63 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- BelastingrechtConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Belastingrecht
Parket bij de Hoge Raad|5 januari 2000|ECLI:NL:PHR:2000:AA4068
regeling te treffen. 3. De Wet OB 1968, oorspronkelijke tekst. 3.1. Art. 6, lid 2 Wet OB 1968, oorspronkelijke tekst, hield in: "De plaats waar een dienst wordt verricht … ondernemer of dat lichaam woont of is gevestigd; (…)."3 3.2. Art. 12, lid 2 Wet OB 1968, oorspronkelijke tekst, hield in: "Ingeval de ondernemer die de (...) dienst verricht, niet binnen het Rijk
- BelastingrechtConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Belastingrecht
Parket bij de Hoge Raad|1 juli 1998|ECLI:NL:PHR:1998:AA2326
levering van goederen en diensten in rekening heeft gebracht. 3.2. Art. 15, lid 2, Wet OB 1968, oorspronkelijke tekst, luidde: "Aftrek van belasting vindt niet plaats, voor zover de goederen … aanpassing van de Wet OB 1968 aan de Zesde richtlijn, kwam art. 15, lid 2 Wet OB 1968 te luiden: "Voor zover de goederen en de diensten worden gebezigd ten behoeve
- BelastingrechtConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Belastingrecht
Parket bij de Hoge Raad|15 november 2002|ECLI:NL:PHR:2002:AE4796
vrijgestelde prestatie. Het ziekenhuis komt dan ook gezien het bepaalde in art. 15, lid 2, Wet OB 1968, geen aftrekrecht toe. (...)" 11. Hummel behandelt hier de vraag waarom de levering van zilverhoudende … memoblocs, e.d.) werd geacht te zijn gebezigd, in de zin van artikel 15, lid 2, Wet OB 1968, ten behoeve van de (vrijgestelde) bancaire prestaties, hoewel de (gratis) verstrekkingen van het materiaal
- Strafrecht overigConclusie AG. In een authentieke akte een valse opgave doen opnemen (art. 227 Sr) en gewoontewitwassen (art…
Parket bij de Hoge Raad|18 mei 2021|ECLI:NL:PHR:2021:482
notariële akte van koop en levering overeenkomstig art. 11, eerste lid, onder a, onder 2, Wet OB 1968 is gekozen voor een belaste levering van de onroerende zaak, waarbij … belaste levering is op grond van art. 11, eerste lid, onder a, onder 2, Wet OB 1968 slechts mogelijk bij leveringen aan personen die de onroerende zaak gebruiken voor doeleinden waarvoor
- BelastingrechtOmzetbelasting; het Hof is met zijn oordeel dat artikel 12, lid 3, Wet OB 1968 niet de mogelijkheid biedt om…
Parket bij de Hoge Raad|8 oktober 2010|ECLI:NL:PHR:2010:BF0399
Omzetbelasting; het Hof is met zijn oordeel dat artikel 12, lid 3, Wet OB 1968 niet de mogelijkheid biedt om eerder niet in aftrek gebrachte omzetbelasting alsnog in het laatste tijdvak van het boekjaar in aftrek te brengen, buiten de rechtsstrijd getreden.
- BelastingrechtConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Belastingrecht
Parket bij de Hoge Raad|4 februari 1998|ECLI:NL:PHR:1998:AA2407
willen aannemen dat de wetgever, toen hij in art. 11, lid 1, onderdeel i, 2?, Wet OB 1968 een vrijstelling gaf voor 'de handelingen (...) inzake effecten en andere waardepapieren', daarbij heeft gedacht … postzegels vormt naar mijn mening in omzetbelasting-termen een vooruitbetaling (art. 13, lid 2, Wet OB 1968). 7. Beoordeling van het middel 7.1. Vooraf merk ik op dat het middel uitsluitend
- BelastingrechtConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Belastingrecht
Parket bij de Hoge Raad|18 oktober 2002|ECLI:NL:PHR:2002:AD9787
omzetbelasting voor de levering van onroerende zaken bedoeld in artikel 11, onderdeel a, punt 2 Wet OB 1968, zoals deze bepaling luidde tot 31 maart 1995, 18.00 uur. De Inspecteur heeft … over de belastingplicht van publiekrechtelijke lichamen 3.1. Ingevolge artikel 7, lid 1 en lid 2, Wet OB 1968 is ondernemer voor de omzetbelasting eenieder die zelfstandig een bedrijf of beroep uitoefent
- BelastingrechtDe algemene bezwaartermijn (zes weken) is niet zo kort dat daardoor de teruggaaf van in strijd met het…
Parket bij de Hoge Raad|18 februari 2005|ECLI:NL:PHR:2005:AM3206
heeft verweerschriften ingediend. 2. Aftrek van voorbelasting in de Wet OB 1968 2.1. Artikel 2 Wet OB 1968 houdt in: "Op de belasting, verschuldigd ter zake van leveringen van goederen en diensten
- BelastingrechtNr. 37.689 10 oktober 2003 EC gewezen op het beroep in cassatie van X en X-Y te Z (Duitsland) tegen de…
Parket bij de Hoge Raad|10 oktober 2003|ECLI:NL:PHR:2003:AF8486
heeft verweerschriften ingediend. 2. Aftrek van voorbelasting in de Wet OB 1968 2.1. Artikel 2 Wet OB 1968 houdt in: "Op de belasting, verschuldigd ter zake van leveringen van goederen en diensten
- Strafrecht overigConclusie AG. Opzettelijk onjuiste omzetbelastingaangifte (art. 69(2) AWR)? Pleitbaar standpunt? Strekt het…
Parket bij de Hoge Raad|26 november 2019|ECLI:NL:PHR:2019:1198
Conclusie AG. Opzettelijk onjuiste omzetbelastingaangifte (art. 69(2) AWR)? Pleitbaar standpunt? Strekt
- BelastingrechtCassatieHoge Raad · Cassatie · Belastingrecht
Hoge Raad|10 april 1996|ECLI:NL:HR:1996:AA1808
grammofoonplaat in rekening gebracht, een en ander in de zin van artikel 8, lid 2, [Wet OB 1968], doch ter vergoeding van de extra-kosten die belanghebbende als schuldeiser moet maken
- BelastingrechtCassatieHoge Raad · Cassatie · Belastingrecht
Hoge Raad|16 oktober 1996|ECLI:NL:HR:1996:AA1732
levering die wordt verricht tegen vergoeding (vgl. art. 8, leden 1 en 2 Wet OB 1968). E. . Een uitzondering vormt het in art. 3, lid 1 onder g Wet OB 1968
- Strafrecht overigCassatieArt. 15.1.c.1 Wet omzetbelasting 1968 en art. 17.2.b. Zesde Richtlijn 77/388/EEG. Recht op aftrek van…
Hoge Raad|12 oktober 2010|ECLI:NL:HR:2010:BM0942
Zesde Richtlijn meebrengt dat de verdachte wel aanspraak op zodanige aftrek had. 3.2.1. Art. 2 Wet OB 1968 luidt: "Op de belasting, verschuldigd ter zake van leveringen van goederen en diensten, wordt
- BelastingrechtCassatieHoge Raad · Cassatie · Belastingrecht
Hoge Raad|25 juni 1997|ECLI:NL:HR:1997:AA2106
rechten uitdrukkelijk gelijk is gesteld aan de levering van een goed (art. 3, lid 2 Wet OB 1968). 3.7. De in art. 27, lid 1 onder c Wet OB 1968 genoemde leveringen
- BelastingrechtCassatieHoge Raad · Cassatie · Belastingrecht
Hoge Raad|6 december 1995|ECLI:NL:HR:1995:AA3128
Wet OB 1968). Omdat de prijssubsidie tot de vergoeding behoort (art. 8, lid 2 Wet OB 1968, uit te leggen overeenkomstig art. 11.A., lid 1 onder a Zesde richtlijn
- BelastingrechtCassatieHoge Raad · Cassatie · Belastingrecht
Hoge Raad|15 november 1995|ECLI:NL:HR:1995:AA1527
komt in de plaats daarvan in aanmerking hetgeen is voldaan." 3.8. Art. 8, lid 2, Wet OB 1968 moet overeenkomstig art. 11A, lid 1, sub A Zesde richtlijn worden uitgelegd
- BelastingrechtCassatieHoge Raad · Cassatie · Belastingrecht
Hoge Raad|6 maart 1996|ECLI:NL:HR:1996:AA1827
staan. Soortgelijke discrepanties zijn bijvoorbeeld mogelijk bij de toepassing van art. 20, lid 2, Wet OB 1968 juncto de Tabellen I en II, waarvan de omschrijvingen evenmin `geharmoniseerd' zijn met het tarief
- BelastingrechtEerste aanleg - meervoudigOmzetbelasting Vergoeding ter zake van voorlichting aan bakkersbedrijven met betrekking tot te voeren…
Gerechtshof Arnhem|20 september 2006|ECLI:NL:GHARN:2006:AY9954
onderwijs op grond van artikel 11, eerste lid, aanhef en onderdeel o, sub 2, Wet OB 1968. 3.2.Belanghebbende is van mening dat deze vrijstelling van toepassing is omdat het educatieve element zodanig
- BelastingrechtHoger beroepBelanghebbende heeft facturen ontvangen en heeft ter zake daarvan de voorbelasting in aftrek gebracht. De…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|16 februari 2022|ECLI:NL:GHSHE:2022:489
betwist dat artikel 29 Wet OB 1968 van toepassing is. 4.2. Artikel 29, lid 2, Wet OB 1968 luidde van 9 juni 1995 tot 1 januari 2017 als volgt: ‘2. De ondernemer
- BelastingrechtHoger beroepOmzetbelasting. Art. 3a, lid 2 Uitvoeringsbeschikking OB ’68, Art. 15 Wet OB 1968. Belanghebbende vormde tot…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|14 september 2017|ECLI:NL:GHSHE:2017:3955
handelingen niet tot belanghebbendes bedrijfsvermogen behoren, of handelingen als bedoeld in art. 15, lid 2 Wet OB 1968 heeft verricht, kan belanghebbende geen voorbelasting als bedoeld in artikel 2 en artikel
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.