Zoekresultaten

Voor “"1 Sv"”

Naar resultaten Uitgebreid zoeken

31 uitspraken gevonden

Sorteer op: Relevantie
  • Strafrecht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig

    Parket bij de Hoge Raad9 januari 2001ECLI:NL:PHR:2001:AA9367

    Ministerie heeft tijdig cassatieberoep ingesteld en één middel van cassatie voorgesteld. 3. Art. 430 lid 1 Sv bepaalt dat tegen een vrijspraak geen cassatieberoep open staat. Op grond van de rechtspraak

  • Strafrecht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig

    Parket bij de Hoge Raad6 februari 2001ECLI:NL:PHR:2001:AA9819

    middel. Evenwel zal alleen vastgesteld kunnen worden dat de bewezenverklaring niet overeenkomstig art. 359 lid 1 Sv met redenen is omkleed indien uit de gebezigde bewijsmiddelen niet volgt dat in de tenlastelegging

  • Strafrecht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig

    Parket bij de Hoge Raad9 januari 2001ECLI:NL:PHR:2001:AA9368

    Amsterdam, namens de benadeelde partij een middel van cassatie voorgesteld. 4. Art. 430 lid 1 Sv bepaalt dat tegen een vrijspraak geen cassatieberoep open staat. Op grond van de rechtspraak

  • Strafrecht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig

    Parket bij de Hoge Raad6 februari 2001ECLI:NL:PHR:2001:AA9814

    middel. Evenwel zal alleen vastgesteld kunnen worden dat de bewezenverklaring niet overeenkomstig art. 359 lid 1 Sv met redenen is omkleed indien uit de gebezigde bewijsmiddelen niet volgt dat in de tenlastelegging

  • Strafrecht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig

    Parket bij de Hoge Raad20 maart 2001ECLI:NL:PHR:2001:ZD2353

    daaropvolgende daad van vervolging het betekenen van de aanzegging als bedoeld in art. 435 lid 1 Sv dient te worden aangemerkt. Naar het inzicht van de steller van het middel

  • Strafrecht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig

    Parket bij de Hoge Raad30 oktober 2001ECLI:NL:PHR:2001:AB3143

    door verzoeker verstuurde brief een beledigend karakter in de zin van art. 266 lid 1 Sv draagt, en dat de strafbaarheid daarvan niet wordt weggenomen door omstandigheden als bedoeld

  • Strafrecht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig

    Parket bij de Hoge Raad27 februari 2001ECLI:NL:PHR:2001:AB0261

    geldend recht. Met name kan die eis niet voortvloeien uit het in art. 359 lid 1 Sv opgenomen voorschrift dat de inhoud van de bewijsmiddelen in een uitspraak dient te worden opgenomen

  • Strafrecht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig

    Parket bij de Hoge Raad9 oktober 2001ECLI:NL:PHR:2001:AB2875

    Raad aan zowel het Gerechtshof te Leeuwarden als de verdachte de in art. 435 lid 1 Sv bedoelde kennisgeving toegezonden, die blijkens een daarvan opgemaakte akte op 6 juli

  • Civiel recht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig

    Parket bij de Hoge Raad14 december 2001ECLI:NL:PHR:2001:AD3993

    deze adviezen zijn geworden tot rechtsnormen. Rechtsnormen zijn o.m. te vinden in art. 29 lid 1 Sv ("... onthoudt de verhoorende rechter of ambtenaar zich van alles wat de strekking heeft eene verklaring

  • Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudig
    Rechtbank Amsterdam · Eerste aanleg - meervoudig · Strafrecht overig

    Rechtbank Amsterdam21 februari 2001ECLI:NL:RBAMS:2001:AB0175

    niet is voldaan aan het sedert 2 november 1996 geldende voorschrift van artikel 261 lid 1 Sv, om op de dagvaarding de wettelijke voorschriften te vermelden waarbij de feiten zijn strafbaar gesteld

  • Strafrecht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig

    Parket bij de Hoge Raad9 oktober 2001ECLI:NL:PHR:2001:ZD2776

    zoals onder 1. al is weergegeven, tot een integrale vrijspraak gekomen. 5. Art. 430 lid 1 Sv bepaalt dat tegen een vrijspraak geen cassatieberoep open staat. Op grond van vaste rechtspraak

Zoektips

Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.