134 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Personen- en familierechtHoger beroepIs verzoekster, tevens erfgename van de man, belanghebbende in een procedure, waarin is vastgesteld dat de…
Gerechtshof 's-Gravenhage|30 juni 2004|ECLI:NL:GHSGR:2004:AQ0113
hoger beroep, nu zij als belanghebbende is aan te merken in de zin van artikel 358 Rv. Zij is door de rechtbank als informant aangemerkt. Zij heeft met de man (erflater) samengewoond … Rv en derhalve ook geen belanghebbende is in de zin van artikel 358 Rv. 5. Het openbaar ministerie heeft geconcludeerd tot niet-ontvankelijkheid van verzoekster in haar hoger beroep omdat zij geen
- Civiel recht overigCassatieProcesrecht. Erfrecht. Art. 4:218 lid 5 BW; art. 187 lid 1 Fw; art. 358 jo. 261 Rv. Verzet van erfgenaam…
Hoge Raad|21 december 2018|ECLI:NL:HR:2018:2423
beoordeling van deze onderdelen wordt het volgende vooropgesteld. Ingevolge art. 261 Rv is art. 358 Rv in een verzoekschriftprocedure van toepassing voor zover uit de wet niet anders voortvloeit. Wat betreft … procedure bij de vereffening van een nalatenschap van toepassing achtte. 3.7.3 Uit art. 358 Rv in samenhang met art. 261 Rv volgt dat in zaken als bedoeld in art. 261 Rv hoger
- Personen- en familierechtHoger beroepVerklaring van (rechtsvermoeden van) overlijden Syriëganger. Ontvankelijkheid Openbaar Ministerie in…
Gerechtshof Den Haag|21 juni 2017|ECLI:NL:GHDHA:2017:2031
door de rechtbank niet is aangemerkt als belanghebbende. Aangezien enkel belanghebbenden krachtens artikel 358 Rv in hoger beroep kunnen gaan tegen een beslissing van de rechtbank, dient het openbaar ministerie niet-ontvankelijk … instellen van hoger beroep tegen de – dan dus afwijzende – beschikking van de rechtbank volgens artikel 358 Rv. Dat is in deze zaak niet aan de orde. Veeleer is sprake
- Burgerlijk procesrechtCassatieErfrecht; procesrecht. Vereffening nalatenschap. Is vereffenaar ontvankelijk in cassatieberoep? Beschikking…
Hoge Raad|17 juli 2020|ECLI:NL:HR:2020:1311Aangehaald in 8 uitspraken
voet van art. 1:374 lid 2 BW, en daartegen staat hoger beroep open (art. 358 Rv in verbinding met art. 261 Rv). In hoger beroep kan aan de orde komen … beslissing geldt geen afwijkende rechtsmiddelenregeling. Daartegen kan binnen drie maanden hoger beroep worden ingesteld (art. 358 Rv in verbinding met art. 261 Rv). Dit een en ander betekent dat de vereffenaar hoger
- InsolventierechtInsolventierecht. WSNP. Ontstaansmoment vordering uit onverschuldigde betaling wegens vernietiging…
Parket bij de Hoge Raad|8 augustus 2014|ECLI:NL:PHR:2014:2330
heeft het verzoek betreffende voormelde bate (c) dan ook afgewezen. 1.5 Bij ‘beroepschrift ex art. 358 Rv’ is de bewindvoerder van deze beschikking op nader aan te voeren gronden in hoger beroep … beschikking gerichte hoger beroep is ingeleid met een verzoekschrift onder de kop ‘beroepschrift ex art. 358 Rv’. Tot zover is de gang van zaken mijns inziens geheel conform de beschikking
- Personen- en familierecht(Art. 81 RO). Erfrecht/procesrecht. Ontvankelijkheid. Verzoek tot bevelen boedelbeschrijving (art. 672 Rv.)…
Parket bij de Hoge Raad|27 mei 2011|ECLI:NL:PHR:2011:BP4805
betreft voor zover daarin het meer of anders verzochte is afgewezen. Op grond van artikel 358 Rv moet binnen drie maanden, te rekenen vanaf de dag van de uitspraak, hoger beroep worden … zich alleen kan uitstrekken tot de beschikking van 11 juni 2009, waartegen zij ingevolge artikel 358 Rv tijdig appel heeft ingesteld, behoeft het verweer van geïntimeerden dat appellante niet-ontvankelijk moet worden
- Insolventierecht14 mei 2004 Eerste Kamer Rek.nr. R03/056HR JMH Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van…
Parket bij de Hoge Raad|14 mei 2004|ECLI:NL:PHR:2004:AO6022
beroepsmogelijkheid regeert. Met name is daarmee niet beslist dat de algemene regeling van artikel 358 Rv (oud 429n Rv) en niet die van artikel 67 Fw van toepassing is(8). Ik acht … toepasselijkheid van artikel 358 Rv niet aangewezen, omdat de faillissementsprocedure nu eenmaal de eigen, bijzondere hoger beroepsprocedure van artikel 67 Fw kent. Anders dan in een surseanceprocedure regel is(9), wordt
- Personen- en familierechtHoger beroepHuisvesting curandus. Curatoren verschillen van mening over de woonplek (in een zorgcentrum óf bij zijn vader…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|5 oktober 2021|ECLI:NL:GHARL:2021:9494
artikel 261 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) en zo ja, of ingevolge artikel 358 Rv hoger beroep open staat tegen de beslissing(en) van de kantonrechter op dat verzoek. De advocaten … moeder heeft gegeven kwalificeert het hof dan ook als een eindbeschikking als bedoeld in artikel 358 Rv waartegen in beginsel hoger beroep openstaat. Nu de beschikking van de kantonrechter niet
- Personen- en familierechtHoger beroepHoger beroepstermijn in verhaalprocedures. Niet artikel 806 Rechtsvordering, maar artikel 358 Rechtsvordering…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|26 juli 2016|ECLI:NL:GHARL:2016:6919
rechtspleging in zaken betreffende het personen- en familierecht niet zijnde scheidingszaken. Deze van artikel 358 Rv afwijkende regeling is hier naar het oordeel van het hof echter niet van toepassing omdat … beoordelingsregels ten aanzien van alimentatiekwesties plegen te worden gehanteerd. Voor deze andere procedures heeft artikel 358 Rv als uitgangspunt te gelden. Overigens is artikel 806 Rv ook in de wettelijke regeling betreffende
- Personen- en familierechtHoger beroepBijzondere gang van zaken bij de procedure in eerste aanleg. Beroepschrift is tijdig ingediend. De bestreden…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|20 januari 2022|ECLI:NL:GHARL:2022:464
verzoekster] stelt zich daarom op het standpunt dat zij gelet op het bepaalde in artikel 358 Rv tijdig hoger beroep heeft ingesteld en dus ontvankelijk is in het hoger beroep. 5.3 [verweerster … verweer heeft gevoerd en niet ter zitting is verschenen. Gelet op het bepaalde in artikel 358 Rv, zoals hiervoor weergegeven, kan [verzoekster] in dit geval dus binnen drie maanden na de betekening
- Personen- en familierechtCassatiePersonen- en familierecht. Zelfstandig verzoek minderjarige tot benoeming bijzonder curator; art. 1:250 BW…
Hoge Raad|29 mei 2015|ECLI:NL:HR:2015:1409Aangehaald in 13 uitspraken
rechtsmiddel van hoger beroep staat hem ingevolge art. 806 in verbinding met art. 358 Rv weliswaar ter beschikking, maar hij dient bij de aanwending ervan te worden vertegenwoordigd door een wettelijke vertegenwoordiger
- InsolventierechtHoger beroepBekrachtiging van beschikking waarbij verzoekster niet-ontvankelijk is verklaard in haar verzoek tot afgifte…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|30 juni 2016|ECLI:NL:GHSHE:2016:2789
sprake is van een nagekomen bate de gewone procedureregels gelden en krachtens artikel 358 Rv hoger beroep open staat. Een dergelijke beslissing wordt geacht niet te zijn gegeven ingevolge titel … alsnog) aan de vrije beschikking zijn onttrokken, gelden de gewone procedureregels en staat (krachtens artikel 358 Rv) hoger beroep open (vgl. ECLI:NL:HR:2011:BP4963). Voorts geldt dat iedere belanghebbende
- Personen- en familierechtCassatiePersonen- en familierecht. Procesrecht. Art. 358 lid 4 Rv. Ontvankelijkheid in hoger beroep. Mocht mededeling…
Hoge Raad|21 juni 2024|ECLI:NL:HR:2024:924Aangehaald in 5 uitspraken
haar hoger beroep. Dat oordeel is volgens het onderdeel in strijd met art. 358 Rv en het vertrouwens- en rechtszekerheidsbeginsel. Het onderdeel klaagt onder meer dat het hof heeft miskend dat sprake
- Civiel recht overigPrejudiciële vragen; vereffening nalatenschap; berekening vordering; art. 4:218 lid 5 BW; fixatiebeginsel…
Parket bij de Hoge Raad|4 juni 2021|ECLI:NL:PHR:2021:556Aangehaald in 5 uitspraken
Prejudiciële vragen; vereffening nalatenschap; berekening vordering; art. 4:218 lid 5 BW; fixatiebeginsel art. 128 Fw van overeenkomstige toepassing op vereffening nalatenschap?; onderscheid tussen ‘lichte’ en ‘zware’ vereffening?
- Personen- en familierechtProcesrecht; huwelijksvermogensrecht. Verzoek tot afgifte stukken in eerste aanleg afgewezen in dictum…
Parket bij de Hoge Raad|26 september 2014|ECLI:NL:PHR:2014:1806
vrouw in het door haar ingestelde hoger beroep diende te worden ontvangen (zie art. 358 Rv.). Het dictum van de beschikking is bepalend voor de aard daarvan. 2.7 Van een eindbeschikking
- InsolventierechtProcesrecht. Insolventierecht. Surseance van betaling. Akkoord aan schuldeisers aangeboden. Beslissingen…
Parket bij de Hoge Raad|14 juli 2017|ECLI:NL:PHR:2017:885
Procesrecht. Insolventierecht. Surseance van betaling. Akkoord aan schuldeisers aangeboden. Beslissingen rechter-commissaris als bedoeld in art. 267 Fw en art. 268a Fw. Staat gewoon rechtsmiddel open? Art. 282 Fw. Doorbrekingsgronden toepasselijk? Termijn voor instellen rechtsmiddel met beroep op doorbrekingsgronden.
- Civiel recht overig30 januari 2004 Eerste Kamer Rek.nr. R03/024HR JMH/AS Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van…
Parket bij de Hoge Raad|30 januari 2004|ECLI:NL:PHR:2004:AN8490
worden opgekomen. 2.19 Middel I, onderdeel 2 klaagt dat het hof ten onrechte nalaat art. 358 Rv. toe te passen, waarin wordt bepaald dat tegen eindbeschikkingen hoger beroep openstaat (lid 1) voor … beroep van de getuige op zijn verschoningsrecht en dat het daarmee, gezien ook art. 358 Rv., niet strookt hun het recht van hoger beroep te ontzeggen. 2.20 Het middelonderdeel ziet over
- Personen- en familierechtFamilierecht. Erfrecht. Erfdeel onder testamentair bewind totdat erfgenaam 22 jaar is. Renteopbrensten van…
Parket bij de Hoge Raad|21 juni 2013|ECLI:NL:PHR:2013:52
Tegen eindbeschikkingen in zaken als bedoeld in art. 261 Rv staat hoger beroep open (art. 358 Rv). Vervolgens is beroep in cassatie mogelijk (art. 426 Rv). De uitzonderingen van art. 676a Rv
- Burgerlijk procesrechtProcesrecht. Art. 805 lid 2 Rv. Ontvankelijkheid hoger beroep van tussenbeschikking. Abusievelijk geplaatste…
Parket bij de Hoge Raad|12 april 2024|ECLI:NL:PHR:2024:413
cassatie wordt geklaagd dat het oordeel van het hof in strijd is met art. 358 Rv en/of het vertrouwensbeginsel en rechtszekerheidsbeginsel. 2 Feiten en procesverloop Feiten 2.1 De dochter is geboren … opengesteld onjuist en/of onbegrijpelijk is gemotiveerd en dat het hof daarmee in strijd met art. 358 Rv en/of het vertrouwensbeginsel en het rechtszekerheidsbeginsel heeft gehandeld. 3.4 Samengevat voert het onderdeel ter onderbouwing
- Civiel recht overigPrejudiciële vraag (art. 392 Rv). Procesrecht. Art. 384 lid 1 Rv. Ondanks appelverbod wordt hoger beroep…
Parket bij de Hoge Raad|10 oktober 2014|ECLI:NL:PHR:2014:1856
Prejudiciële vraag (art. 392 Rv). Procesrecht. Art. 384 lid 1 Rv. Ondanks
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.