65 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Strafrecht overigConclusie AG over (i) oplichting en misleiding door in verstuurde brieven gebruik te maken van de afkorting…
Parket bij de Hoge Raad|13 november 2018|ECLI:NL:PHR:2018:1278
aangenomen, maar dat deze vorm van opzet niet onder het oogmerk als bedoeld in art. 326 Sr valt. 9. Ik stel voorop dat het oogmerk van wederrechtelijke bevoordeling ruim wordt uitgelegd … degene die met een van de oplichtingsmiddelen genoemd in art. 326 Sr de bezitter van een goed beweegt dit af te geven, met het oogmerk van wederrechtelijke bevoordeling handelt. In het overzichtsarrest
- Strafrecht overigHoger beroepGrootschalige internetoplichting. Deelvrijspraken ten aanzien van de feiten waarvan verdachte naar algemeen…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|2 mei 2018|ECLI:NL:GHARL:2018:4191
algemeen spraakgebruik heeft bekend te hebben opgelicht: geen sprake van oplichting als bedoeld in art. 326 Sr. Het hof komt tot een bewezenverklaring van negen feiten en betrekt in de strafoplegging
- Civiel recht overigHoger beroep kort gedingExhibitievordering (art. 843a Rv). Toelaatbaarheid eiswijziging (HR 23 september 2011…
Gerechtshof Amsterdam|10 april 2018|ECLI:NL:GHAMS:2018:1232
aandelen Derco zou houden. Naar Derco betoogt, voldoet deze handelwijze aan de delictsomschrijving van artikel 326 Sr. 3.14. Van Lanschot Bankiers heeft als verweer onder meer aangevoerd dat de vorderingen uit wanprestatie … onrechtmatige daad zijn verjaard. Voor zover de gepretendeerde vordering op grond van een in artikel 326 Sr strafbaar gestelde gedraging ingevolge artikel 3:310 lid 4 BW niet zijn verjaard, heeft Derco
- Strafrecht overigConclusie AG over (i) oplichting en misleiding door in verstuurde brieven gebruik te maken van de afkorting…
Parket bij de Hoge Raad|13 november 2018|ECLI:NL:PHR:2018:1249
Conclusie AG over (i) oplichting en misleiding door in verstuurde brieven gebruik te maken van de afkorting 'KvK' en het opschrift 'Bijdrage KvK handelsregister.nl 2009', (ii) het auteursrecht (op de afkorting KvK) en de begrippen 'woordmerk' en 'werk', en (iii) samenloop. De conclusie strekt tot vernietiging van de…
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigDe rechtbank Overijssel veroordeelt een 51-jarige man voor onder andere meerdere oplichtingen, afpersing en…
Rechtbank Overijssel|1 mei 2018|ECLI:NL:RBOVE:2018:1449
De rechtbank Overijssel veroordeelt een 51-jarige man voor onder andere meerdere oplichtingen, afpersing en valsheid in geschrifte in Rijssen, Enter, Wierden en Markelo. De man krijgt een celstraf van 12 maanden en 14 dagen, waarvan 4 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 3 jaar. Ook moet de man ruim 32.000…
- Strafrecht overigRaadkamerBeklagzaak art. 12 Begrip rechtstreeks belanghebbende bescherming art. 326 en art. 326b Wetboek v Strafrecht…
Gerechtshof Amsterdam|15 maart 2018|ECLI:NL:GHAMS:2018:862
valse [naam]-kunstwerken (artikel 326b Wetboek van Strafrecht, verder: Sr) en (poging tot) oplichting (artikel 326 Sr) door het te koop aanbieden van valse [naam]-kunstwerken als waren zij echt en onvervalst … worden beoordeeld of de overtreden strafbepaling beoogt dit specifieke belang van klaagster te beschermen. Artikel 326 Sr luidt, voor zover hier van belang: Hij die, met het oogmerk om zich
- Strafrecht overigRaadkamerBeklagzaak art. 12 Begrip rechtstreeks belanghebbende bescherming art. 326 en art. 326b Wetboek v Strafrecht…
Gerechtshof Amsterdam|15 maart 2018|ECLI:NL:GHAMS:2018:861
valse [naam]-kunstwerken (artikel 326b Wetboek van Strafrecht, verder: Sr) en (poging tot) oplichting (artikel 326 Sr) door het te koop aanbieden van valse [naam]-kunstwerken als waren zij echt en onvervalst … worden beoordeeld of de overtreden strafbepaling beoogt dit specifieke belang van klaagster te beschermen. Artikel 326 Sr luidt, voor zover hier van belang: Hij die, met het oogmerk om zich
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigVeroordeling van een voormalig lid van de Raad van Bestuur van verzekeraar HDI-Gerling N.V. Bewezenverklaard…
Rechtbank Rotterdam|19 april 2018|ECLI:NL:RBROT:2018:3142
dergelijk belang moet als afgifte van een goed in de zin van artikel 326 Sr. worden beschouwd. Aan dit oordeel draagt eveneens bij dat de Arubaanse portefeuille op de balans van [naam … bezigt eveneens de term ‘overdracht’ ( transfer ) van een verzekeringsportefeuille. De middelen als bedoeld in artikel 326 Sr a. De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte en zijn medeverdachte tegenover
- Strafrecht overigRaadkamerBeklagzaak art. 12 sv. Deskundige die (mogelijk) reputatieschade lijdt is geen rechtstreeks belanghebbende…
Gerechtshof Amsterdam|15 maart 2018|ECLI:NL:GHAMS:2018:863
valse [naam]-kunstwerken (artikel 326b Wetboek van Strafrecht, verder: Sr) en (poging tot) oplichting (artikel 326 Sr) door het te koop aanbieden van valse [naam]-kunstwerken als waren zij echt en onvervalst … worden beoordeeld of de overtreden strafbepaling beoogt dit specifieke belang van klager te beschermen. Artikel 326 Sr luidt, voor zover hier van belang: Hij die, met het oogmerk om zich
- Strafrecht overigHoger beroepHet hof Arnhem veroordeelt verdachte die betrokken was bij de Vastgoed Beleggings Maatschappij (VSM) wegens…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|11 juli 2018|ECLI:NL:GHARL:2018:6768
onderhavige strafrechtelijke vervolging is vanzelfsprekend slechts leidend het Wetboek van Strafrecht (Sr) waarin in artikel 326 Sr oplichting strafbaar is gesteld. Hierin worden zwaardere eisen gesteld om tot een veroordeling ter zake … zonder meer de conclusie wettigt dat sprake is van “bewegen” in de zin van art. 326 Sr. Dat blijkt reeds uit de eerder genoemde bijzondere factoren die de persoon en het gedrag
- Strafrecht overigHoger beroepHet hof Arnhem veroordeelt verdachte die betrokken was bij de Vastgoed Beleggings Maatschappij (VSM) wegens…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|11 juli 2018|ECLI:NL:GHARL:2018:6770
onderhavige strafrechtelijke vervolging is vanzelfsprekend slechts leidend het Wetboek van Strafrecht (Sr) waarin in artikel 326 Sr oplichting strafbaar is gesteld. Hierin worden zwaardere eisen gesteld om tot een veroordeling ter zake … zonder meer de conclusie wettigt dat sprake is van “bewegen” in de zin van art. 326 Sr. Dat blijkt reeds uit de eerder genoemde bijzondere factoren die de persoon en het gedrag
- Strafrecht overigHoger beroepHet hof Arnhem veroordeelt verdachte die betrokken was bij de Vastgoed Beleggings Maatschappij (VSM) wegens…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|11 juli 2018|ECLI:NL:GHARL:2018:6772
onderhavige strafrechtelijke vervolging is vanzelfsprekend slechts leidend het Wetboek van Strafrecht (Sr) waarin in artikel 326 Sr oplichting strafbaar is gesteld. Hierin worden zwaardere eisen gesteld om tot een veroordeling ter zake … zonder meer de conclusie wettigt dat sprake is van “bewegen” in de zin van art. 326 Sr. Dat blijkt reeds uit de eerder genoemde bijzondere factoren die de persoon en het gedrag
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigEen 23-jarige man krijgt anderhalf jaar gevangenisstraf voor het bezit en uitgeven van valse bankbiljetten en…
Rechtbank Amsterdam|26 januari 2018|ECLI:NL:RBAMS:2018:382
geen sprake is van eendaadse samenloop. De strekking en het beschermd belang van artikel 326 Sr (oplichting) verschillen wezenlijk van die van artikel 209 Sr (gebruik maken van vals geld). Alles afwegende
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigVerdachte heeft zich samen met twee vrienden schuldig gemaakt aan oplichting, valsheid in geschrifte en het…
Rechtbank Limburg|21 december 2018|ECLI:NL:RBLIM:2018:12432
niet voldoende is voor het aannemen van een valse hoedanigheid in de zin van art. 326 Sr (bijvoorbeeld HR 15 december 1998, LJN ZD1177). Echter bijkomende omstandigheden kunnen dit anders maken … voordoen als bonafide verkoper, het aannemen van een valse hoedanigheid in de zin van art. 326 Sr op, waarbij de verdachten door listige kunstgrepen (zoals het maken en gebruiken van een valse
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigVerdachte heeft zich samen met zijn partner en een vriendin schuldig gemaakt aan oplichting, valsheid in…
Rechtbank Limburg|21 december 2018|ECLI:NL:RBLIM:2018:12430
niet voldoende is voor het aannemen van een valse hoedanigheid in de zin van art. 326 Sr (bijvoorbeeld HR 15 december 1998, LJN ZD1177). Echter bijkomende omstandigheden kunnen dit anders maken … voordoen als bonafide verkoper, het aannemen van een valse hoedanigheid in de zin van art. 326 Sr op, waarbij de verdachten door listige kunstgrepen (zoals het maken en gebruiken van een valse
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigVerdachte heeft zich samen met zijn partner en een vriendin schuldig gemaakt aan oplichting, valsheid in…
Rechtbank Limburg|21 december 2018|ECLI:NL:RBLIM:2018:12431
niet voldoende is voor het aannemen van een valse hoedanigheid in de zin van art. 326 Sr (bijvoorbeeld HR 15 december 1998, LJN ZD1177). Echter bijkomende omstandigheden kunnen dit anders maken … voordoen als bonafide verkoper, het aannemen van een valse hoedanigheid in de zin van art. 326 Sr op, waarbij de verdachten door listige kunstgrepen (zoals het maken en gebruiken van een valse
- Strafrecht overigConclusie plv. AG. Vijf middelen. Geen belang bij klacht over ’s hofs beslissing op verweer t.a.v…
Parket bij de Hoge Raad|17 april 2018|ECLI:NL:PHR:2018:362
vordering wordt – kort gezegd – ten aanzien van het hetzelfde feitencomplex subsidiair medeplegen van oplichting (art. 326 Sr) tenlastegelegd en dient het ‘thans subsidiair ten laste gelegde (…) te worden beschouwd als het meer … gevolg van de wijziging tenlastelegging toegevoegde en subsidiair ten laste gelegde oplichting (art. 326 Sr) en veroordeeld voor het meer subsidiair ten laste gelegde, te weten dwang (art. 284 Sr). De wijziging
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigDe rechtbank Midden-Nederland heeft een 21-jarige man uit Utrecht en een 19-jarige man zonder vaste woon- of…
Rechtbank Midden-Nederland|4 oktober 2018|ECLI:NL:RBMNE:2018:4817
valse hoedanigheid op. Evenmin kwalificeert dit als een listige kunstgreep als bedoeld in artikel 326 Sr. In deze en vergelijkbare beslissingen komt tot uitdrukking dat niet in alle gevallen waarin sprake … aannemen van een valse hoedanigheid en dus nog geen oplichting in de zin van artikel 326 Sr oplevert. Voor het aannemen van een valse hoedanigheid in het kader van een strafbare oplichting
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigDe rechtbank Midden-Nederland heeft een 21-jarige man uit Utrecht en een 19-jarige man zonder vaste woon- of…
Rechtbank Midden-Nederland|4 oktober 2018|ECLI:NL:RBMNE:2018:4816
valse hoedanigheid op. Evenmin kwalificeert dit als een listige kunstgreep als bedoeld in artikel 326 Sr. In deze en vergelijkbare beslissingen komt tot uitdrukking dat niet in alle gevallen waarin sprake … aannemen van een valse hoedanigheid en dus nog geen oplichting in de zin van artikel 326 Sr oplevert. Voor het aannemen van een valse hoedanigheid in het kader van een strafbare oplichting
- Strafrecht overigHoger beroepMega-onderzoek Mount Nepal. Verdachten waren medewerkers van SNSPF en hebben onderling betalingsafspraken…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|6 juni 2018|ECLI:NL:GHARL:2018:5081Aangehaald in 10 uitspraken
gemaakte verwijten onvoldoende om aangemerkt te kunnen worden als oplichtingsmiddelen zoals bedoeld in artikel 326 Sr. Evenmin kan worden bewezen dat door de ten laste gelegde middelen SNSPF is bewogen
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.