914 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigGeen wettig en overtuigend bewijs dat verdachte zich (mede) schuldig heeft gemaakt aan een brutale overval op…
Rechtbank Overijssel|30 juli 2013|ECLI:NL:RBOVE:2013:1617
tenlastelegging die, zoals in de onderhavige zaak het geval is, doelt op oplichting (artikel 326 Sr), niet bewezen kan worden dat er sprake is van afgifte van enig goed. De wetgever heeft … delictomschrijving van artikel 326 Sr hierin voorzien door tevens strafbaar te stellen het bewegen tot het “ter beschikking stellen van gegevens”. Dit ter beschikking stellen van gegevens, die een geldswaarde vertegenwoordigen, vermeldt
- Strafrecht overigHoger beroepHotelovernachting zonder betaling: oplichting
Gerechtshof Amsterdam|27 juli 2011|ECLI:NL:GHAMS:2011:BR3751
sleutel, welke sleutel enig goed betreft als wordt genoemd in de delictsomschrijving in artikel 326 Sr. Dat het daaropvolgende gebruik van het appartement door de verdachte geen goed … artikel 326 Sr oplevert, zoals de raadsman terecht heeft gesteld, doet daaraan niet af, evenmin als het feit dat volgens de verdachte geen sprake is geweest van een metalen sleutel maar
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigVerdachte is veroordeeld voor het bedrijfsmatig houden en verkopen van honden/katten gedurende langere…
Rechtbank Den Haag|7 oktober 2015|ECLI:NL:RBDHA:2015:11574
bonafide verkoper, niet oplevert het aannemen van een valse hoedanigheid in de zin van artikel 326 Sr. Ten aanzien van het onder het tweede gedachtestreepje ten laste gelegde overweegt de rechtbank … overtuigend kan worden bewezen dat verdachte [benadeelde 1] heeft opgelicht zoals bedoeld in art. 326 Sr, zodat zij daarvan dient te worden vrijgesproken. [benadeelde 2] Aangeefster [benadeelde 2] heeft bij de politie
- Strafrecht overigHoger beroepVrijspraak feit 1 (oplichting, begaan door een rechtspersoon, terwijl hij aan de verboden gedraging…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|18 februari 2025|ECLI:NL:GHSHE:2025:411
maatschappelijk verkeer vereiste omzichtigheid mag worden verwacht. Voor een bewezenverklaring van oplichting ex artikel 326 Sr. is – kort en zakelijk weergegeven – vereist dat met het aanwenden van een of meer genoemde oplichtings … naar het oordeel van het hof echter nog geen oplichting op als bedoeld in artikel 326 Sr, althans heeft het hof de overtuiging dat daar sprake van is geweest niet op basis
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigAls feitelijk leidinggevende in strijd met de Wtk 1992 bedrijfsmatig gelden aantrekken van het publiek en…
Rechtbank Zeeland-West-Brabant|16 juli 2014|ECLI:NL:RBZWB:2014:4794
gesteld - als aandachtspunt beschreven dat “er in casu mogelijk sprake is van oplichting ex. artikel 326 Sr door de vennootschappen [bedrijf 3], [bedrijf 2] en [bedrijf 1]”. Dit oordeel … bedrijf 5], [bedrijf 14], [bedrijf 13] en verdachten zich schuldig maken aan overtreding van artikel 326 Sr. In het aanvangsproces-verbaal met betrekking tot dit onderzoek wordt gewezen op de omstandigheid
- Strafrecht overigMarktplaatsoplichting. Slagende bewijsmotiveringklacht. Het aannemen van een valse hoedanigheid kan niet z.m…
Parket bij de Hoge Raad|3 maart 2015|ECLI:NL:PHR:2015:478
feiten 5 en 6 sprake is van oplichting in de zin van art. 326 Sr. Daartoe wordt aangevoerd dat (i) het enkele zich voordoen als bonafide verkoper niet het aannemen
- Strafrecht overigConclusie AG. Betaalverzoekfraude. O.a. computervredebreuk, meermalen gepleegd en oplichting, meermalen…
Parket bij de Hoge Raad|19 november 2024|ECLI:NL:PHR:2024:1232
over te maken. Van afgifte van geldbedragen door ING Bank in de zin van art. 326 Sr zou dan ook geen sprake zijn. 4.5 Bij de beoordeling van dit middel stel … volgende voorop. Het bestanddeel ‘afgifte van enig goed’ als bedoeld in art. 326 Sr wordt in de jurisprudentie ruim uitgelegd. Het goed moet uit de beschikkingsmacht van de ander raken. Onder afgifte
- Strafrecht overigHoger beroepVrijspraak marktplaatsoplichting. Niet bewogen door valse naam. Ontoereikende tenlastelegging
Gerechtshof Amsterdam|23 maart 2016|ECLI:NL:GHAMS:2016:1214
326 Wetboek van Strafrecht (Sr) worden aangemerkt. Valse hoedanigheid Aan de in artikel 326 Sr neergelegde regeling ligt ten grondslag dat van de koper behoedzaamheid wordt verwacht bij het uitkiezen van zijn … schuld of tot het teniet doen van een inschuld als bedoeld in art. 326 Sr, komt het aan op alle omstandigheden van het geval. Tot die omstandigheden behoren de vertrouwenwekkende aard
- Strafrecht overigOp tegenspraakoplichting en kwetsbare slachtoffers
Rechtbank Zeeland-West-Brabant|1 september 2017|ECLI:NL:RBZWB:2017:5519
oplichting. Hij voert daartoe aan dat beide slachtoffers niet worden beschermd door artikel 326 Sr nu zij de door verdachte geschetste onjuiste voorstelling van zaken hadden moeten doorzien. Voor wat betreft feit … vereist dat sprake is van het bezigen van een of meer van de in artikel 326 Sr specifiek aangeduide oplichtingsmiddelen: het aannemen van een valse naam of van een valse hoedanigheid
- Civiel recht overigHoger beroepVerzoek tot verwijdering van persoonsgegevens op grond van art. 46 Wet bescherming persoonsgegevens (Wbp)…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|7 november 2014|ECLI:NL:GHARL:2014:8710Aangehaald in 18 uitspraken
Verzoek tot verwijdering van persoonsgegevens op grond van art. 46 Wet bescherming persoonsgegevens (Wbp). Fiscaal jurist en registeraccountant verrichten werkzaamheden bij financiële dienstverlener en worden wegens o.m. het voorhanden hebben en opmaken van valse facturen geregistreerd in het interbancaire…
- VerbintenissenrechtArt. 81 lid 1 RO. Vernietiging van echtscheidingsconvenant wegens bedrog. Waarde van aandelen in een…
Parket bij de Hoge Raad|15 mei 2020|ECLI:NL:PHR:2020:487
Art. 81 lid 1 RO. Vernietiging van echtscheidingsconvenant wegens bedrog. Waarde van aandelen in een windmolenproject.
- Strafrecht overigCassatieHoge Raad · Cassatie · Strafrecht overig
Hoge Raad|13 november 2001|ECLI:NL:HR:2001:AD4320Aangehaald in 12 uitspraken
aannemen van een valse hoedanigheid noch een listige kunstgreep in de zin van art. 326 Sr. Het vorenoverwogene brengt mee dat het Hof hetgeen het heeft bewezenverklaard ten onrechte heeft gekwalificeerd
- Strafrecht overigConclusie AG. Veroordeling voor o.m. (medeplegen van) oplichting, meermalen gepleegd. Uos-klachten, art…
Parket bij de Hoge Raad|15 februari 2022|ECLI:NL:PHR:2022:142
mening dat geen sprake is van oplichting in de zin van art. 326 sr en subsidiair dat geen sprake is van een geldbedrag dat hij anders dan door misdrijf onder zich … niet het geval. Ik haal uit het vonnis dat oplichting als bedoeld in artikel 326 Sr niet aan de orde is als het slachtoffer, gelet op alle omstandigheden van het geval
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigPromis; onderzoek Talpa & Bolero; verdachte is in verband met het medeplegen van oplichting veroordeeld tot…
Rechtbank Noord-Holland|16 maart 2015|ECLI:NL:RBNHO:2015:2180
Voorop wordt gesteld dat door verdachte en medeverdachten geen listige kunstgrepen als bedoeld in artikel 326 Sr zijn gebruikt en voorts dat door de adverteerder weliswaar steeds gebruik is gemaakt … goederen te leveren, levert niet het aannemen van een valse hoedanigheid als bedoeld in artikel 326 Sr op (ECLI:NL:HR:2014:3144). De Hoge Raad overweegt daarbij evenwel dat deze valse
- Strafrecht overigVordering wijziging tll. Art. 313 Sv. Art. 257f.3 Sv. Art. 68 Sr. ’s Hofs oordeel geeft – gelet op de…
Parket bij de Hoge Raad|15 september 2015|ECLI:NL:PHR:2015:2236
Vordering wijziging tll. Art. 313 Sv. Art. 257f.3 Sv. Art. 68 Sr
- Strafrecht overigBedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht. Het Hof heeft bewezenverklaard dat verdachte tezamen en…
Parket bij de Hoge Raad|25 januari 2011|ECLI:NL:PHR:2011:BP1834
maakt weer dat de vraag van belang is voor de onderlinge verhouding van oplichting (art. 326 Sr) en afpersing (art. 317 Sr). Als de dader het slachtoffer geld of gegevens ontfutselt door
- Strafrecht overigVordering wijziging tll. Art. 313 Sv. Art. 257f.3 Sv. Art. 68 Sr. ’s Hofs oordeel geeft – gelet op de…
Parket bij de Hoge Raad|15 september 2015|ECLI:NL:PHR:2015:2235
Vordering wijziging tll. Art. 313 Sv. Art. 257f.3 Sv. Art. 68 Sr
- Strafrecht overigConclusie AG. Middelen namens de verdachte over de bewijsvoering van zijn oogmerk op afpersing van de man die…
Parket bij de Hoge Raad|15 februari 2022|ECLI:NL:PHR:2022:149
Conclusie AG. Middelen namens de verdachte over de bewijsvoering van zijn oogmerk op afpersing van de man die hij tot bloedens toe in het gezicht sloeg, en de bewijsvoering van zijn deelname aan een criminele organisatie. Middel namens de benadeelde partij is te laat ingediend en komt ook om inhoudelijke redenen niet…
- Strafrecht overigRaadkamerBeklagzaak art. 12 Begrip rechtstreeks belanghebbende bescherming art. 326 en art. 326b Wetboek v Strafrecht…
Gerechtshof Amsterdam|15 maart 2018|ECLI:NL:GHAMS:2018:862
valse [naam]-kunstwerken (artikel 326b Wetboek van Strafrecht, verder: Sr) en (poging tot) oplichting (artikel 326 Sr) door het te koop aanbieden van valse [naam]-kunstwerken als waren zij echt en onvervalst … worden beoordeeld of de overtreden strafbepaling beoogt dit specifieke belang van klaagster te beschermen. Artikel 326 Sr luidt, voor zover hier van belang: Hij die, met het oogmerk om zich
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigPromis; meerdere oplichtingsfeiten en pogingen daartoe; verwerping gevoerde bewijs(middel)verweren; deels…
Rechtbank Noord-Holland|24 maart 2014|ECLI:NL:RBNHO:2014:2736
toezegging naar het oordeel van de rechtbank niet tot een oplichting als bedoeld in artikel 326 Sr. Indien dit niet strookte met de waarheid - en daar wijst naar het oordeel … overtuigend bewezen dat verdachte aangever [slachtoffer 4] heeft opgelicht in de zin van art. 326 Sr. Aangever heeft immers verklaard dat hij verdachte het geld heeft gegeven, omdat hij zich bedreigd voelde
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.