746 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigHoger beroep kort gedingDe vordering tot opheffing van door kantonrechter in bodemvonnis opgelegde dwangsommen moet ingevolge artikel…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|24 april 2018|ECLI:NL:GHSHE:2018:1771
verwoord in dat onderdeel van dat vonnis. De vordering is gebaseerd op artikel 611d lid 1 Rv. 3.4.2. Op grond van artikel 611d lid 1 BW kan de rechter die een dwangsom … stelt bij de beantwoording van die vraag voorop dat art. 611d lid 1 Rv berust op de Benelux-Overeenkomst houdende eenvormige wet betreffende de dwangsom (Trb. 1974, 6) (hierna
- ArbeidsrechtVerwijzing na Hoge Raadpensioenrecht; backservice; beoordeling na (tweede cassatie) verwijzing door HR bij arrest van 23 december…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|13 februari 2018|ECLI:NL:GHSHE:2018:599
niet is voldaan aan het vereiste van ondertekening als bedoeld in art. 156 lid 1 Rv klaarblijkelijk heeft laten meewegen dat de parafering is geschied door een niet Nederlands sprekende persoon … geparafeerd geschrift kan gelden als een ondertekend geschrift in de zin van art. 156 lid 1 Rv indien de paraaf de desbetreffende persoon in voldoende mate individualiseert. De omstandigheid dat de persoon
- Personen- en familierechtHoger beroep kort gedingKort geding. Verdeling van de gemeenschappelijke woning. Vrouw vordert medewerking man aan opstellen en…
Gerechtshof Den Haag|30 januari 2018|ECLI:NL:GHDHA:2018:456
antwoord. Dit volgt uit de twee-conclusieregel die besloten ligt in artikel 347 lid 1 Rv ingevolge artikel 130 lid 1 in verbinding met artikel 353 lid 1 Rv, inhoudende dat alleen
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigArtikel 224 Rv en de voorgenomen uittreding van het Verenigd Koninkrijk uit de EU per 29 maart 2019…
Rechtbank Overijssel|7 november 2018|ECLI:NL:RBOVE:2018:4365
concludeert tot afwijzing van de vordering tot zekerheidsstelling. 3.3. Op grond van artikel 224 lid 1 Rv is een partij zonder een woonplaats of gewone verblijfplaats in Nederland die bij een Nederlandse … Global Foods zekerheid dient te stellen voor de proceskosten op grond van artikel 224 lid 1 Rv. Global Foods voert verweer. Global Foods komt een beroep toe op de uitzonderingsgrond van artikel
- OndernemingsrechtEerste aanleg - meervoudiguitkoopzaak; veroordeling om afschrift te verschaffen van een waarderingsrapport; verbod aan degene aan wie…
Gerechtshof Amsterdam|27 maart 2018|ECLI:NL:GHAMS:2018:1061
direct en concreet. Ook aan de overige voorwaarden van artikel 843a lid 1 Rv wordt voldaan. Duidelijk is om welk stuk het gaat en het rapport is relevant voor de beoordeling … bezwaren van Interlogic aanleiding Fredwerk daarbij op de voet van artikel 28 lid 1 Rv te verbieden aan derden mededelingen te doen omtrent de inhoud van dit rapport. Het verbod strekt evenwel
- Civiel recht overigHoger beroepGerechtshof Arnhem-Leeuwarden · Hoger beroep · Civiel recht overig
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|23 mei 2018|ECLI:NL:GHARL:2018:4677
bepaalde in artikel 73 Rv’, maar kennelijk is daarmee bedoeld artikel 270 lid 1 Rv, dat voor een geval als het onderhavige - wanneer een beroepschrift tijdig wordt aangebracht bij een verkeerde rechter … kantonrechter, en dat hof vervolgens heeft gehandeld conform het bepaalde in artikel 270 lid 1 Rv., is [verzoekster] ontvankelijk in haar hoger beroep. 4.3 In hoger beroep heeft [verzoekster] geen herstel
- Burgerlijk procesrechtHoger beroepverzoek voorlopig getuigenverhoor, hoger beroep tegen toewijzing, doorbrekingsgronden? belanghebbende? hoor…
Gerechtshof Den Haag|17 juli 2018|ECLI:NL:GHDHA:2018:1692
toespitst op de toepassing van art. 6 Rv in het kader van art. 187 lid 1 Rv, lenen deze zich voor gezamenlijke behandeling. 13. Bij pleidooi heeft [geïntimeerde] bezwaar gemaakt tegen … slotsom is dat de rechtbank Rotterdam niet op grond van art. 187 lid 1 Rv bevoegd is te oordelen over het verzoek van [geïntimeerde] . Dit verzoek is dan ook ten onrechte toegewezen
- Civiel recht overigOp tegenspraakDeelgeschil. Verzoek leent zich niet voor behandeling in deelgeschilprocedure. Er is geen sprake van…
Rechtbank Noord-Holland|21 november 2018|ECLI:NL:RBNHO:2018:10257
kantonrechter beantwoordt deze vraag ontkennend en overweegt daartoe als volgt. 4.2. Artikel 1019w lid 1 Rv luidt als volgt: “Indien een persoon een ander aansprakelijk houdt voor schade die hij lijdt door … voor vergoeding in aanmerking komen. Begroting van deze kosten op grond van artikel 1019aa lid 1 Rv kan daarom achterwege blijven. 4.8. Gelet op het voorgaande zullen de verzoeken van [verzoeker] worden
- InsolventierechtEerste aanleg - enkelvoudigVerzet gegrond. Vorderingsrecht niet voldoende aannemelijk geworden. Kostenveroordeling. Niet vermelden vaste…
Rechtbank Rotterdam|24 april 2018|ECLI:NL:RBROT:2018:5002
heeft namens verweerster aangevoerd dat het verzoekschrift niet aan de wettelijke vereisten (artikel 278 lid 1 Rv) voldoet en dus nietig is. In het verzoekschrift is geen woonplaats dan wel het werkelijk … zijn verzoek. Noch uit de Wet, noch uit de parlementaire geschiedenis van artikel 278 lid 1 Rv volgt dat het niet vermelden van een vaste woon- of verblijfplaats leidt tot nietigheid
- Civiel recht overigTussenuitspraakLuchtvaartclaim. Incidentele vordering tot zekerheidsstelling ex artikel 224 Rv.
Rechtbank Noord-Holland|15 augustus 2018|ECLI:NL:RBNHO:2018:7161
Haarlem) relatief bevoegd. 4.2. De kantonrechter overweegt dat op de voet van artikel 224 lid 1 Rv allen zonder woonplaats of gewone verblijfplaats in Nederland die bij een Nederlandse rechter een vordering … Airhelp geen woonplaats in Nederland heeft. Het gevolg hiervan is dat artikel 224 lid 1 Rv van toepassing is en Airhelp in beginsel zekerheid dient te stellen. Airhelp heeft betoogd
- Civiel recht overigHoger beroepPartiële vernietiging arbitraal vonnis. Geen schending van artikel 1065 lid 1, aanhef en onder d en e RV (oud).
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|30 oktober 2018|ECLI:NL:GHARL:2018:9499
doen naar de regelen des rechts, aansluiting gezocht bij het bepaalde in artikel 237 lid 1 Rv. Het enkele feit dat het scheidsgerecht dit niet met zoveel woorden in het arbitrale vonnis … sprake is van een familierelatie kan de rechter de proceskosten compenseren (artikel 237 lid 1 Rv tweede volzin). De uitoefening van die bevoegdheid staat ter vrije beoordeling van de rechter
- Civiel recht overigHoger beroepVerjaring; eigendom; erfdienstbaarheid
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|16 oktober 2018|ECLI:NL:GHSHE:2018:4265
zijn met de eisen van een goede procesorde. 5.2 Op grond van artikel 130 lid 1 Rv en artikel 353 lid 1 Rv komt aan de vereniging van eigenaars de bevoegdheid
- Civiel recht overigBodemzaakRechtbank Oost-Brabant · Bodemzaak · Civiel recht overig
Rechtbank Oost-Brabant|10 januari 2018|ECLI:NL:RBOBR:2018:241
rest van haar nalatenschap. 4.4. [eiser] heeft zijn vordering gebaseerd op artikel 843a lid 1 Rv. Daarin is bepaald dat hij, die daarbij rechtmatig belang heeft, op zijn kosten inzage, afschrift … rechtbank vloeit het rechtmatig belang dat [eiser] moet hebben op grond van artikel 843a lid 1 Rv voort uit artikel 4:16 lid 4 BW. Uit artikel
- Civiel recht overigCassatieprocesrecht. Niet-ontvankelijkheid. Art. 399 Rv. Klacht over verzuim te beslissen over een onderdeel…
Parket bij de Hoge Raad|5 oktober 2018|ECLI:NL:PHR:2018:1115
cassatieberoep daarom niet-ontvankelijk moet worden verklaard op grond van art. 399 jo 32 lid 1 Rv. Dat kan als volgt worden toegelicht. 2.3 Art. 23 Rv bepaalt dat de rechter beslist … gevorderde of verzochte te beslissen (hierop ziet de hoorplicht van art. 32 lid 1 Rv), en vervolgens (ii) de vaststelling hoe die (tot dusver ontbrekende) beslissing moet luiden. Indien gronden voor aanvulling
- VerbintenissenrechtHoger beroepVorderingen op grond van een samenwerkingsovereenkomst. Gezag van gewijsde.
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|19 juni 2018|ECLI:NL:GHSHE:2018:2675
enkel nieuwe stellingen, aldus [geïntimeerde] . Het hof oordeelt hierover als volgt. 5.5. Artikel 236 lid 1 Rv bepaalt dat beslissingen die de rechtsbetrekking in geschil betreffen en zijn vervat … bedrijfsleider van H&P] en facturen. Gelet op het bepaalde in artikel 236 lid 1 Rv kan het gezag van gewijsde van het arrest van 22 mei 2012 in deze procedure
- Civiel recht overigHoger beroepFormele rechtskracht. Afgegeven is een gedoogbeschikking ingevolge artikel 2 Belemmeringenwet privaatrecht…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|11 september 2018|ECLI:NL:GHARL:2018:8108
wijziging van eis als zodanig niet verzet. 4.2 Op grond van art. 130 lid 1 Rv juncto art. 353 lid 1 Rv komt aan de appellant in principaal of incidenteel appel
- InsolventierechtCassatiePrejudiciële vraag (art. 392 Rv). Faillissementsrecht. Pandrecht. Bank heeft openbaar pandrecht op al hetgeen…
Hoge Raad|23 november 2018|ECLI:NL:HR:2018:2189Aangehaald in 19 uitspraken
Hoge Raad gesteld. Beide partijen hebben schriftelijke opmerkingen als bedoeld in art. 393 lid 1 Rv ingediend. Na daartoe desgevraagd in de gelegenheid te zijn gesteld, heeft mr. B.I. Kraaipoel, advocaat
- Civiel recht overigHoger beroepGerechtshof 's-Hertogenbosch · Hoger beroep · Civiel recht overig
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|6 maart 2018|ECLI:NL:GHSHE:2018:899
gezag van gewijsde slaagt. Daaromtrent overweegt het hof als volgt. 6.8. Artikel 236 lid 1 Rv bepaalt dat beslissingen die de rechtsbetrekking in geschil betreffen en zijn vervat in een in kracht … en/of onjuiste informatie in de ‘gate approval’. Gelet op het bepaalde in artikel 236 lid 1 Rv kan het gezag van gewijsde van het vonnis van 15 juli 2015 in deze procedure
- InsolventierechtProcesrecht. Faillissementsrecht. Vervolg van HR 6 juli 2018, ECLI:NL:HR:2018:1100. Niet-ontvankelijkheid van…
Parket bij de Hoge Raad|21 december 2018|ECLI:NL:PHR:2018:1434
één van de vorige instanties is verschenen in de zin van artikel 426 lid 1 Rv. Daarom is zij gerechtigd het onderhavige cassatieberoep in te stellen, aldus [verzoekster] (verzoekschrift, p. 1; verweerschrift … partij meer is in de onderhavige procedure. 2.4 In deze situatie biedt artikel 426 lid 1 Rv – dat cassatie openstelt voor degenen die in één van de vorige instanties zijn verschenen – [verzoekster
- Civiel recht overigWrakingRechtbank Zeeland-West-Brabant · Wraking · Civiel recht overig
Rechtbank Zeeland-West-Brabant|5 november 2018|ECLI:NL:RBZWB:2018:6192
partij bestaande vrees objectief gerechtvaardigd is. 6.3. Volgens artikel 37 lid 1 Rv moet het wrakingsverzoek worden gedaan zodra de feiten of omstandigheden aan verzoeker bekend zijn geworden. Dit voorschrift strekt ertoe … betekent dat niet is voldaan aan het hiervoor genoemde vereiste van artikel 37, lid 1 Rv, zodat verzoekers niet in hun wrakingsverzoek kunnen worden ontvangen. De wrakingskamer komt derhalve niet
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.