feitelijke beleidsbepaler binnen een inmiddels failliete B.V. is wegens onbehoorlijk bestuur en…

    Rechtbank Utrecht4 mei 2011ECLI:NL:RBUTR:2011:BQ2579

    Door de curator is aangevoerd dat [gedaagde] aansprakelijk is wegens onbehoorlijk bestuur (art. 2:248 BW) en onrechtmatige daad voor het faillissementstekort van Westermeyer B.V. respectievelijk voor de schade van de gezamenlijke

  • Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudig
    Bestuurder mocht overeenkomst met gedaagde nog aangaan ondanks dat de bank het aan de vennootschap verstrekte…

    Rechtbank Utrecht31 maart 2010ECLI:NL:RBUTR:2010:BL9695

    Voor zover zij daarbij een beroep heeft willen doen op het bepaalde in artikel 2:248 BW overweegt de rechtbank dat een beroep op dit artikel aan de curator is voorbehouden

  • Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudig
    Bestuurdersaansprakelijkheid; externe oorzaak faillissement voldoende aannemelijk gemaakt

    Rechtbank Utrecht11 november 2009ECLI:NL:RBUTR:2009:BK3016

    boedels van de door hem bestuurde vennootschappen op grond van het bepaalde in artikel 2:248 BW, aangezien hij zich schuldig heeft gemaakt aan onbehoorlijk bestuur van deze vennootschappen en het onbehoorlijke

  • InsolventierechtEerste aanleg - enkelvoudig
    Gedaagde sub 1 is op huwelijkse voorwaarden gehuwd en was bestuurder van twee vennootschappen. Die…

    Rechtbank Utrecht20 oktober 2010ECLI:NL:RBUTR:2010:BO1665

    zijn taak als bestuurder kennelijk onbehoorlijk heeft vervuld in de zin van artikel 2:248 BW en dat die onbehoorlijke taakvervulling mede tot het faillissement van Vogel respectievelijk van Schalekamp heeft geleid

  • InsolventierechtHoger beroep
    Faillissementswet. Hoger beroep in beschikking rechter- commissaris door schuldeiser. Beslissing van r-c om…

    Rechtbank Utrecht18 november 2010ECLI:NL:RBUTR:2010:BO9632

    betreft naar bestendige rechtspraak een geringe overschrijding die niet tot het in artikel 2:248 BW omschreven vermoeden leidt. De jaarrekening van Fransisco Holding B.V. over 2005 is wél goedgekeurd, aldus

  • Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudig
    Bestuurdersaansprakelijkheid faillissement, leegtrekken BV.

    Rechtbank Utrecht3 januari 2007ECLI:NL:RBUTR:2007:AZ7252

    beoordelen. De vordering 4.2 De curator heeft zijn vordering primair gegrond op artikel 2:248 BW. In dit artikel is bepaald dat in geval van faillissement van een vennootschap de bestuurder jegens

  • Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudig
    Moedervennootschap en twee andere gelieerde vennootschappen dienen de rekening-courantschuld danwel schulden…

    Rechtbank Utrecht29 april 2009ECLI:NL:RBUTR:2009:BI2770

    betwist dat zij als feitelijk bestuurder in de zin van lid 7 van artikel 2:248 BW kunnen worden aangemerkt. [gedaagde sub 4] heeft aangevoerd slechts voor bepaalde handelingen van [gedaagde

  • InsolventierechtEerste aanleg - meervoudig
    Faillissementspauliana: geen benadeling i.v.m. pandrecht en verrekeningsbevoegdheid van de bank + afstand…

    Rechtbank Utrecht8 augustus 2012ECLI:NL:RBUTR:2012:BX5834

    bestuur dat daarmee gegeven is een belangrijke oorzaak is van de onderscheidenlijke faillissementen (artikel 2:248 BW), slechts wordt bevestigd door de onder a. door hem bestreden transacties en verder door diverse

Zoektips

Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.