377 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigCo-financieringsovereenkomsten bij de productie van films en series; afrekening distributievergoeding; actio…
Rechtbank Amsterdam|8 mei 2024|ECLI:NL:RBAMS:2024:2631
door een daad van rechtsvervolging (lees: het instellen van een eis in rechte, artikel 3:316 BW) of door een schriftelijke aanmaning indien deze binnen zes maanden wordt gevolgd door een daad
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigRechtbank Midden-Nederland · Eerste aanleg - enkelvoudig · Civiel recht overig
Rechtbank Midden-Nederland|17 mei 2017|ECLI:NL:RBMNE:2017:7056
gerechtigde, die in de vereiste vorm geschiedt. Het tweede lid van artikel 3:316 BW bepaalt wat geldt ingeval de ingestelde eis niet leidt tot toewijzing. De verjaring is dan slechts gestuit
- Civiel recht overigConservatoir beslag op registergoed gevolgd door eis in de hoofdzaak; verval van het beslag doordat in hoger…
Parket bij de Hoge Raad|6 augustus 2021|ECLI:NL:PHR:2021:741
Conservatoir beslag op registergoed gevolgd door eis in de hoofdzaak; verval van het beslag doordat in hoger beroep nog slechts een declaratoir wordt gevorderd?; verdeling na executie door hypotheekhouder (art. 3:270 BW); rangregeling en renvooiprocedure; inmiddels verjaarde vordering toelaatbaar op basis van…
- Civiel recht overigVermogensrecht. Effectenlease. Verstekvonnis tot betaling restschuld uit effectenlease-overeenkomst…
Parket bij de Hoge Raad|19 november 2021|ECLI:NL:PHR:2021:1081
inleidende dagvaarding, niet was verjaard. De instelling van de eis had ingevolge artikel 3:316 BW stuitende werking gedurende de procedure. De eis is door een toewijzing (het verstekvonnis) gevolgd. Hierop
- Civiel recht overigEerste aanleg - meervoudigKwijtschelding van een intercompany-schuld voorafgaand aan faillissement
Rechtbank Almelo|9 februari 2011|ECLI:NL:RBALM:2011:BP6539
maart 2010 is de verjaring daarmee op voet van het bepaalde in artikel 3:316 BW tijdig, dat wil zeggen binnen de termijn van vijf jaren (artikel 6:140 lid 4 BW
- Civiel recht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad|2 maart 2001|ECLI:NL:PHR:2001:AB0379
stellen. Met deze mogelijkheid is in de wettekst van art. 3:316 BW rekening gehouden door de formulering "van de zijde van de gerechtigde". Zie Parl. Gesch. bk 3
- VerbintenissenrechtEerste aanleg - meervoudigArtikel 24 Brussel bis verordening Artikelen 3,4 en 9 Rome I verordening Cessie van (toekomstige)…
Rechtbank Limburg|2 maart 2022|ECLI:NL:RBLIM:2022:1546
verjaard. Met het uitbrengen van de dagvaarding is de verjaring vervolgens gestuit (artikel 3:316 BW). Heeft [gedaagde] de pacht (bevrijdend) betaald? 4.10. [gedaagde] stelt dat zij de pacht over de hele
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigLetselschade. Deelgeschil. Verklaring voor recht omtrent verjaring van de vordering van benadeelde…
Rechtbank 's-Hertogenbosch|8 februari 2012|ECLI:NL:RBSHE:2012:BV3743
instellen van een eis of andere daad van rechtsvervolging in de zin van art. 3:316 BW, omdat een dergelijke procedure nog niet erop gericht is een vorderingsrecht geldend te maken, maar
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigErfdienstbaarheid van uitzicht, verjaring en gedeeltelijk teniet gaan erfdienstbaarheid, wijziging…
Rechtbank Rotterdam|27 juli 2011|ECLI:NL:RBROT:2011:BR5595
schriftelijke aanmaning die binnen zes maanden door een stuitingshandeling (als bedoeld in artikel 3:316 BW) wordt gevolgd. Omdat na de aanmaning van 2 juli 2003 niet binnen zes maanden een daad
- Civiel recht overig15 april 2005 Eerste Kamer Nr. C04/044HR JMH Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Eiser]…
Parket bij de Hoge Raad|15 april 2005|ECLI:NL:PHR:2005:AS2030
worden volstaan met een minder zware formaliteit voor de stuiting van verjaring dan art. 3: 316 BW voorschrijft- maakt de wet gewag van een mededeling waarin de schuldeiser zich ondubbelzinnig zijn recht
- Civiel recht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad|28 juni 2002|ECLI:NL:PHR:2002:AE1538
bedoeld in de eerste zin van art. 3: 319 BW dient ingevolge art. 3: 316 BW en de toelichting erop te worden verstaan het instellen van een eis in rechte
- Civiel recht overigKoopovereenkomst, non-conformiteit. Is verjaringstermijn van art. 7:23 lid 2 BW van toepassing op vordering…
Parket bij de Hoge Raad|1 september 2017|ECLI:NL:PHR:2017:1251
dient daarbij in dit verband ook bedacht te worden dat artikel 3.11.17 [hof. 3:316 BW] anders dan artikel 2016 BW [oud, hof] de mogelijkheid kent om de verjaring te stuiten door
- Personen- en familierechtBodemzaakerfrecht; verjaring geldlening; voor inkorting vatbare gift?
Rechtbank Den Haag|20 juli 2016|ECLI:NL:RBDHA:2016:8442
verjaring van de rechtsvordering op gedaagde te stuiten op de voet van artikel 3:316 BW. De moeder heeft geen nieuwe eis ingesteld, zodat zij het profijt van de eerst ingestelde
- Civiel recht overigEerste aanleg - meervoudigArt. 2:248 en 2:10 BW. Niet voldaan aan de wettelijke administratieplicht. Daardoor sprake van…
Rechtbank Noord-Holland|20 oktober 2021|ECLI:NL:RBNHO:2021:9247
Art. 2:248 en 2:10 BW. Niet voldaan aan de wettelijke
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigErfdienstbaarheid gevestigd ten behoeve van twee percelen tegelijk. Een van die percelen komt later in…
Rechtbank Noord-Holland|19 juli 2017|ECLI:NL:RBNHO:2017:6032
wegnemen van een opening op grond van de artikelen 3: 306 en 3: 316 BW. Bij gelegenheid van de comparitie van partijen heeft [R] dit verweer aangevuld, omdat hij op dat moment
- OndernemingsrechtVerbintenissenrecht; verjaring. Vordering op rechtspersoon die na faillietverklaring door insolventie is…
Parket bij de Hoge Raad|27 maart 2020|ECLI:NL:PHR:2020:391
Verbintenissenrecht; verjaring. Vordering op rechtspersoon die na faillietverklaring door insolventie is ontbonden en vervolgens is opgehouden te bestaan (art. 2:19 lid 1, onder c, en lid 6 BW), terwijl de mogelijkheid bestaat dat de vereffening in faillissement wordt heropend (art. 194 Fw). Geldt gedurende de periode…
- Civiel recht overigVerjaring. Vordering uit overeenkomst van geldlening. Is art. 3:324 BW van toepassing op in executoriale vorm…
Parket bij de Hoge Raad|11 september 2015|ECLI:NL:PHR:2015:1715
Boek 3 1981, p. 941 (nr. 7)) in samenhang te worden gelezen met artikel 3:316 BW en 319 BW, welk geval zich in dit geval niet voordoet, nu het hier niet
- GoederenrechtEerste aanleg - enkelvoudigBurengeschil. Door verjaring is een erfdienstbaarheid van voetpad ontstaan. Op grond van artikel 5:54 BW mag…
Rechtbank Midden-Nederland|19 juli 2023|ECLI:NL:RBMNE:2023:4414
vervolgens, zoals is vereist voor het stuiten van de verjaring (artikelen 3:317 en 3:316 BW), binnen 6 maanden gevolgd door een daad van rechtsvervolging of het instellen
- VerbintenissenrechtBodemzaakAanneming van werk: aanleg SuperSub laag onder padel banen. Vordering tot schadevergoeding wegens verzakking…
Rechtbank Noord-Holland|13 maart 2024|ECLI:NL:RBNHO:2024:2379
Aanneming van werk: aanleg SuperSub laag onder padel banen. Vordering tot schadevergoeding wegens verzakking. Schending waarschuwingsplicht art. 7:754 BW althans tekortschieten in deskundigheid of zorgvuldigheid (art. 7:760 lid 2 BW). Vordering directe schade wordt toegewezen. De indirecte schade niet, omdat…
- Civiel recht overigBodemzaakBurengeschil. Bomen en struiken op kleinere afstand van de erfgrens dan bedoeld in artikel 5:42 BW hoeven…
Rechtbank Noord-Holland|26 juni 2013|ECLI:NL:RBNHO:2013:7442
Burengeschil. Bomen en struiken op kleinere afstand van de erfgrens dan bedoeld in artikel 5:42 BW hoeven niet te worden verplaatst of verwijderd, nu de redelijkheid en billijkheid daaraan in de weg staan. Een heg als erfafscheiding tot een hoogte van 2 meter wordt in het algemeen toelaatbaar en aanvaardbaar geacht.…
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.