50 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Personen- en familierechtHoger beroepAlimentatiegeschil. In hoger beroep worden grieven aangevoerd met betrekking tot de vaststelling van de…
Gerechtshof Den Haag|24 juli 2024|ECLI:NL:GHDHA:2024:1311
artikel 3:303 van het Burgerlijk Wetboek (BW) in verbinding met artikel 3:326 BW. Het hof zal de man daarom niet-ontvankelijk verklaren in zijn hoger beroep. Het (voorwaardelijk) incidenteel hoger
- Civiel recht overigHoger beroep kort gedingHet hof is met de voorzieningenrechter van oordeel dat de vraag of aan het niet bekend maken van de…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|1 maart 2005|ECLI:NL:GHSHE:2005:AS9442
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering daarvoor gegeven dwangmiddelen, niet voor overeenkomstige toepassing ingevolge art. 3:326 BW leent in geval van een weigerachtige partijgetuige. De grieven 2 en 6 falen dus. 4.4.2. [appellant
- BelastingrechtGemeenschappelijke bijlage bij de conclusies van 22 september 2023 in de zaken met de rolnummers: 22/04590…
Parket bij de Hoge Raad|22 september 2023|ECLI:NL:PHR:2023:873Aangehaald in 9 uitspraken
Gemeenschappelijke bijlage bij de conclusies van 22 september 2023 in de zaken met de rolnummers: 22/04590 ECLI:NL:PHR:2023:831 en 22/04591 ECLI:NL:PHR:2023:832 Inzake: Toepassing van het relativiteitsvereiste (art. 8:69a Awb) bij een WOZ-beschikking genomen ten aanzien van woninghuurder
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigOntvankelijkheid verzet dwangbevel ter invordering van een bestuursrechtelijke geldschuld naar de vóór 1 juli…
Rechtbank 's-Gravenhage|20 januari 2010|ECLI:NL:RBSGR:2010:BL4442
artikel 3:324 van het Burgerlijk Wetboek (BW). Uit de schakelbepaling van artikel 3:326 BW volgt dat buiten het vermogensrecht de verjaringsartikelen van overeenkomstige toepassing kunnen zijn, voor zover de aard
- Personen- en familierechtHoger beroepverlenging uithuisplaatsing
Gerechtshof Amsterdam|9 maart 2021|ECLI:NL:GHAMS:2021:708
haar hoger beroep in de zin van artikel 3:303 BW jo. artikel 3:326 BW. De moeder zal daarom niet-ontvankelijk worden verklaard in dit onderdeel van het hoger beroep. uithuisplaatsing
- Civiel recht overigVoorlopige voorzieningKort geding. Verjaring invordering dwangsommen. De verjaringstermijn gaat lopen vanaf het moment dat het…
Rechtbank Haarlem|8 december 2010|ECLI:NL:RBHAA:2010:BO8110
artikelen 3:316 en 3:319 BW via de schakelbepaling van artikel 3: 326 BW. Naar de voorzieningenrechter veronderstelt, zal de bodemrechter, indien geädieerd, het onderhavige beslag als een “daad van rechtsvervolging
- ArbeidsrechtEerste aanleg - enkelvoudigBedrijfstakpensioenfonds – premie – verjaring – verplichting voor werkgever om zich te melden tegenover…
Rechtbank Midden-Nederland|5 oktober 2015|ECLI:NL:RBMNE:2015:7254
vordering alleen kan voortvloeien uit een (civiele) overeenkomst. Mede gezien het bepaalde in artikel 3:326 BW geldt deze verjarings-bepaling dan ook voor de onderhavige vordering tot betaling van de premies
- AmbtenarenrechtEerste aanleg - enkelvoudigEiser, destijds dienstplichtig militair bij de Koninklijke landmacht, heeft op tijdens de vervulling van zijn…
Rechtbank 's-Gravenhage|23 augustus 2002|ECLI:NL:RBSGR:2002:AF3461
verloop van twintig jaren na de gebeurtenis waardoor de schade is veroorzaakt. Ingevolge artikel 3:326 BW vindt (onder meer) evengenoemd artikel buiten het vermogensrecht overeenkomstige toepassing, voor zover de aard
- VreemdelingenrechtEerste aanleg - meervoudigAanspraak op nadeelcompensatie naar aanleiding van geluidszonering vierbanenstelsel is verjaard. Aangezien…
Rechtbank Haarlem|18 februari 2011|ECLI:NL:RBHAA:2011:BP6409
Burgerlijk Wetboek (BW), bezien in samenhang met de schakelbepaling neergelegd in artikel 3:326 BW. Verweerder stelt zich op het standpunt dat de bepalingen van titel 11 van boek 3
- VreemdelingenrechtEerste aanleg - meervoudigAanspraak op nadeelcompensatie naar aanleiding van geluidszonering vierbanenstelsel is verjaard. Aangezien…
Rechtbank Haarlem|18 februari 2011|ECLI:NL:RBHAA:2011:BP6414
Burgerlijk Wetboek (BW), bezien in samenhang met de schakelbepaling neergelegd in artikel 3:326 BW. Verweerder stelt zich op het standpunt dat de bepalingen van titel 11 van boek 3
- Personen- en familierechtPersonen- en familierecht. Is zoon belanghebbende in de zin van art 798 Rv. in procedure machtiging verkoop…
Parket bij de Hoge Raad|21 januari 2022|ECLI:NL:PHR:2022:45
Personen- en familierecht. Is zoon belanghebbende in de zin van art 798 Rv. in procedure machtiging verkoop woning van onder curatele gestelde moeder, waarin hij zou wonen?
- Civiel recht overigBodemzaakEiseres meent dat de Ontvanger ten onrechte teruggaven Vpb aan moedermaatschappij heeft verrekend met…
Rechtbank Zeeland-West-Brabant|16 juli 2014|ECLI:NL:RBZWB:2014:9448
geval dat deze er niet zijn, dan hebben op grond van artikel 3:326 BW de civielrechtelijke verjaringsregels te gelden. Op grond van artikel 4:85 Algemene wet bestuursrecht (hierna
- VerbintenissenrechtRechtspersonenrecht. Verbintenissenrecht. Reikwijdte van décharge en art. 2:9…
Parket bij de Hoge Raad|16 februari 2024|ECLI:NL:PHR:2024:185
Rechtspersonenrecht. Verbintenissenrecht. Reikwijdte van décharge en art. 2:9 BW-bestuurdersaansprakelijkheid. Reikwijdte
- SocialezekerheidsrechtEerste aanleg - meervoudigStrafrechtelijke en bestuursrechtelijke afdoening van sociale zekerheidsancties. Samenloop en het ‘una via’…
Rechtbank Rotterdam|17 december 2004|ECLI:NL:RBROT:2004:AS8327
raadsman geen doel. Het betreft hier immers een pandrecht als bedoeld in artikel 3:326 BW (vuistpand) waar het goed in de macht van een overeengekomen derde, in casu de bank
- SocialezekerheidsrechtEerste aanleg - meervoudigBetreft een verzoek van (de erven van) een aan een mesothelioom gestorven gemeente-ambtenaar om…
Rechtbank 's-Hertogenbosch|5 augustus 2004|ECLI:NL:RBSHE:2004:AQ8682
mededeling waarin de schuldeiser zich ondubbelzinnig het recht op nakoming voorbehoudt. Gelet op artikel 3:326 BW acht de rechtbank deze bepaling van overeenkomstige toepassing op een schadevordering als de onderhavige
- Civiel recht overigKort gedingVordering tot opheffen executoriaal beslag opgeheven. Verjaring dwangbevel.
Rechtbank Gelderland|27 januari 2016|ECLI:NL:RBGEL:2016:641
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering. Ingevolge de schakelbepalingen in artikel 4:124 Awb en artikel 3:326 BW is titel 11 van boek 3 BW van toepassing op de wijze waarop de executoriale
- Civiel recht overigArt. 81 lid 1 RO. Overheidsaansprakelijkheid. Identiteitsfraude. Schending art. 8 EVRM. Verjaring vordering…
Parket bij de Hoge Raad|2 november 2018|ECLI:NL:PHR:2018:1406
Art. 81 lid 1 RO. Overheidsaansprakelijkheid. Identiteitsfraude. Schending art. 8 EVRM. Verjaring vordering tot schadevergoeding. Art. 3:310 BW.
- Civiel recht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad|25 februari 2000|ECLI:NL:PHR:2000:AA4947
eraan voorbij dat er geen redelijk belang mee is gediend (art. 3:303 juncto 3:326 BW) een vonnis te vernietigen als dit aan een gebrek lijdt, dat op de beslissing niet
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigVerzet tegen dwangbevelen ter invordering van de kosten van bestuursdwang. Beginsel van formele rechtskracht…
Rechtbank Rotterdam|1 juli 2009|ECLI:NL:RBROT:2009:BJ3267
invordering van verbeurde dwangsommen. Op grond van de zogenoemde schakelbepaling van artikel 3:326 BW kunnen de bepalingen van boek 3, titel 11 BW echter van overeenkomstige toepassing worden geacht, indien
- Civiel recht overigVermogensrechtelijke afwikkeling bij informeel samenlevenden. Stilzwijgende afspraak die recht geeft op helft…
Parket bij de Hoge Raad|9 februari 2024|ECLI:NL:PHR:2024:139
Vermogensrechtelijke afwikkeling bij informeel samenlevenden. Stilzwijgende afspraak die recht geeft op helft overwaarde woning van de ander? Ongerechtvaardigde verrijking? Verjaring? Redelijkheid en billijkheid? Toepassing verlengingsregel voor echtgenoten en geregistreerde partners (art. 3:320 jo. 3:321 lid 1 sub a…
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.