46 uitspraken gevonden
Sorteer op: Datum uitspraak
- BestuursstrafrechtHoger beroepDe beslissing van de kantonrechter is niet naar het door de betrokkene opgegeven adres gezonden. Derhalve is…
Gerechtshof Leeuwarden|20 februari 2007|ECLI:NL:GHLEE:2007:BA1330
De beslissing van de kantonrechter is niet naar het door de betrokkene opgegeven adres gezonden. Derhalve is de beslissing niet op de voorgeschreven wijze, want niet in overeenstemming met artikel 3:41, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht bekendgemaakt. De termijn voor het instellen van hoger beroep is niet…
- BestuursstrafrechtHoger beroepSanctie opgelegd ter zake van "in een motorvoertuig achterin geen gordel gebruiken". In het onderhavige geval…
Gerechtshof Leeuwarden|13 februari 2007|ECLI:NL:GHLEE:2007:BA0258
Sanctie opgelegd ter zake van "in een motorvoertuig achterin geen gordel gebruiken". In het onderhavige geval is niet aannemelijk geworden dat de zoon van de betrokkene tijdens het deelnemen aan het verkeer de gordel niet droeg. Inleidende beschikking vernietigd.
- BestuursstrafrechtHoger beroepNaar het oordeel van het of is in casu niet aannemelijk geworden dat zich geen reele mogelijkheid tot…
Gerechtshof Leeuwarden|13 februari 2007|ECLI:NL:GHLEE:2007:BA0256
Naar het oordeel van het of is in casu niet aannemelijk geworden dat zich geen reele mogelijkheid tot staandehouding heeft voorgedaan. Derhalve is de sanctie ten onrechte met toepassing van artikel 5 WAHV opgelegd aan de kentekenhouder. Inleidende beschikking vernietigd.
- BestuursstrafrechtHoger beroepBeroep bij de officier van justitie niet kennelijk ongegrond. Nu de officier van justitie uit het…
Gerechtshof Leeuwarden|6 februari 2007|ECLI:NL:GHLEE:2007:BA0250
Beroep bij de officier van justitie niet kennelijk ongegrond. Nu de officier van justitie uit het beroepschrift van de betrokkene niet heeft kunnen afleiden dat hij wenste af te zien van het recht te worden gehoord, heeft de officier van justitie de betrokkene ten onrechte niet gehoord. Schending van artikel 7:16 van…
- BestuursstrafrechtHoger beroepIn casu sprake van onredelijke vertraging in de berechting. Na het sturen van het beroepschrift tegen de…
Gerechtshof Leeuwarden|15 januari 2007|ECLI:NL:GHLEE:2007:BA0211
In casu sprake van onredelijke vertraging in de berechting. Na het sturen van het beroepschrift tegen de beslissing van de officier van justitie en het moment waarop de betrokkene bericht van het CJIB ontving ligt een periode van circa vijftien maanden. Vertraging is in dit geval niet te wijten aan de betrokkene, maar…
- BestuursstrafrechtHoger beroepIn casu sprake van onredelijke vertraging in de berechting. De betrokkene heeft telkens binnen korte termijn…
Gerechtshof Leeuwarden|9 januari 2007|ECLI:NL:GHLEE:2007:BA0208
In casu sprake van onredelijke vertraging in de berechting. De betrokkene heeft telkens binnen korte termijn beroep ingesteld. Tussen het tijdstip van ontvangst van de stukken ter griffie van de rechtbank en het tijdstip van verzending van de stukken naar de griffie van het hof ligt een termijn van zestien maanden,…
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.