409 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigKort gedingGeschil in kort geding tussen zieke werknemer en werkgever. Het gaat daarbij om de vragen of de opschorting…
Rechtbank Dordrecht|22 juli 2010|ECLI:NL:RBDOR:2010:BN4515
voet kan tevens sprake zijn van een impliciete beslissing tot verkorting van de dagvaardingstermijn. Artikel 254 Rv schrijft in het geheel niet (laat staan: op straffe van nietigheid) voor dat, indien sprake
- Civiel recht overigKort gedingVorderingen Nederlandse vereniging van anesthesiemedewerkers (NVAM) en landelijke vereniging van…
Rechtbank 's-Hertogenbosch|30 december 2009|ECLI:NL:RBSHE:2009:BK8011
merken als een voorziening bij voorraad als bedoeld in het eerste lid van artikel 254 Rv. Een dergelijke vordering leent zich daarmee niet voor toewijzing in kort geding. 4.5. Ten aanzien
- Civiel recht overigKort gedingKort geding. Art 5 Handelsnaamwet. Zuiver beschrijvende handelsnamen, stemmen daarnaast begripsmatig en…
Rechtbank Gelderland|17 november 2017|ECLI:NL:RBGEL:2017:6842
kantonrechter zou moeten worden voorgelegd. 4.14. De voorzieningenrechter overweegt als volgt. Artikel 254 Rv bepaalt dat in alle spoedeisende zaken waarin, gelet op de belangen van partijen, een onmiddellijke voorziening bij voorraad
- Civiel recht overigKort gedingKort Geding. Opheffen beslagen. Is sprake van misbruik van identiteitsverschil? Summierlijk gebleken van de…
Rechtbank Zeeland-West-Brabant|28 december 2021|ECLI:NL:RBZWB:2021:7105
genoemde wetsbepaling niet. In zoverre is zij een lex specialis ten opzichte van artikel 254 Rv. Bovendien vloeit het spoedeisend belang bij het gevorderde voort uit de aard van de vordering. Artikel
- Civiel recht overigKort gedingKort geding. Gebod verwijderen onrechtmatige berichten van LinkedIn / internet. Verbod plaatsen…
Rechtbank Gelderland|13 juni 2024|ECLI:NL:RBGEL:2024:3644
Rv) bevoegd is om van de vordering kennis te nemen. 4.2. Op grond van artikel 254 Rv jo artikel 99 Rv is de voorzieningenrechter van de rechtbank Gelderland bevoegd om de zaak
- Civiel recht overigKort gedingKort geding. Geschil tussen bestuursleden van een hondendressuurclub. Vraag is wie bestuurders zijn: eisers…
Rechtbank Rotterdam|17 december 2018|ECLI:NL:RBROT:2018:10780
beoordeling van een vordering tot het treffen van een voorlopige voorziening als bedoeld in artikel 254 Rv – bij wijze van uitgangspunt – dient te richten naar de waarschijnlijke uitkomst van een eventuele bodemprocedure
- Civiel recht overigKort gedingKG. Opheffing beslagen aannemingsovereenkomst.
Rechtbank Rotterdam|18 mei 2018|ECLI:NL:RBROT:2018:7785
genoemde wetsbepaling niet vereist. In zoverre is zij een lex specialis ten opzichte van artikel 254 Rv. 5.2. Volgens art. 705 lid 2 Rv dient het beslag te worden opgeheven indien summierlijk
- VerbintenissenrechtKort gedingKort geding. Huur bedrijfsruimte. Verhuurder moet gebreken verhelpen (art. 7:206 BW).
Rechtbank Gelderland|18 februari 2026|ECLI:NL:RBGEL:2026:1345
gelet op de belangen van partijen, een onmiddellijke voorziening bij voorraad wordt vereist (art. 254 Rv), wordt in het navolgende per melding geoordeeld. [gedaagden] hebben namelijk betwist dat zo’n onmiddellijke voorziening
- Civiel recht overigKort geding- bevoegdheid voorzieningenrechter, - nakomen managementovereenkomst.
Rechtbank Arnhem|7 augustus 2007|ECLI:NL:RBARN:2007:BB2019
geding, de bevoegdheid van de voorzieningenrechter van de rechtbank om in kort geding overeenkomstig artikel 254 Rv uitspraak te doen niet uitsluit. De voorzieningenrechter is daarmee bevoegd van de vordering op grond
- Civiel recht overigKort gedingOnrechtmatige daad. Onrechtmatige publicatie op het internet. Botsing tussen het recht op bescherming van eer…
Rechtbank 's-Hertogenbosch|16 juni 2010|ECLI:NL:RBSHE:2010:BM7956
vraag of eisers voldoende spoedeisend belang hebben bij hun vorderingen in de zin van artikel 254 Rv wordt het volgende vooropgesteld. Op grond van vaste jurisprudentie geldt dat, indien in kort geding
- Civiel recht overigKort gedingKort geding. Inzagevordering. Toewijzing. Inzage in het niet-openbare deel van een faillissementsdossier kan…
Rechtbank Rotterdam|2 juni 2026|ECLI:NL:RBROT:2026:7011
niet-openbare deel van een faillissementsdossier moeten worden verschaft, geldt, naast de toets van artikel 254 Rv, het toetsingskader dat de Hoge Raad heeft gegeven in zijn beschikking van 22 september
- Civiel recht overigKort gedingKort geding. Bevoegdheid voorzieningenrechter in verband met arbitraal beding. Vordering tot vrijgave van…
Rechtbank Rotterdam|27 augustus 2018|ECLI:NL:RBROT:2018:7129
voorzieningenrechter van de rechtbank om een onmiddellijke voorziening bij voorraad als bedoeld in artikel 254 Rv te verkrijgen. De voorzieningenrechter verklaart zich op grond van artikel 1022c Rv evenwel uitsluitend bevoegd
- Civiel recht overigKort gedingOpzegging sponsorovereenkomst tussen bandenleverancier en race-organisator door de laatste. De…
Rechtbank Limburg|16 december 2024|ECLI:NL:RBLIM:2024:9462
Hankook ten tijde van dit vonnis bij die voorziening een spoedeisend belang heeft ex artikel 254 Rv. Hierbij dient de voorzieningenrechter een afweging te maken van de wederzijdse belangen van partijen
- VerbintenissenrechtKort gedingHuurder bedrijfsruimte vordert een verbod voor de verhuurder om een bankgarantie aan te spreken en een verbod…
Rechtbank Noord-Holland|1 mei 2026|ECLI:NL:RBNHO:2026:5660
geval tegen een door partijen gekozen exclusieve bevoegdheid voor de rechtbank Amsterdam. Uit artikel 254 Rv en de aard van een kort geding volgt namelijk dat de voorzieningenrechter van de plaats waar
- Internationaal privaatrechtKort gedingKort geding. Artikel 35 Brussel I bis. Niet gebleken dat de gevraagde beslissing tijdig in arbitrage kan…
Rechtbank Gelderland|26 maart 2024|ECLI:NL:RBGEL:2024:1799
wendt tot de voorzieningenrechter van de rechtbank of de kantonrechter in kort geding overeenkomstig artikel 254 Rv. Indien een partij in een geval zoals hiervoor genoemd zich voor alle weren beroept
- Civiel recht overigKort gedingDe voorzieningenrechter in kort geding verbiedt de Nederlandse muziekrechtenorganisatie BUMA om licenties…
Rechtbank Haarlem|19 augustus 2008|ECLI:NL:RBHAA:2008:BE8765
spoedeisend belang is een van de belangen waarmee de voorzieningenrechter op grond van artikel 254 Rv rekening heeft te houden bij de beantwoording van de vraag of het verantwoord is om door
- Civiel recht overigKort gedingKort geding. Geschil tussen maten in een maatschap voor ergotherapie. Afwijzing van o.a. de vordering die…
Rechtbank Rotterdam|18 januari 2018|ECLI:NL:RBROT:2018:3676
uitkomst van de bodemprocedure) haar werkzaamheden moet staken. De voorzieningenrechter is op grond van artikel 254 Rv in alle spoedeisende zaken waarin, gelet op de belangen van partijen, een onmiddellijke voorziening
- Civiel recht overigKort gedingExecutiegeschil over dwangsomveroordeling. Onvoldoende aannemelijk geworden dat volledig aan de veroordeling…
Rechtbank Rotterdam|14 november 2017|ECLI:NL:RBROT:2017:10854
vonnis van 20 oktober 2017. 4.4. Vooropgesteld wordt het volgende. Ingevolge het bepaalde in artikel 254 Rv is de voorzieningenrechter in alle spoedeisende zaken waarin, gelet op de belangen van partijen
- Burgerlijk procesrechtKort gedingVerzoek tot opschorting van het besluit tot ontzetting van lidmaatschap vereniging toegewezen.
Rechtbank Noord-Nederland|17 juli 2026|ECLI:NL:RBNNE:2026:2934
rechter in kort geding om een onmiddellijke voorziening bij voorraad als bedoeld in artikel 254 Rv te verkrijgen (artikel 1022a Rv). De voorzieningenrechter verklaart zich evenwel uitsluitend bevoegd als de gevraagde beslissing
- Civiel recht overigKort gedingOverleggen van een deskundigenoordeel als bedoeld in art. 7:629a BW niet vereist in kort geding, zeker niet…
Rechtbank Rotterdam|19 augustus 2011|ECLI:NL:RBROT:2011:BU4649
parlementaire geschiedenis geldt deze verplichting niet in een kort geding, zoals bedoeld in artikel 254 Rv. Daarnaast is het zo dat ingevolge het tweede lid van artikel 7:629a BW een dergelijke
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.