Zoekresultaten

Voor “"2 Sv"”

Naar resultaten Uitgebreid zoeken

37 uitspraken gevonden

Sorteer op: Relevantie
  • Strafrecht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig

    Parket bij de Hoge Raad19 november 2002ECLI:NL:PHR:2002:AE9087

    niet blijkt van een omstandigheid als bedoeld in art. 432 lid 1 of lid 2 Sv. Dat betekent dat toch een verstekmededeling had moeten uitgaan. 7. De hiervoor onder

  • Strafrecht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig

    Parket bij de Hoge Raad5 maart 2002ECLI:NL:PHR:2002:AD8883

    plaatsgevonden. 7. Redactie en inhoud van het vonnis dat op de in art. 378 lid 2 Sv voorziene wijze wordt aangetekend zijn geregeld in de 'Regeling aantekening mondeling vonnis door politierechter, kinderrechter

  • Strafrecht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig

    Parket bij de Hoge Raad19 maart 2002ECLI:NL:PHR:2002:ZD2927

    zeer beperkte mogelijkheden voor verweer tegen verlening van verlof als bedoeld in art. 552p lid 2 Sv. Die mogelijkheden zullen gezocht moeten worden in verdragsbepalingen, indien het rechtshulpverzoek op basis

  • Strafrecht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig

    Parket bij de Hoge Raad22 oktober 2002ECLI:NL:PHR:2002:AE7634

    advocaat, kan laten vertegenwoordigen (artikel 48, eerste lid, WED in samenhang met artikel 398, onder 2°, Sv). In hoger beroep biedt de wet die mogelijkheid voor de verdachte niet, zoals

  • Strafrecht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig

    Parket bij de Hoge Raad25 juni 2002ECLI:NL:PHR:2002:AD8950

    heeft gedaan, zijn het sequeel van de verzoeken die hij krachtens art. 263 lid 2 Sv op 20 oktober 1997 aan de Advocaat-Generaal richtte. Zowel de Advocaat-Generaal

  • Strafrecht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig

    Parket bij de Hoge Raad16 april 2002ECLI:NL:PHR:2002:AD8878

    waarop het hof op grond van art. 358 lid 3 Sv en art. 359 lid 2 Sv jo. art. 415 Sv op straffe van nietigheid uitdrukkelijk een met redenen omklede beslissing

  • Civiel recht overigKort geding
    Rechtbank Utrecht · Kort geding · Civiel recht overig

    Rechtbank Utrecht24 september 2002ECLI:NL:RBUTR:2002:AE7952

    belangen van Hof van Eden voldoende worden gewaarborgd door het gestelde in artikel 119 lid 2 Sv, geen verdere behandeling. 3.15 Voorshands komt de voorzieningenrechter tot het oordeel dat de voorgenomen machtiging

  • Strafrecht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig

    Parket bij de Hoge Raad1 oktober 2002ECLI:NL:PHR:2002:AE5209

    hoogte van het feit dat er nog een rechtsmiddel openstond. Hoewel artikel 399 lid 2 Sv - in verband met aanvang van de termijn waarbinnen verzet kan worden ingesteld - slechts eist dat sprake

  • Strafrecht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig

    Parket bij de Hoge Raad15 oktober 2002ECLI:NL:PHR:2002:AE5618

    tolk in de zin van art. 275 Sv heeft opgetreden.(7) Art. 276 lid 2 Sv is derhalve op de onderhavige situatie niet van toepassing. Voorzover in het middel op dat artikel

  • Strafrecht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig

    Parket bij de Hoge Raad24 september 2002ECLI:NL:PHR:2002:AE2126

    Deze klacht niet kan gelden als een cassatiemiddel in de zin van art. 437 lid 2 Sv, nu slechts wordt geklaagd over schending van wettelijke voorschriften zonder dat wordt aangegeven waarin

  • Strafrecht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig

    Parket bij de Hoge Raad12 november 2002ECLI:NL:PHR:2002:ZD8086

    ogen heeft gestaan en waarvan de wetgever slechts afwijking in de in art. 327a lid 2 Sv genoemde gevallen heeft voorgeschreven, meebrengt dat als regel vonnis en proces-verbaal eerst drie

  • Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudig
    Rechtbank Utrecht · Eerste aanleg - meervoudig · Strafrecht overig

    Rechtbank Utrecht15 februari 2002ECLI:NL:RBUTR:2002:AD9314

    begaan daarvan gediend hebben". Deze bepaling is rechtstreeks ontleend aan artikel 98 lid 2 Sv en moet naar het oordeel van de rechtbank worden verstaan als verlof aan de rechter-commissaris

  • Strafrecht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig

    Parket bij de Hoge Raad26 februari 2002ECLI:NL:PHR:2002:AD9570

    anderszins als belanghebbende) wordt geconfronteerd met een vordering als bedoeld in art. 552f lid 2 Sv, kennis moet kunnen nemen van al hetgeen aan de rechter die over de vordering moet beslissen

  • Strafrecht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig

    Parket bij de Hoge Raad26 februari 2002ECLI:NL:PHR:2002:AD9568

    anderszins als belanghebbende) wordt geconfronteerd met een vordering als bedoeld in art. 552f lid 2 Sv, kennis moet kunnen nemen van al hetgeen aan de rechter die over de vordering moet beslissen

  • Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudig
    Rechtbank Almelo · Eerste aanleg - meervoudig · Strafrecht overig

    Rechtbank Almelo22 augustus 2002ECLI:NL:RBALM:2002:AE6814

    inbeslagneming (art. 94 lid 3 Sv.). Het beslag is niet beëindigd ex art. 134 lid 2 Sv. zodat de rode sportbroek nog rechtmatig in handen was van de politie, i.c. het Zwaluwteam

  • Civiel recht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig

    Parket bij de Hoge Raad27 september 2002ECLI:NL:PHR:2002:AE3389

    Rolnummer C00/174 mr. De Vries Lentsch-Kostense Zitting 17 mei 2002 Conclusie inzake De Vereniging tegen Piramidespelen tegen De Ontvanger van de Belastingdienst/Ondernemingen Rotterdam 2 Inleiding I.. Thans eiseres tot cassatie, verder: de Vereniging, is een vereniging waarin een groot aantal door deelname aan een…

  • Strafrecht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig

    Parket bij de Hoge Raad28 mei 2002ECLI:NL:PHR:2002:AE1182

    Nr. 01514/01/P Mr. Machielse Zitting: 19 maart 2002 Conclusie inzake: [Verdachte=de betrokkene] 1. Het gerechtshof te Amsterdam heeft betrokkene bij arrest van 17 juli 2001 de verplichting opgelegd tot betaling aan de Staat van een bedrag van fl. 27.950.000,- subsidiair 6 maanden hechtenis. 2.1. De advocaat-generaal…

Zoektips

Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.