1.149 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigBodemzaakGeen verkrijging door verjaring van strook gemeentegrond. Onderhoud en aanleg van vrij toegankelijke…
Rechtbank Zeeland-West-Brabant|1 maart 2017|ECLI:NL:RBZWB:2017:1272
Eiser] door verjaring als bedoeld in de artikelen 3:105 BW jo. 3:306 BW de eigendom van de strook grond heeft verkregen. De gemeente betwist dit en voert … voltooiing van de verjaring als bedoeld in artikel 3:105 BW jo 3:306 BW. In zoverre kan deze grondslag de vordering sub 1 van [Eiser] niet dragen. De vorderingen
- Personen- en familierechtEerste aanleg - enkelvoudigErfrecht. Ouderlijke boedelverdeling (art. 4:1167 BW (oud)). Vordering uit hoofde van onderbedeling na OBV…
Rechtbank Midden-Nederland|13 februari 2019|ECLI:NL:RBMNE:2019:563
gebreke van een andere verjaringstermijn in de wet, deze rechtsvordering op grond van artikel 3:306 BW pas verjaart door verloop van twintig jaren. Deze termijn van twintig jaren is op grond … vordering van [eiseres] is onderworpen aan de verjaringstermijn van twintig jaar van artikel 3:306 BW – dergelijke vorderingen toch binnen een andere (kortere) termijn dan de in de wet voorgeschreven verjaringstermijn
- VerbintenissenrechtBodemzaakBurengeschil: beroep op verjaring slaagt niet.
Rechtbank Noord-Holland|21 september 2022|ECLI:NL:RBNHO:2022:8416
verjaring dient dat bezit gedurende een termijn van twintig jaren te hebben voortgeduurd (artikel 3:306 BW). 5.6. De rechtbank is van oordeel dat van eigendomsverkrijging door [eiser] van de strook grond … grond van bevrijdende verjaring in de zin van de artikelen 3:105 juncto 3:306 BW geen sprake kan zijn. In het midden kan daarom blijven waar het schuin aflopende houten
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigBurenrecht. Geschil over de juridische erfgrens. Beroep op bevrijdende verjaring slaagt niet. Geschil over…
Rechtbank Limburg|29 juni 2022|ECLI:NL:RBLIM:2022:5059
kadastrale grens en de feitelijke grens. Op grond van artikel 3:105 juncto 3:306 BW dient voor een geslaagd beroep op bevrijdende verjaring sprake te zijn van onafgebroken bezit gedurende minstens … verjaring dient sprake te zijn van onafgebroken bezit gedurende ten minste twintig jaar (artikel 3:306 BW), waarbij ingevolge artikel 3:101 BW de verjaring begint te lopen met de aanvang
- Civiel recht overigHoger beroepverdeling van nalatenschappen – Toedeling van percelen grond met een woning waar een der erfgenamen woont –…
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba|4 mei 2021|ECLI:NL:OGHACMB:2021:129
uiterlijk in 1995 ontstaan. Een vordering uit hoofde van ongerechtvaardigde verrijking verjaart volgens artikel 3:306 BW na verloop van 20 jaren. Niet is gesteld of gebleken dat de verjaring van deze … bedraagt ook ten aanzien van deze vordering van [Appellant] ingevolge artikel 3:306 BW, nu de wet niet anders bepaalt, de verjaringstermijn 20 jaar. Van verjaring is dus geen sprake
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigZakelijke rechten; beperkte rechten; erfdienstbaarheden
Rechtbank Limburg|15 november 2023|ECLI:NL:RBLIM:2023:7183
overpad is ontstaan bij wijze van bevrijdende verjaring ex artikel 3:105 BW jo. 3:306 BW in die zin dat deze mag worden betreden met autovoertuigen om de garages … tien jaar onafgebroken bezit te goeder trouw of door bevrijdende verjaring (3:105 jo. 3:306 BW). Deze laatste vorm van verjaring ontstaat na twintig jaar onafgebroken bezit en goede trouw
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigVerjaring stuk grond naar OBW.
Rechtbank Limburg|12 januari 2022|ECLI:NL:RBLIM:2022:321
rechthebbende (artikel 3:314 lid 2 BW) en is voltooid na 20 jaren (artikel 3:306 BW). Degene die zich op verjaring beroept dient op het moment waarop de verjaring
- Civiel recht overigVerjaring. Vordering uit overeenkomst van geldlening. Is art. 3:324 BW van toepassing op in executoriale vorm…
Parket bij de Hoge Raad|11 september 2015|ECLI:NL:PHR:2015:1715
worden gezien, de wet niet voorziet in een specifieke, van de hoofdregel van art. 3:306 BW afwijkende verjaringstermijn voor grossen. Het hof had dit, al dan niet de rechtsgronden ambtshalve aanvullend … zodat moet worden aangesloten bij de verjaring van rechtsvorderingen . Daarbij wordt in de art. 3:306 BW e.v. de verjaring verbonden aan de materiële strekking van elke rechtsvordering . Niet de vorm maar
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigBurengeschil over de vraag waar de erfgrens ligt, hoe het recht van erfdienstbaarheid (overpad) over en weer…
Rechtbank Overijssel|4 januari 2023|ECLI:NL:RBOVE:2023:581
plaatsvinden door bevrijdende (ook wel extinctieve) verjaring, zie artikel 3:105 BW en artikel 3:306 BW. Het houdt simpel gezegd in dat iemand (in dit geval [B] ) een stuk grond … mogen bevinden, overweegt de rechtbank als volgt. Op grond van artikel 3:314 jo. 3:306 BW verjaart de vordering tot verwijdering van een boom die binnen de in artikel
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigGeschil over de verboden zone. Onrechtmatige hinder en overhangende beplanting.
Rechtbank Limburg|20 augustus 2025|ECLI:NL:RBLIM:2025:12181
onafgebroken periode van twintig jaren (artikel 3:105 BW en artikel 3:306 BW). 4.4. [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] heeft een foto in de procedure gebracht waaruit blijkt … bomen, heesters en heggen op grond van artikel 5:42 BW verjaart volgens artikel 3:306 BW na twintig jaar. De verjaringstermijn begint vanaf de dag waarop de onmiddellijke opheffing
- Civiel recht overigCassatieHoge Raad · Cassatie · Civiel recht overig
Hoge Raad|31 mei 2002|ECLI:NL:HR:2002:AE0631
3:310 BW zodat de algemene verjaringstermijn van 20 jaren van art. 3:306 BW van toepassing is. Het Hof heeft echter terecht geoordeeld dat de op art. 2 VOA gebaseerde verhaalsvordering
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigBurenrecht. Geschil over een steiger die deels doorloopt op het naastgelegen kadastrale perceel. Gedaagde…
Rechtbank Den Haag|6 augustus 2025|ECLI:NL:RBDHA:2025:14813
Burenrecht. Geschil over een steiger die deels doorloopt op het naastgelegen kadastrale perceel. Gedaagde stelt door verjaring eigenaar te zijn geworden van het perceelsgedeelte onder en bij de steiger, dan wel dat het door verjaring is bezwaard met een opstalrecht, dan wel met een erfdienstbaarheid. Bewijsopdracht.
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigErfdienstbaarheid van weg. Ontstaan door vestiging of door verjaring. Opheffing. Wijziging.
Rechtbank 's-Gravenhage|11 juli 2007|ECLI:NL:RBSGR:2007:BA9678
niet te goeder trouw is kan op grond van artikel 3:105 jo. 3:306 BW na verloop van 20 jaren een recht van erfdienstbaarheid verkrijgen. Ingevolge artikel 93 Overgangswet geldt … uitgestelde werking van een jaar ingeval de termijn van 20 jaar (art. 3:306 BW) op het tijdstip van inwerkingtreding reeds is verstreken. Dit betekent dat de extinctieve verjaringstermijn op zijn vroegst
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigBurenzaak. Toewijzen vordering mbt camera's met dwangsom. Tav strook grond eigendomsverkrijging door…
Rechtbank Noord-Holland|3 april 2019|ECLI:NL:RBNHO:2019:3019
zijn bezit niet te goeder trouw. Deze verjaringstermijn bedraagt op grond van artikel 3:306 BW twintig jaar. De dagvaarding van [eisers] dateert van 13 maart 2018. Gelet op de, door [eisers
- GoederenrechtEerste aanleg - enkelvoudigUit objectieve uitleg van de akte van erfdienstbaarheid volgt dat de betwiste grondstrook is belast met een…
Rechtbank Rotterdam|22 december 2021|ECLI:NL:RBROT:2021:12817
bekend gemeente [plaatsnaam] [perceelnummer 2]), is verjaard ex artikel 3:314 lid 1 juncto 3:306 BW; In alle gevallen 4. [naam gedaagde] veroordeelt in de kosten van het geding, te voldoen … naam eiser 2]. 5.4. De verjaring(stermijn) van artikel 3:99, 3:105 en 3:306 BW begint (pas) te lopen als sprake is van bezit (artikel 3:101 BW). Artikel 3
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigDe beide gedaagden zijn buren en hebben in 1968 garages achter hun woningen gebouwd. Naast hun woningen lag…
Rechtbank 's-Hertogenbosch|14 december 2011|ECLI:NL:RBSHE:2011:BU7824
geen erfdienstbaarheid door bevrijdende verjaring ontstaan, want daarvoor is de verjaringstermijn van 20 jaar (3:306 BW) niet vervuld. Die termijn is immers pas vanaf 1 januari 1992 gaan lopen op grond … bezit gedurende een termijn van 20 jaar vereist (3:105 lid 1 jo 3:306 BW). [Partij B1-2] en [Partij B3-4] hebben de verjarings¬ter¬mijn van 20 jaar niet
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigBurenzaak. Eigendom betwiste strook grond (pad) tussen twee woningen. Beroep op bevrijdende verjaring gaat…
Rechtbank Gelderland|16 november 2022|ECLI:NL:RBGEL:2022:6327
strook grond heeft verkregen op grond van bevrijdende verjaring ex artikelen 3:105 en 3:306 BW. 7.4. Artikel 3:105 lid 1 BW bepaalt dat hij die een goed bezit … verkrijgt, ook al was zijn bezit niet te goeder trouw. Uit hoofde van artikel 3:306 BW geldt hiervoor de algemene termijn van twintig jaren, die aanvangt op het in artikel 3
- Civiel recht overigHoger beroepBurengeschil. Verwijdering bomen. Mandeligheid scheidsmuur. Twee bomen staan binnen twee meter van erfgrens…
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba|1 april 2025|ECLI:NL:OGHACMB:2025:95
trouw is in de zin van artikel 3:105 BW in verbinding met artikel 3:306 BW. De verjaringstermijn is daarom twintig jaar. Van bezitsdaden van [appellant] is niet gebleken. De enige … niet te goeder trouw is bedraagt de termijn twintig jaar (artikelen 3:105 jo 3:306 BW) vanaf de dag waarop het bezit is begonnen. Volgens [appellant] is dat bezit begonnen
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigDeze zaak gaat over een geschil tussen grondeigenaren over het gebruik van een pad dat in eigendom is van…
Rechtbank Overijssel|19 november 2025|ECLI:NL:RBOVE:2025:6739
goed verkrijgt, ook al was zijn bezit niet te goeder trouw. Ingevolge artikel 3:306 BW verjaart bedoelde rechtsvordering tot beëindiging van het bezit door verloop van twintig jaren. Die termijn voor
- Personen- en familierechtHoger beroeperfrecht, onrechtmatige daad, toepasselijk recht (WCOD), persoonlijke aansprakelijkheid dochter van erflater…
Gerechtshof Amsterdam|30 juli 2019|ECLI:NL:GHAMS:2019:2851
erfrecht, onrechtmatige daad, toepasselijk recht (WCOD), persoonlijke aansprakelijkheid dochter van erflater jegens broers/zussen, schadevergoeding
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.