241 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Strafrecht overigVoor de vraag of klaagster (moeder van overleden slachtoffer, namens wie is gesteld dat haar zoon het…
Parket bij de Hoge Raad|6 januari 2004|ECLI:NL:PHR:2004:AN8586
slachtoffer], de overleden zoon van verzoekster, onweersproken is gebleven, op grond van art. 3: 109 BW aangenomen moet worden dat hij het geld voor zichzelf hield, en op grond van art. 3 … rechten van haar overleden zoon. Hij was houder van het geld. Artikel 3:109 BW zegt dat de houder van een goed wordt vermoed dit voor zichzelf te houden en artikel 3
- Civiel recht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad|22 september 2000|ECLI:NL:PHR:2000:AA7199
torens staan geregistreerd (rov. 7 en 9). (b) Bovendien geldt op grond van art. 3:109 BW dat als iemand een goed houdt, vermoed wordt dat hij dit voor zichzelf houdt. Deze … eerder opgemerkt heeft het hof hierin kort gezegd overwogen dat op grond van art. 3:109 BW, dat strookt met het van oudsher geldende recht, moet worden aangenomen dat de hervormde gemeenten
- VerbintenissenrechtGoederen- en verbintenissenrecht. Onjuist en/of onbegrijpelijk oordeel dat vordering ter vergoeding van…
Parket bij de Hoge Raad|6 december 2024|ECLI:NL:PHR:2024:1319
wordt beoordeeld naar verkeersopvatting, met inachtneming van de regels die zijn neergelegd in art. 3:109 BW e.v., en overigens op grond van uiterlijke feiten (art. 3:108 BW). Weliswaar heeft
- Civiel recht overigHoger beroepOoms c.s. hebben vervolgens bij de rechtbank een procedure tegen de Gemeente aangespannen, waarin zij zich…
Gerechtshof Amsterdam|8 mei 2003|ECLI:NL:GHAMS:2003:AO2388
gebruik als houden voor zichtzelf is te beschouwen, het uitgangspunt het vermoeden van artikel 3:109 BW is, te weten dat degene die een goed houdt vermoed wordt dit goed voor zichzelf … zichzelf dan wel voor de gemeente hielden als uitgangspunt geldt het vermoeden van artikel 3:109 BW. Voorts geldt dat op de voet van artikel 3:108 BW naar verkeersopvatting moet worden
- Civiel recht overigHoger beroepGoederenrecht. Extinctieve verjaring met betrekking tot een strook grond. Bezitsvereiste Zie ook…
Gerechtshof Amsterdam|23 juni 2015|ECLI:NL:GHAMS:2015:2548
verjaring. 3.7. [geïntimeerden] hebben gesteld dat zij op grond van het bepaalde in artikel 3:109 BW moeten worden vermoed de strook grond te hebben gehouden voor zichzelf en dus de bezitter … bezit met betrekking tot eenzelfde onroerende zaak, dient op de regel van artikel 3:109 BW in dit geval een uitzondering te worden gemaakt, naar analogie van het bepaalde in artikel 3
- Civiel recht overigHoger beroepGoederenrecht. Extinctieve verjaring met betrekking tot een strook grond. Bezitsvereiste
Gerechtshof Amsterdam|25 augustus 2015|ECLI:NL:GHAMS:2015:3495
beroep dat [geïntimeerden] in eerste aanleg hebben gedaan op het bepaalde in artikel 3:109 BW. 3.6. [geïntimeerden] hebben onder verwijzing naar dat artikel gesteld dat zij moeten worden vermoed de strook … bezit met betrekking tot eenzelfde onroerende zaak, dient op de regel van artikel 3:109 BW in dit geval een uitzondering te worden gemaakt, naar analogie van het bepaalde in artikel 3
- Civiel recht overig4 juni 2004 Eerste Kamer Nr. C02/333HR JMH/MD Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Eiser]…
Parket bij de Hoge Raad|4 juni 2004|ECLI:NL:PHR:2004:AO6014
ongestoord in bezit heeft gehad. [Eiser] heeft zich in dit verband beroepen op art. 3:109 BW: wie een goed houdt, wordt vermoed dit voor zichzelf te houden. 2.3. Het hof heeft … bezit: wie een goed houdt, wordt vermoed dit voor zichzelf te bezitten (art. 3:109 BW)(13). De bezitter van een goed wordt vermoed rechthebbende te zijn (art. 3
- Civiel recht overigArubaanse zaak; gebruik strand; verjaring ex art. 3:105 jo 3:306 BWA; bezit van openbare overheidsgrond?…
Parket bij de Hoge Raad|15 oktober 2021|ECLI:NL:PHR:2021:980Aangehaald in 9 uitspraken
Arubaanse zaak; gebruik strand; verjaring ex art. 3:105 jo 3:306
- Civiel recht overigCassatieHoge Raad · Cassatie · Civiel recht overig
Hoge Raad|22 september 2000|ECLI:NL:HR:2000:AA7199
feitelijk in het bezit hadden gesteld (rov. 7). Bovendien geldt op grond van art. 3:109 BW dat als iemand een goed houdt, vermoed wordt dat hij dit voor zichzelf houdt. Deze … orde. 3.9 Onderdeel 3 betoogt dat de thans in art. 3: 109 BW vervatte regel eerst met het arrest van de Hoge Raad van 3 april
- Civiel recht overigHoger beroepNu De Limburger eigenaar (zonder publicatierecht) was geworden van de foto's, heeft zij niet onrechtmatig…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|13 december 2005|ECLI:NL:GHSHE:2005:AV0379
Vast staat, dat De Limburger de houdster was van de foto's. Krachtens art. 3:109 BW werd zij vermoed die goederen voor zichzelf te houden, dus bezitster te zijn, en krachtens … door overdracht bezitster/eigenaresse van de foto's was geworden, en ontkrachten het aan art. 3:109 BW ontleende vermoeden van het bezit van De Limburger in elk geval niet. Andere feiten
- Civiel recht overigHoger beroepGoederenrecht. Onvoldoende is betwist dat sprake is van houderschap van een strook grond. De houder is geen…
Gerechtshof Den Haag|28 november 2023|ECLI:NL:GHDHA:2023:2351
oorspronkelijke bezitter teniet doet. 6.5. [appellante] beroept zich op het rechtsvermoeden van artikel 3:109 BW. Dat artikel bepaalt dat de houder van een goed, wordt vermoed dat goed voor zichzelf … houder van de strook grond geweest, niet de juridische bezitter. Het rechtsvermoeden van artikel 3:109 BW is daarmee weerlegd. geen verkrijgende verjaring 6.10. [appellante] stelt dat zij door verjaring eigenaar
- Civiel recht overigHoger beroepCuraçao. Rechthebbende op een auto.. Art. 3:107, 3:108, 3:109 en 3: 119Lid 1 BW. Feiten en omstandigheden…
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba|18 november 2025|ECLI:NL:OGHACMB:2025:318
houdster was van het voertuig en op grond van de wet (art. 3:109 BW) daarom vermoed wordt het voertuig voor zichzelf, als bezitter, te hebben gehouden. Daaruit vloeit het vermoeden voort … geldt dat wie een goed houdt, wordt vermoed dit voor zichzelf te houden (art. 3:109 BW). 6.5 Tegen de achtergrond van deze wettelijke regels zal nu eerst beoordeeld moeten worden
- Civiel recht overigVermogensrecht. Bevrijdende verjaring (art. 3:105 BW). Eigendom steiger in openbaar vaarwater; bezit…
Parket bij de Hoge Raad|6 juni 2025|ECLI:NL:PHR:2025:644
plaatsvindt en de wijze waarop iemand de feitelijke macht heeft verworven. 3.4 Ingevolge art. 3:109 BW wordt de houder vermoed bezitter te zijn. Art. 3:119 BW bepaalt in aansluiting hierop … hand van de verkeersopvattingen, met inachtneming van de wettelijke regelingen van art. 3:109 BW t/m art. 3:117 BW, waaronder art. 3:113 BW, en overigens op grond van uiterlijke feiten
- Civiel recht overigHoger beroepRevendicatie van een auto door voormalige echtgenoot. Bezit en houderschap.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|31 oktober 2017|ECLI:NL:GHARL:2017:9479
verkeer een erkenning van bezit vastknoopt (PG Boek3, blz. 428). Op grond artikel 3:109 BW wordt wie een goed houdt vermoed dit voor zichzelf te houden en dus bezitter daarvan … auto en moet zij worden vermoed daarvan tevens bezitter in de zin van artikel 3:109 BW en rechthebbende in de zin van artikel 3:119 lid 1 BW te zijn. Deze
- Civiel recht overigHoger beroepEigendom auto. Rechtsvermoedens houderschap, bezit en rechthebbende.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|14 augustus 2018|ECLI:NL:GHARL:2018:7349
vermoedens met betrekking tot de vraag wie rechthebbende (eigenaar) is van de auto. Artikel 3:109 BW bepaalt dat wie een goed houdt, wordt vermoed dit voor zichzelf te houden. Artikel 3 … goed wordt vermoed rechthebbende te zijn. Tegen de wettelijke vermoedens van artikel 3:109 BW en artikel 3:119 BW staat tegenbewijs open. De wederpartij die stelt een beter recht te hebben
- Civiel recht overigHoger beroepVerkrijgende verjaring; bevrijdende verjaring; bezit. Niet (meer) bestaande partij.
Gerechtshof 's-Gravenhage|13 oktober 2009|ECLI:NL:GHSGR:2009:BK0919
eerste aanleg heeft gesteld nog het volgende aangevoerd. (i) Het bezitsvermoeden van artikel 3:109 BW geldt niet voor registergoederen, althans dit bezitsvermoeden bestaat pas sinds 2005 (toen de verjaringsverklaring werd ingeschreven … volgende aan toegevoegd. 10. In het midden kan blijven of het bezitsvermoeden (van artikel 3: 109 BW) ook van toepassing is bij registergoederen (de literatuur is hier verdeeld over), nu de vaststaande
- Civiel recht overigHoger beroepGeschil tussen curator van een gefailleerde scheepswerf en de verfleverancier van de werf over de eigendom…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|12 oktober 2021|ECLI:NL:GHARL:2021:9564
zich nog steeds op de werf bevindt het wettelijk vermoeden kan worden ontleend (artikel 3:109 BW in verbinding met artikel 3:119 BW) dat Jetten het jacht voor zichzelf is blijven … prevaleren boven de bepalingen in de algemene voorwaarden. 5.7 YEC heeft het bezitsvermoeden (artikel 3:109 BW) en daarmee het vermoeden dat Jetten rechthebbende is (artikel 3:119 BW) weerlegd. De curator
- Strafrecht overigCassatieVoor de vraag of klaagster (moeder van overleden slachtoffer, namens wie is gesteld dat haar zoon het…
Hoge Raad|6 januari 2004|ECLI:NL:HR:2004:AN8586Aangehaald in 10 uitspraken
rechten van haar overleden zoon. Hij was houder van het geld. Artikel 3:109 BW zegt dat de houder van een goed wordt vermoed dit voor zichzelf te houden en artikel 3
- Civiel recht overigArt. 81 lid 1 RO. Goederenrecht. Extinctieve verjaring; art. 3:105, 306 BW. Bezitsvereiste
Parket bij de Hoge Raad|1 maart 2013|ECLI:NL:PHR:2013:BY6754
eigendomspretenties had, aldus het middel, kennelijk onder verwijzing naar de regel van art. 3:109 BW (cassatiedagvaarding, p. 7, tweede alinea, eerste twee volzinnen). 2.4 Bij de beoordeling van deze klachten … voor zichzelf en eigendomspretentie. Anders dan het middel veronderstelt, is het vermoeden van art. 3:109 BW niet van toepassing op registergoederen.(37) 2.18 Uit de aangevallen overwegingen valt naar mijn mening
- GoederenrechtHoger beroepKort geding over contant geld aangetroffen bij ontvanger van een bijstandsuitkering. Voorshands niet…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|9 januari 2024|ECLI:NL:GHSHE:2024:30
gebleven, van appellanten. De Gemeente beroept zich onder andere op het rechtsvermoeden van artikel 3:109 BW. Volgens haar moet [persoon A] bij wie het geld zich bevond, als eigenaar … geval is – anders dan appellanten aanvoeren – het weerleggen van het bewijsvermoeden van artikel 3:109 BW niet voldoende. Voor toewijzing van hun vordering is immers vereist dat komt vast te staan
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.