59 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- OndernemingsrechtEerste aanleg - enkelvoudigBestuurdersaansprakelijkheid, artikel 2:10 BW, 2:248 BW. Vraag of sprake is van schending boekhoudplicht kan…
Rechtbank Amsterdam|7 december 2016|ECLI:NL:RBAMS:2016:7750
Bestuurdersaansprakelijkheid, artikel 2:10 BW, 2:248 BW. Vraag of sprake is van schending boekhoudplicht kan in het midden blijven. De bestuurder heeft voldoende aannemelijk gemaakt dat andere omstandigheid dan zijn kennelijk
- InsolventierechtAr. 81 lid 1 RO. Faillissement, bestuurdersaansprakelijkheid (art. 2:248 BW). Vennootschap die verzekeringen…
Parket bij de Hoge Raad|2 december 2016|ECLI:NL:PHR:2016:1232
Faillissement, bestuurdersaansprakelijkheid (art. 2:248 BW). Vennootschap die verzekeringen verkoopt en onderbrengt bij verzekeraar die reeds geruime tijd geen schades meer uitkeert aan de vennootschap. Kennelijk onbehoorlijke taakvervulling? 15/05286 mr. Hartlief Zitting
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigBestuurders- en aandeelhoudersaansprakelijkheid. Onderneming in de maakindustrie wordt via…
Rechtbank Gelderland|5 oktober 2016|ECLI:NL:RBGEL:2016:5916
worden als bestuurder respectievelijk middellijk bestuurder van gefailleerde primair aangesproken op grond van artikel 2:248 BW. In lid 1 van dat artikel is bepaald dat iedere bestuurder van een gefailleerde vennootschap … hebben zij hun taak als bestuurder kennelijk onbehoorlijk vervuld. Op de voet van artikel 2:248 BW zijn zij in beginsel daarom aan te spreken door de curator. Dit is slechts anders
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigVordering curator inzake bestuurdersaansprakelijkheid. Diverse grondslagen. Onvoldoende onderbouwing.
Rechtbank Rotterdam|23 maart 2016|ECLI:NL:RBROT:2016:2401
merken, aldus de curator. Voor zover de aansprakelijkheid van [gedaagde] niet volgt uit artikel 2:248 BW, baseert de curator zijn standpunt op artikel 6:162 BW. Bij akte vermindering … boekhoudplicht. De curator heeft zijn vordering ter comparitie tevens gebaseerd op artikel 2:248 BW jo. artikel 2:10 BW. Bij conclusie van repliek heeft de curator de grondslag van zijn vordering
- Civiel recht overigBodemzaakBestuurdersaansprakelijkheid van feitelijk leidinggevenden die een vennootschap hebben gebruikt om derden op…
Rechtbank Den Haag|3 februari 2016|ECLI:NL:RBDHA:2016:1416
feitelijk bestuurders van [de failliet] en om die reden op grond van artikel 2:248 BW aansprakelijk zijn voor hun handelen dat heeft geleidt tot het faillissement van [de failliet] . Ten aanzien … voert de curator aan dat [gedaagde sub 4] aansprakelijk is op grond van artikel 2:248 BW jo 2:10 BW, omdat niet is voldaan aan de administratieplicht. Van [gedaagden
- OndernemingsrechtEerste aanleg - meervoudig"Bestuurdersaansprakelijkheid (2:248 lid 1, 2 en 7 ). Curator verwijt gedaagde dat hij als feitelijke…
Rechtbank Midden-Nederland|21 december 2016|ECLI:NL:RBMNE:2016:7255
heeft vervuld, welke onbehoorlijke taakvervulling een belangrijke oorzaak van het faillissement is, ex artikel 2:248 BW; een verklaring voor recht uit te spreken dat [gedaagde] jegens de boedel aansprakelijk is voor … commissaris die een bestuursdaad heeft verricht, kennelijk onbehoorlijk vervuld in de zin van artikel 2:248 BW; Dit onbehoorlijk bestuur volgt allereerst uit het feit dat [gedaagde] niet aan de administratie
- Civiel recht overigBodemzaakRechtbank Den Haag · Bodemzaak · Civiel recht overig
Rechtbank Den Haag|21 september 2016|ECLI:NL:RBDHA:2016:17096
conventie allereerst ter beantwoording voor de vraag of [gedaagde] op grond van artikel 2:248 BW aansprakelijk is voor het tekort in het faillissement van Gouden Tromp. 4.2. Op grond van artikel … belangrijke oorzaak is van het faillissement. Aldus moet voor aansprakelijkheid ex artikel 2:248 BW aan twee eisen zijn voldaan: er moet (i) sprake zijn van kennelijke onbehoorlijke vervulling van de bestuurstaak
- Civiel recht overigEerste aanleg - meervoudigKennelijk onbehoorlijk bestuur in de zin van artikel 2:248 lid 1 BW. Onvoldoende rekening gehouden met…
Rechtbank Rotterdam|9 november 2016|ECLI:NL:RBROT:2016:8662
faillissement heeft plaatsgevonden. Aldus is voldaan aan de in lid 6 van artikel 2:248 BW genoemde voorwaarde voor een op dat artikel gebaseerde vordering. 4.14. Het voorgaande leidt tot de conclusie
- InsolventierechtHoger beroepOntbinding vennootschap ex artikel 2:19 lid 4 BW lopende hoger beroepsprocedure faillissementsrekest/…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|3 november 2016|ECLI:NL:GHSHE:2016:4922
openbaar te maken, hetgeen volgens Polydist betekent dat het bestuur op grond van artikel 2:248 BW zijn taak kennelijk onbehoorlijk heeft vervuld en dat kan worden vermoed dat de onbehoorlijke taakvervulling … mogelijke bate. De aan de curator in het faillissement toekomende vordering op grond van 2:248 BW (hoofdelijk aansprakelijkheid bestuurders bij faillissement) betreft strikt genomen geen bate van de vennootschap maar
- Civiel recht overigHoger beroepCurator spreekt (indirect) bestuurder van vier failliete vennootschappen aan. Grondslagen: (1) vordering uit…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|19 januari 2016|ECLI:NL:GHSHE:2016:111
zijn privérekening heeft laten storten; - dat [appellant] uit hoofde van bestuurdersaansprakelijkheid ex artikel 2:248 BW aansprakelijk is voor het tekort in de faillissementen van [Beheer] Beheer, Lexin Holding, Lexin International … alles volgt dat ook de grieven 3 en 4 falen. De aansprakelijkheid ex artikel 2:248 BW 3.8.1. De grieven 5 en 6 hebben betrekking op het oordeel van de rechtbank
- Civiel recht overigBodemzaakBestuurdersaansprakelijkheid vanwege schending van de publicatieverplichting. Beroep op disculpatie slaagt niet.
Rechtbank Den Haag|28 april 2016|ECLI:NL:RBDHA:2016:8601
artikel 2:10 BW respectievelijk artikel 2:394 BW. Op grond van artikel 2:248 BW kan worden aangenomen dat het bestuur zijn taken over de gehele linie onbehoorlijk heeft vervuld … beoordeling 4.1. De eerste vraag die voorligt is of [gedaagde] op grond van artikel 2:248 BW aansprakelijk is voor het totale tekort in het faillissement van [de failliet ] . De curator baseert
- Civiel recht overigHoger beroepFeitelijk beleidsbepaler. Persoonlijke ernstig verwijt.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|25 oktober 2016|ECLI:NL:GHARL:2016:8596
niet van elk aspect van de vennootschap op de hoogte was. 3.8 Volgens art. 2:248 BW is iedere bestuurder jegens de boedel hoofdelijk aansprakelijk voor het tekort indien het bestuur zijn … belangrijke oorzaak is van het faillissement. Lid 7 van artikel 2:248 BW bepaalt dat met een bestuurder gelijk gesteld wordt degene die het beleid van de vennootschap heeft bepaald of mede
- Civiel recht overigHoger beroepPeeters/Gatzen-vordering; aansprakelijkheid extern insolventie-adviseur; gezamenlijkheid van schuldeisers;
Gerechtshof Amsterdam|17 mei 2016|ECLI:NL:GHAMS:2016:1901Aangehaald in 6 uitspraken
maart 2005. 3.3 De rechtbank heeft de in eerste aanleg mede op artikel 2:248 BW gebaseerde vorderingen van de curator afgewezen (onder meer) omdat de curator onvoldoende feitelijk had onderbouwd … gehandeld (rov. 4.3). 3.4 De curator heeft in hoger beroep de op artikel 2:248 BW gebaseerde vorderingen laten vallen en pretendeert alleen nog vorderingen tot schadevergoeding wegens onrechtmatige daad ten behoeve
- Civiel recht overigEerste aanleg - meervoudigBestuurdersaansprakelijkheid, administratieplicht en deponeringsplicht: .
Rechtbank Overijssel|30 november 2016|ECLI:NL:RBOVE:2016:5194
bestuurders niet aan deze administratie- en deponeringsverplichtingen hebben voldaan, heeft op grond van art. 2:248 BW tot gevolg dat a) vaststaat dat het bestuur zijn taak onbehoorlijk heeft vervuld
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigBestuurdersaansprakelijkheid. Geen schending boekhoudplicht (artikel 2:10 BW). Geen schending…
Rechtbank Gelderland|20 juli 2016|ECLI:NL:RBGEL:2016:4577
2:394 BW, waarmee op grond van het tweede lid van artikel 2:248 BW vaststaat dat [gedaagde] zijn taak als bestuurder kennelijk onbehoorlijk heeft vervuld en wordt vermoed … faillissement in oorzakelijk verband staand kennelijk onbehoorlijk bestuur op als bedoeld in artikel 2:248 BW. 4.14. Ten slotte verwijt de curator [gedaagde] dat hij de laatste drie jaren voorafgaand
- OndernemingsrechtHoger beroepAansprakelijkheid bestuurder vennootschap jegens onbetaalde schuldeiser. Aansprakelijkheid afgewezen. Geen…
Gerechtshof Den Haag|12 juli 2016|ECLI:NL:GHDHA:2016:1935
jaarrekeningen door EnC c.s. schade heeft geleden. Dat de rechtbank in een op artikel 2:248 BW gegronde vordering van de curator in het faillissement van EnC c.s. tot aansprakelijkheid van [geïntimeerde … gekomen maakt dit niet anders. Het toetsingskader van artikel 2:248 BW is immers (op dit punt) wezenlijk anders dan dat van artikel 6:162 BW. 4.5.2 Wat de verplichting betreft
- OndernemingsrechtHoger beroepbestuurdersaansprakelijkheid. Boekhoudplicht. Publicatieplicht. Onbehoorlijk bestuur
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|29 maart 2016|ECLI:NL:GHSHE:2016:1177
curator hoofdelijk, des dat de één betalende de ander zal zijn bevrijd, overeenkomstig art. 2:248 BW aansprakelijk zijn voor het volledige bedrag van de schulden van [Makelaar] , inclusief de faillissementskosten voor … januari 2010 niet door [appellant] c.s. is nagekomen, kan een op art. 2:248 BW gebaseerde vordering niet dragen. Art. 2:248 lid 6 BW bepaalt immers dat een dergelijke vordering slechts
- Civiel recht overigEerste aanleg - meervoudigBestuurdersaansprakelijkheid. Kennelijk onbehoorlijk bestuur (art. 2:248 lid 1 BW). De failliet heeft…
Rechtbank Gelderland|18 mei 2016|ECLI:NL:RBGEL:2016:2709
zich, jegens de boedel van DON B.V. hoofdelijk aansprakelijk zijn op grond van artikel 2:248 BW, alsmede dat zij uit dien hoofde jegens de boedel van DON B.V. aansprakelijk zijn voor … verklaart voor recht dat [gedaagde 1] en [gedaagde 2] op grond van artikel 2:248 BW jegens de boedel van DON B.V. hoofdelijk aansprakelijk zijn voor het bedrag van de schulden
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigVervolg op het tussenvonnis van 20 april 2016, waarin is geoordeeld dat de bestuurder aannemelijk heeft…
Rechtbank Midden-Nederland|27 juli 2016|ECLI:NL:RBMNE:2016:4060
geslaagd in zijn bewijsopdracht. Zijn vorderingen, voor zover die zijn gebaseerd op artikel 2:248 BW, moeten daarom worden afgewezen. 2.21. Aan zijn vordering om [gedaagde] te veroordelen om aan de curator … artikel 2:9 BW. Anders dan bij aansprakelijkheid uit hoofde van artikel 2:248 BW, leidt de vaststelling dat sprake is van onbehoorlijke taakvervulling in de zin van artikel 2:9 BW
- Civiel recht overigVerzetRechtbank Noord-Holland · Verzet · Civiel recht overig
Rechtbank Noord-Holland|27 juli 2016|ECLI:NL:RBNHO:2016:11553
verzetzaak
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.