43 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- BelastingrechtHoger beroepNaar het oordeel van het Hof is sprake van een geldlening tussen belanghebbende en A BV en is de inspecteur…
Gerechtshof Amsterdam|29 april 2010|ECLI:NL:GHAMS:2010:BM3211
deze geldverstrekking voor de toepassing van het belastingrecht nader moet worden gekwalificeerd. Artikel 2.14 Wet IB 2001 zegt daar op zichzelf niets over. 4.3.2. Voor de vraag of een geldverstrekking voor
- BelastingrechtA-G IJzerman heeft conclusie genomen over de vraag of het door de ouders van belanghebbende in een…
Parket bij de Hoge Raad|21 december 2022|ECLI:NL:PHR:2022:1234Aangehaald in 5 uitspraken
A-G IJzerman heeft conclusie genomen over de vraag of het door de ouders van belanghebbende in een Liechtensteinse Stiftung afgezonderde vermogen, moet worden aangemerkt als discretionair vermogen, zodat dit na overlijden van de moeder moet worden toegerekend aan belanghebbende, als erfgenaam, op grond van artikel 16…
- BelastingrechtWettelijke handelsrente over vordering: ROW?; art. 3:94 Wet IB 2001 Het gaat in deze zaak om de toerekening…
Parket bij de Hoge Raad|10 november 2023|ECLI:NL:PHR:2023:1011
desbetreffende belastbare inkomen.” 4.2 Vervolgens wordt in het tweede lid van art. 2.14 Wet IB 2001 meer specifiek bepaald: “Voorzover vermogensbestanddelen inkomen, al dan niet vrijgesteld, uit werk en woning
- BelastingrechtA-G Niessen heeft conclusie genomen in de zaak met nummer 17/00395, alsmede in de samenhangende zaak met…
Parket bij de Hoge Raad|15 december 2017|ECLI:NL:PHR:2017:1435Aangehaald in 5 uitspraken
A-G Niessen heeft conclusie genomen in de zaak met nummer 17/00395, alsmede in de samenhangende zaak met nummer 17/00397. In cassatie is in geschil of de Inspecteur de beschikkingen VAR-wuo terecht heeft herzien in beschikkingen VAR-loon. In het bijzonder betreft het geschil de vragen of i) het Hof op de juiste…
- BelastingrechtInkomstenbelasting. Vormen werkzaamheden waarvoor vergoeding wordt betaald uit persoonsgebonden budget aan…
Parket bij de Hoge Raad|8 juni 2007|ECLI:NL:PHR:2007:AY3626
laatste twee merkt Freudenthal op dat deze meer samenhangen met de rangorderegeling in artikel 2.14 Wet IB 2001 dan dat deze als specifiek bronkenmerk zijn aan te merken. 5.3. Voor deze conclusie
- BelastingrechtAmbtshalve is de vraag gerezen of de resterende termijnen van uitkeringen uit aanspraken ter zake waarvan…
Parket bij de Hoge Raad|8 mei 2018|ECLI:NL:PHR:2018:493
artikel 3.107, lid 2, Wet IB 2001 is de rangorderegeling zoals neergelegd in artikel 2.14 Wet IB 2001 lid 2, Wet IB niet van toepassing op het recht waaruit deze uitkeringen voortvloeien
- BelastingrechtAmbtshalve is de vraag gerezen of de resterende termijnen van uitkeringen uit aanspraken ter zake waarvan…
Parket bij de Hoge Raad|8 mei 2018|ECLI:NL:PHR:2018:494
artikel 3.107, lid 2, Wet IB 2001 is de rangorderegeling zoals neergelegd in artikel 2.14 Wet IB 2001 lid 2, Wet IB niet van toepassing op het recht waaruit deze uitkeringen voortvloeien
- BelastingrechtA-G Niessen heeft conclusie genomen in de zaak met nummer 17/00397, alsmede in de samenhangende zaak met…
Parket bij de Hoge Raad|15 december 2017|ECLI:NL:PHR:2017:1438
A-G Niessen heeft conclusie genomen in de zaak met nummer 17/00397, alsmede in de samenhangende zaak met nummer 17/00395. In cassatie is in geschil of de Inspecteur de beschikkingen VAR-wuo terecht heeft herzien in beschikkingen VAR-loon. In het bijzonder betreft het geschil de vragen of i) het Hof op de juiste…
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigberoepsfout belastingadviseur (geen rekening gehouden met de fiscale kwalificatie van de ontwikkelfase v.e…
Rechtbank Midden-Nederland|11 november 2015|ECLI:NL:RBMNE:2015:7886
belastbare winst worden gerekend. Door de rangordebepaling van artikel 2.14 Wet IB 2001 is het daarmee onmogelijk om binnen het systeem van de wet aan box 3 toe te komen. Een fiscaal
- BelastingrechtEerste aanleg - meervoudigNavorderingsaanslagen IB/PVV; In geschil is de boxkwalificatie van vergoedingen die door belanghebbende van…
Rechtbank Zeeland-West-Brabant|11 juli 2018|ECLI:NL:RBZWB:2018:4093
ontvangen bedragen moeten in overeenstemming met de rangorderegeling van artikel 2.14 Wet IB 2001 en conform de aangifte van belanghebbende worden belast in box 3. De navorderingsaanslagen, alsmede de beschikkingen heffingsrente dienen
- BelastingrechtEerste aanleg - meervoudigNavorderingsaanslagen IB/PVV; In geschil is de boxkwalificatie van vergoedingen die door belanghebbende van…
Rechtbank Zeeland-West-Brabant|11 juli 2018|ECLI:NL:RBZWB:2018:4092
ontvangen bedragen moeten in overeenstemming met de rangorderegeling van artikel 2.14 Wet IB 2001 en conform de aangifte van belanghebbende worden belast in box 3. De navorderingsaanslagen, alsmede de beschikkingen heffingsrente dienen
- BelastingrechtArt. 1.7, 3.81 en 3.82 Wet IB 2001; art. 10, 11 en 19d Wet LB. Op grond van welke bepaling in de Wet IB 2001…
Parket bij de Hoge Raad|6 oktober 2023|ECLI:NL:PHR:2023:891
Art. 1.7, 3.81 en 3.82 Wet IB 2001; art. 10, 11 en
- BelastingrechtA-G Niessen heeft conclusie genomen in de zaak met nummer 17/00697, alsmede in de samenhangende zaak met…
Parket bij de Hoge Raad|16 februari 2018|ECLI:NL:PHR:2018:160
A-G Niessen heeft conclusie genomen in de zaak met nummer 17/00697, alsmede in de samenhangende zaak met nummer 17/00698. In cassatie is in geschil of de waarborgen van artikelen 6 en 7 EVRM en artikel 1 EP EVRM moeten worden toegepast met het oog de belastingheffing ter zake van de afkoop van zijn lijfrente en de in…
- BelastingrechtA-G Niessen heeft conclusie genomen in de zaak met nummer 17/00698, alsmede in de samenhangende zaak met…
Parket bij de Hoge Raad|16 februari 2018|ECLI:NL:PHR:2018:159
A-G Niessen heeft conclusie genomen in de zaak met nummer 17/00698, alsmede in de samenhangende zaak met nummer 17/00697. In cassatie is in geschil of de waarborgen van artikelen 6 en 7 EVRM en artikel 1 EP EVRM moeten worden toegepast met het oog de belastingheffing ter zake van de afkoop van zijn lijfrente en de in…
- BelastingrechtEerste aanleg - enkelvoudigPsychiater geniet loon dat niet opgaat in wuo; opzegging vertrouwen niet voor hele lopende belastingjaar In…
Rechtbank Noord-Holland|26 juli 2022|ECLI:NL:RBNHO:2022:7399
onderdeel van de winst kan worden beschouwd, gelet op de rangorderegeling (artikel 2.14 Wet IB 2001) uitsluitend als winst in aanmerking wordt genomen; de rechtsverhouding tussen hem en [GGZ 1] in feite
- BelastingrechtA-G Niessen heeft een conclusie genomen over de vraag of de aftrekbeperking van art. 3.14, eerste lid, aanhef…
Parket bij de Hoge Raad|22 augustus 2019|ECLI:NL:PHR:2019:828
A-G Niessen heeft een conclusie genomen over de vraag of de aftrekbeperking van art. 3.14, eerste lid, aanhef en onderdeel d, van de Wet IB 2001 een ontoelaatbare dubbele bestraffing (ne bis in idem) voor belanghebbende meebrengt, nu belanghebbende reeds strafrechtelijk is veroordeeld. Belanghebbende is onherroepelijk…
- Civiel recht overigVerdeling huwelijksgoederengemeenschap. Schuld van de man die in de gemeenschap valt?. Ten onrechte passeren…
Parket bij de Hoge Raad|20 september 2013|ECLI:NL:PHR:2013:893
eigen woning. Dit betreft overigens materie die in box 1 wordt verantwoord krachtens art. 2.14 Wet IB 2001 en niet in box 3 zoals het hof in rov. 15 overweegt (verschrijving
- BelastingrechtBelanghebbende was van september 2002 tot begin 2010 als financieel-directeur in dienst bij [E] BV, een…
Parket bij de Hoge Raad|4 april 2017|ECLI:NL:PHR:2017:330
Belanghebbende was van september 2002 tot begin 2010 als financieel-directeur in dienst bij [E] BV, een dochtervennootschap van [G] Holding. Eind 2008 is een raamovereenkomst gesloten tussen grootaandeelhouder [H] en de drie directieleden van [E] BV (waaronder belanghebbende). De drie directieleden van [E] BV zijn…
- BelastingrechtDe Hoge Raad heeft het beroep in cassatie gegrond verklaard, zie ook het arrest 10/00622.
Parket bij de Hoge Raad|25 februari 2011|ECLI:NL:PHR:2011:BN9759
De Hoge Raad heeft het beroep in cassatie gegrond verklaard, zie ook het arrest 10/00622.
- BelastingrechtInkomstenbelasting. Art. 3.91, lid 1 aanhef en letter c, Wet IB 2001. Directeur-grootaandeelhouder realiseert…
Parket bij de Hoge Raad|25 februari 2011|ECLI:NL:PHR:2011:BN9739
Inkomstenbelasting. Art. 3.91, lid 1 aanhef en letter c, Wet IB 2001
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.