59 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Strafrecht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig
Parket bij de Hoge Raad|15 september 2015|ECLI:NL:PHR:2015:2242
girorekening [001] plaatsvond, ten onrechte heeft aangemerkt als een listige kunstgreep als bedoeld in art. 326 Sr, aangezien een zodanige valse factuur een op schrift gestelde leugen is en één enkele leugen … storting per e-mail op zich niet listig behoeft te zijn. 8. Art. 326 Sr luidt: “Hij die, met het oogmerk om zich of een ander wederrechtelijk te bevoordelen, hetzij door
- Strafrecht overigSlagende bewijsklacht medeplichtigheid aan het in vereniging plegen van diefstal met geweld. Dat verdachte…
Parket bij de Hoge Raad|17 februari 2015|ECLI:NL:PHR:2015:433
voor ogen draaien. Deze overwegingen duiden op oplichting, hoewel het hof niet direct naar artikel 326 Sr verwijst. Maar zelfs als verdachte de aanmerkelijke kans zou hebben beseft dat hij een pand … delictsgedragingen zijn dus te verschillend, zij het dat zowel artikel 312 Sr als artikel 326 Sr (mede) het vermogen van de ander in bescherming pogen te nemen. Naar mijn oordeel heeft
- Strafrecht overigOM-cassatie. Beklag, beslag ex art. 94, 94a en 552a Sv. De beslissing tot gegrondverklaring van het beklag is…
Parket bij de Hoge Raad|8 december 2015|ECLI:NL:PHR:2015:2713
wederrechtelijk verkregen voordeel (tweede lid). Klager wordt naar zijn zeggen verdacht van overtreding van artikel 326 Sr en artikel 140 Sr. Voor beide delicten kan een geldboete van de vijfde categorie worden … vordering volgt dat klager wordt verdacht van overtreding van de artt. 140 en 326 Sr. 3.5. Het oordeel van de Rechtbank dat het dossier onvoldoende is om de aard en de omvang
- Strafrecht overigHoger beroepArt. 225 en 363 Sr. (passieve) ambtelijke omkoping en valsheid in geschrift in hoedanigheid van ambtenaar…
Gerechtshof Den Haag|30 juni 2015|ECLI:NL:GHDHA:2015:1751
Art. 225 en 363 Sr. (passieve) ambtelijke omkoping en valsheid in geschrift
- Strafrecht overigHoger beroepDe verdachte heeft zich in de periode van 1 oktober 2010 tot en met 21 februari 2011 schuldig gemaakt aan…
Gerechtshof Den Haag|10 juli 2015|ECLI:NL:GHDHA:2015:1891
Sr) en/of -oplichting van de Belastingdienst/toeslagen en/of (één of meer) ander(en) (artikel 326 Sr) en/of - het opzettelijk onjuist en/of onvolledig doen van aangiften Inkomstenbelasting (artikel … Sr) en /of -oplichting van de Belastingdienst /toeslagen en/of (één of meer) ander(en) (artikel 326 Sr) en/of - het opzettelijk onjuist en/of onvolledig doen van aangiften Inkomstenbelasting (artikel
- Strafrecht overigOplichting, samenweefsel van verdichtsels. Slagende bewijsklacht.
Parket bij de Hoge Raad|7 april 2015|ECLI:NL:PHR:2015:670
hotel doorgespeeld naar mijn bedrijf. Ik heb het hotel de e-mail overhandigd.” 6. Art. 326 Sr luidt: "Hij die, met het oogmerk om zich of een ander wederrechtelijk te bevoordelen, hetzij … schuld of tot het teniet doen van een inschuld als bedoeld in art. 326 Sr, komt het aan op alle omstandigheden van het geval. Tot die omstandigheden behoren de vertrouwenwekkende aard
- Strafrecht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig
Parket bij de Hoge Raad|3 november 2015|ECLI:NL:PHR:2015:2472
aannemen van een valse hoedanigheid en dus nog geen oplichting in de zin van art. 326 Sr oplevert. Voor het aannemen van een valse hoedanigheid in het kader van een strafbare oplichting … bedoeld in art. 326a Sr ten laste gelegd, en subsidiair oplichting als bedoeld in art. 326 Sr. Blijkens het bestreden arrest heeft het hof in een aantal gevallen die primair tenlastegelegde flessentrekkerij
- Strafrecht overigOp de gronden die zijn vermeld in ECLI:NL:HR:2015:2842 treffen de middelen geen doel.
Parket bij de Hoge Raad|23 juni 2015|ECLI:NL:PHR:2015:1600
anders volgt. 3.5.3. De wet van 22 december 2005, Stb. 2006, nr. 11, waarbij art. 326 Sr in die zin is gewijzigd dat de op oplichting gestelde gevangenisstraf van drie jaren … ingang van de inwerkingtreding van die wet ten aanzien van het misdrijf van art. 326 Sr een executie-verjaringstermijn van zestien jaar is gaan gelden, ook voor voordien onherroepelijk geworden vonnissen waarvan
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigVerdachte heeft in een tijdsbestek van drie dagen twee winkels overvallen. Verdachte heeft zich daarnaast…
Rechtbank Overijssel|27 oktober 2015|ECLI:NL:RBOVE:2015:4765
derhalve telkens worden gesproken van een samenweefsel van verdichtsels in de zin van artikel 326 Sr, zodat de rechtbank het feit wettig en overtuigend bewezen acht. 5.4 De conclusie De rechtbank … strafbaarheid van het bewezenverklaarde Het bewezenverklaarde is strafbaar gesteld bij de artikelen 317 en 326 Sr. Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de feiten uitsluiten
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigVerdachte wordt veroordeeld voor het witwassen van panden en bankrekeningen. Daarnaast wordt hij veroordeeld…
Rechtbank Den Haag|12 juni 2015|ECLI:NL:RBDHA:2015:6733
Verdachte wordt veroordeeld voor het witwassen van panden en bankrekeningen. Daarnaast wordt hij veroordeeld voor hypotheekfraude en oplichting. Gevangenisstraf voor de duur van vijf jaren.
- Strafrecht overigOp de gronden die zijn vermeld in ECLI:NL:HR:2015:2842 treffen de middelen geen doel.
Parket bij de Hoge Raad|23 juni 2015|ECLI:NL:PHR:2015:1598
anders volgt. 3.5.3. De wet van 22 december 2005, Stb. 2006, nr. 11, waarbij art. 326 Sr in die zin is gewijzigd dat de op oplichting gestelde gevangenisstraf van drie jaren … ingang van de inwerkingtreding van die wet ten aanzien van het misdrijf van art. 326 Sr een executie-verjaringstermijn van zestien jaar is gaan gelden, ook voor voordien onherroepelijk geworden vonnissen waarvan
- Strafrecht overigOM-cassatie.1. Verjaring. 2. Motivering vrijspraak. Ad 1. HR herhaalt relevante overwegingen uit…
Parket bij de Hoge Raad|23 juni 2015|ECLI:NL:PHR:2015:1594
anders volgt. 3.5.3. De wet van 22 december 2005, Stb. 2006, nr. 11, waarbij art. 326 Sr in die zin is gewijzigd dat de op oplichting gestelde gevangenisstraf van drie jaren … ingang van de inwerkingtreding van die wet ten aanzien van het misdrijf van art. 326 Sr een executie-verjaringstermijn van zestien jaar is gaan gelden, ook voor voordien onherroepelijk geworden vonnissen waarvan
- Strafrecht overigOp de gronden die zijn vermeld in ECLI:NL:HR:2015:2842 treffen de middelen geen doel.
Parket bij de Hoge Raad|23 juni 2015|ECLI:NL:PHR:2015:1596
anders volgt. 3.5.3. De wet van 22 december 2005, Stb. 2006, nr. 11, waarbij art. 326 Sr in die zin is gewijzigd dat de op oplichting gestelde gevangenisstraf van drie jaren … ingang van de inwerkingtreding van die wet ten aanzien van het misdrijf van art. 326 Sr een executie-verjaringstermijn van zestien jaar is gaan gelden, ook voor voordien onherroepelijk geworden vonnissen waarvan
- Strafrecht overigOp de gronden die zijn vermeld in ECLI:NL:HR:2015:2842 treffen de middelen geen doel.
Parket bij de Hoge Raad|23 juni 2015|ECLI:NL:PHR:2015:1599
anders volgt. 3.5.3. De wet van 22 december 2005, Stb. 2006, nr. 11, waarbij art. 326 Sr in die zin is gewijzigd dat de op oplichting gestelde gevangenisstraf van drie jaren … ingang van de inwerkingtreding van die wet ten aanzien van het misdrijf van art. 326 Sr een executie-verjaringstermijn van zestien jaar is gaan gelden, ook voor voordien onherroepelijk geworden vonnissen waarvan
- Strafrecht overigOp de gronden die zijn vermeld in ECLI:NL:HR:2015:2842 treffen de middelen geen doel.
Parket bij de Hoge Raad|23 juni 2015|ECLI:NL:PHR:2015:1617
anders volgt. 3.5.3. De wet van 22 december 2005, Stb. 2006, nr. 11, waarbij art. 326 Sr in die zin is gewijzigd dat de op oplichting gestelde gevangenisstraf van drie jaren … ingang van de inwerkingtreding van die wet ten aanzien van het misdrijf van art. 326 Sr een executie-verjaringstermijn van zestien jaar is gaan gelden, ook voor voordien onherroepelijk geworden vonnissen waarvan
- Strafrecht overigOp de gronden die zijn vermeld in ECLI:NL:HR:2015:2842 treffen de middelen geen doel.
Parket bij de Hoge Raad|23 juni 2015|ECLI:NL:PHR:2015:1597
anders volgt. 3.5.3. De wet van 22 december 2005, Stb. 2006, nr. 11, waarbij art. 326 Sr in die zin is gewijzigd dat de op oplichting gestelde gevangenisstraf van drie jaren … ingang van de inwerkingtreding van die wet ten aanzien van het misdrijf van art. 326 Sr een executie-verjaringstermijn van zestien jaar is gaan gelden, ook voor voordien onherroepelijk geworden vonnissen waarvan
- Strafrecht overigOp de gronden die zijn vermeld in ECLI:NL:HR:2015:2842 treffen de middelen geen doel.
Parket bij de Hoge Raad|23 juni 2015|ECLI:NL:PHR:2015:1595
anders volgt. 3.5.3. De wet van 22 december 2005, Stb. 2006, nr. 11, waarbij art. 326 Sr in die zin is gewijzigd dat de op oplichting gestelde gevangenisstraf van drie jaren … ingang van de inwerkingtreding van die wet ten aanzien van het misdrijf van art. 326 Sr een executie-verjaringstermijn van zestien jaar is gaan gelden, ook voor voordien onherroepelijk geworden vonnissen waarvan
- Strafrecht overigOp de gronden die zijn vermeld in ECLI:NL:HR:2015:2842 treffen de middelen geen doel.
Parket bij de Hoge Raad|23 juni 2015|ECLI:NL:PHR:2015:1615
anders volgt. 3.5.3. De wet van 22 december 2005, Stb. 2006, nr. 11, waarbij art. 326 Sr in die zin is gewijzigd dat de op oplichting gestelde gevangenisstraf van drie jaren … ingang van de inwerkingtreding van die wet ten aanzien van het misdrijf van art. 326 Sr een executie-verjaringstermijn van zestien jaar is gaan gelden, ook voor voordien onherroepelijk geworden vonnissen waarvan
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigVeroordeling voor internetoplichting, meermalen gepleegd, door middel van het aannemen van een valse naam en…
Rechtbank Noord-Nederland|2 oktober 2015|ECLI:NL:RBNNE:2015:4656
leveren, niet oplevert het aannemen van een valse hoedanigheid in de zin van art. 326 Sr. In het onderhavige geval omvatten de gedragingen van verdachte meer dan het zich enkel voordoen … rechtbank merkt de gedragingen van verdachte aan als oplichting in de zin van artikel 326 Sr (vgl. HR 11 juli 2014, ECLI:NL:HR:2014:3144). De rechtbank acht het onder
- Strafrecht overigOp de gronden die zijn vermeld in ECLI:NL:HR:2015:2842 treffen de middelen geen doel.
Parket bij de Hoge Raad|23 juni 2015|ECLI:NL:PHR:2015:1616
Op de gronden die zijn vermeld in ECLI:NL:HR:2015:2842 treffen de middelen geen doel.
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.