378 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigVordering van aannemer tot betaling. Laat verweer in procedure van contante betaling. Art. 128 lid 3 Rv…
Rechtbank Gelderland|23 april 2021|ECLI:NL:RBGEL:2021:2094
Vordering van aannemer tot betaling. Laat verweer in procedure van contante betaling. Art. 128 lid 3 Rv. Betaling onvoldoende onderbouwd. vonnis RECHTBANK GELDERLAND Team kanton en handelsrecht Zittingsplaats Nijmegen zaakgegevens … waarom [gedaagde] dit principaal verweer niet eerder heeft aangevoerd (zie ook art. 128 lid 3 Rv). Daarnaast heeft [gedaagde] niets vermeld over de aard en reden van deze contante betaling en waarop
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigIn conventie schadevergoedingsvordering van de vrouw op grond van onrechtmatige daad. In reconventie…
Rechtbank Rotterdam|17 maart 2021|ECLI:NL:RBROT:2021:2448
echtscheidingsprocedure had moeten worden aangemerkt als hoofdzaak in de zin van artikel 700 lid 3 Rv. Geen grond voor opheffing van het beslag. Belang vrouw bij blijven liggen beslag weegt zwaarder. vonnis … niet anders. De echtscheidingsprocedure kan worden aangemerkt als hoofdzaak als bedoeld in artikel 700 lid 3 Rv. Die hoofdzaak was al aanhangig op het moment dat de vrouw het verzoek
- VerbintenissenrechtEerste aanleg - enkelvoudigaanneming van werk, waarheidsplicht artikel 21 Rv, substantieringsplicht artikel 111 lid 3 Rv,
Rechtbank Rotterdam|16 april 2021|ECLI:NL:RBROT:2021:3073
aanneming van werk, waarheidsplicht artikel 21 Rv, substantieringsplicht artikel 111 lid 3 Rv, RECHTBANK ROTTERDAM Zaaknummer: 8351018 CV EXPL 20-6603 Uitspraak: 16 april 2021 vonnis van de kantonrechter, zitting houdende … gestelde herstelmethode en schadeomvang heeft verzet, en in strijd met de in artikel 111 lid 3 Rv neergelegde substantiëringsplicht verzuimd heeft de hem bekende verdere verweren van [gedaagde] als kenbaar gemaakt voorafgaand
- Burgerlijk procesrechtEerste aanleg - enkelvoudigVerzetprocedure. Bewijsopdracht. Oorspronkelijke eiser moet bewijzen wanneer eerste betaling uit derdenbeslag…
Rechtbank Noord-Holland|10 november 2021|ECLI:NL:RBNHO:2021:10082
Bewijsopdracht. Oorspronkelijke eiser moet bewijzen wanneer eerste betaling uit derdenbeslag gedaan is (artikel 143 lid 3 Rv en art 144 sub b Rv). RECHTBANK NOORD-HOLLAND Handel, Kanton en Insolventie locatie Haarlem … eerste uitbetaling is gedaan na het gelegde derdenbeslag onder de Gemeente [gemeente] (artikel 143 lid 3 Rv en art 144 sub b Rv). 4.8. Het verweer van [eiser in het verzet
- Civiel recht overigBodemzaakBenoemen voorlopig deskundige. Sprake van onverwijlde spoed ogv artikel 203 lid 3 RV. Geen zitting…
Rechtbank Noord-Holland|9 juli 2021|ECLI:NL:RBNHO:2021:5784
Benoemen voorlopig deskundige. Sprake van onverwijlde spoed ogv artikel 203 lid 3 RV. Geen zitting plaatsgevonden. Voorschot op derdengeldrekening van advocaat verzoekende partij gestort zodat deskundigenonderzoek direct kan aanvangen. beschikking RECHTBANK NOORD … worden toegewezen op de hierna te bepalen wijze. 3.2. Op grond van artikel 203 lid 3 Rv kan bij gevallen van onverwijlde spoed op het verzoek worden beschikt zonder dat een mondelinge
- VerbintenissenrechtHoger beroepLetselschade hoger beroep niet-ontvankelijk verklaard. Discussie over verlenen van medische machtiging door…
Gerechtshof Den Haag|31 augustus 2021|ECLI:NL:GHDHA:2021:1597
1019bb Rv bepaalt dat tegen een dergelijke beschikking geen voorziening openstaat, onverminderd artikel 1019cc lid 3 Rv. Ingevolge artikel 1019cc lid 3, aanhef en onder a, Rv, kan van de beschikking tussentijds … kader van de vraag of de procedure die op de voet van art. 1019cc lid 3 Rv wordt ingeleid, wordt beheerst door de regels van de dagvaardingsprocedure dan wel de verzoekschriftprocedure overweegt
- Burgerlijk procesrechtHoger beroepOntvankelijkheid in het verzet tegen een verstekvonnis. Toepassing artikel 143 lid 3 Rv in verbinding met…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|15 juni 2021|ECLI:NL:GHSHE:2021:1817
Ontvankelijkheid in het verzet tegen een verstekvonnis. Toepassing artikel 143 lid 3 Rv in verbinding met artikel 144 sub b Rv in het licht van HR 5 september 2014 (ECLI
- Personen- en familierechtBeschikkingAdoptie. Artikel 3 Rv; de Nederlandse rechter onbevoegd om van de verzoeken kennis te nemen.
Rechtbank Den Haag|25 februari 2021|ECLI:NL:RBDHA:2021:3183
Adoptie. Artikel 3 Rv; de Nederlandse rechter onbevoegd om van de verzoeken kennis te nemen. Rechtbank DEN HAAG Meervoudige kamer Rekestnummer: FA RK 18-9078 Zaaknummer: C/09/564663 Datum beschikking: 25 februari
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigVerjaring gestuit door aanmaningsbrieven. Geen schending van art. 21 Rv, art. 111 lid 3 Rv en art. 85 Rv.
Rechtbank Noord-Holland|11 augustus 2021|ECLI:NL:RBNHO:2021:6989
Verjaring gestuit door aanmaningsbrieven. Geen schending van art. 21 Rv, art. 111 lid 3 Rv en art. 85 Rv. RECHTBANK NOORD-HOLLAND Handel, Kanton en Bewind locatie Alkmaar Zaaknr./rolnr
- Personen- en familierechtVerzoek verwijzing naar ander gerechtshof op grond van art. 62b Wet RO; verzoek vaststelling…
Parket bij de Hoge Raad|10 december 2021|ECLI:NL:PHR:2021:1255
ervan met het oog op art. 287 in verbinding met art. 230 lid 1 en 3 Rv (zie subonderdeel 3C). Ook deze klacht kan zijn beroep op doorverwijzing zelfstandig dragen. Het gaat
- Burgerlijk procesrechtProcesrecht; leidt niet tijdige naleving van het betekeningsvereiste zoals bedoeld in art. 816 lid 1 Rv tot…
Parket bij de Hoge Raad|29 oktober 2021|ECLI:NL:PHR:2021:1020
daarop betrekking hebbende rechtspraak en literatuur. Tevens komt de in art. 816 lid 3 Rv opgenomen mogelijkheid om een gebrek in het betekeningsexploot te herstellen, aan bod. Artikel 816 Rv … moet worden toegepast. Dat is in deze zaak het te beslissen punt. Art. 816 lid 3 Rv 2.19 Het derde lid van art. 816 Rv luidt als volgt: “Indien het bepaalde
- OndernemingsrechtCassatieOndernemingsrecht, procesrecht. Uitkoopprocedure (art. 2:92a BW). Verstekarrest tegen de gezamenlijke andere…
Hoge Raad|1 oktober 2021|ECLI:NL:HR:2021:1407Aangehaald in 5 uitspraken
kader op het standpunt gesteld dat de verzettermijn op de voet van art. 143 lid 3 Rv is aangevangen vanaf de consignatie die op 19 november 2018 heeft plaatsgevonden, aangezien het verstekarrest … moment dat de verstekuitspraak in kracht van gewijsde gaat. 3.1.2 Art. 143 leden 2 en 3 Rv luiden als volgt: “2. Het verzet moet worden gedaan bij exploot van dagvaarding binnen vier
- VerbintenissenrechtKort gedingKG. Vordering tot ontruiming kraakpand. Het eigendomsrecht van eiser staat tegenover het beroep van gedaagden…
Rechtbank Rotterdam|24 december 2021|ECLI:NL:RBROT:2021:13090
verschenen. Dat brengt met zich dat op grond van artikel 140 lid 3 Rv één vonnis wordt gewezen dat voor alle partijen als een vonnis op tegenspraak wordt beschouwd. 4.2. Niet … gevorderde ontruiming. De vordering om te bepalen dat op grond van artikel 557a lid 3 Rv het ontruimingsvonnis nog een jaar na betekening jegens eenieder ten uitvoer kan worden gelegd, weerspreekt
- Civiel recht overigPrejudiciële zaak (art. 392 Rv). Huurrecht. Procedure op de voet van art. 7:262 BW tegen uitspraak…
Parket bij de Hoge Raad|29 januari 2021|ECLI:NL:PHR:2021:76
vordering in reconventie? 1.2 Naar analogie van incidenteel hoger beroep (onder meer art. 339 lid 3 Rv) behoort te worden aangenomen dat de achtwekentermijn van art. 7:262 lid 1 BW niet
- Civiel recht overigKort gedingKort geding – Krakers, ontruiming toegewezen. Gebiedsontwikkeling Feyenoord City. Het belang van eiseres om…
Rechtbank Rotterdam|8 september 2021|ECLI:NL:RBROT:2021:9361
naam] wel in de procedure zijn verschenen, wordt op grond van artikel 140 lid 3 Rv één vonnis gewezen dat voor alle partijen als een vonnis op tegenspraak wordt beschouwd … grond van artikel 130 lid 3 Rv is een verandering of vermeerdering van eis jegens de niet verschenen gedaagden uitgesloten tenzij de verandering of vermeerdering tijdig bij exploot aan hen kenbaar
- Burgerlijk procesrechtCassatieOverheidsprivaatrecht. Procesrecht. Strafrecht. Door advocaten onder de Staat (openbaar ministerie) gelegd…
Hoge Raad|19 februari 2021|ECLI:NL:HR:2021:273Aangehaald in 65 uitspraken
bewijsbeslag ook in niet-IE-zaken en dat art. 1019a leden 1 en 3 Rv, art. 1019b leden 3 en 4 Rv en art. 1019c Rv, voor zover nodig, overeenkomstig van toepassing
- Civiel recht overigConservatoir leveringsbeslag; toepassing rechter betekeningsvoorschriften exploten; vervreemding in weerwil…
Parket bij de Hoge Raad|19 maart 2021|ECLI:NL:PHR:2021:276
Conservatoir leveringsbeslag; toepassing rechter betekeningsvoorschriften exploten; vervreemding in weerwil beslag; gevolgen beslag (blokkerende werking); faillissement beslagene tijdens hoofdzaak; beslagene als rechtspersoon opgehouden te bestaan?; toepasselijkheid HR 13 november 2015 (Promneftstroy/Yukos);…
- Civiel recht overigHoger beroepEffectenlease. Beroep aanbieder op ontbreken opt-out verklaring naar maatstaven van redelijkheid en…
Gerechtshof Amsterdam|8 juni 2021|ECLI:NL:GHAMS:2021:1743
daarvan voor de gerechtigden. Deze instructies voor bekendmaking hielden in dat conform artikel 1017 lid 3 Rv aan de bekende gerechtigden tot een vergoeding bij gewone brief mededeling diende te worden gedaan … WCAM-overeenkomst, omdat hij nooit een mededeling in de zin van artikel 1017 lid 3 Rv heeft ontvangen. 3.7 Het hof overweegt als volgt. Artikel 1017 lid 3 Rv bepaalt onder meer
- Burgerlijk procesrechtProcesrecht. Aanvangsmoment verzettermijn. Reconventie. Heeft de bij verstek veroordeelde partij die pas…
Parket bij de Hoge Raad|1 oktober 2021|ECLI:NL:PHR:2021:918
Rv), of (iii) de dag waarop het verstekvonnis ten uitvoer is gelegd (art. 143 lid 3 Rv). 2.5 Er bestaat geen hiërarchie tussen de verschillende aanvangsmomenten: de eerste termijn die een aanvang … toegang tot de rechter in feite illusoir is. 2.9 Op grond van art. 143 lid 3 Rv heeft de bij verstek veroordeelde gedaagde de mogelijkheid om – gerekend vanaf
- Civiel recht overigKort gedingGedaagden dienen de door hen gekraakte panden binnen drie dagen na betekening vonnis te hebben ontruimd.
Rechtbank Overijssel|3 juni 2021|ECLI:NL:RBOVE:2021:2290
kosten van gedaagden; II. bepaalt dat dit vonnis binnen de in artikel 557a lid 3 Rv genoemde termijn van 1 jaar na de dag waarop het vonnis is uitgesproken of indien … overgegaan moet worden. 5.9. De vordering van Etef om op grond van artikel 557a lid 3 Rv dit vonnis binnen een termijn van één jaar na de datum ervan ten uitvoer
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.