Zoekresultaten

Voor “"4 AWR"”

Naar resultaten Uitgebreid zoeken

555 uitspraken gevonden

Sorteer op: Relevantie
  • Belastingrecht
    Deze gemeenschappelijke bijlage hoort bij de conclusies in de zaken met nrs. 23/03444 ECLI:NL:PHR:2024:768…

    Parket bij de Hoge Raad19 juli 2024ECLI:NL:PHR:2024:787Aangehaald in 8 uitspraken

    term ‘naar omstandigheden beoordeeld’ in art. 2(1) Besluit OGB is ontleend aan art. 4 AWR: “Dat de vraag wie bij het begin van het belastingjaar het onroerende goed feitelijk gebruikt naar

  • BelastingrechtEerste aanleg - enkelvoudig
    Deze uitspraak is niet voorzien van een samenvatting.

    Rechtbank Zeeland-West-Brabant21 april 2022ECLI:NL:RBZWB:2022:2156

    gehele jaar 2016 aangemerkt te worden als inwoner van Nederland als bedoeld in artikel 4 AWR? Kan Nederland inkomstenbelasting heffen over de door belanghebbende genoten inkomsten van [vennootschap] die betrekking hebben … jaar 2016 als inwoner van Nederland dient te worden aangemerkt in de zin van artikel 4 AWR. Ten aanzien van de tweede vraag 2.14. De inspecteur heeft primair – in de kern – aangevoerd

  • BelastingrechtCassatie
    Art. 25(6)(b) AWR Omkering van de bewijslast, Art. 52 AWR Bewaarplicht.

    Hoge Raad22 september 2006ECLI:NL:HR:2006:AY8656Aangehaald in 5 uitspraken

    Inspecteur dat belanghebbende zich niet heeft gehouden aan de op haar ingevolge artikel 52, lid 4, AWR rustende verplichting om door haar met betrekking tot haar inkomsten en/of uitgaven opgemaakte bescheiden

  • BelastingrechtEerste aanleg - enkelvoudig
    Formeel. Het gebruik van de verlengde navorderingstermijn (artikel 16 AWR) is in strijd met het EU-recht.

    Rechtbank Haarlem10 mei 2010ECLI:NL:RBHAA:2010:BM4082

    iemand, die ten tijde van dat overlijden binnen het Rijk woonde. 4.2. Ingevolge artikel 4 AWR wordt waar iemand woont naar de omstandigheden beoordeeld. 4.3. Erflaatster heeft vanaf 18 september … tegendeel aannemelijk te maken. Ingevolge het bepaalde in artikel 1, onder 1, Sw juncto artikel 4 AWR kon verweerder eiser dan ook uitnodigen voor het doen van aangifte in het recht

  • BelastingrechtHoger beroep
    IB/PVV. Dividenduitkeringen. Aanmerkelijk belang? Economische gerechtigdheid.

    Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden17 juni 2025ECLI:NL:GHARL:2025:3676

    IB/PVV. Dividenduitkeringen. Aanmerkelijk belang? Economische gerechtigdheid.

  • BelastingrechtHoger beroep
    Belanghebbende is samen met haar ouders ingekeerd met betrekking tot tegoeden op buitenlandse bankrekeningen…

    Gerechtshof 's-Hertogenbosch22 februari 2023ECLI:NL:GHSHE:2023:695

    Belanghebbende is samen met haar ouders ingekeerd met betrekking tot tegoeden op buitenlandse bankrekeningen. De inspecteur kondigt navorderingsaanslagen aan uitgaande van een 50/50 verdeling van de tegoeden tussen belanghebbende en haar ex-partner, tenzij belanghebbende en haar ex-partner een andere verdeling kiezen.…

  • BelastingrechtEerste aanleg - enkelvoudig
    De inspecteur heeft terecht belastingrente in rekening gebracht nu belanghebbende een onjuiste aangifte heeft…

    Rechtbank Zeeland-West-Brabant27 december 2018ECLI:NL:RBZWB:2018:7177

    aangifte is ingediend binnen drie maanden na afloop van het kalenderjaar (artikel 30fc, lid 4 AWR) en wordt indien de aangifte later wordt ingediend deze termijn beperkt tot maximaal negentien weken … aangifte. In dat geval kan, gelet op het bepaalde in artikel 30fc, lid 3 en 4 AWR, belastingrente niet achterwege blijven en kan belanghebbende ook geen aanspraak maken op de beperking

  • BelastingrechtEerste aanleg - meervoudig
    Onbeperkte navorderingstermijn erfbelasting/successierecht. Uitleg nationaal recht; strijd met unierecht?…

    Rechtbank Zeeland-West-Brabant18 mei 2018ECLI:NL:RBZWB:2018:3107

    dient dus te worden aangenomen dat een regeling als die van artikel 16, lid 4, AWR ertoe bijdraagt, de doeltreffendheid van de fiscale controles te waarborgen en belastingfraude te bestrijden. -53. Niettemin … kent, bovendien evenmin relevant. -69. Aangaande het argument dat de navorderingstermijn van artikel 16, lid 4, AWR willekeurig zou zijn vastgesteld op twaalf jaar, dient te worden vastgesteld dat, voor zover deze

  • BelastingrechtEerste aanleg - meervoudig
    Op 4 december 1996 heeft belanghebbende alle aandelen in NBV verkocht aan X BV. Belanghebbende was tot 3…

    Gerechtshof Amsterdam12 december 2001ECLI:NL:GHAMS:2001:AD8856

    4 december 1996 geen woonplaats in Nederland meer had in de zin van artikel 4 AWR. 5.2.5 Op grond van hetgeen belanghebbende tot bewijs van zijn stellingen heeft aangevoerd acht … conclusie te kunnen dragen dat belanghebbende zijn woonplaats - in de zin van artikel 4 AWR - naar Tsjechië heeft verplaatst. 5.2.6 Gelet op het in 5.2.1 tot en met 5.2.5 overwogene, komt

  • BelastingrechtHoger beroep
    Verzoek toepassing 30%-regel. Herhaald verzoek.

    Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden20 december 2022ECLI:NL:GHARL:2022:10937

    opgemaakt. Het is niet aannemelijk gemaakt dat de werknemer volgens art. 4 AWR buiten Nederland woonachtig was. Bij Art 4. AWR is van belang de vaststelling of de natuurlijke persoon een duurzame

  • Belastingrecht
    Gemeenschappelijke bijlage bij de conclusies van 29 juni 2022 inzake 20/04379 en 21/00170.

    Parket bij de Hoge Raad29 juni 2022ECLI:NL:PHR:2022:701Aangehaald in 7 uitspraken

    oude en het kleinere negatieve bedrag van de nieuwe voorlopige aanslag (art. 30fb(4) AWR); - een te betalen aanslag (art. 30fc(2) en art. 30g(1) AWR) en - een te betalen navorderingsaanslag

  • BelastingrechtHoger beroep
    Bank zonder naam. Naar het oordeel van het Hof heeft de Inspecteur voldoende voortvarend gehandeld bij het…

    Gerechtshof 's-Hertogenbosch19 december 2013ECLI:NL:GHSHE:2013:6116

    opleggen van een navorderingsaanslag met gebruikmaking van de termijn van artikel 16, lid 4, AWR op een tijdstip waarop de ten aanzien van binnenlandse tegoeden geldende vijfjaarstermijn van artikel … Gelet op voormelde jurisprudentie is toepassing van de verlengde navorderingstermijn ex artikel 16, lid 4, AWR mogelijk indien, samengevat, de belastingautoriteiten voortvarend hebben gehandeld nadat aanwijzingen betreffende de rentegegevens bij het bekend

  • BelastingrechtCassatie
    Hoge Raad · Cassatie · Belastingrecht

    Hoge Raad1 mei 1996ECLI:NL:HR:1996:AA1959Aangehaald in 6 uitspraken

    partijen in geschil zijnde vraag of de overschrijding van de termijn van artikel 20, lid 4, AWR in de weg staat aan de rechtmatigheid van de onderhavige naheffingsaanslag ontkennend beantwoord op grond

  • BelastingrechtHoger beroep
    Bank zonder naam. Naar het oordeel van het Hof heeft de Inspecteur voldoende voortvarend gehandeld bij het…

    Gerechtshof 's-Hertogenbosch19 december 2013ECLI:NL:GHSHE:2013:6115

    opleggen van een navorderingsaanslag met gebruikmaking van de termijn van artikel 16, lid 4, AWR op een tijdstip waarop de ten aanzien van binnenlandse tegoeden geldende vijfjaarstermijn van artikel … Gelet op voormelde jurisprudentie is toepassing van de verlengde navorderingstermijn ex artikel 16, lid 4, AWR mogelijk indien, samengevat, de belastingautoriteiten voortvarend hebben gehandeld nadat aanwijzingen betreffende de rentegegevens bij het bekend

  • BelastingrechtEerste aanleg - meervoudig
    Plaats van leiding van Gibraltar-vennootschap op grond van de omstandigheden - waaronder de Nederlandse…

    Gerechtshof Amsterdam11 september 2002ECLI:NL:GHAMS:2002:AE9143

    uitgangspunt dat X in het onderhavige jaar zijn woonplaats, zowel in de zin van artikel 4 AWR als voor de toepassing van het Belastingverdrag met het Verenigd Koninkrijk, in Nederland … bewijslastverdeling - aannemelijk dat de plaats van feitelijke leiding van belanghebbende, als bedoeld in artikel 4 AWR, in het onderhavige jaar in Nederland was gelegen. In het midden kan blijven of voor

  • BelastingrechtEerste aanleg - meervoudig
    30%-vergoedingsregeling. Softwareontwikkelaar bezit schaarse specifieke deskundigheid en was inkomende…

    Rechtbank Breda24 september 2010ECLI:NL:RBBRE:2010:BN9633

    directeur eiser 2] namens [eiser 2] B.V. ter zitting. 2.6.Waar iemand woont wordt volgens artikel 4 AWR naar de omstandigheden beoordeeld. Bepalend is of uit uiterlijk waarneembare omstandigheden blijkt dat de banden … waarop hij is aangeworven onvoldoende waren om te oordelen dat hij op grond van artikel 4 AWR op dat moment zijn woonplaats in Nederland had. De rechtbank acht daarom aannemelijk

  • BelastingrechtCassatie
    Navorderingsaanslagen inkomsten- en vermogensbelasting, schending artikel 7:5, lid 1, Awb? Ambtshalve aanhouding.

    Hoge Raad25 april 2008ECLI:NL:HR:2008:BD0434

    doen over prejudiciële vragen over de verenigbaarheid van de navorderingstermijn van artikel 16, lid 4, AWR met het EG-recht. In de onderhavige zaak is nagevorderd met toepassing van die termijn

  • Belastingrecht
    Op 29 december 1998 is de moeder van belanghebbende overleden. Erflaatster hield bij een Zwitserse bank…

    Parket bij de Hoge Raad15 december 2016ECLI:NL:PHR:2016:1350

    Op 29 december 1998 is de moeder van belanghebbende overleden. Erflaatster hield bij een Zwitserse bank buitenlands vermogen aan dat buiten het zicht van de fiscus werd gehouden. Belanghebbende heeft op 26 augustus 1999 aangifte voor het recht van successie (erfbelasting) gedaan, zonder daarin melding te maken van dat…

  • BelastingrechtCassatie
    Procesrecht; artt. 47, lid 1, 52 en 54 AWR; informatiebeschikking; niet-verstrekken van niet-bewaarde…

    Hoge Raad5 april 2024ECLI:NL:HR:2024:528

    belanghebbende die agenda’s daarom op de voet van artikel 52, leden 1 en 4, AWR gedurende zeven jaar moest bewaren. Deze oordelen geven niet blijk van een onjuiste rechtsopvatting en kunnen

  • Belastingrecht
    A-G IJzerman heeft een vordering tot cassatie in het belang der wet ingesteld tegen het vonnis van de…

    Parket bij de Hoge Raad11 juli 2022ECLI:NL:PHR:2022:690

    A-G IJzerman heeft een vordering tot cassatie in het belang der wet ingesteld tegen het vonnis van de Kantonrechter, waarin deze is gekomen tot het oordeel dat de dwangsomregeling bij het niet tijdig geven van een beschikking op aanvraag, niet van toepassing is ten aanzien van verzoeken om ambtshalve vermindering van…

Zoektips

Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.