555 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- BelastingrechtEerste aanleg - enkelvoudigInformatiebeschikking; artikel 52 van de AWR. Eén of meer informatiebeschikkingen? Nieuwe…
Rechtbank Zeeland-West-Brabant|17 juni 2019|ECLI:NL:RBZWB:2019:2689
heden” maar hij had voor de volledigheid moeten verwijzen naar artikel 16 lid 4 AWR én, gelet op de 12-jaarstermijn, het jaar 2004 moeten vermelden. Dus de informatiebeschikking is formeel niet
- BelastingrechtHoger beroepRechtsgeldigheid bekendmaking Verordeningen. Vernietiging variabele deel van de afvalstoffenheffing. Het hof…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|19 april 2023|ECLI:NL:GHSHE:2023:1276
Rechtsgeldigheid bekendmaking Verordeningen. Vernietiging variabele deel van de afvalstoffenheffing. Het hof is van oordeel dat de Verordeningen in overeenstemming met artikel 139 Gemeentewet bekend zijn gemaakt. Dat bij de publicaties in het (elektronisch) gemeenteblad van de gemeente en op de website…
- BelastingrechtEerste aanleg - meervoudigDeze uitspraak is niet voorzien van een samenvatting.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant|28 januari 2022|ECLI:NL:RBZWB:2022:393
gedaan. 4.10. De rechtbank is van oordeel dat de verlengde navorderingstermijn van artikel 16, lid 4, AWR niet van toepassing is. Er is geen sprake van een winstbestanddeel dat “in het buitenland
- BelastingrechtHoger beroepNaheffingsaanslagen loonheffingen 2013 tot en met 2015. Artikelen 27e en 52 AWR. Verwerping van de…
Gerechtshof Den Haag|19 januari 2022|ECLI:NL:GHDHA:2022:36
redenen wordt gesteld dat de administratie niet voldoet aan de vereisten van artikel 52 lid 4 AWR: Niet bewaard zijn de volgende bescheiden en (digitale)gegevens: ? De in de café's gebruikte
- BelastingrechtEerste aanleg - meervoudigVerlengde navorderingstermijn van artikel 16, vierde lid AWR. Inspecteur handelt niet met voldoende…
Rechtbank Leeuwarden|28 april 2011|ECLI:NL:RBLEE:2011:BR5241
volgende: “69. Aangaande het argument dat de navorderingstermijn van artikel 16, lid 4, AWR willekeurig zou zijn vastgesteld op twaalf jaar, dient te worden vastgesteld dat, voor zover deze termijn wordt verlengd
- BelastingrechtHoger beroepAanslag IB/PVV 2018. Box 3-heffing. Rechtsherstel. Rentevergoeding over in strijd met het EVRM geheven…
Gerechtshof Den Haag|23 januari 2024|ECLI:NL:GHDHA:2024:335
collectieve uitspraak in zijn oordeel te betrekken, met inbegrip van een krachtens artikel 25e, lid 4, AWR genomen besluit inzake vermindering. Dit betekent dat het Hof in de onderhavige zaak rekening moet
- BelastingrechtHoger beroepAanslag IB/PVV 2020, belastingrente. Art. 30fc en 30hb AWR. Belastingrente terecht en naar het juiste bedrag…
Gerechtshof Den Haag|20 januari 2026|ECLI:NL:GHDHA:2026:184
wordt beperkt tot maximaal negentien weken na ontvangst van de aangifte. Ingevolge artikel 30fc, lid 4, AWR wordt geen belastingrente in rekening gebracht als de aanslag is vastgesteld overeenkomstig een ingediende aangifte
- BelastingrechtHoger beroepOmzetbelasting. In geschil is of de naheffingsaanslag tot het juiste bedrag is opgelegd.
Gerechtshof 's-Gravenhage|5 maart 2010|ECLI:NL:GHSGR:2010:BL7317
bijlage bij dit rapport verzonden. 4.3 Niet voldoen aan de bewaarplicht (artikel 52, lid 4 AWR) De belastingplichtige heeft niet voldaan aan de bewaarplicht. De volgende onderdelen zijn niet bewaard: - niet alle
- BelastingrechtHoger beroepIB/PVV. Belastingplicht. Woonplaats.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|3 augustus 2021|ECLI:NL:GHARL:2021:7356
geoordeeld dat belanghebbende in het onderhavige jaar in Nederland woonde in de zin van artikel 4 AWR. 4.9. Belanghebbende woont dan ook voor de toepassing van de Wet IB in Nederland
- BelastingrechtArtikel 8:29 en 8:42 Awb. Op de zaak betrekking hebbende stukken. KB-Lux rekening? Aanhouding.
Parket bij de Hoge Raad|25 april 2008|ECLI:NL:PHR:2008:BA3823Aangehaald in 12 uitspraken
beroep op art. 56 EG-Verdrag ten betoge dat de verlengde navorderingstermijn (art. 16, lid 4 AWR) in buitenlandsituaties onverenigbaar zou zijn met het vrije kapitaalverkeer, nu het in belanghebbendes geval
- BelastingrechtHoger beroepart. 30fc AWR; art. 30hb AWR; IB/PVV; belastingrente terecht en naar het juiste bedrag in rekening gebracht.
Gerechtshof Den Haag|30 september 2025|ECLI:NL:GHDHA:2025:2587
rekening gebracht tot uiterlijk negentien weken na ontvangst van de aangifte. Ingevolge artikel 30fc, lid 4, AWR wordt geen belastingrente in rekening gebracht als de aanslag is vastgesteld overeenkomstig een ingediende aangifte
- BelastingrechtHoger beroepBelanghebbende doet aangifte IB/PVV 1998 naar een looninkomen van f 25.744. De Inspecteur stelt de aanslag…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|3 oktober 2019|ECLI:NL:GHSHE:2019:3655
Belanghebbende doet aangifte IB/PVV 1998 naar een looninkomen van f 25.744. De Inspecteur stelt de aanslag vast met een aanzienlijke correctie. Het na verloop van de termijn daartegen gemaakte bezwaar, acht (ook) het Hof ten onrechte niet-ontvankelijk verklaard. Hoewel het aanslagbiljet tijdig naar het juiste adres in…
- BelastingrechtHoger beroepArt. 16 en art. 27e AWR. Inspecteur beschikt over een navordering rechtvaardigend nieuw feit. Vereiste…
Gerechtshof Den Haag|23 maart 2022|ECLI:NL:GHDHA:2022:542
Art. 16 en art. 27e AWR. Inspecteur beschikt over een navordering rechtvaardigend
- BelastingrechtHoger beroepInkomstenbelasting. Dispuut over toepassing van de desinvesteringsbijtelling betreft een rechtsvraag, zodat…
Gerechtshof Arnhem|7 april 2009|ECLI:NL:GHARN:2009:BI1451
waarvan belanghebbende zelf heeft aangegeven dat deze onbetrouwbaar is. Boete 4.11. In artikel 27h, lid 4, AWR en artikel 26b, lid 2, AWR is onder verwijzing naar artikel 24a, lid 2, AWR
- BelastingrechtHoger beroepKostenvergoeding bezwaarfase. Punt 1 van onderdeel B2 van de bijlage bij het Besluit proceskosten…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|20 december 2023|ECLI:NL:GHSHE:2023:4251
Kostenvergoeding bezwaarfase. Punt 1 van onderdeel B2 van de bijlage bij het Besluit proceskosten bestuursrecht is niet in strijd met het discriminatieverbod van artikel 1 van de Grondwet of enig algemeen rechtsbeginsel.
- BelastingrechtHoger beroepArt. 10e Uitvoeringsbesluit loonbelasting 1965 Belanghebbende, afkomstig uit India, heeft met een…
Gerechtshof Den Haag|26 november 2024|ECLI:NL:GHDHA:2024:2261
oktober 2008, ECLI:NL:HR:2008:BD3167, BNB 2008/309). 5.3. Op grond van artikel 4 AWR wordt naar omstandigheden beoordeeld waar iemand woont. Daarbij moet acht worden geslagen op alle in aanmerking
- BelastingrechtHoger beroepInformatiebeschikking. Informatieplicht.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|17 oktober 2023|ECLI:NL:GHARL:2023:8795
heer [belanghebbende] in 2017 een duurzame woongelegenheid heeft in Nederland in de zin van art. 4 AWR. (…) De heer [belanghebbende] heeft sterke en duurzame sociale banden met Nederland. (…) De heer [belanghebbende] heeft
- BelastingrechtHoger beroepNavorderingsaanslag niet met redelijke voortvarendheid opgelegd want terpostbezorging en daarmee bekendmaking…
Gerechtshof Amsterdam|24 november 2015|ECLI:NL:GHAMS:2015:5121
februari 2010 geldt voor de toepassing van de verlengde navorderingstermijn van artikel 16, lid 4, AWR in gevallen waarin het VWEU van toepassing is de voorwaarde dat de inspecteur na het verkrijgen
- BelastingrechtHoger beroepIB/PVV 2018, belastingrente en proceskostenvergoeding (PKV). Het materiële geschil gaat over de aftrek van…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|2 juli 2025|ECLI:NL:GHSHE:2025:1860
belanghebbende binnenlands belastingplichtig is. 5.8. De woonplaats van belanghebbende wordt naar omstandigheden beoordeeld [voetnoot: artikel 4 AWR] . De bewijslast met betrekking tot de fiscale woonplaats rust in dit geval op belanghebbende omdat
- BelastingrechtHoger beroepIn geschil is het antwoord op de volgende vragen: 1. Is de Inspecteur gerechtigd met toepassing van artikel…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|5 februari 2013|ECLI:NL:GHARL:2013:BZ0935
opleggen van een navorderingsaanslag met gebruikmaking van de termijn van artikel 16, lid 4, AWR op een tijdstip waarop de ten aanzien van binnenlandse tegoeden geldende vijfjaarstermijn van artikel
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.