39 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Burgerlijk procesrechtArt. 81 lid 1 RO. Ondernemingsrecht. Art. 2:349a lid 2 BW. Procesrecht. Art. 173 Rv. Verzoek bij de…
Parket bij de Hoge Raad|17 juli 2020|ECLI:NL:PHR:2020:702
verklaring van een partij-getuige in de zin van de art. 190 en 213 Rv. en is het derhalve niet juist haar als een zodanige verklaring te waarderen.” 2.8 In de zaak … rechte te vertegenwoordigen, zijn zij niet partijgetuigen in de zin van de art. 190 en 213 Rv.” 2.9 Volgens annotator Snijders heeft de Hoge Raad aldus de jurisprudentie omtrent partijgetuigen onder
- Civiel recht overigHoger beroepGerechtshof 's-Hertogenbosch · Hoger beroep · Civiel recht overig
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|7 september 2000|ECLI:NL:GHSHE:2000:AA7344
verklaringen van [Y] en [Z] kunnen daarop ter aanvulling strekken als bedoeld in art. 213 Rv. 4.5.1. Overigens kan de verklaring van [Y] ter aanvulling strekken op de verklaring
- Civiel recht overigHoger beroepVereffening. beroepstermijn
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba|17 januari 2020|ECLI:NL:OGHACMB:2020:35
hoger beroep is gericht, is ingevolge artikel 676b Rv in verbinding met artikel 4:213 Rv gedurende vijf dagen hoger beroep bij het Hof toegelaten. Beroepstermijnen, ook deze zeer korte, zijn
- Civiel recht overigHoger beroepGerechtshof Leeuwarden · Hoger beroep · Civiel recht overig
Gerechtshof Leeuwarden|21 augustus 2002|ECLI:NL:GHLEE:2002:AE6804
neemt die hierbij over. 14. Het hof stelt bij de bewijswaardering voorop dat in artikel 213 Rv (oud) ligt besloten dat de verklaring van een partijgetuige (op wie de bewijslast rust) geen
- Civiel recht overigHoger beroepBewijswaardering; partijverklaring
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|14 juni 2016|ECLI:NL:GHARL:2016:4716
artikel 164 lid 2 Rv heeft dezelfde inhoud als het in dat arrest genoemde artikel 213 Rv (oud)). Volgens [appellante] is de kantonrechter mede door een onjuiste toepassing van artikel
- Civiel recht overigHoger beroepIn het licht van de vaststaande feiten heeft [appellant] gesteld dat Vitalis toerekenbaar tekort is geschoten…
Gerechtshof Leeuwarden|17 augustus 2005|ECLI:NL:GHLEE:2005:AU1324
bewijswaardering staat voorop dat in artikel 164 Rv (net als in artikel 213 Rv oud) ligt besloten dat de verklaring van een partij-getuige (op wie de bewijslast rust) geen bewijs
- Civiel recht overigHoger beroepAppellante (..) heeft als eiseres in eerste aanleg (conventie) verklaring voor recht gevorderd dat Sintra…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|9 september 2003|ECLI:NL:GHSHE:2003:AM7822
deugdelijk bewijsmateriaal waarmee het onvolledige bewijs, gelegen in de verklaring van Van Lent waarvoor art. 213 Rv. oud (art. 164 lid 2 NRv.) geldt, genoegzame aanvulling vindt. [getuige 3] verklaart immers
- Civiel recht overigProcesrecht. Herroeping; vordering niet toewijsbaar bij (mogelijke) bekendheid van eiser met door wederpartij…
Parket bij de Hoge Raad|15 februari 2008|ECLI:NL:PHR:2008:BC0393
heeft de Hoge Raad voorts geoordeeld dat noch de tekst van art. 213 Rv. oud of haar geschiedenis, noch haar strekking steun biedt voor de opvatting dat de echtgenoot van een partijgetuige
- Civiel recht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad|24 januari 2003|ECLI:NL:PHR:2003:AE9384
aanraking is gekomen, vormt zijn verklaring geen onvolledig bewijs in de zin van artikel 213 Rv, dat door de overige in de grief genoemde bewijsmiddelen kan worden aangevuld." 10. De erven [betrokkene
- Civiel recht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad|23 november 2001|ECLI:NL:PHR:2001:AD3979
geslaagd geacht in het hem opgedragen bewijs op de grond dat zijn verklaring ingevolge art. 213 Rv. bij gebreke van verder (onvolledig) bewijs geen bewijs in zijn voordeel kan opleveren. Het middel
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigRechtbank Arnhem · Eerste aanleg - enkelvoudig · Civiel recht overig
Rechtbank Arnhem|16 mei 2002|ECLI:NL:RBARN:2002:AE3215
werd getrapt dat deze uitvloog. Haar getuigenverklaring - die onderworpen is aan de beperking van art. 213 Rv (oud)- vindt op dit punt echter geen enkele steun in de overige getuigenverklaringen
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigVoorlopige voorziening ex 223 Rv. In bodemprocedure wordt onder meer gevorderd ontbinding van de…
Rechtbank Breda|16 juli 2008|ECLI:NL:RBBRE:2008:BD8540
huurder jegens de verhuurder aansprakelijk is. In het incident: 3.2 Op grond van artikel 213 Rv kan tijdens een aanhangig geding iedere partij vorderen dat de rechter een voorlopige voorziening zal treffen
- Civiel recht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad|11 oktober 2002|ECLI:NL:PHR:2002:AE7000
afgezien van het in deze zaak niet ingeroepen art. 164 lid 2 Rv (art. 213 Rv (oud)). 12 Ik verwijs daartoe naar de uiteenzettingen in Asser/Hartkamp II, 2001, 103-106 (dubbele grondslag
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigperceelgrenzen. Oppervlakte uitrit. Veroordeling tot het op eigen kosten in oorspronkelijke staat…
Rechtbank Arnhem|16 juli 2003|ECLI:NL:RBARN:2003:AI0729
wiens verklaring als partijgetuige is onderworpen aan de beperking van artikel 213 Rv (oud) - heeft verklaard dat de inrit sinds 1994 hetzelfde is gebleven als ten tijde van de comparitie, nooit smaller
- Civiel recht overigHoger beroepart. 2:248 BW lid 1. Administratieplicht, kennelijk onbehoorlijk bestuur, aannemelijke oorzaak faillissement…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|14 februari 2012|ECLI:NL:GHSHE:2012:BV3899
art. 2:248 BW lid 1. Administratieplicht, kennelijk onbehoorlijk bestuur, aannemelijke oorzaak faillissement, matiging
- Civiel recht overigBewijsrecht. Verboden aanvulling van feiten? Bewijsnood. Omkering van de bewijslast?
Parket bij de Hoge Raad|5 november 1993|ECLI:NL:PHR:1993:20
afleggen maar waarvan de bewijskracht ten aanzien van de partij die bewijslast heeft door art. 213 Rv wordt beperkt, het bewijs veelal niet anders geleverd zal kunnen worden dan op indirecte wijze
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigRechtbank Zutphen · Eerste aanleg - enkelvoudig · Civiel recht overig
Rechtbank Zutphen|15 november 2001|ECLI:NL:RBZUT:2001:AD5981
partijgetuigen [eiser sub 1] en [eiser sub 2] ingevolge het bepaalde in art. 213 Rv. slechts beperkte bewijskracht hebben, maar mede gelet op hetgeen hierna onder 5.13 en 5.14 wordt overwogen
- Civiel recht overig19 maart 2004 Eerste Kamer Nr. C02/338HR JMH/MD Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Eiser]…
Parket bij de Hoge Raad|19 maart 2004|ECLI:NL:PHR:2004:AO1429
tweede tussenvonnis en het bepaalde in het hier toepasselijke art. 213 Rv. oud. 2.11 Onderdeel 1.5 richt een klacht tegen het in het slot van rechtsoverweging 7 van het vonnis
- Civiel recht overig14 november 2003 Eerste Kamer Nr. C02/172HR JMH/AT Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van…
Parket bij de Hoge Raad|14 november 2003|ECLI:NL:PHR:2003:AM2311
heeft te gelden als de verklaring van een partij-getuige in de zin van art. 213 Rv. De getuigenverklaring van [eiseres] als procespartij en die van haar zoon zullen echter met terughoudendheid
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.