775 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Burgerlijk procesrechtCassatieCassatieprocesrecht. Procesinleiding niet langs elektronische weg ingediend (art. 30c Rv) en geen advocaat…
Hoge Raad|11 oktober 2019|ECLI:NL:HR:2019:1565
ontvankelijkheid van het beroep Het cassatieberoep is niet ingesteld op de in art. 30c lid 1 Rv voorgeschreven wijze, te weten door indiening van een procesinleiding langs elektronische weg. Ook voldoet
- Internationaal privaatrechtCassatieIPR. Rechtsmacht. Ambtshalve onderzoek in hoger beroep naar grondslag voor rechtsmacht. Maatstaf voor het…
Hoge Raad|12 april 2019|ECLI:NL:HR:2019:566Aangehaald in 55 uitspraken
rechtsmacht toekomt, en dat hij zich niet tevens op de voet van art. 110 lid 1 Rv voor alle weren ten gronde heeft beroepen op de relatieve onbevoegdheid van de rechtbank Midden
- Civiel recht overigHoger beroepBetaling achterstallige vve (voorschot)bijdragen, stelplicht, bewijslast.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|14 mei 2019|ECLI:NL:GHARL:2019:4164
augustus 2018 de procedure tussen partijen op grond van artikel 226 lid 1 Rv geschorst en aansluitend geroyeerd. Bij exploot ex artikel 227 lid 1 Rv van 4 september
- Civiel recht overigHoger beroepeiswijziging, tweeconclusieregel, eisen van goede procesorde
Gerechtshof Den Haag|16 juli 2019|ECLI:NL:GHDHA:2019:1861
ECLI:NL:HR:2011:BQ7064, r.o. 4.1.3. is daarover geoordeeld: “De in art. 347 lid 1 Rv besloten twee-conclusie-regel beperkt de — ingevolge art. 130 lid 1 in verbinding … 1 Rv — aan de oorspronkelijk eiser toekomende bevoegdheid tot verandering of vermeerdering van zijn eis in hoger beroep in die zin dat hij in beginsel zijn eis niet later dan in zijn
- Burgerlijk procesrechtCassatieProcesrecht. Incident tot zekerheidstelling proceskosten in art. 69 Fw-procedure in cassatie. Analoge…
Hoge Raad|11 oktober 2019|ECLI:NL:HR:2019:1580Aangehaald in 18 uitspraken
zekerheidstelling zijn toegang tot de rechter te zeer zou beperken. 3.2.1 Art. 224 lid 1 Rv bepaalt, voor zover thans van belang, dat allen zonder woonplaats of gewone verblijfplaats in Nederland
- Intellectueel-eigendomsrechtBodemzaakincident zekerheidstelling
Rechtbank Den Haag|31 juli 2019|ECLI:NL:RBDHA:2019:8542
zover van belang, nader ingegaan. 3 De beoordeling in het incident 3.1. Artikel 224 lid 1 Rv bepaalt dat allen zonder woonplaats of gewone verblijfplaats in Nederland die bij een Nederlandse rechter … deze wetsbepaling volgt dat een vordering tot zekerheidstelling als bedoeld in artikel 224 lid 1 Rv slechts, voor zover hier van belang, openstaat voor de partij jegens wie bij een Nederlandse rechter
- Civiel recht overigHoger beroepExhibitievordering ex art. 843a Rv. In eerste aanleg is bij wege van incident de afgifte van bepaalde…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|3 september 2019|ECLI:NL:GHARL:2019:7116
comparitie van partijen gelast. 4 De beoordeling 4.1 Op grond van artikel 337 lid 1 Rv kan van vonnissen waarbij een voorlopige voorziening wordt getroffen of geweigerd hoger beroep worden ingesteld voordat … Rv). Het vonnis is daarom niet een vonnis als bedoeld in artikel 337 lid 1 Rv, maar een tussenvonnis waarop art. 337 lid 2 Rv van toepassing is. De omstandigheid
- Personen- en familierechtHoger beroepArt. 806 Rv; aanvang beroepstermijn voor niet verschenen belanghebbende. Hoger beroep niet-ontvankelijk.
Gerechtshof Den Haag|7 augustus 2019|ECLI:NL:GHDHA:2019:2176
griffier een afschrift van de beschikking zendt, behoren op grond van artikel 805 lid 1 Rv de niet verschenen belanghebbenden aan wie een afschrift van het verzoekschrift is verzonden … dossier blijkt niet of de beschikking door de rechtbank op grond van artikel 805 lid 1 Rv aan de man is verzonden. Om die reden kan het hof niet vaststellen
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudig477a RV - derdenverklaring - vordering afgewezen
Gerecht in eerste aanleg van Curaçao|15 april 2019|ECLI:NL:OGEAC:2019:326
eisers de procedure – naar het Gerecht begrijpt – ingestoken als een verklaringsprocedure ex artikel 477a lid 1 Rv. Op grond van dit artikel is het EMS toegestaan om alsnog een gerechtelijke verklaring … Gerecht begrijpt dat EMS hiermee bedoelt alsnog de gerechtelijke verklaring ex artikel 477a lid 1 Rv af te leggen. 2.5. De door EMS afgelegde verklaring voldoet naar het oordeel van het Gerecht
- Personen- en familierechtHoger beroepVernietiging ots met terugwerkende kracht. Door beslissingen rechtbank dat vader geen gezag en geen omgang…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|12 december 2019|ECLI:NL:GHSHE:2019:4494
ondertoezichtstelling niet kan worden beschouwd als belanghebbende in de zin van artikel 798 lid 1 Rv. Dit betekent dat de vader in beginsel op 8 oktober 2019 niet in hoger beroep … vader daarom in deze procedure aanmerken als belanghebbende in de zin van 798 lid 1 Rv. De vader is dan ook ontvankelijk in het door hem ingestelde hoger beroep. Inhoudelijke beoordeling
- Personen- en familierechtHoger beroepEchtscheiding. Verdeling huwelijksgoederengemeenschap. Bewijslevering ter zake van een beweerdelijke schuld…
Gerechtshof Den Haag|8 oktober 2019|ECLI:NL:GHDHA:2019:2790
zijn gesteld op 5 augustus 2003 zijn geen goedschrift als bedoeld in art. 158 lid 1 Rv.: dit ziet op een geschreven verklaring afkomstig van de partij van wie de verbintenis … worden opgemerkt dat indien de schuldbekentenis wel was voorzien van het in art. 158 lid 1 Rv. bedoelde goedschrift van de man, deze slechts in de rechtsverhouding tussen de ouders
- Civiel recht overigHoger beroepIncidentele vordering van appellanten tot zekerheidsstelling door geïntimeerde voor hun proceskosten ex art…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|8 januari 2019|ECLI:NL:GHARL:2019:152
zijnde Herschikte EEX-Verordening (Verordening (EU) nr. 1215/2012). 3.3 Op grond van artikel 224 lid 1 Rv zijn allen zonder woonplaats of gewone verblijfplaats in Nederland die bij een Nederlandse rechter … Rv genoemde uitzonderingsgronden op de verplichting tot zekerheidsstelling van artikel 224 lid 1 Rv. Vaststaat dat indien [Appellant] – zoals hij stelt – zijn woonplaats of gewone verblijfplaats dan wel domicilie in Zwitserland heeft
- Burgerlijk procesrechtHoger beroeppensioenrecht; procesrecht; hoger beroep van Rb Limburg 23 mei 2018, PJ 2018/153 met noot Degelink; appellant…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|26 maart 2019|ECLI:NL:GHSHE:2019:1155
beroep. 3.12. Voor zover AZL heeft bedoeld te stellen dat de kantonrechter artikel 71 lid 1 Rv had moeten toepassen (dus moeten verwijzen), maar dat ten onrechte niet heeft gedaan, geldt … niet kan worden doorbroken op grond van de stelling dat de kantonrechter artikel 71 lid 1 Rv in dit geval ten onrechte niet heeft toegepast. Het gaat immers slechts om een vlot
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigVordering ingediend tegen gedaagde op dezelfde dag van zijn overlijden. Incidentele conclusie tot voeging dan…
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba|27 november 2019|ECLI:NL:OGEAA:2019:812
algemeen register van het Gerecht in Eerste Aanleg heeft plaatsgehad. Artikel 113 lid 1 Rv. bepaalt daarmee dat de zaak reeds aanhangig is vanaf de dag van de indiening van het verzoekschrift … begin van de dag. Om die reden volgt uit artikel 113 lid 1 Rv. dus evenmin dat onderhavige zaak geacht moet worden reeds aanhangig te zijn geweest op het moment dat [gedaagde
- VerbintenissenrechtCassatiePrejudiciële vragen (art. 392 Rv). Verbintenissenrecht; rentederivaat. Informatieverstrekking bij renteswap…
Hoge Raad|28 juni 2019|ECLI:NL:HR:2019:1046Aangehaald in 111 uitspraken
Hoge Raad gesteld. Beide partijen hebben schriftelijke opmerkingen als bedoeld in art. 393 lid 1 Rv ingediend, voor [eiseressen] mede door mr. J.M. Wagenaar. Na daartoe desgevraagd in de gelegenheid te zijn
- Burgerlijk procesrechtCassatieProcesrecht. Wet Bopz. Toetsing na cassatie en verwijzing van verzoek om machtiging: ex tunc of ex nunc? Kan…
Hoge Raad|12 juli 2019|ECLI:NL:HR:2019:1202Aangehaald in 22 uitspraken
enkelvoudige als een meervoudige kamer van de rechtbank. Op grond van art. 15 lid 1 Rv worden zaken bij de rechtbank in beginsel behandeld en beslist door een enkelvoudige kamer. Deze
- Civiel recht overigHoger beroepBeslagperikelen tussen gewezen echtelieden.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|30 juli 2019|ECLI:NL:GHARL:2019:6242
processueel te laat tijdstip is gedaan. Immers de in artikel 347 lid 1 Rv besloten twee-conclusie-regel beperkt de aan de oorspronkelijk eisende partij toekomende bevoegdheid tot verandering of vermeerdering … hoger beroep (volgend uit artikel 130 lid 1 in verbinding met artikel 353 lid 1 Rv) in die zin dat zij in beginsel haar eis niet later dan in haar memorie
- Burgerlijk procesrechtCassatieProcesrecht. Contractenrecht. Vervolg van HR 20 september 2019, ECLI:NL:HR:2019:1408, na verkregen…
Hoge Raad|13 december 2019|ECLI:NL:HR:2019:1940Aangehaald in 31 uitspraken
grond van art. 6 lid 2 RO in verbinding met art. 16 lid 1 Rv diende het tussenarrest, op straffe van nietigheid, te worden gewezen door drie raadsheren. Na zijn defungeren
- Civiel recht overigPrejudiciële beslissingPrejudiciële vraag (art. 392 Rv). Renteswap. Onderliggende procedure geroyeerd; HR ziet af van beantwoording…
Hoge Raad|12 april 2019|ECLI:NL:HR:2019:591
Wissink onder 4.1. Beide partijen hebben schriftelijke opmerkingen als bedoeld in art. 393 lid 1 Rv ingediend. Na daartoe desgevraagd in de gelegenheid te zijn gesteld, hebben mr. J. de Bie Leuveling
- Civiel recht overigHoger beroepWanprestatie voegwerkzaamheden.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|15 oktober 2019|ECLI:NL:GHARL:2019:8437
antwoord bezwaar gemaakt tegen de eisvermeerdering. Het hof overweegt als volgt. Artikel 130 lid 1 Rv in samenhang met artikel 353 lid 1 Rv staat toe dat de oorspronkelijk eiser bevoegd
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.