Zoekresultaten

Voor “"3:40 BW"”

Naar resultaten Uitgebreid zoeken

913 uitspraken gevonden

Sorteer op: Relevantie
  • VerbintenissenrechtEerste aanleg - enkelvoudig
    Geschil tussen recreatiepark en gemeente. Geen gevolgen Didam-arrest voor reeds gesloten onderhandse…

    Rechtbank Limburg17 mei 2023ECLI:NL:RBLIM:2023:3086

    Geschil tussen recreatiepark en gemeente. Geen gevolgen Didam-arrest voor reeds gesloten onderhandse verkoopovereenkomst onroerend goed. Verweer dat de koopovereenkomst is beëindigd met wederzijds goedvinden slaagt niet. Toewijzing nakomingsvordering.

  • Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudig
    Art. 11 Besluit Geneesmiddelenwet; art. 3:40 lid 1 BW. Overeenkomst van samenwerking tussen huisartsen en…

    Rechtbank Zeeland-West-Brabant5 juli 2017ECLI:NL:RBZWB:2017:4868

    Omtrent de hieraan te verbinden rechtsgevolgen wordt het volgende overwogen. 3.10 Artikel 3:40 BW luidt als volgt: Een rechtshandeling die door inhoud of strekking in strijd is met de goede zeden … wettelijk verbod. Zoals door de regeringscommissaris is opgemerkt [bij de parlementaire behandeling van artikel 3:40 BW; kantonrechter] is er namelijk een groot aantal wettelijke verboden, in het algemeen van publiekrechtelijke aard

  • Civiel recht overig
    Art. 80a lid 1 RO. Overeenkomst over uitgifte aandelen. Vordering teruggave aantal aandelen toegewezen. In…

    Parket bij de Hoge Raad24 maart 2017ECLI:NL:PHR:2017:232

    beroep van [eiser] op de nietigheid van de afspraak op grond van art. 3:40 BW heeft verworpen. Het onderdeel volstaat met de klachten dat het hof: (a) heeft miskend … 3:40 BW in de weg staat aan executie van de hofarresten, (b) ten onrechte heeft volstaan met de overweging dat het beroep op art. 3:40 BW afstuit op het gezag

  • Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudig
    Houder. Eigenaar. Bezitsoverdracht. Longa manu. Mededeling van overdracht. Revindicatie. Bedreiging. Misbruik…

    Rechtbank Maastricht16 februari 2011ECLI:NL:RBMAA:2011:BP5798

    gedaagde] betaalde bedrag niet terugontvangen heeft. [gedaagde] beroep op nietigheid ingevolge artikel 3:40 BW kan in de ogen van [gedaagde] niet slagen. Niet alleen is volgens hem onduidelijk op welke overeenkomst … kern op neerkomen dat de gesloten overeenkomsten in strijd zijn met artikel 3:40 BW omdat [eiser] zodoende een constructie heeft willen opzetten ‘met de bedoeling om hetzij achteraf schade

  • Civiel recht overig
    Mededingingsrecht. Verboden staatssteun; art. 87 en 88 EG (art. 107 en 108 VWEU). Vervolg op HR 28 mei 2010…

    Parket bij de Hoge Raad18 oktober 2012ECLI:NL:PHR:2012:BY0539

    tasten op een wijze die leidt tot nietigheid in de zin van art. 3:40 BW indien deze nietigheid leidt tot ongedaanmaking van de ongeoorloofde steun bij de begunstigde en daarmee … commercieel handelende partij (rov. 2.4). Ook het hof heeft nietigverklaring op grond van art. 3:40 BW vervolgens mogelijk geacht, zonder die nietigverklaring afhankelijk te stellen van de vraag of daarmee

  • Civiel recht overigBodemzaak
    190K cash betaald. Betaler stelt dat koopovereenkomst nietig / vernietigbaar / ontbonden is. Wat zijn…

    Rechtbank Oost-Brabant18 maart 2026ECLI:NL:RBOBR:2026:1819

    bedrag terug te betalen. De gesloten overeenkomst is namelijk nietig althans vernietigbaar (artikel 3:40 BW), omdat de overeenkomst is gesloten in strijd met artikel 326 Wetboek van Strafrecht (oplichting). Subsidiair … sprake is van een situatie die voldoet aan de eisen van artikel 3:40 BW is niet gebleken. [eiser] heeft een beroep gedaan op dit artikel, maar hij heeft onvoldoende feiten gesteld

  • Civiel recht overig
    Ambtshalve toetsing door de rechter van de informatieplichten van afd. 6.5.2B BW.

    Parket bij de Hoge Raad16 augustus 2021ECLI:NL:PHR:2021:757Aangehaald in 5 uitspraken

    Ambtshalve toetsing door de rechter van de informatieplichten van afd. 6.5.2B BW.

  • Civiel recht overigBodemzaak
    Deense curator vordert terugbetaling door Nederlandse onderneming van betalingen die zijn ontvangen van…

    Rechtbank Oost-Brabant21 augustus 2024ECLI:NL:RBOBR:2024:3760

    zich naar Nederlands recht op onverschuldigde betaling (artikel 6:203 BW) en/of nietigheid (artikel 3:40 BW) en naar Deens recht op faillissementspauliana (artikel 64 DFw), schending van vennootschapsrecht (artikelen … Transacties bestaat dus een rechtsgrond en de betalingen zijn niet onverschuldigd gedaan. Nietigheid 3:40 BW; onaanvaardbaar naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid 4.19. De Curator beroept zich ook op onverschuldigde betaling

  • Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudig
    Na aanbestedingsprocedure sluit Gemeente raamoverenkomst met rechtsopvolger van inschrijver. Vervolgens gaat…

    Rechtbank Midden-Nederland2 oktober 2013ECLI:NL:RBMNE:2013:4691

    Gemeente zou hebben inclusief de bonus-/malusregeling, deze overeenkomst nietig is ingevolge art. 3:40 BW wegens strijd met de wet nu de aanbestedingsprocedure niet is gevolgd. 4.4. De rechtbank overweegt … Gemeente zou hebben inclusief de bonus-/malusregeling, deze overeenkomst nietig is ingevolge art. 3:40 BW wegens strijd met de wet nu de aanbestedingsprocedure niet is gevolgd. De rechtbank overweegt reeds

  • Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudig
    Rechtbank Gelderland · Eerste aanleg - enkelvoudig · Civiel recht overig

    Rechtbank Gelderland16 oktober 2019ECLI:NL:RBGEL:2019:6383

    onderhavige overeenkomst benoemd, namelijk de artikelen 3:44 BW, 6:228 BW en 3:40 BW. Op die gronden is dus in een eerder stadium van de zaak een beroep gedaan, zonder … voor zover het de gronden uit de artikelen 3:44 BW, 6:228 BW, 3:40 BW en 1:89 BW betreft. De gevraagde verklaring voor recht zal niet conform gevorderd worden

  • Civiel recht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig

    Parket bij de Hoge Raad7 april 2000ECLI:NL:PHR:2000:AA5401

    rechtbank overweegt dat aan Parkeerexploitatie geen beroep toekomt op het derde lid van art. 3:40 BW. In dat artikellid staat dat het tweede lid van art. 3:40 BW geen betrekking … rechtbank de nietigheid van de overeenkomst gebaseerd op het eerste lid van art. 3:40 BW. Aan de vraag of de overeenkomst nietig c.q. vernietigbaar is op grond van het tweede

  • Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudig
    Rechtbank Gelderland · Eerste aanleg - enkelvoudig · Civiel recht overig

    Rechtbank Gelderland29 mei 2019ECLI:NL:RBGEL:2019:6388

    onderhavige overeenkomst benoemd, namelijk de artikelen 3:44 BW, 6:228 BW en 3:40 BW. Op die gronden is dus in een eerder stadium van de zaak een beroep gedaan, zonder … voor zover het de gronden uit de artikelen 3:44 BW, 6:228 BW, 3:40 BW en 1:89 BW betreft. De gevraagde verklaring voor recht zal niet conform gevorderd worden

  • Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudig
    Rechtbank Gelderland · Eerste aanleg - enkelvoudig · Civiel recht overig

    Rechtbank Gelderland26 juni 2019ECLI:NL:RBGEL:2019:6386

    onderhavige overeenkomst benoemd, namelijk de artikelen 3:44 BW, 6:228 BW en 3:40 BW. Op die gronden is dus in een eerder stadium van de zaak een beroep gedaan, zonder … voor zover het de gronden uit de artikelen 3:44 BW, 6:228 BW, 3:40 BW en 1:89 BW betreft. De gevraagde verklaring voor recht zal niet conform gevorderd worden

  • Civiel recht overig
    Taakverdeling/rechtsmachtverdeling tussen de burgerlijke rechter en de belastingrechter. Heeft het hof deze…

    Parket bij de Hoge Raad23 september 2022ECLI:NL:PHR:2022:866

    tussen hen gesloten fiscale vaststellingsovereenkomsten nietig zijn in de zin van art. 3:40 BW. In cassatie werd de vraag voorgelegd bij welke rechter een partij een verklaring voor recht kan vorderen

  • Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudig
    Rechtbank Gelderland · Eerste aanleg - enkelvoudig · Civiel recht overig

    Rechtbank Gelderland26 juni 2019ECLI:NL:RBGEL:2019:6389

    onderhavige overeenkomst benoemd, namelijk de artikelen 3:44 BW, 6:228 BW en 3:40 BW. Op die gronden is dus in een eerder stadium van de zaak een beroep gedaan, zonder … voor zover het de gronden uit de artikelen 3:44 BW, 6:228 BW, 3:40 BW en 1:89 BW betreft. De gevraagde verklaring voor recht zal niet conform gevorderd worden

  • Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudig
    Rechtbank Gelderland · Eerste aanleg - enkelvoudig · Civiel recht overig

    Rechtbank Gelderland17 januari 2020ECLI:NL:RBGEL:2020:7251

    onderhavige overeenkomst benoemd, namelijk de artikelen 3:44 BW, 6:228 BW en 3:40 BW. Op die gronden is dus in een eerder stadium van de zaak een beroep gedaan, zonder … voor zover het de gronden uit de artikelen 3:44 BW, 6:228 BW, 3:40 BW en 1:89 BW betreft. De gevraagde verklaring voor recht zal niet conform gevorderd worden

  • Civiel recht overig
    Art. 81 lid 1 RO. Uitleg vaststellingsovereenkomst. Beperkende werking van redelijkheid en billijkheid…

    Parket bij de Hoge Raad6 juni 2014ECLI:NL:PHR:2014:529

    Art. 81 lid 1 RO. Uitleg vaststellingsovereenkomst. Beperkende werking van redelijkheid en billijkheid; bedrog. Belang. Feitelijke grondslag. Onbegrijpelijk oordeel?

  • Civiel recht overig
    Aansprakelijkheidsverzekering. Uitleg van opzetclausule in Standaardpolismodel AVP 2000. ‘Shaken baby…

    Parket bij de Hoge Raad10 november 2017ECLI:NL:PHR:2017:1258

    slachtofferbescherming is. Niet verzekerbaar is opzettelijk veroorzaakte schade, omdat dat in strijd met art. 3:40 BW wordt geacht. Als bepaling van regelend recht is in art. 7:952 BW

  • Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudig
    Rechtbank Gelderland · Eerste aanleg - enkelvoudig · Civiel recht overig

    Rechtbank Gelderland22 januari 2020ECLI:NL:RBGEL:2020:7253

    onderhavige overeenkomst benoemd, namelijk de artikelen 3:44 BW, 6:228 BW en 3:40 BW. Op die gronden is dus in een eerder stadium van de zaak een beroep gedaan, zonder … voor zover het de gronden uit de artikelen 3:44 BW, 6:228 BW, 3:40 BW en 1:89 BW betreft. De gevraagde verklaring voor recht zal niet conform gevorderd worden

  • Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudig
    Rechtbank Gelderland · Eerste aanleg - enkelvoudig · Civiel recht overig

    Rechtbank Gelderland17 januari 2020ECLI:NL:RBGEL:2020:7252

    onderhavige overeenkomst benoemd, namelijk de artikelen 3:44 BW, 6:228 BW en 3:40 BW. Op die gronden is dus in een eerder stadium van de zaak een beroep gedaan, zonder … voor zover het de gronden uit de artikelen 3:44 BW, 6:228 BW, 3:40 BW en 1:89 BW betreft. De gevraagde verklaring voor recht zal niet conform gevorderd worden

Zoektips

Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.