26 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Personen- en familierechtHoger beroepBenoeming voogd baby. Moeder en baby waren spoorloos, maar zijn inmiddels weer terecht.
Gerechtshof Amsterdam|27 oktober 2020|ECLI:NL:GHAMS:2020:2969
geboorte van [minderjarige] stond de moeder onder curatele, waardoor zij op grond van artikel 1:246 BW onbevoegd was het gezag over [minderjarige] uit te oefenen. De vader van [minderjarige
- Personen- en familierechtHoger beroepVoortduren curatele tot het moment van in kracht van gewijsde gaan beslissing houdende instelling…
Gerechtshof Amsterdam|20 december 2016|ECLI:NL:GHAMS:2016:5449
gewijzigde - verzoek van de Raad in de onderhavige zaak op grond van artikel 1:246 BW onbevoegd was tot het gezag en dat van die onbevoegdheid ook nog sprake
- Personen- en familierechtHoger beroepArtikel 1:253q lid 3 BW en artikel 8 EVRM. Grootouders worden gezamenlijk tot voogd benoemd. Verblijfplaats…
Gerechtshof Amsterdam|31 juli 2018|ECLI:NL:GHAMS:2018:2761
BW, belast de rechtbank, indien de andere ouder op één der in artikel 1:246 BW genoemde gronden onbevoegd is tot de uitoefening van het gezag, de andere ouder met het gezag
- Personen- en familierechtHoger beroepVaststelling zorgregeling conform de huidige situatie.
Gerechtshof Amsterdam|21 juli 2026|ECLI:NL:GHAMS:2026:2005
kind wenselijk voorkomt. Uit de parlementaire geschiedenis van voornoemde bepaling (voorheen: artikel 1:246 BW) blijkt dat deze formulering tot uitdrukking brengt dat de rechter daarbij niet zonder meer is gebonden
- Personen- en familierechtHoger beroepHet hof is van oordeel dat artikel 362 Rv niet al te strikt moet worden opgevat. De zorgregeling zoals de…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|2 juni 2022|ECLI:NL:GHARL:2022:4658
kind het meest wenselijk voorkomt. Uit de parlementaire geschiedenis van deze bepaling (voorheen: artikel 1:246 BW) blijkt dat deze formulering tot uitdrukking brengt dat de rechter daarbij niet zonder meer
- Personen- en familierechtHoger beroepPersonen en familierecht. Procesrecht. Toelaatbaarheid zelfstandig verzoek in hoger beroep in geval van…
Gerechtshof Amsterdam|24 maart 2020|ECLI:NL:GHAMS:2020:948
kind wenselijk voorkomt. Uit de parlementaire geschiedenis van deze bepaling (voorheen: artikel 1:246 BW) blijkt dat deze formulering tot uitdrukking brengt dat de rechter daarbij niet zonder meer is gebonden
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.