252 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad|28 september 2001|ECLI:NL:PHR:2001:ZC3656
zaak, waarin een beroep op een verschoningsrecht werd gedaan, dan ook van: het in art. 6 EVRM besloten liggende beginsel dat niemand verplicht is tot medewerking aan het leveren van bewijs
- Strafrecht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig
Parket bij de Hoge Raad|25 september 2001|ECLI:NL:PHR:2001:ZD2737
indien de mededeling voor de verdachte bestemd is, omdat de verwezenlijking van diens - in art. 6 EVRM gewaarborgde - recht om bij de behandeling van zijn zaak aanwezig te zijn daarbij
- Strafrecht overigHoger beroepMedeplegen van: invoeren van cocaïne en heroïne, voorbereidingshandelingen ten aanzien van de invoer van…
Gerechtshof Amsterdam|26 november 2001|ECLI:NL:GHAMS:2001:AD9034
aanleg niet is berecht door een onpartijdig rechterlijk college en dat derhalve het in artikel 6 EVRM vervatte beginsel dat hij aanspraak kan maken op berechting door “an independent and impartial tribunal
- Strafrecht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig
Parket bij de Hoge Raad|11 september 2001|ECLI:NL:PHR:2001:ZD2712
grenzen getuigenbewijs), namelijk dat beginselen van een behoorlijke procesorde (maar ook de in art. 6 EVRM gegarandeerde rechten op een eerlijk proces en op ondervraging van getuigen) meebrengen dat deze getuigen worden
- Strafrecht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig
Parket bij de Hoge Raad|27 maart 2001|ECLI:NL:PHR:2001:ZD2520
feiten en omstandigheden worden aangevoerd die de conclusie rechtvaardigen dat een flagrante schending van artikel 6 EVRM dreigt indien de uitlevering toelaatbaar zou worden verklaard, is de uitleveringsrechter gehouden tot een nader
- Strafrecht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig
Parket bij de Hoge Raad|27 maart 2001|ECLI:NL:PHR:2001:AB0840
feiten en omstandigheden worden aangevoerd die de conclusie rechtvaardigen dat een flagrante schending van artikel 6 EVRM dreigt indien de uitlevering toelaatbaar zou worden verklaard, is de uitleveringsrechter gehouden tot een nader
- Bestuursrecht overigEerste aanleg - meervoudigRechtbank Assen · Eerste aanleg - meervoudig · Bestuursrecht overig
Rechtbank Assen|11 mei 2001|ECLI:NL:RBASS:2001:AB1632
trage behandeling van de aanvraag van eisers dat strijd optreedt met het bepaalde in artikel 6 EVRM. Vanaf de datum dat de aanvraag door eisers is ingediend heeft het circa vijf maanden
- Strafrecht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig
Parket bij de Hoge Raad|8 mei 2001|ECLI:NL:PHR:2001:AB1569
deze getuige in strijd zou komen met een eerlijk proces in de zin van art. 6 EVRM, kennelijk omdat de raadsman meende dat dit zou neerkomen op het organiseren van iets waarvan
- Strafrecht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig
Parket bij de Hoge Raad|19 juni 2001|ECLI:NL:PHR:2001:AB2202
getrokken zijn? Wat zijn de eisen van `informed consent' hier? (verg. A. den Hartog, Art. 6 EVRM: grenzen aan het streven de straf eerder op de daad te doen volgen (diss
- Strafrecht overigCassatieRechtbank 's-Gravenhage · Cassatie · Strafrecht overig
Rechtbank 's-Gravenhage|29 juni 2001|ECLI:NL:RBSGR:2001:AB2390
voor verdachte inhoudt het deelnemen aan het begeleidingsprogramma van het Leyenburg ziekenhuis. Beroep op artikel 6 EVRM De raadsman heeft ter terechtzitting aangevoerd dat het Openbaar Ministerie de verdediging bewust
- Strafrecht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig
Parket bij de Hoge Raad|8 mei 2001|ECLI:NL:PHR:2001:AB1517
Amsterdam, drie middelen van cassatie ingediend. 3. Het eerste middel houdt in dat art. 6 EVRM en art. 14 IVBPR zijn geschonden, omdat het Hof het hierna weergegeven verweer dat het beginsel
- Strafrecht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig
Parket bij de Hoge Raad|12 juni 2001|ECLI:NL:PHR:2001:AB2064
overheid had de uitspraak aan de verdachte moeten betekenen. Het is in strijd met artikel 6 EVRM de verdachte niet-ontvankelijk in zijn hoger beroep te verklaren als hij niet binnen veertien
- Strafrecht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig
Parket bij de Hoge Raad|27 februari 2001|ECLI:NL:PHR:2001:AB0439
getuige 1] geen blijk geeft van een onjuiste rechtsopvatting, in het bijzonder niet van art. 6 EVRM, terwijl het evenmin onbegrijpelijk is. Zulks gelet op de (jonge) leeftijd en door
- Strafrecht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig
Parket bij de Hoge Raad|11 december 2001|ECLI:NL:PHR:2001:AD5390
cassatieberoep en de eerste behandeling ter terechtzitting van Uw Raad het in art. 6 EVRM neergelegde recht op berechting binnen een redelijke termijn is geschonden. 7. Het middel is terecht voorgesteld
- Strafrecht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig
Parket bij de Hoge Raad|6 maart 2001|ECLI:NL:PHR:2001:AB0401
gesteld kan zelfs worden dat [verdachte] terzake daarvan werd tegengewerkt. Gelet op het in art. 6 EVRM belichaamde "fair-trial"-beginsel en het feit dat de Hoge Raad inmiddels het recht
- Strafrecht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig
Parket bij de Hoge Raad|18 december 2001|ECLI:NL:PHR:2001:AD4292
behoudens het geval van een ernstig vermoeden dat zich een flagrante schending van art. 6 EVRM of art. 14 IVBPR heeft voorgedaan;(15) zulks is echter in de onderhavige zaak niet vastgesteld
- Strafrecht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig
Parket bij de Hoge Raad|3 april 2001|ECLI:NL:PHR:2001:AB0845
middel wordt erover geklaagd dat in de cassatiefase de redelijke termijn zoals bedoeld in art. 6 EVRM is overschreden. 5. Kennelijk, en terecht, neemt de steller van het middel als aanvangspunt
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigRechtbank Maastricht · Eerste aanleg - meervoudig · Strafrecht overig
Rechtbank Maastricht|31 augustus 2001|ECLI:NL:RBMAA:2001:AD3456
plaatsgevonden. Indien deze termijn te ruim zou zijn, kan dit in strijd zijn met artikel 6 EVRM en kan dat, onder omstandigheden, niet-ontvankelijkheid van de officier van justitie opleveren
- Civiel recht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad|6 april 2001|ECLI:NL:PHR:2001:AB1252
Rolnr. C99/188HR Zitting d.d. 12 januari 2001 Conclusie mr Spier inzake [Eiser] tegen [Verweerster] Edelhoogachtbaar College, Feiten In cassatie kan worden uitgegaan van de feiten die de Rechtbank heeft vastgesteld onder 2 van het vonnis d.d. 17 augustus 1995. Ook het Hof is hiervan uitgegaan (rov. 6.5 van zijn arrest…
- Strafrecht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig
Parket bij de Hoge Raad|19 juni 2001|ECLI:NL:PHR:2001:ZD2606
openbaar ministerie in zijn strafvervolging niet-ontvankelijk behoort te worden verklaard omdat het in artikel 6 EVRM bedoelde recht van verdachte op een openbare behandeling van de strafzaak binnen een redelijke termijn
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.