911 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudiginrijden op agent’, vrijspraak poging doodslag, veroordeling voor poging toebrengen zwaar lichamelijk letsel…
Rechtbank Amsterdam|25 april 2017|ECLI:NL:RBAMS:2017:6964
moeten vaststellen of verdachte gebruik heeft gemaakt van een of meer van de in artikel 326 Sr genoemde oplichtingsmiddelen. Valse naam en aannemen van een valse hoedanigheid Bij de oplichtingmiddelen ‘het aannemen … valse hoedanigheid oplevert en dus nog geen oplichting in de zin van art. 326 Sr. Voor het aannemen van een valse hoedanigheid in het kader van een strafbare oplichting moet zich
- Strafrecht overigConclusie AG. Oplichting van beleggers. Middelen klagen over verwerping van bewijsverweren en afwijzing…
Parket bij de Hoge Raad|10 september 2019|ECLI:NL:PHR:2019:806
geen sprake was van het oogmerk van wederrechtelijke bevoordeling in de zin van art. 326 Sr ten tijde van het plegen van het onder 1 primair ten laste gelegde feit. 8. Blijkens … standpunt dat de in de tenlastelegging genoemde mededelingen geen oplichtingsmiddel in de zin van art. 326 Sr opleveren. 16. Blijkens de toelichting op het middel wordt daarbij gedoeld op de volgende passage
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigDe Noordelijke Fraude Kamer heeft een verdachte veroordeeld die een groot aantal slachtoffers onder valse…
Rechtbank Assen|27 maart 2012|ECLI:NL:RBASS:2012:BV9996
bonafide financieel adviseur en/of tussenpersoon, waardoor vorengenoemde persoon werd bewogen tot bovenomschreven afgifte; (art 326 SR) art 326 Wetboek van Strafrecht althans, indien terzake van het vorenstaande geen veroordeling mocht volgen, terzake … bonafide financieel adviseur en/of tussenpersoon, waardoor vorengenoemde persoon werd bewogen tot bovenomschreven afgifte; (art 326 SR) art 326 Wetboek van Strafrecht althans, indien terzake van het vorenstaande geen veroordeling mocht volgen, terzake
- Strafrecht overigConclusie AG. 1. Oplichting (tanken zonder te betalen) en 2. rijden met ongeldig rijbewijs. Middel 1 stelt…
Parket bij de Hoge Raad|21 februari 2023|ECLI:NL:PHR:2023:217
Sr (verduistering) in beeld komen. In bijzondere gevallen kan worden gedacht aan oplichting (art. 326 Sr) of, wanneer de betrokkene van zodanig tanken een gewoonte maakt, aan flessentrekkerij (art. 326a Sr … opgelichte door één of meer oplichtingsmiddelen wordt “bewogen” tot de in de art. 326 Sr bedoelde handelingen. Er wordt ook wel gesproken van psychische causaliteit: het oplichtingsmiddel moet de wil tot afgifte
- Strafrecht overigConclusie AG over (i) oplichting en misleiding door in verstuurde brieven gebruik te maken van de afkorting…
Parket bij de Hoge Raad|13 november 2018|ECLI:NL:PHR:2018:1249
Conclusie AG over (i) oplichting en misleiding door in verstuurde brieven gebruik te maken van de afkorting 'KvK' en het opschrift 'Bijdrage KvK handelsregister.nl 2009', (ii) het auteursrecht (op de afkorting KvK) en de begrippen 'woordmerk' en 'werk', en (iii) samenloop. De conclusie strekt tot vernietiging van de…
- Strafrecht overigOplichting door zich bij de verkoop van een snorfiets in strijd met de waarheid voor te doen als de…
Parket bij de Hoge Raad|10 oktober 2017|ECLI:NL:PHR:2017:1295
concreet geval sprake is van oplichting in de zin van art. 326 Sr, met name wanneer er sprake is van de daarvoor vereiste specifiek aangeduide oplichtingsmiddelen. Daarbij heeft de Hoge Raad voorop … civielrechtelijke zin binnen het bereik van het strafrecht te brengen. De verschillende in art. 326 Sr opgenomen oplichtingsmiddelen – het aannemen van een valse naam of van een valse hoedanigheid, het gebruik
- Strafrecht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig
Parket bij de Hoge Raad|6 mei 2003|ECLI:NL:PHR:2003:AF6599
omschrijving van de feiten het hanteren van één van de oplichtingsmiddelen als bedoeld in artikel 326 Sr niet kan blijken. Duidelijk is wel dat de betreffende Zweedse strafbepaling aanzienlijk ruimer … artikel 326 Sr. Dat enkele feit neemt uiteraard niet weg dat feiten waarvoor uitlevering wordt gevraagd naar Nederlands recht binnen het bereik van artikel 326 Sr kunnen vallen. Beslissend is immers, zoals
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigVrijspraak van oplichting. Valse hoedanigheid van KLM-stewardess. Civielrechtelijke wanprestatie. Geen…
Rechtbank Den Haag|13 februari 2019|ECLI:NL:RBDHA:2019:1245
deze gedragingen wettig en overtuigend bewezen kunnen worden, oplichting in de zin van artikel 326 Sr opleveren. De rechtbank merkt op dat hetgeen in het spraakgebruik wordt verstaan onder ‘bedrog’ verschilt … juridische begrip oplichting zoals bedoeld in artikel 326 Sr en dat niet iedere vorm van ‘bedrog’ onder het bereik van deze strafbaarstelling kan worden gebracht. In dat verband overweegt de rechtbank
- Strafrecht overigCassatieHoge Raad · Cassatie · Strafrecht overig
Hoge Raad|10 juni 2003|ECLI:NL:HR:2003:AF6597Aangehaald in 9 uitspraken
gegaan voorzover de feiten naar het oordeel van de Rechtbank strafbaar zijn gesteld bij art. 326 Sr. 4.2. Een redelijke uitleg van art. 6 van het hier toepasselijke Uitleveringsverdrag tussen het Koninkrijk … Rechtbank naar Nederlands recht strafbaar zijn gesteld bij de art. 45, 47, 225 en 326 Sr. 4.4. Uit het vorenoverwogene volgt dat - gelet op art. 70, eerste lid onder 3°, in verbinding
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigOplichting gedurende vele jaren door het zich voordoen als financieel adviseur en solide belegger, tevens…
Rechtbank Roermond|9 juli 2010|ECLI:NL:RBROE:2010:BN3067
Oplichting gedurende vele jaren door het zich voordoen als financieel adviseur en solide belegger, tevens gewoontewitwassen. Benadelingsbedrag meer van 300.000 Euro. Strafmaat: gevangenisstraf voor de duur van 24 maanden waarvan 8 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar. Benadeelde partijen niet…
- Strafrecht overigSlagende bewijsklacht medeplegen. Conclusie AG: anders (verbeterd lezen).
Parket bij de Hoge Raad|20 augustus 2013|ECLI:NL:PHR:2013:896
minder snel sprake van het aannemen van een valse hoedanigheid in de zin van art. 326 Sr. Is het daarentegen in het maatschappelijk verkeer gebruikelijk dat men op basis van goed vertrouwen … Hofs daarop gebaseerde oordeel dat verdachte een “valse hoedanigheid” in de zin van art. 326 Sr heeft aangenomen en dat sprake was van een “samenweefsel van verdichtsels”, acht ik niet onbegrijpelijk
- Strafrecht overigBeslissing tot betaling van wettelijke rente over de toegekende bedragen aan schadevergoeding van de bp-en…
Parket bij de Hoge Raad|16 september 2014|ECLI:NL:PHR:2014:2083
Beslissing tot betaling van wettelijke rente over de toegekende bedragen aan schadevergoeding van de bp-en. V.zv. de klacht de vorderingen betreft van de bp-en A, B en C, is het middel terecht voorgesteld, nu uit de voegingsformulieren op naam van deze bp-en niet blijkt dat zij vergoeding van wettelijke rente hebben…
- Strafrecht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig
Parket bij de Hoge Raad|26 juni 2012|ECLI:NL:PHR:2012:BX0590
middel klaagt dat de bewezenverklaring van feit 3 getuigt van een onjuiste rechtsopvatting omtrent art. 326 Sr, doordat het hof een uitbreiding van een bestaande kredietfaciliteit heeft begrepen als het aangaan … Rabobank Liemersepoort tot stand is gekomen onstond nog geen schuld als bedoeld in art. 326 Sr, doch slechts een toekomstige vordering. Een schuld in de zin van genoemd artikel ziet
- Strafrecht overigHerzieningHoge Raad · Herziening · Strafrecht overig
Hoge Raad|29 maart 2005|ECLI:NL:HR:2005:AT3273
verband of betrokkenheid heeft met de tijdens de inbeslagneming bestaande verdenking van overtreding van art. 326 Sr en dus niet in beslag had mogen worden genomen. 3.3. Van de in de aanvrage … gestelde omstandigheid dat de verdachte bij zijn aanhouding werd verdacht van overtreding van art. 326 Sr kan niet worden gezegd dat deze de rechter die de veroordeling heeft uitgesproken niet bekend
- Strafrecht overigDe OvJ moet in uitleveringszaken ingevolge art. 31 lid 3 UW binnen een maand na instellen van cassatie op…
Parket bij de Hoge Raad|13 januari 2004|ECLI:NL:PHR:2004:AI0049
feiten naar Nederlands recht strafbaar zouden zijn op grond van de art. 225 Sr, art. 326 Sr en art. 140 Sr. 9. Uit de overgelegde stukken blijkt verder dat naar het recht … uitleveringsverzoek genoemde feiten onder vermelding van als toepasselijke wettelijke bepalingen art. 225 Sr, art. 326 Sr en art. 140 Sr, alsmede art. 2 en 11 BUV. De Procureur-Generaal bij de Hoge
- Strafrecht overigConclusie AG. Oplichting. Is sprake van oplichting als de oplichtingsmiddelen niet rechtstreeks worden…
Parket bij de Hoge Raad|9 juli 2019|ECLI:NL:PHR:2019:755
derde. De Hoge Raad heeft deze vraag in 1922 als volgt beantwoord : “O. (…) dat artikel 326 Sr. strafbaar stelt onder meer het met het daarbij vermelde oogmerk iemand door listige kunstgrepen bewegen … verwees de Hoge Raad naar zijn uitspraak uit 1968 en oordeelde hij dat “art. 326 Sr vervolging en bestraffing mogelijk maakt van indirecte, door middel van of met behulp van een niet
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigDe rechtsbank spreekt verdachte vrij van oplichting (feit 1), omdat het zich enkel ten onrechte voordoen als…
Rechtbank Limburg|29 oktober 2025|ECLI:NL:RBLIM:2025:10650
betaling te leveren, niet het aannemen van een valse hoedanigheid in de zin van artikel 326 Sr op (HR 9 december 2014 – ECLI:NL:HR:2014:3546). Uit de tekst van artikel … 326 Sr volgt dat degene die wordt opgelicht moet zijn bewogen tot (in dit geval) de betaling van de koopprijs door de oplichtingsmiddelen. Dit betekent dat handelingen en uitlatingen van de verdachte
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigAutohandelaar sluit koopovereenkomsten met aangevers, maar levert niet. Sprake van strafrechtelijke…
Rechtbank Den Haag|28 november 2025|ECLI:NL:RBDHA:2025:22567
primair) Bij strafrechtelijke vervolging is het Wetboek van Strafrecht (Sr) leidend, waarin in artikel 326 Sr oplichting strafbaar is gesteld. Bij strafbaarstelling van oplichting gaat het om gevallen waarbij de verdachte … rechtbank maakt deze derhalve geen onderdeel uit van enig oplichtingsmiddel in de zin van artikel 326 Sr waardoor een onjuiste voorstelling van zaken in het leven zou zijn geroepen waar de verdachte
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigCelstraf na oplichting meerdere B&B’s De rechtbank veroordeelt een 41-jarige man, zonder vaste woon-of…
Rechtbank Gelderland|20 oktober 2022|ECLI:NL:RBGEL:2022:5967
veroordeling ter zake van oplichting te komen. Voor oplichting in de zin van artikel 326 Sr is eveneens vereist dat de ander mede onder invloed van de door het desbetreffende oplichtingsmiddel … zich kwalificeren als oplichting door een samenweefsel van verdichtsels in de zin van artikel 326 Sr. Ten aanzien van het handelen van verdachte jegens [benadeelde 3] geldt dat eveneens sprake
- Strafrecht overigHoger beroepVrijspraak poging tot medeplegen oplichting. Hof is van oordeel dat het verlenen van uitstel van betaling van…
Gerechtshof Den Haag|25 april 2023|ECLI:NL:GHDHA:2023:825
openbaar ministerie heeft op grond van ervaringen in de rechtspraktijk aangegeven dat artikel 326 Sr, oplichting, op twee punten voor verbetering vatbaar is. Het onderhavige voorstel komt tegemoet aan de wens … wijziging van artikel 326 Sr op deze punten. In de eerste plaats wordt voorgesteld ook het door een van de wettelijke oplichtingsmiddelen iemand bewegen tot het verlenen van een dienst strafbaar
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.