344 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigverjaring – ingebrekestelling- verzuim
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba|17 juni 2015|ECLI:NL:OGEAA:2015:92
beroep op verjaring wordt verworpen. Ingevolge het hier van toepassing zijnde artikel 3:308 BW dient de vraag of de vordering is verjaard te worden beoordeeld aan de hand van de termijnen
- Civiel recht overigHoger beroepVraag of eigendom van stuk tuin is verkregen door verkrijgende of bevrijdende verjaring. Geen bezit te goeder…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|3 maart 2015|ECLI:NL:GHARL:2015:1526
wordt beoordeeld naar verkeersopvatting, met inachtneming van de regels die in de op art. 3:308 BW volgende wetsartikelen worden gegeven en overigens op grond van uiterlijke feiten. De (niet naar buiten
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigIndexering met terugwerkende kracht van opstalretributie. Vordering afgewezen.
Rechtbank Midden-Nederland|3 januari 2024|ECLI:NL:RBMNE:2024:1134
namelijk niet voor niets afgezien van indexatie. 3.5. De kantonrechter overweegt als volgt. Artikel 3:308 BW bepaalt dat sprake moet zijn van een opeisbare vordering. Niet is gebleken dat over
- Civiel recht overigHoger beroepDoorbetaling indexering pensioen na verdeling volgens Boon/Van Loon.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|15 september 2015|ECLI:NL:GHARL:2015:6811
beoordelen in hoeverre de vordering van de vrouw verjaard is. Ingevolge artikel 3:308 BW is de verjaringstermijn vijf jaar. Vanaf 1 januari 2002 heeft de man de (verdere) indexering niet betaald
- Civiel recht overigHoger beroepSplitsing rechtspersoon. Is verjaring van vorderingen uit rekening-courant gestuit door erkenning?…
Gerechtshof Amsterdam|4 december 2012|ECLI:NL:GHAMS:2012:3514
vordering tot betaling van de afzonderlijke posten worden gedaan. Conform de hoofdregel van artikel 3:308 BW verjaren de rentevorderingen in beginsel vijf jaar nadat zij opeisbaar zijn geworden, dat wil zeggen
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigPensioenrecht. Heeft de voormalige werkgever de pensioenafspraken van eisende partij voldoende gefinancierd?…
Rechtbank Rotterdam|15 juli 2022|ECLI:NL:RBROT:2022:6030
beroepen op de verjaringstermijnen van artikel 3:307 lid 1 BW en/of artikel 3:308 BW, is de kantonrechter van oordeel dat die verjaringstermijn begint te lopen vijf jaar nadat de rechtsvordering
- BelastingrechtHoger beroepEen verplichting onder opschortende voorwaarde behoort tot de aftrekbare schulden ingevolge artikel 20, lid 3…
Gerechtshof Amsterdam|14 mei 2009|ECLI:NL:GHAMS:2009:BI4458
overlijden van de zuster geen rente is betaald. Gezien de verjaringstermijn van art. 3:308 BW volgt het Hof de berekening van de notaris in zijn hiervoor vermelde brief en bepaalt
- Civiel recht overigHoger beroepSint Maarten. Vereniging van eigenaren. Achterstallige servicekosten. Verjaring
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba|13 september 2023|ECLI:NL:OGHACMB:2023:168
datum van indiening van het eerste verzoekschrift) is verjaard op de voet van art. 3:308 BW. Weliswaar is met de fax van 25 mei 2010 een nieuwe verjaringstermijn gaan lopen, maar
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigTen uitvoerlegging van een vonnis van 27 juni 1990. Verjaring; overgangswet; stuiting; rechtsverwerking.
Rechtbank Arnhem|27 mei 2011|ECLI:NL:RBARN:2011:BQ7166
vonnis is vastgelegd, de contractuele rente onder de vergelijkbare regel van artikel 3:308 BW (Parl. Gesch. InvW. 3 p. 1412). De contractuele rente is dus verjaard voor zover verschenen meer
- Civiel recht overigHoger beroepverrekening pensioenrechten redelijkheid en billijkheid afstand van recht
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba|24 juli 2018|ECLI:NL:OGHACMB:2018:132
recht heeft. 3.12. Het Hof verzoekt partijen ten slotte om zich, gelet op artikel 3:308 BW, uit te laten over de eventuele verjaring van de sinds 2009 verstreken termijnen
- Civiel recht overigHoger beroepOntvankelijkheid, lastgeving, geen verboden hoedanigheidswisseling. Toerekenen van betalingen, is art. 6:43…
Gerechtshof Amsterdam|14 juli 2020|ECLI:NL:GHAMS:2020:2015
betaling van de openstaande vorderingen. Dat [appellanten] zich in hoger beroep op art. 3:308 BW beroepen, noopt niet tot een andere conclusie. Gelet op al het voorgaande falen de grieven 3
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigAansprakelijkheid (feitelijk) bestuurder op grond van artikel 23 Wet verplichte deelneming in een…
Rechtbank Rotterdam|4 december 2019|ECLI:NL:RBROT:2019:9621
vordering op [naam gedaagde 1] opeisbaar geworden en is de verjaringstermijn van artikel 3:308 BW aangevangen. Toen het Pensioenfonds [naam gedaagde 1] op 2 oktober 2018 aanschreef, was van een voltooide
- Civiel recht overigOp tegenspraakContradictoir. verjaring van vordering tot schadevergoeding Ingevolge het bepaalde in artikel 3:310 BW…
Rechtbank Oost-Brabant|14 februari 2018|ECLI:NL:RBOBR:2018:724
niet van zelfstandige schadeposten of van een periodieke vordering in de zin van artikel 3:308 BW. 4.13. Derhalve is de vijfjarige verjaringstermijn gaan lopen op (of kort
- Civiel recht overigHoger beroepArbeidsrecht. Verjaring en overgangsrecht NBW. Uitleg vaststellingsovereenkomst. Belang bij vordering…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|24 oktober 2017|ECLI:NL:GHARL:2017:9212
oude verjaringstermijn van dertig jaar door de kortere verjaringstermijn van het nieuwe recht (artikel 3: 308 BW, periodieke vorderingen, verjaringstermijn van vijf jaar) per 1 januari 1993 werd verdrongen zodat de verjaring
- Civiel recht overigHoger beroepVraag of de voorwaarden van een geldleningsovereenkomst zijn gewijzigd, ontkennend beantwoord.
Gerechtshof Amsterdam|12 maart 2019|ECLI:NL:GHAMS:2019:829
beroep op verjaring wordt gedaan. Rentevorderingen verjaren op grond van het bepaalde in artikel 3:308 BW na verloop van vijf jaar nadat deze opeisbaar zijn geworden. Dat betekent dat op 3
- ArbeidsrechtHoger beroepLoonvordering en overige vorderingen na einde arbeidsovereenkomst
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|7 april 2015|ECLI:NL:GHSHE:2015:1185
bespreking van het subsidiaire gevoerde verjaringsverweer op grond van art. 3:307 en 3:308 BW. Beroep op rechtsverwerking en art. 6:248 lid 2 3.5.7. De Vof cs hebben voorts aangevoerd
- Civiel recht overigHoger beroepErfrecht. Tweetrapsmaking. Opvragen informatie in verband met het vaststellen van de omvang van de legitieme…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|22 augustus 2024|ECLI:NL:GHSHE:2024:2656
immers namens [verweerster] aanspraak gemaakt op alle rente sinds 2005. Gezien artikel 3:308 BW is, los van de gedane (deel)betalingen, waarvan de laatste in 2019, de verschuldigde rente over
- Personen- en familierechtHoger beroep“Ex-samenwoners, gemeenschappelijke woning, financiële afwikkeling daarvan. Regresvordering? Vordering verjaard?”
Gerechtshof Amsterdam|11 november 2025|ECLI:NL:GHAMS:2025:3043
vergoeding door de man van een bedrag van € 180.330,- ingevolge het bepaalde in artikel 3:308 BW is verjaard; - de man terecht aanspraak maakt op een gebruiksvergoeding, waarbij de rechtbank heeft overwogen
- VerbintenissenrechtEerste aanleg - enkelvoudigOpeisbaarheid geldlening. Verjaring? artikel 7:129e BW, artikel 3:307 BW, artikel 3:318 BW.
Rechtbank Den Haag|27 november 2024|ECLI:NL:RBDHA:2024:22497
volgende op die waarop de vordering opeisbaar is geworden. Op grond van artikel 3:308 BW geldt hetzelfde voor rechtsvorderingen tot betaling van renten van geldsommen. 4.7. In artikel 3:318 BW
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigloonvordering inzake ten onrechte ingehouden bedrag voor pensioen, verjaring, bekendheid met nieuwe wetgeving…
Gerecht in eerste aanleg van Curaçao|9 juli 2018|ECLI:NL:OGEAC:2018:215
jaar na de aanvang van de dag waarop de vordering opeisbaar is geworden (artikel 3:308 BW). Of [eisers] c.s. al dan niet op de hoogte waren van het feit
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.